Donderdag 22/04/2021

Burgeroorlog

ommige mensen denken dat je hele leven op een of andere manier opgeslagen zit in je hersenen. Als je maar de juiste sleutel vindt, kun je het weer helemaal afspelen. Ik ben er vrij zeker van dat dat een mythe is

in je hoofd

'Weet je nog wat je vorige dinsdag als ontbijt hebt gegeten?' Tijdens het gesprek keert Daniel C. Dennett regelmatig de rollen om en stelt híj de vragen. De beroemde Amerikaanse filosoof van de menselijke geest werkt graag volgens de socratische methode. Want hoe kun je beter illustreren hoe onze hersenen werken én vooral hoe ze volgens hem níét werken?

Nathalie Carpentier / Foto Bruce Davidson / Magnum

"Weet je wat mijn favoriete evolutiemop is?", mailt Daniel Dennett na het interview. "Twee kampeerders in Alaska kijken 's morgens uit hun tent en zien plots een grizzlybeer op hen afkomen. Een van hen begint meteen snel, snel zijn loopschoenen aan te trekken, waarop de andere zegt: 'Je denkt toch niet dat je die grizzly met die schoenen te snel af zult zijn, zeker?' Waarop de eerste antwoordt: 'De grizzly niet nee, maar jou misschien wel!'"

De gerenommeerde Amerikaanse filosoof van de Tuftsuniversiteit nabij Boston staat er niet bepaald om bekend hapklare theorieën te presenteren, maar Dennetts manier om zijn ideeën uit te leggen, is wel verrassend toegankelijk. Diept hij geen nieuwe metafoor op, dan speelt hij met je gedachten om iets uit te leggen, of gebruikt hij ja, gewoon een mop. Om daarna bij de aha-erlebnis van zijn gesprekspartner instemmend te glimlachen, you got my point. Ook de mop vertelt hij niet voor niets. "De competitie in de evolutie waar het echt om draait, is niet de competitie tussen jager en prooi, maar tussen individuen van dezelfde soort."

De streek waar Dennett het gros van zijn denkwerk levert, ademt die wedijver bijna uit. Met de metro passeer je haltes met prestigieuze namen als Harvard en MIT. De eindhalte heeft meer iets van een hyperreligieus dorp. De route naar de verrassend groene Tuftsuniversiteit is bezaaid met kerken als de Methodist Union Church. Niet meteen een plek waar je een man die niet bepaald als dogmaticus bekendstaat zou situeren. Ook al is Dennett zelf een klinkende naam, het bureau van de directeur van het Center for Cognitive Studies is vrij bescheiden. Hoewel. "Slagen is niet genoeg, anderen moeten falen", leest de verwelkomingstekst op de deur.

Een knipoog naar evolutie, het codewoord voor het gros van Dennetts denken. Ook wij zijn het product van blinde, darwinistische selectie. Dennett is een naturalist. Natuurwetenschappen vormen het vertrekpunt van zijn filosofie. "Wat jij bent, is een verzameling van ruwweg een honderd triljoen cellen, van duizend verschillende soorten. Elk van die cellen is een mindless mechanisme, een grotendeels autonome microrobot. Het is niet meer bewust dan je bacteriële gasten zijn. Geen enkele cel die deel van je uitmaakt, weet wie je bent, of geeft erom."

Dennett is een ethicus, buigt zich over de biologie, de techniek, wetenschap tout court, maar zijn object par excellence om over te filosoferen, prijkt op zijn bureau: een plastic schaalmodel van de hersenen. Het orgaan dat ons voelen en denken grotendeels bepaalt en dat door de natuurwetenschappen steeds verder wordt verklaard als een neurologische, biochemische machine. Een visie die ook Dennett aanhangt, maar die voor heel wat mensen te 'eng' is. Te veel mechanisme, te weinig mysterie.

Terwijl Dennett in zijn boeken soms vrij scherp tekeer kan gaan tegen zijn critici heeft hij face to face meer weg van een bijzonder minzame reus die je vooral zelf aan het denken wil zetten. "Hoe meer we leren over wat we zijn, hoe meer verschillende opties we zullen opmerken over wat we allemaal kunnen proberen te worden."

Soms zien we het gewoon verkeerd. Zo zei Dennett ooit dat ons geheugen geen blikje frisdrank is dat je uit de koelkast kunt halen en zomaar open kunt trekken. Wat is het dan wel?

"Ik wou dat ik een echt goede theorie over het geheugen had. Dat is niet zo, ook al weten we er best wel al wat van. Maar geheugen hoeft geen fotografisch geheugen te zijn of een herinnering. Elke wijziging in de structuur van een organisme waarmee het zijn gedrag in de toekomst nuttig kan bijsturen kun je eigenlijk een vorm van geheugen noemen. Als je overreden wordt door een auto en je raakt kreupel, zul je bijvoorbeeld raar wandelen. Of als je overreden wordt door een auto zul je de volgende keer als je de straat nadert ontzettend voorzichtig zijn en wel naar links en rechts kijken. Beide zijn een vorm van geheugen. Het is allebei littekenweefsel. Er is iets veranderd dat je die alertheid geeft. Het enige verschil is dat je kreupele been niet echt een goede aanpassing is. Het biedt je geen bescherming tegen een volgend auto-ongeval.

"Onze hersenen zijn zo ontworpen dat ze een medium zijn dat onwaarschijnlijke hoeveelheden van zulke wijzigingen kan absorberen. Neem wat ik nu tegen jou zeg. Dat produceert geluidsgolven. Die dringen je oren binnen en hebben een effect op je hersenen. Je zult niet letterlijk kunnen nazeggen wat ik zeg, maar je zult de essentie ervan vatten. Die golven bereiken ook die teddybeer daar, maar daar verandert dat niets. Die beer blijft hetzelfde, omdat die niet ontworpen is voor verandering. Maar als de geluidsgolven jouw hersenen bereiken, veranderen ze van alles. Dat is wat je geheugen is. Het is een aanpassing van de plastische, veranderlijke deeltjes in je hersenen."

Over die plasticiteit van onze hersenen is veel te doen. Alles wat je ervaart, verandert iets in je hersenen.

"Ik geloof dat dat klopt. Alles wat rondom je gebeurt als je wakker bent, dringt binnen en verandert iets in je hersenen. Dat betekent niet dat je alles met grote betrouwbaarheid opslaat. Dat zou een onwaarschijnlijke opslagcapaciteit vereisen. Sommige mensen denken dat je hele leven op een of andere manier opgeslagen zit in je hersenen. Als je maar de juiste sleutel vindt, kun je het weer helemaal afspelen. Ik ben er vrij zeker van dat dat een mythe is. Het brein slaat niet zoveel informatie op. Alles wat je hersenen binnenkomt, wordt herschreven, bijgewerkt. Wat je je later herinnert, is een zeer sterk herwerkte fractie van wat echt is gebeurd. In die zin is je geheugen geconstrueerd of gereconstrueerd. En juist omdat er zoveel bewerking en montage gebeurt, ontstaan er allerlei kansen waarbij je geheugen gecontamineerd kan worden met irrelevante inhoud.

"Uit heel veel laboratoriumexperimenten met proefdieren weten we dat er een soort geheugenfixering bestaat die veel herhaling vereist. We hebben veel neurowetenschappelijke modellen over de graduele opbouw van zulke geheugensporen door conditionering, maar we weten ook dat het kan dat we één keer iets zien dat ons diep raakt en we het nooit meer vergeten. We hoeven het geen twintig keer te zien. Gewoon boem, je vergeet het nooit meer. Als er iets erg traumatisch of moois gebeurt, herinneren we ons het moment waarop we dat leerden vaak nog erg levendig. Waar was je toen je hoorde over 9/11? Maar volgens mij is er altijd veel contaminatie, ook dan. Wacht, we zullen even iets uittesten."

- In welke stad kenden de Beatles hun start in Engeland?

- (...) Liverpool.

- Weet je ook wanneer je dat voor het eerst hebt geleerd?

- Euh, nee.

- Weet je nog wanneer je voor het eerst over mij gehoord hebt?

- Goh, nee.

"Zie je? De meeste dingen die we weten, hebben we geleerd. Maar we weten niet meer exact wanneer we ze geleerd hebben, tenzij het een heel speciale dag was. Een hypothese die we volgens mij ernstig moeten nemen is dat wat we ons episodisch herinneren alleen de dingen zijn die we in feite semibewust hebben gerepeteerd en gerepeteerd... Denk aan iets ontzettend gênants dat je is overkomen. (wacht even) Als je eraan denkt, begin je meestal te blozen. Als je zoals de meesten van ons bent, herhaal je zoiets eindeloos in je hoofd, kun je maar niet stoppen eraan te denken, blijf je alle smeuïge details maar overlopen. Kortom een paar dagen lang ben je erdoor geobsedeerd. Daardoor zul je het uiteindelijk nooit meer vergeten.

"De reden waarom je het nooit meer vergeet, zijn die herhalingen. Eigenlijk is dat een soort conditionering. Die herhalingen nestelden het in je brein, fixeren het. Maar als je in staat was geweest om je te laten afleiden door andere dingen, zodat je het niet telkens zou herhalen in gedachten, zou je je het waarschijnlijk later niet meer kunnen herinneren. Ook al was het op het ogenblik zelf ontzettend gênant. Ons menselijk vermogen om ons gebeurtenissen te herinneren, om ze op te roepen, ze bewust te herzien, ze opnieuw in je hoofd af te spelen, dat soort episodisch geheugen is heel erg bijzonder."

Waarom is dat zo bijzonder?

"Het is niet zeker of andere dieren, zelfs erg slimme dieren, daartoe in staat zijn. Als ik je vraag waar je vorige dinsdag was, welke kleren je droeg, zul je daar even over moeten nadenken. Je moet je eigen geheugen prikkelen, uitdagen, je moet het wat helpen. De informatie stroomt niet automatisch binnen. We kunnen het allemaal, we zijn er vrij goed in, maar we kennen er ook de beperkingen van. Het proustiaanse vermogen om stil te staan en terug te blikken op ons verleden is waarschijnlijk uniek voor mensen en waarschijnlijk zelfs voor volwassen mensen. 'Infantiele amnesie', het fenomeen dat we ons zelden iets kunnen herinneren van onze eerste levensjaren, is volgens mij een foute term. Het is niet zozeer dat kinderen dat allemaal zijn vergeten. Volgens mij is het gewoon een periode waarin dat soort geheugensporen nog niet klaar is om al gemaakt te worden. Ze bezaten de geestesgewoontes nog niet om dat al mogelijk te maken."

Gelooft u in de zoektocht naar een echte geheugenpil?

"Ja, ik geloof dat dat in principe mogelijk is. Het is in ieder geval een stuk aannemelijker dan een intelligentie- of een humorpil. We hebben trouwens al antigeheugenpillen: amnestische pillen. Als die actief zijn, leg je in feite geen enkele herinnering vast. Dat is ook waarom ze zoveel gebruikt worden bij chirurgie, wist je dat? Het is een medisch geheimpje. Omdat anesthesie altijd een risico inhoudt, proberen artsen die zo licht mogelijk te houden. De keerzijde is dat het soms te weinig is, wat voor patiënten heel wat ongemak kan opleveren. Dan geven dokters hen soms amnestische middelen en zijn ze gelukkig als de hele operatie voorbij is. Ze voelen geen angst over wat ze hebben doorstaan, omdat het lijkt of het niet gebeurd is.

"Sommigen beweren dat artsen dat doen om rechtszaken te vermijden door de herinneringen aan eventuele medische fouten uit te wissen, maar ik geloof dat ze een veel betere motivatie hebben: herbeleving vermijden. Want een slechte ervaring herbeleven, maakt het juist een slechte ervaring. De echo's maken deel uit van het lijden. Met die pillen verminder je de pijn door al die echo's te beëindigen. Als je dat kunt uitwissen zijn die patiënten beter af. Sommige van die middelen bestaan al vrij lang, zoals scopolamine. Dat werd vroeger aan vrouwen gegeven bij hun bevalling."

Is de geboorte van je kind geen herinnering die je wilt bewaren?

"Dat is het hem net! Een van de argumenten om het te geven was: als je wilt dat vrouwen meer dan één kind krijgen, geef je ze beter zo'n middel, zodat ze zich al die baringspijn niet herinneren."

Ontneem je met zo'n geheugenwispil niet een wezenlijk deel van wat iemand is, namelijk zijn herinneringen?

"Absoluut! Dat is orwelliaans. Je kunt je voorstellen dat dat verschrikkelijke politieke gevolgen kan hebben. De regering die zo'n pil in de watervoorraad doet..."

Is dat niet wat vergezocht?

"Nee, ik denk het niet. (denkt na) Al hebben we vandaag natuurlijk allerlei externe geheugensteuntjes voor ons geheugen, zoals je taperecorder. Het is vrij ondenkbaar dat ze naast die pil ineens alle opnames van bepaalde gebeurtenissen zouden kunnen wissen. Over dat laatste moeten we trouwens eens nadenken, want we realiseren ons niet hoe dramatisch de relatie tussen ons en ons externe geheugen aan het veranderen is. Het tijdperk van het fotografische bewijs nadert zijn einde, door Photoshop. Ik vraag me af wie zich realiseert wat dat kan wijzigen aan de status van bewijsmateriaal als foto's gemanipuleerd kunnen worden en in essentie niet te onderscheiden zijn van authentieke foto's. Jarenlang hadden we dat heerlijke idee van betrouwbaarheid, de garantie dat een foto niet nagemaakt kon worden. Door technologische vooruitgang is dat onderuitgehaald. We hebben een fantastische standaard, maar die kan ook gemakkelijk misbruikt worden."

Over misbruik van techniek gesproken. Heel wat mensen waarschuwen voor misbruik van al bij al premature kennis over onze hersenen, zoals beweren dat je via hersenscans of genetische tests iemands gedrag in de toekomst kunt voorspellen.

"Op dit ogenblik weten we nog lang niet genoeg over hoe iemands brein werkt, hoe de specifieke dynamiek werkt. We hebben een idee, maar kennen verre van de details. Maar ik denk dat dat zal veranderen en dat we er meer over te weten zullen komen. We beginnen bijvoorbeeld greep te krijgen op impulscontrole, op de rol van de frontaalkwabben en van neuromodulatoren die dan specifiek actief zijn in die regio. Dus ik denk dat we ooit wel zullen kunnen zeggen of iemand veel risico loopt om agressief te reageren op een belediging of een dreiging. Dat soort 'voorspelling' zullen we vermoedelijk kunnen maken in de toekomst.

"Je moet het zien als een kansberekening. De hersenen zijn zo ontworpen dat ze heel fijngevoelig zijn voor input en dramatische veranderingen maken op basis van die input. Het zijn versterkers van nieuwigheden. Dat betekent dat wat je ook uitvist over iemands hersenen, je voorspellingen altijd weerlegd kunnen worden door een nieuwe ervaring die alles wijzigt. Eigenlijk is dat vrij vanzelfsprekend. Je moet het niet zien als een spoorlijn waarvan de richting vastligt; het is allemaal voorwaardelijk. Neem nu dat geval van die impulscontrole. Wat gaat er gebeuren als je dat vertelt aan die persoon? Vanaf dan kan die erover nadenken. Stel dat we zouden ontdekken dat er allerlei voorwaarden zijn voordat iemand de controle verliest, dan zullen mensen niet veroordeeld worden tot hun toekomst door de ontdekkingen die we doen. Dan zullen die ontdekkingen juist wijzen op mogelijkheden om die toekomst aan te passen.

"Maar soms zijn er ook beperkingen. Je hoeft niet in mijn hersenen te kijken om te weten dat ik nooit een trapezeartiest zal worden of een violist. Hoe hard ik ook zou proberen, hoeveel geld ik ook aan opleidingen zou spenderen, ik zal het nooit zijn. Maar ik zal waarschijnlijk wel voldoende Chinees kunnen leren om mijn plan te trekken. Met die beperkingen kun je evenwel leven."

Wat voorspellingen over iemands gedrag betreft, hoever ben je dan van een scenario zoals in Minority Report, waar je mensen al bijna 'veroordeelt' nog voor ze maar iets hebben gedaan?

"Ik denk dat mensen terecht extreem bezorgd mogen zijn over die theoretische mogelijkheid. We moeten hier zeer goed over nadenken en de noodzakelijke maatregelen nemen om te vermijden dat dat kan gebeuren. En het zal allesbehalve vanzelfsprekend zijn hoe dat moet. Anderzijds, als ik een aandoening heb waardoor ik een groot risico loop om een onveilige chauffeur te zijn en iemand dood te rijden, wil ik dat weten. Dan kan ik mijn taxifonds aanleggen, want ik wil niemand doodrijden. Ik heb het recht te weten welke problemen ik heb. Ik wil een verantwoordelijk persoon zijn. Misschien wil niet iedereen dat. De vraag is niet alleen of de maatschappij het recht heeft te weten wie de risicopersonen zijn. Ook de risicopersonen zelf hebben het recht dat te weten, omdat ze er misschien iets aan kunnen doen. Uiteraard is het een kleine en glibberige stap om van dat scenario over te gaan naar een situatie waarin wij als maatschappij gaan zeggen: als zij niet bereid zijn er iets aan te doen, zullen wij het wel doen. Je kunt je allerlei soorten choquerende maatregelen van sociale controle voorstellen. Maar hoe je het evenwicht opmaakt tussen vrijwillige en onvrijwillige maatregelen is een politieke vraag, geen wetenschappelijke."

U wilt een verantwoordelijk persoon zijn, maar sommige kennis is gewoon zwaar om te dragen of ze kan misbruikt worden.

"Ja, en soms wil je het niet weten. Net zoals je maagdelijkheid kun je je onwetendheid maar één keer verliezen. Dat zijn moeilijke kwesties. Sommige van onze deugden hangen af van onze onwetendheid. Als we te veel weten, is het soms moeilijk om nog rechtschapen te zijn. Als ik wist dat er op dit ogenblik iemand aan het stikken was in de kelder zou ik nu onmiddellijk naar beneden moeten rennen om hulp te bieden. Als ik dat niet zou doen zou ik geen rechtschapen man zijn. Maar als ik het niet zou weten zou mijn deugd - ook al was het nog steeds schaamtelijk - onbevlekt blijven. We worden zelden in een positie geplaatst waarin we het lot dankbaar zijn omdat we het niet wisten. Vandaag de dag, met internet, met alle media, weten we steeds meer over de aardbeving in Kasjmir, over Katrina. Maar wat heb ik gedaan om de slachtoffers van Katrina te helpen? Niet veel. Ik heb de luxe niet om te zeggen: ik wist het niet. En die situatie gaat niet verbeteren. Integendeel."

'Aanvaard Jezus Christus als je persoonlijke redder voor 1 januari 2005 en je krijgt een gratis gsm!' De geprinte schreeuwerige reclamemail hangt uitdagend aan Dennetts prikbord. Het contrast met het uitzicht dat hij zichzelf heeft gegund, vier levensgrote posters van Marilyn Monroe, zegt genoeg. Humor heeft hij wel en heilige huisjes kent hij niet. Ook de ziel is niet heilig. Volgens Dennett moeten we dringend af van het idee dat we verantwoordelijke wezens zijn, kapitein van ons eigen lot, omdat we in wezen eigenlijk 'zielen' zijn, immateriële en onsterfelijke stukjes goddelijk materiaal die ons hele bestaan zin geven. De huidige wetenschap heeft dat idee van onsterfelijke zielen al lang achterhaald, stelt hij.

Velen concluderen daaruit dat ook bewustzijn voor Dennett niet bestaat. Onterecht, schrijft hij. Het bestaat wel, alleen is het anders dan we tot nu geloven. Hoe verleidelijk het ook mag zijn, er is geen scheiding tussen lichaam en geest, zoals de Franse filosoof Descartes beweerde, geen scheiding tussen hersenen en zijn bewustzijnsinhoud. Volgens Dennett is de geest het brein. En bewustzijn moeten we ons niet voorstellen als een centraal podium in ons lichaam waar iemand zijn boodschap verkondigt. Er is geen centrale plek in het brein waar bewustzijn wordt bereikt, nee er is veeleer een debat gaande tussen verschillende delen van onze geest die allemaal de aandacht willen.

Dennett vergelijkt het bewustzijn graag met 'fame in the brain', roem in het brein. "Sommige mensen zijn beroemd, maar komen niet op televisie. Sommige mensen komen op televisie maar zijn niet beroemd, zoals een verpleegster die tijdens het nieuws over een behandeling in beeld komt. Vijftien seconden lang is ze op televisie, miljoenen mensen zien haar, maar ze is niet beroemd. Televisie is niet voldoende voor roem. Het is een ander fenomeen. Pas dat nu toe op het bewustzijn. Als je denkt dat er een plaats bestaat in je hoofd waar je bewust wordt zodra je er vijftien seconden bent, zeg ik je: dat klopt niet. Bewustzijn is zoals beroemd zijn. Je mag niet de vergissing maken te denken dat bewustzijn is zoals televisie. Dat is het niet."

Dat geeft me enigszins een idee van wat bewustzijn volgens u niet is, maar nog steeds niet van wat het wél is.

"(lacht) Ik weet het! Het is ook niet eenvoudig. Beeld je een robot in. Ik ga hem 'roem in zijn brein' proberen geven, geen bewustzijn. Die robot heeft zijn computers, heeft zijn brein. In zijn computers vinden er allerlei gevechten plaats om de controle te veroveren. Sommige winnen voor eventjes, zwakken dan weer af, andere komen op. Er is een voortdurende strijd gaande om te bepalen welke thema's, ideeën het voor het zeggen hebben. Want de invloedrijke thema's worden gerepeteerd en laten sporen na in het geheugen. Een van de symptomen daarvan is dat de robot er later nog verslag van kan uitbrengen. Het zijn gevechten om die posities te verwerven waarover later nog verteld zal worden omdat ze dominant waren, omdat ze zo beroemd waren. Maar nu zeg ik je: ik heb gelogen. Ik zei dat het enkel ging over roem in het brein en niet over bewustzijn. Dat klopte niet, want wat ik je net beschreef, is bewustzijn. Ik zeg dus niet dat er geen bewustzijn is. Ik zeg alleen dat het is zoals roem in je brein. Dan reageren mensen vaak: wat een teleurstelling."

We houden ook van de gedachte dat er een uniek 'ik' is, een 'zelf' dat de controle behoudt over al onze gedachten en uiteindelijk de beslissingen neemt. Volgens u klopt dat niet.

"Niet helemaal, ook in die robot zou er een 'zelf' zijn. Alleen is die niet uniek, het is diegene die uit al die competitie op dat ogenblik naar voren zou treden als de (tijdelijke) overwinnaar. Vergelijk het met een democratie waar je elke vier jaar een nieuwe 'zelf' verkiest. Is hij de baas? Nee, of toch niet zoveel als hij zelf denkt. Maar is er een continuïteit van controle, van geheugen? Ja. De hendel wordt doorgegeven van hand tot hand. De coalities aan de macht komen op en gaan weer ten onder, nieuwe coalities vormen zich. Het is allemaal een soort politiek proces."

Maar als er voortdurend coalitiewisselingen zijn in ons hoofd kan de ene coalitie toch volledig het tegenovergestelde propageren van de andere? Zo voelt het toch niet in je hoofd? Hebben we niet het gevoel dat er telkens één en dezelfde het voor het zeggen heeft, zijnde wijzelf?

"(uitdagend) O ja? Heb je nooit het gevoel dat je iemand anders was? (lachend) Oké, jij lijdt niet aan een meervoudige persoonlijkheidsstoornis, maar waarschijnlijk heb je wel een soort van verschillende personen in je. Als jij hier met mij zit, of je praat met je moeder, of met een vriendin, dan is er behoorlijk wat discontinuïteit. Mochten je ouders hier nu plots binnenwandelen dan zou je je toch vrij ongemakkelijk voelen, niet? Je zou niet goed weten hoe je je moest gedragen hé? Omdat de coalitie die normaal bij je ouders werkt het zou willen overnemen, terwijl het regime dat hier nu aan de macht is die macht niet echt wil opgeven. Op dat ogenblik zou zich een soort burgeroorlog in je hoofd afspelen. De fout die iedereen maakt, is veronderstellen dat er naast die coalities nog een extra geestesoog aanwezig is, dat wacht om te kijken hoe het uitdraait en partij kiest voor één van beide. Dat is niet zo, er is niet nog iets extra's dat finaal beslist wie het voor het zeggen heeft. Nee, jij bent je lichaam. En er is maar één lichaam, je kunt het niet in tweeën splitsen. De woorden die je uitspreekt, zullen de woorden zijn die de partij die dan aan de macht is, wil dat je zegt. En mettertijd veranderen de coalities, nemen nieuwe elementen de macht over. En het onderliggende proces van het geheugen zorgt voor een vrij hoge continuïteit van het geheel. Het geheugen kun je met de administratie vergelijken, de ambtenaren die voor altijd blijven."

Hoe kan het geheugen het stabiele element blijven tijdens machtswis-selingen als het tegelijk veel dynamischer blijkt te zijn dan we dachten? Is dat geen contradictie?

"Ja, ons geheugen is dynamischer dan we dachten, maar het is ook niet volkomen vloeibaar. Er is heel veel inertie. Een van de redenen daarvoor is dat wij mensen ons geheugen ontzettend graag onderhouden. We houden ervan terug te duiken in onze herinneringen. De laatste keer dat ik daar was, dat heb ik al jaren niet meer gegeten, enzovoort. Elke keer als we dat doen, vernieuwen we de sporen in ons geheugen. Van de herinneringen die we zo vaak ophalen, weten we niet meer of we de originele gebeurtenis ophalen of een herinnering eraan. Als iemand je vraagt wat je oudste herinnering is, weet je als je antwoordt dat je je dat nog al hebt afgevraagd en dat de verniste herinnering die je aanhaalt al een kopie van een kopie van een kopie het vroegste ding is. Het heeft een soort status verworven."

In hoeverre kunnen we wél op dat geheugen vertrouwen als basis voor onszelf?

"Wat weten we? We weten dat het vrij goed is en tegelijk... (lange stilte) Weet je, sommigen voelen zich goed bij een leven op een boot. Dat houdt in dat ze die boot voortdurend moeten herstellen, planken vervangen als ze rot zijn, stukken afdekken tegen de regen. Ze blijven herstellingen doen en de boot blijft maar verandert met de jaren. Andere mensen leven liever in de vuurtoren, want ze willen verankerd zijn aan een rots, ze willen een fundering die niet verandert. In beide gevallen heb je continuïteit. In het ene geval dankzij veel vernieuwing, herstel en vervanging; in het andere omdat het zo stevig is als een rots. Maar ze werken allebei.

"Zo werkt de continuïteit van de menselijke cultuur ook. Het voortbestaan van Plato hangt niet af van het papier. We hebben geen kopijen die teruggaan tot zijn tijd. De oudste fragmenten zijn kopieën van kopieën van kopieën maar de overdracht van de tekst is heel erg betrouwbaar. Ik hou heel erg van het beeld van onbekenden die binnenkomen en een dans leren. Het is de dans die telt. Het is alsof er een eeuwigdurende dans bezig is. Mensen worden moe en vertrekken, anderen komen binnen en leren de danspasjes, en zij dansen verder tot ze ook moe worden en vertrekken. Maar de dans stopt niet. De dans is wat het geheugen gaande houdt. Het gaat om de informatie in die dans, niet in de materialen. Het idee van een kern zo hard als diamant, die je ziel is, dat dat is wie je bent, klopt niet. Het is de dans! Het is de dans van de neuronen. Zolang de informatie er is, ben jij daar. Dat is de manier waarop je Plato bent. Je bent zoals een tekst die stabiel blijft ondanks alle kopieën die worden gemaakt, worden weggegooid, worden vernieuwd. Dat is wat jij bent."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234