Vrijdag 03/12/2021

CAMPS & HANOT

Ooit had ik iets gelezen over een ijshockeyer die zich tot wielrenner wilde omscholen. Verder kende ik Rob Goris van haar noch pluim. Tot ik hem samen met zijn lief aan tafel zag zitten in Vive le Vélo. Blinkend van gezondheid en ambitie. Stoere, sympathieke kerel met een leuke babbel en een klare, zonnige kijk op het (wieler)leven. Het klikte meteen met de bescheiden broodrenner die ervan droomde ooit mee te mogen fietsen in de 'koers der koersen'. Nog niet goed genoeg maar als trainingsbeest bereid om daar (te?) veel voor op te offeren. Vast van plan om zijn eigen spannende jongensboek te schrijven.

Geamuseerd luisterde ik naar een sportman zonder complexen. Aangedreven door spek, eieren en eerzucht. Meer dan twintig kilo afgeslankt om 'coureur' te kunnen worden. Sappig vertelde hij over de fietstochtjes met 'pappie' Rik Van Looy en vriendin Katrien. Hij blikte vol goesting vooruit naar de kermiskoers in Roeselare en een Spaanse hoogtestage. Gecharmeerd door die no-nonsense Kempenzoon nam ik me voor zijn progressie voortaan op de voet te volgen.

Het hoeft niet meer. Rob Goris zal nooit in Roeselare, laat staan in de Tour, rijden. Want Rob Goris is dood. Overleden in de Normandische prentkaart Honfleur. Ik voelde ongeloof, verdriet en woede bij dit trieste en veel te vroege afscheid van een nieuwe vriend. Is dit toeval, het gevolg van een ontoereikende medische begeleiding of de harde tol van een immer veeleisender wordende topsport? Nog steeds niemand die het antwoord weet. Al blijft het natuurlijk wel onaanvaardbaar dat jonge, ogenschijnlijk kerngezonde sportlui gaan slapen om nooit meer wakker te worden.

Valpartijen, hoe verschrikkelijk ook, zijn onontkoombaar binnen een steeds sneller voortjakkerend peloton waar grote financiële belangen tot ongebreideld risicogedrag noden. Het noodlot als schimmige deelnemer zonder rugnummer. Ik dacht aan de doodsmak van 'nummer 108' Wouter Weylandt vorig jaar in de Giro en aan het overlijden van Frederiek Nolf in het verre Qatar. Ook hij, pas 21, geveld door een falend hart. Zouden Rob en hij nog geleefd hebben als ze niet hadden gekoerst? Ineens kon het hele circus me gestolen worden.

Net als op die 18de juli 1995 toen ik bij een boordsteen stond in de afdaling van de Portet D'Aspet. Ik hoorde het wieken van een opstijgende helikopter met daarin de stervende Fabio Casartelli. Ranke Italiaan zonder valhelm. Twee dagen voordien had ik hem nog even gesproken. Minzame olympische kampioen die, net als Rob, nog zijn weg moest vinden in het profpeloton. Ook dat hoefde niet meer. Kop tegen beton. De hele karavaan met tranen in de ogen. Voor een keertje geen agressief geschreeuw maar een bijna gewijde, ingetogen stilte. Kippenvel en krop in de keel toen Lance Armstrong, de armen ten hemel, de ritzege aan zijn gevallen ploegmaat opdroeg. Daags nadien raasde de aangeslagen karavaan weer verder.

The show must go on. Ook gisteren. Ook voor mij. Luttele hectometers voor de streep zat ik alweer op het puntje van de stoel om 'Jantje' Ghyselinck naar de ritzege te schreeuwen. Tot hij in een ballet van stervende zwanen door een spurtend peloton werd opgeslokt. Twee op twee voor de Duitse 'gorilla' André Greipel. Vreugde na rouwbeklag. Business as usual. De Tour stopt nooit. Rob Goris: morgen wellicht niet meer dan een voetnoot. Eentje met een zwart randje die niemand ooit mag vergeten.

Jules Hanot

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234