Donderdag 22/04/2021

Cartoonist tot in de kist

Zo'n vijf jaar geleden boden ze nog wat schoorvoetend en niet weinig nerveus hun werk overal aan (onder meer op de redactie van De Morgen). Anno 2003 hebben ze hun plaatsje als cartoonist ruim verdiend en staan ze met enige regelmaat in talrijke publicaties. Drie nog jonge cartoonisten, Ilah, Nix en Bart Schoofs, brachten onlangs een nieuwe bundel uit. Een gesprek over de carrièrewending(en) van hun debuut tot nu.

Geert De Weyer

Ilah

De enige vrouwelijke cartoonist van het gezelschap, Ilah (32), debuteerde begin 1996 in De Morgen. Zeven jaar later vuurt ze nog steeds de kleinmenselijkheden van haar naïeve, vurige en spontane, semiautobiografische personage Cordelia op de lezers af. Zo schreeuwt Cordelia bij momenten de onzekerheid van zich af, biecht ze in alle spontaniteit een touche op aan haar partner, verbloemt ze zelden haar lust (al dan niet ten overstaan van de douchekop) of etaleert ze haar haat-liefdeverhouding met haar boezem. Cordelia's perikelen vertaalden zich ondertussen al in vier boekjes, waarvan Cordelia oraal, zonet verscheen.

"Ik denk dat ik geluk gehad heb. Zeven jaar geleden stuurde ik een gekopieerd boekje naar Humo, Nieuwe Panorama, Playboy, De Morgen en De Standaard. Die laatste twee hebben me meteen uitgenodigd voor een gesprek en ik heb voor De Morgen gekozen. Ondertussen heb ik technisch enorm veel bijgeleerd, door zoveel te publiceren. Plots word je verplicht met deadlines te werken, iets wat ik mezelf anders moeilijk zou hebben kunnen opleggen."

Naast doorgewinterde cartoonisten als Barbara Stok, Maaike Hartjes en Gerrie Hondius is, vooral in Nederland, nog een heel leger vrouwelijke cartoonisten opgestaan. Toeval of niet, bijna allemaal buigen ze zich over autobiografische cartoons of stripjes. "Ik denk dat ze een ander publiek aanboren. Misschien heeft het er ook wel mee te maken dat vrouwen het niet langer pikken dat mannen in hun geest trachten af te dalen. Dan kan tot op zekere hoogte, maar er is altijd een grens en vaak eindigt het dan clichématig. Ik heb dat bijvoorbeeld met Claire, een strip waarbij je voelt dat die door een studio wordt gemaakt. Ik vraag me af of vrouwen dat blijven pikken."

Ondertussen heeft ook het buitenland een knieval gemaakt voor Cordelia. Franse uitgever Albin Michel verbond zich er onlangs contractueel toe binnen 18 maanden een Ilah-album uit te brengen, mogelijk voorafgegaan door publicatie in een Frans vrouwenblad. Ilah laat het zich welgevallen, maar lonkt ondertussen naar nog verder, meer bepaald naar Cuba. In het net verschenen nummer van Ink is al een staaltje van haar voorliefde voor dat land - en de seksgeur die er hangt - te zien. Een langer verhaal waarin haar personage in dat decor wordt ondergebracht, dreigt eraan te komen.

Bij het Vlaams Fonds der Letteren wil ze binnenkort een reisbeurs naar Cuba aanvragen. "Ik kan met Cordelia nog alle richtingen uit, maar een langer verhaal zou wel eens goed kunnen zijn voor de evolutie van het oorspronkelijke concept", klinkt het. "Bij mij staat meer werken ook niet meteen voor een burn-out. Integendeel, het stimuleert me, verplicht me bijna, om de zaken anders te bekijken. Dat heb ik ook sinds ik die korte zwart-witcartoons van Cordelia maak. Plots had ik twee stramienen om uit te kiezen. Het zwart-witte was totaal anders: sneller, op een bepaalde manier makkelijker, en het voegde een bepaalde sfeer toe. Dat zorgde voor een boost."

Met het stripproject omtrent Cuba wil ze opnieuw zo'n boost uitlokken. "Er zal sowieso meer eenheid zijn. Per slot van rekening gaat het over één land, één thema. We zien wel waar het toe leidt."

NIX

Voor Ilah een vaste stek in De Morgen veroverde, was de weg er al geplaveid door Nix (34), die zijn job als Belgacom-ingenieur wat graag verruilde voor die van cartoonist. Zijn debuut dateert van 1989, in het Leuvense studentenblad Veto, dat hij vijf jaar van cartoons voorzag. In 1996 bood De Standaard hem een kans, maar zijn echte doorbraak kwam er met Ief de Chief in De Morgen, waarin hij Yves Desmet en de toenmalige DeMiX-redactie feilloos te kakken zette. Anno 2003 behoort Nix samen met Kim, Seb, Steve Michiels, Zaza of Jeroom tot het betere cartoonistengrut dat Vlaanderen rijk is. Kinky en Cosy worden beschouwd als zijn handelsmerk, zijn eerste bundel Hardnekkige Vlekken gaat eerder door voor een jeugdzonde. Toch breide hij er onlangs een vervolg aan, met opnieuw 'kruimeltjes' die hij ooit achterliet in onder meer De Morgen, Teek, De Standaard, Het Nieuwsblad, Big Brother Magazine en bij Planet Internet. "Ik beschouw het eerder als een tijdschrift met mijn beste perscartoons", zegt hij. Op de vraag hoe hij zich ten overstaan van andere cartoonisten wil profileren, antwoordt hij meteen dat hij over iets meer "weerhaken" beschikt. "Ik kom niet graag glad over, ik wil weg van de commercialiteit. Anders dan vele cartoonisten maak ik wat ik zelf goed vind. Dat is geen kritiek, hooguit een bemerking."

Favoriete cartoonisten kan hij niet opnoemen. Hij haalt zijn mosterd elders. "Een stripauteur of cartoonist werkt aan een afgeleid product, dus waarom niet naar de bron terugkeren? Muziek bijvoorbeeld, of surrealistische schilderijen. Ik ben ook dol op Blackadder. Op stripvlak moet ik een klassieker bovenhalen: Gotlib, ergens tussen Romaanse en Germaanse humor."

Een dieptepunt heeft hij nog niet mogen meemaken, "al krijg je, als je in de ring gaat staan, van tijd tot tijd wel klappen". Voor Nix lijkt nu een periode van bezinning aangebroken. "Dat is een vertekend beeld. Misschien komt dat wel doordat ik niet meer voor de nationale pers schrijf. Ik publiceer nu wel in bladen als Pan, Zone 02, Strapazin, Yeti en Maks." Nadat hij met zijn 'Kinky & Cosy'-dagstrip bij De Morgen en dan bij Het Nieuwsblad werd bedankt voor bewezen diensten, raakte hij even op de dool. De verkoop van zijn eerste 'Kinky & Cosy'-album (2001) was pover. Pas anderhalf jaar na die publicatie waagde een Nederlandse uitgever zich aan een vervolg. "En volgend jaar verschijnt wellicht een derde." Nix wil dan ook graag met Kinky & Cosy blijven werken. "Ik kan er nog alle kanten mee uit. Ze zijn nog maar acht jaar. (grijnst) Maar momenteel is het zoeken naar een krant die hen wil voorpubliceren."

Ondertussen werkt hij als docent scenario aan het Atelier Beeldverhaal van het Brusselse Sint-Lukas. "Ik ben een beetje een selfmade man: ik heb de kneepjes al doende ontdekt. Dat probeer ik daar over te brengen. Strips maken leer je niet in een boek, hé." Hoewel hij zegt dat strip zijn lievelingsding is en hij van de sympathieke underdogpositie van het medium houdt, lonkt hij naar andere vertelwijzen. "Momenteel werk ik aan een kortfilm. Aangezien ik mijn scenario's zelf schrijf, wilde ik ook dat eens proberen. Het is zowat hetzelfde stramien. Je ontwikkelt personages, een plot... Jammer genoeg is het nu wachten op subsidies van het filmfonds." Nix' laatste wapenfeit is een fotostrip met Johan De Moor voor Spirou. "Een parodie op The Matrix, waarvoor ik qua foto's de moeilijkste stunts tot nu toe heb moeten uithalen."

BART SCHOOFS

De vreemdste eend in de bijt is wellicht Bart Schoofs (33), een Leuvense zelfrelativerende cartoonist wiens humor even vaak wordt omschreven als apart dan acommercieel en die door Ilah wordt aangehaald als haar lievelingscartoonist ("al begrijp ik ook niet altijd alles"). Hij debuteerde zo'n tien jaar geleden in het grafische magazine 'Bill' en kwam nog het meest onder de aandacht bij het ter ziele gegane blad Bonanza.

"Tja, ik ben dan ook geen commerciële cartoonist in die zin dat men me vraagt voor commerciële dingen. Ik probeer het gewoon niet al te makkelijk te maken. Soms is het heel onschuldig, is er zelfs geen pointe. Sommige mensen beginnen dan heel erg hard te analyseren, anderen vinden er net daarom geen zak aan."

"Bij Bonanza lieten ze me echt mijn ding doen, maar na nog geen jaar was het gedaan. En hier zit ik nu weer, zonder geld. (lacht)" Op bijdragen voor Zone 5300 en kinderblad Yeti na publiceert hij voorlopig in geen enkel ander medium. Niettemin heeft hij een harde kern van fans. "Ja, alle andere cartoonisten", grapt hij. "Je hebt van die muzikanten die enkel door hun collega's geroemd worden. Ik vrees dat me eenzelfde lot beschoren is."

Op de vraag of hij een luie tekenaar is, blijft het even stil. "Als weinig werk maken een vorm van luiheid is, dan klopt het. Maar als ze toch niet gepubliceerd worden, waarom zou ik dan wekelijks drie cartoons afwerken?" Schoofs kan zich voorlopig nog maar op weinig boekpublicaties beroemen, uitgezonderd de reeks 'Braaf varken' (waarin hij een eigenzinnige kijk op zijn nabije omgeving etaleert). Hij beseft dat de onregelmatige verschijning (3 comics sinds 2000) niet in zijn voordeel speelt. "Ideaal zou natuurlijk zijn elk halfjaar een boekje, maar dat is financieel niet haalbaar voor zo'n kleine oplage."

Zopas dook hij voor het eerst op in striptijdschrift Ink, waarin hij 'verzamelprentjes' creëerde uit de reeks 'De wondere wereld der dieren'. Onder een illustratie van pakweg een wasbeer noteert hij: "Een wasbeertje in de achtertuin: niet zo'n vreemd gezicht als je wel zou denken... Wasberen kunnen immers in de tuinen van een buitenwijk evengoed overleven als in het wild. Maar ze moeten dan wel met hun smerige poten van mijn fiets blijven godverdomme!"

"Goh, hoe moet je je mijn humor omschrijven? (lange stilte) Ik val blijkbaar een beetje uit de boot, maar waarom dat nu juist is? Ik moet soms al lachen om woorden. Mijn criterium is dat als ik ermee kan lachen, het gepubliceerd mag worden. (lacht) Vroeger noemde ik het hermetische humor, maar wat is dat eigenlijk, hé. Het hangt van grap tot grap af. Dan is het ironisch, dan weer satirisch of parodiërend."

Schoofs heeft vooral bewondering voor Pierre la Police. "Een Franse cartoonist. Hij verwerkt veel tekst in zijn cartoons en maakt heel wat eigenaardige verbanden tussen mensen en voorwerpen. De eerste keer dat ik het zag, dacht ik: 'Wow, dit is wat ik ook doe.' Maar eigenlijk ben ik daar allemaal niet zo hard mee bezig. Ik heb geen zin om achter iedereen of elke redactie aan te hollen met de vraag of ze me willen. Wanneer ze me willen, moeten ze dat maar laten weten. En als het medium me niet aanstaat, wil ik er absoluut niet voor werken, hoor. Echt niet, ik kan dat niet."

Over de toekomst blijft hij optimistisch. Net als Ilah of Kim tracht ook hij zijn waren in het buitenland te slijten. Tot nu toe hadden zijn pogingen niet het gewenste resultaat, maar een tweetal maanden geleden heeft een middelgrote Franse uitgeverij, waarvan hij de naam nog niet wil noemen, hem gevraagd werk te sturen. "Na het stripfestival van Angoulême heb ik 'Brieven aan nonkel J', uit 'Braaf Varken', vertaald en opgestuurd. We zien wel."

Ondertussen zit hij niet stil. Met cartoonist Kim zit hij in het twee koppen tellende bandje Schoofs-Duchateau Trio, en in zijn vrije tijd schildert hij . "Ik verwerk op doek wat onnozelheden en collages. Je kunt het conceptuele kunst noemen, maar dat klinkt vies, vind ik, zeker voor iets wat ik ook als cartoons beschouw."

Cordelia oraal, uitgegeven door Oogachtend, net als Ink 13 en Esther Verkest van Kim. Hardnekkige vlekken 2 en Braaf varken 3 verschenen bij Grint.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234