Zaterdag 11/07/2020

Burgeroorlog in de schaduw van het Atomium

Morgen zal in Brugge voor de allereerste keer Le mur te zien zijn: een mysterieuze film uit eind de jaren zestig over de gewelddadige splitsing van België. De originele film (van de hand van Henri Storck?) werd door de Duitse cineast Lutz Becker bijna een halve eeuw in zijn garage bewaard.

Vrijdagochtend, 3 april. Koffie met kunsthistoricus Michel Dewilde in het mooie Café Craenenburg aan de Grote Markt in Brugge. Een gesprek dat een verrassende wending zal nemen. Dewilde wou me vertellen wat er te zien zal zijn op de Triënnale van Brugge, een festival rond hedendaagse kunst dat eind mei van start gaat en waarvan hij curator is. Al even bevlogen als zijn vroegere leermeester Jan Hoet legt Dewilde uit dat de Triënnale rond de idee van snel groeiende steden zal werken. "En als voorloper voor het grote festival start op 19 april een kleinere expo in de Belforthallen: De Geschreven Stad."

Hij schuift een brochure van de expositie naar me toe. Op de voorpagina is te zien hoe de Palestijnse kunstenares Rana Hamadeh met een koord de muur tussen Israël en Palestina probeert omver te trekken. "Het wordt een tentoonstelling over de invloed van politiek op een land en zijn inwoners. En we tonen ook Le mur: een nog nooit vertoonde zwart-witfilm over de splitsing van België. Fascinerend document. Over hoe extremisten aansturen op een burgeroorlog tussen Vlamingen en Walen en uiteindelijk beslissen om het land op te splitsen en een muur door Brussel te trekken."

Een nog nooit vertoonde film over het einde van België? Een muur door Brussel? Waarover gaat die film dan precies? Van wanneer dateert hij? En wie heeft hem gemaakt? "We zijn er nog niet achter wie de makers zijn. We gaan ervan uit dat de film dateert van eind de jaren zestig. Maar zeker zijn we niet. De film begint met een Congolese tv-journalist die live meedeelt dat België uit elkaar is gevallen en dat VN-vredestroepen een bufferzone hebben opgetrokken tussen de Republiek Vlaanderen en de Republiek Wallonië. Ik heb dit aan oudgedienden van de VRT getoond, maar die waren even verbaasd als ik. Mogelijk is de film van de hand van Henri Storck. In ieder geval hebben we beslist om hem een prominente plaats te geven: we installeren een groot scherm in de Belforthallen."

Henri Storck: een naam die mijn nieuwsgierigheid nog doet toenemen. Storck (1907-1999) was de peetvader van de Belgische documentairefilm, bevriend met kunstenaars als Spilliaert, Ensor en Permeke. "Als je meer wilt weten, moet je met filmmaker Lutz Becker spreken", zegt Dewilde. "Becker is medecurator voor deze tentoonstelling. Hij is in het bezit van de enige originele versie van Le mur en vond dat het moment gekomen was om de film voor het eerst aan een groot publiek te tonen."

Ook Lutz Becker (Berlijn, 1941) is een legende. In de jaren zeventig vond Becker in een Amerikaans militair archief de verloren gewaande kleurenfilmpjes die Hitlers maîtresse Eva Braun had gemaakt van het dagelijkse leven in het Adelaarsnest in Berchtesgaden, het buitenverblijf van de Führer in de Beierse Alpen. Dankzij Becker kreeg de wereld voor de allereerste keer een inkijk in het dagelijkse, bijna banale leven van Hitler. Becker is nog om een andere reden bekend. In opdracht voor de Duitse televisie interviewde hij meermaals Albert Speer, Hitlers persoonlijke vriend en architect en een van de weinig topnazi's die tijdens de processen van Neurenberg niet ter dood werd veroordeeld.

Ik vraag Michel Dewilde of ik Le mur kan bekijken en Becker kan ontmoeten. "Moet lukken. Ik heb een digitale kopie die ik veilig bij mij thuis in Gent bewaar. Kom eens langs. En Lutz Becker spreken zal ook geen probleem zijn. Hij is een bijzonder aardige man, bezeten van film. Hij is geboren in Berlijn maar woont al jaren in Londen."

Zondebok Brussel

Woensdagavond, 8 april. Ik bel aan bij de woning van Dewilde in Gent. Hij brengt me naar een woonruimte met een grote flatscreen en een fauteuil. Ik krijg de afstandbediening en een glas witte wijn in handen. "Ik laat je de film ongestoord bekijken. Roep me maar als je klaar bent."

Op het scherm passeert het jaartal 1975, blijkbaar de periode waarin de film zich afspeelt. Dan komt de Congolese tv-presentator in beeld, die een stand-up doet aan het Jubelpark en aankondigt dat België gesplitst is. Achter hem nerveuze toestanden aan de triomfboog, waar een pas gebouwde muur Brussel in twee verdeelt. Blauwhelmen razen door de straten, en er zijn beelden van Vlaamse en Waalse troepen die zich aan de nieuwe grens ingraven.

De Afrikaanse commentator legt uit hoe tijdens de nazibezetting zowel in Vlaanderen als Wallonië extremistische groeperingen waren ontstaan die elkaar naar het leven stonden en in de loop der jaren aan weerskanten van de taalgrens de macht naar zich toe hadden getrokken. Hun haatdiscours leek uit te lopen op een burgeroorlog en uiteindelijk beslisten ze om het land te splitsen. Een patstelling over Brussel had de boel doen overkoken.

"Beide kampen schuiven de schuld voor het conflict in de schoenen van de Brusselaars omdat die België bij elkaar wilden houden", vertelt de Afrikaanse tv-journalist. "Brussel is tegelijk zondebok en het grootste slachtoffer van deze geschiedenis." Waarna er een bevreemdend beeld komt van aanschuivende Brusselaars die zich moeten registreren en een gele davidster opgespeld krijgen. Op de achtergrond: het Atomium.

De film heeft een desoriënterend schokeffect. Enerzijds voelt alles vertrouwd aan: het Jubelpark, het Atomium. Ook bepaalde elementen van de typisch Belgische communautaire discussies komen bekend over. De beelden doen denken aan Bye Bye Belgium, de onaangekondigde RTBF-film van 2006 over de splitsing van België. Maar in Le mur wordt alles tot in het extreme doorgetrokken: strenge militaire controles aan de Vlaams-Waalse grens, mensen die over de muur willen klimmen en doodgeschoten worden, pro-Belgische verzetslui die aanslagen plegen en riskeren om gearresteerd en gefolterd te worden. Ten slotte is er die korte scène waarmee de film abrupt eindigt. Dezelfde man die gefolterd wordt, schrikt wakker, badend in het zweet. "Gelukkig maar", zegt een stem. "Het was maar een nachtmerrie. Maar morgen kan dit realiteit worden." En dan is het afgelopen. Sneller dan verwacht. Geen aftiteling. Gewoon zwart beeld.

Even later komt Michel Dewilde de kamer binnen. We proberen de film in de context van eind de jaren zestig te plaatsen. Dat was na het geweld van de Koningskwestie, na het verzet van de Waalse vakbonden tegen de eenheidswet, na het vastleggen van de taalgrens en de Vlaamse marsen op Brussel en ongeveer gelijktijdig met de Leuven Vlaams-betogingen. "Wil je de film misschien een tweede keer bekijken?" vraagt Dewilde. "Dan zie je toch altijd details die je eerst niet waren opgevallen."

De tweede visie zorgt inderdaad voor enkele curiosa die de bizarre humor van de makers verraden. Naast het dode lichaam van de man die over de Brusselse muur wou klimmen, staat een bordje: 'Jules Delcopette, dood voor Vlaanderen.' Verder vertelt de Congolese journalist dat men in Wallonië geen waterzooi en in Vlaanderen geen tarte al d'jote meer mag eten. "Ten strengste verboden." (Tarte al d'jote is de culinaire specialiteit van Nijvel, een taart op basis van kaas en snijbieten, KOV).

Het feit dat er zoveel figuranten aan de opnames deelnamen, bewijst dat het niet om een amateurproject ging. Dewilde: "Mijn inschatting is dat dit het werk is van Franstalige filmmakers. Maar ik ben ook maar aan het gissen, hoor. Misschien moet je zo snel mogelijk met Lutz Becker gaan praten."

Realistische beelden

Zaterdag 11 april. Bayswater is een mooie Londense buurt, vlakbij het nog veel chiquere Notting Hill. Samen met zijn vrouw woont Lutz Becker er in een smal huisje dat efficiënt is ingedeeld en daardoor heel Nederlands aanvoelt. Hij verwelkomt me met twee croissants, abrikozenjam en koffie. We praten eerst over de filmrolletjes van Eva Braun die hij gebruikte als basis voor zijn film Swastika en waarmee hij op het filmfestival van Cannes van 1973 een enorme controverse oogstte. "Veel mensen konden blijkbaar niet leven met kleurenbeelden over het dagelijkse leven van Hitler. Die kleuren, die banaliteit maakten duidelijk dat Hitler eigenlijk een saaie bourgeois was, zoals er nog steeds veel rondlopen."

Plots haalt Becker uit zijn bibliotheek een rond oranje-wit plastic doosje, dat hij voor me legt. "Dit is waarvoor u gekomen bent." Becker licht het deksel en toont me de pellicule. "Het exacte jaartal waarop ik deze film voor het eerst te zien kreeg, weet ik niet meer - 1969, denk ik. Maar de omstandigheden waarin dat gebeurde, kan ik me nog wel helder voor de geest halen. Ik studeerde aan het Slade Film Department van University College London, mijn professor was regisseur Thorold Dickinson. Die was bevriend met Henri Storck. Ze waren tijdgenoten die elkaar regelmatig ontmoetten, en die dag was Storck op bezoek in Londen. Storck had een film bij zich die hij absoluut wou tonen. Samen met nog enkele andere studenten nodigde Dickinson me uit voor de projectie, en later besefte ik dat hij me erbij wou omdat ik uit Berlijn kwam en had gezien hoe de Muur gebouwd werd.

"Ik weet nog heel goed hoe we in het bureau van Dickinson zaten, hoe ik de film op de Bell & Howell-projector legde en hem liet lopen. Ik geef eerlijk toe: eerst dachten we allemaal dat het om een documentaire ging. De beelden waren heel overtuigend. We waren geen België-experts, waardoor we op het verkeerde been konden worden gezet. Maar we wisten dat er spanningen waren tussen Vlamingen en Walen en dat het al een paar maal tot hevige confrontaties was gekomen. De escalatie van Le mur leek ons op dat moment plausibel. Maar op een bepaald moment merkte ik dat de makers enkele beelden van de Berlijnse Muur in de film hadden gemonteerd. Pas op dat moment waren mijn twijfels weg: 'Neen, dit is niet echt. Dit is fictie.'"

Becker vertelt dat de vertoning van Le mur een diepe indruk op hem maakte. "Als Berlijner heb ik aan den lijve ondervonden hoe destructief een muur kan zijn. Een muur is brutaal, rukt gemeenschappen en families uit elkaar en zorgt voor stagnatie en intellectuele verstikking. Scheidingsmuren als in Berlijn, Palestina of de Europese grenzen bewijzen dat mensen nog altijd dieren zijn die de behoefte hebben om hun territorium af te bakenen. Wie in het zand een lijn trekt, moet goed beseffen dat hij een scheidingslijn tussen 'wij' en 'zij' tekent. Zodra die lijn er is, weet je niet goed wat er gaat gebeuren als je ze overschrijdt: word je raar bekeken, teruggestuurd, opgepakt, in elkaar geslagen of doodgeschoten? Of gebeurt er niets? Een muur verzwakt iedereen, ook diegenen die hem bouwen."

Explosief document

Even terug naar het moment waarop Henri Storck Le mur aan zijn Londense collega's toonde. Wat vertelde Storck over de film? Zei hij iets over de makers of over de bedoeling? "Storck gaf een korte toelichting over de gespannen politieke situatie in België. Hij zei dat de film vooral bedoeld was als een moedig experiment van politieke opvoeding. Le mur moest volgens hem duidelijk maken hoe gemakkelijk het is om verdeeldheid onder mensen te zaaien, en hoe snel die verdeeldheid ook tot een fysieke opdeling en geweld kan leiden."

Over de makers van Le mur was Storck discreet. "Als ik het me goed herinner, zei hij dat het om jonge filmers ging, verbonden aan de openbare omroep. De stijl van Le mur is heel journalistiek, en ook de lichte 16mm-camera was het favoriete instrument van tv-reporters. Het lijdt geen twijfel dat het om bekwame filmmakers ging die gebruik konden maken van moderne productiefaciliteiten.

"Nee, ik weet niet waarom Storck het origineel absoluut in Londen wou achterlaten. Ging hij ervan uit dat het een politiek explosief document was? Hoe de pellicule uiteindelijk bij mij terechtkwam? Storck gaf de film in bewaring bij Dickinson, en die heeft zijn privéarchief net voor zijn dood aan mij toevertrouwd. Weet je, ik hoop heel erg dat de vertoning in Brugge voor de nodige media-aandacht zal zorgen en dat de makers me komen opzoeken. Sommigen van hen zouden nog in leven moeten zijn. Ik ben zo nieuwsgierig naar hun verhaal."

Ik vraag Becker of hij kan inschatten welke impact de projectie van Le mur in het België van 2015 zal hebben. "Ik denk dat de film vooral gezien zal worden als een opmerkelijk document dat iets zegt over de gemoedsgesteldheid van het België van de jaren zestig. Ik hoop wel dat men niet te veel aanstoot neemt aan die scène met de davidsterren. Persoonlijk vind ik dat een minder geslaagde scène omdat ze heel snel fout geïnterpreteerd kan worden. Ik begrijp wel wat de makers wilden doen: de gele ster is al eeuwenlang het symbool van de outsider die gediscrimineerd en vervolgd wordt. Voor de makers van Le mur waren de Brusselaars de zondebokken. Maar gaandeweg is de gele ster het exclusieve symbool geworden van de jodenvervolgingen.

"Los van mijn bezorgdheid over die ene scène denk ik wel dat de film ook in de 21ste eeuw een waarschuwing kan zijn voor diegenen die mensen uit elkaar willen trekken. Nationalisme blijft een zeer effectief politiek virus. Het is niet zo moeilijk om mensen met nationalistische platitudes te agiteren. Kijk maar naar Tsjecho-Slowakije. Kijk maar naar het Joegoslavische drama dat eindigde in landjes als Servië, Bosnië en Kroatië, waarvan we nog steeds niet weten of ze nu gaan leven of sterven. Ook in Oekraïne richt het virus opnieuw enorme schade aan. Zowel in Oekraïne als in Rusland is de macht in handen van oligarchen, die met hun maffiakapitalisme miljarden verdienen en tegelijk excelleren in nationalistische agitatie. Ze brengen Europa steeds dichter bij een nieuw conflict, en de vraag hoe het Westen zich uit deze oorlog kan houden, wordt steeds pertinenter."

'Mooiste wat ik ooit zag'

Becker verontschuldigt zich voor wat hij zelf een donkere litanie noemt. "Maar ik heb ook optimistische verhalen, hoor. Er zijn ook mensen die muren neerhalen." Hij vertelt over hoe hij bij de val van de Berlijnse Muur zijn camera enkele dagen op dezelfde plaats opstelde. "Die 9de november 1989 stond ik aan de Muur ter hoogte van de Wiesenstrasse. Aan de andere kant hoorde ik onophoudelijk hoe mensen met hamer en beitel een gat in het beton aan het slaan waren. Toen de opening groot genoeg was, zag ik de werkmannen naar het Westen kruipen. Het eerste wat ze deden, was bier halen en op de vrijheid te drinken. Even later kwam er een man door het gat die gevolgd werd door een klasje uit Oost-Berlijn. 'Zo, kinderen', hoorde ik de leraar zeggen, 'jullie zijn nu in West-Berlijn. Ik laat jullie een uurtje rondkijken.'

"Wat toen gebeurde zal ik nooit vergeten. De kinderen begonnen te spelen en te springen van blijdschap. Als kalfjes die na een lange winter voor het eerst weer uit de donkere stal het veld in mochten. Een van de mooiste dingen die ik ooit heb gezien."

De Geschreven Stad, van 19 april tot 21 juni in de Belforthallen, Brugge. Triënnale Brugge, van 20 mei tot 18 oktober. www.triennalebrugge.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234