Vrijdag 03/12/2021

CAMPS & HANOT

Tijdrijders zijn de aristocraten van het peloton. Het geheim van de chronospecialist? Alle renners kunnen afzien, maar ze kunnen niet allemaal alléén afzien. Tijdritten moet je altijd vol rijden, constant tegen de pijngrens aan. En daarbij ook nog de kunst van de onbeweeglijkheid

beoefenen. Hoe minder handelingen de renner verricht, hoe beter. De chronospecialist heerst over de concurrentie in de puurste vorm: hij doet het alleen.

Erik Breukink vertelde me eens dat hij in zijn jeugd dagelijks trainde voor een 'contre le montre spécial'. Er werd gereden met muziek uit de in de voorbumper gemonteerde speakers. Het ritme joeg hem mede door de pijngrens. Het was ook een vorm van bijgeloof.

Van een onaantastbare allure was de tijdritspecialist Miguel Indurain. Alles aan hem was aerodynamisch. Hij zat vastgeschroefd op het zadel. Zijn gezicht: een masker met dode ogen. Niets kon hem afleiden. Het rotsige Spaanse landschap dat in zijn gezicht was gekropen, bleef roerloos. Zijn vijfvoudige Tourwinst kwam vooral op rekening van zijn fabelachtige tijdritcapaciteiten.

Fabian Cancellara benadert de klasse van Indurain het dichtst. Toch, de suprematie is vandaag niet meer wat ze was. Er zijn concurrenten, al moet aangetekend worden dat de Zwitserse olympisch kampioen uit een moeilijke revalidatieperiode komt. Ik ga er nog altijd van uit dat hij in Londen andermaal boven zichzelf uitgroeit.

Tijdritfietsen zijn een wonder van technologie. Ze worden met de grootste zorg klaargemaakt door mecaniciens. Voor mij was het altijd een liturgisch moment, toen ik in de Tour de mecaniciens bezig zag in de rossige modder van het hotelpleintje. Fietsen wassen, sleutelen, het knarsen van de remmen, het gesuis van uitgeworpen stuurlinten, het zingen van de spaken... Ik kon er uren naar kijken. Na een hectische dag waren de avonduren tussen de mecaniciens balsem voor het gemoed.

Zoals een moeder naar een kind buigt, zo buigen mecaniciens naar de fiets. Het is meer dan liefde, het is zorg. Zij denken in millimeters, niet in godheden. Spreek hen over een buitenblad en ze springen open in een ballet van hete vonken.

Roestvrije poëzie.

Nog het meest was ik gefascineerd door hun handen, door de schoonheid van zwarte nagelranden vooral. De gilde der mecaniciens is voor renners wat ambtenaren zijn voor de staat: bakens van continuïteit. Soms blijft het niet bij techniek en worden ze aangesproken op hun pastorale. Ze lenigen morele nood, zoals soigneurs dat ook doen. Sommige renners komen 's avonds met de mecanicien een sigaretje roken in de buitenlucht. Althans, vroeger waren er nog renners die rookten. Of ze dat vandaag nog doen, weet ik niet. Onder de Franse sterrenhemel ging heimwee dan van mond tot mond.

Gisteren in de tijdrit naar Besançon nam Bradley Wiggins afstand van zijn rechtstreekse concurrent Cadel Evans. In een indrukwekkend exploot. Ineens was Cadel een oud mannetje, toen hij over de streep kwam. Wat nog niet wil zeggen dat hij de Tour verloren heeft. Cadel kan niet tegen vernedering. Ik verwacht hem nog als spookmannetje in de bergen. Intussen blijft het een feit dat het oude Avondland ook in het wielrennen is ingehaald door angelsaksische krachtpatsers. Ik moet er nog steeds aan wennen, blijf stiekem verlangen naar namen als Bitossi en Nencini, Bobet en Anquetil. Naar Federico Bahamontes vooral. Want hij had de mooiste bijnaam: de adelaar van Toledo.

Die klankromantiek vind ik niet in Evans en Wiggins. Terwijl wielrennen juist een paternoster van lyriek is. Perico Delgado: proef de naam en je zou wel kunnen dansen. Voor Cadel kom ik niet van mijn stoel. Voor de hark Chris Froome kijk ik liever het raam uit. Jawel, het is een vooroordeel. Prostaatpraat, wellicht. Want de gekte van Peter Sagan kan ik ook niet echt pruimen. Renners horen te schreien als ze over de meet komen.

Hugo Camps

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234