Maandag 21/06/2021

Buitenlandse literatuur in aantocht

De Engelstalige compagnie

Waren er vorig jaar een flink aantal namen die al te lang geen cover meer hadden gesierd, dan zijn er dit jaar mogelijk nog meer auteurs die opnieuw hun opwachting maken.

Minder is meer is onder andere de leuze van Jamaica Kincaid, die met See Now Then (Farrar, Straus and Giroux) haar eerste boek in tien jaar uitbrengt. Het is een roman over een huwelijk dat eraan geloven moet, maar de namen van de personages - Mrs. Sweet, Heracles en Persephone - rekenen alvast af met de dertien-in-een-dozijnbijklank die de plot uitademt. Ook William H. Gass is terug van weggeweest. Middle C (Knopf) wordt omschreven als een karakterstuk, en als je weet dat de Amerikaan vijftien jaar aan het boek werkte, weet je ook dat dat label op meer dan één manier te interpreteren valt. Na J.M. Coetzees biografie en de briefwisseling met Paul Auster komt er een nieuwe roman van de man himself. De kinderjaren van Jezus (Cossee) is een allegorisch verhaal over een man en een jongen, hun nieuwe identiteiten en dwaaltocht. Eveneens terug is Moshin Hamid met Hoe word je stinkend rijk in opkomend Azië? (De Bezige Bij). Benieuwd of zijn derde boek, dat de structuur van zelfhulpboeken volgt, net als zijn vorige roman de shortlist van de Man Booker Prize haalt. Ook Khaled Hosseini - inderdaad, van De vliegeraar en Duizend schitterende zonnen - heeft nieuw werk klaar. And the Mountains Echoed (Riverhead) komt uit in mei, omgeven met meer mysterie dan detail. Geen betere verkooptruc dan een hoge dosis nieuwsgierigheid. Daarnaast verschijnt binnenkort The Pale King van cultschrijver David Foster Wallace voor het eerst in Nederlandse vertaling.

2013 is het jaar van het voorlezen en daar lijken de Engelstaligen oren naar te hebben, getuige het opmerkelijke aantal korteverhalenbundels, traditioneel de verschoppelingetjes van de literatuur. Amerika's lieveling George Saunders heeft met Tenth of December (Random House) een bundel geschreven die door The New York Times nu al uitgeroepen wordt tot het beste wat we dit jaar te lezen zullen krijgen. De kans dat Karen Russell - die vorig jaar met Swamplandia! genomineerd was voor de Pulitzer Prize - een gooi zal doen naar dezelfde titel met Vampires in the Lemon Grove (Knopf), zit er dik in.

Redenen genoeg waarom ernstig overwogen moet worden massaal te pleiten voor de invoering van leesverlof, zeker als we rekening houden met de nieuwe John le Carré, A Delicate Truth (Viking) én Colum McCann, Trans-Atlantisch (De Harmonie). Bovendien doen wilde geruchten de ronde dat het nieuwe jaar ons ook lekkers brengt van Cormac McCarthy, Thomas Pynchon, Jonathan Safran Foer en Donna Tartt. En laten we ook de Nederlandse vertaling van Amitav Ghoshs River of Smoke (De Bezige Bij) en T.C. Boyles San Miguel (Anthos) niet vergeten - iets om de komende maanden met bijzonder hongerige ogen naar uit te kijken.

Franse vaste waarden

Opvallend hoe uitgevers beknibbelen op Franse literatuur, net op een moment dat ze levendiger is dan ooit. De boeken die wel door de ballotage geraken, zijn overwegend vaste waarden of vergeten klassiekers.

Laurent Binet, Niets gaat zoals verwacht, Meulenhoff. Hoeveel uren van speech schrijven, vergaderen, lobbyen, peilingen volgen en nagelbijten zitten er in een verkiezingscampagne? Binet volgde, geïnspireerd door de tv-serie The West Wing, het verkiezingsteam van François Hollande.

Emmanuel Bove, De liefde van Pierre Neuhart, Coppens & Frenks. De kranige uitgeverij blijft maar kleinoden uit de Franse literatuur bovenspitten en vat ze vervolgens in prachtige uitgaven.

Laurent Mauvignier, Onder mannen, De Geus. Van de auteur van het pakkende Heizeldramaboek In de menigte.

Patrick Modiano, Kleine flora van de nacht, Querido. Op een wandeling door Montparnasse glijdt de schrijver Jean in een bres in de tijd en denkt hij terug aan 1966. Modiano weet moeiteloos hoe hij melancholie kan activeren.

Amélie Nothomb, Blauwbaard, De Bezige Bij Antwerpen. De jaarlijkse Nothomb kreeg in Frankrijk een matig onthaal. Roman over de tol van vrouwelijke nieuwsgierigheid.

Daniel Pennac, Lijfboek, De Arbeiderspers. Van zijn 13de tot zijn 87ste houdt Pennac een detailrijk dagboek bij van zijn eigen lichaam en de veranderingen die het haast geruisloos ondergaat. Bestseller in Frankrijk.

Albertine Sarrazin, Het sprongbeen, De Bezige Bij. Cultboek uit de jaren zestig, nu voor het eerst in Nederlandse vertaling. Met voorwoord van Patti Smith.

Duitse krachttoeren

Het Duitse vertaalde aanbod is bijzonder karig dit jaar, gelukkig zijn er twee briljante titels bij. Voor het overige verschijnt er een reeks hertalingen van klassiekers, vooral bij Van Gennep.

Florian Illies, 1913. Het laatste gouden jaar van de twintigste eeuw, Atlas/Contact. Aan de hand van brieven, documenten, dagboeken, getuigenissen, krantenverslagen, romans en manifesten schildert Illies een caleidoscopisch beeld van een Europa dat als artistiek laboratorium van de moderniteit geen flauw vermoeden heeft van de oorlogscatastrofe waarop het afstevent. Een wervelende montage met boeiende blikken achter de coulissen.

Jenny Erpenbeck, Wat niet is, Van Gennep. De nieuwe roman van de Berlijnse schrijfster is een literaire krachttoer en tegelijk een briljant vormelijk waagstuk.

Juli Zeh, Nultijd, Anthos. Van de auteur van Speeldrift en Vrije val. De roman bevat geslaagde aanzetten maar lost de verwachtingen van een psychothriller niet echt in.

Spaanse sensaties

Liefhebbers van Spaanstalige literatuur kunnen dit voorjaar kiezen uit een verscheiden aanbod. Nieuwe titels van Spaans en Zuid-Amerikaans, onbekend en geconfirmeerd talent liggen binnenkort in de handel.

Jesús Carrasco, De vlucht, Meulenhoff. Literaire sensatie van de laatste Frankfurter Buchmesse. Seix Barral, de Spaanse uitgever, beschrijft De vlucht als een mix van Miguel Delibes en Cormac McCarthy, en noemt het een verpletterend debuut.

Eduardo Mendoza, De neergang van Madrid, Meulenhoff. Nieuw werk van de gevestigde Spaanse auteur. Op zijn onnavolgbaar satirische wijze beschrijft Mendoza de chaos vlak voor de oorlog en de neergang van Madrid, gezien door de ogen van een verbaasde buitenstaander die niet aan de zijlijn kan blijven staan.

Evilio Rosero, De drie Lila's, De Geus. Rosero, die in 2006 de Colombiaanse staatsprijs voor literatuur kreeg voor zijn oeuvre, wordt de nieuwe Gabriel García Márquez genoemd.

Yuri Herrera, Kroniek van een hofzanger, Wereldbibliotheek. Over het drugsgeweld in Mexico. Herrera focust op de gedachtewereld van de personages en op hun specifieke taal.

César Aira, De schimmen, Meulenhoff. Van deze Argentijn, door Roberto Bolaño tot een van de vier beste hedendaagse Spaanstalige auteurs gerekend, is maar weinig in het Nederlands vertaald, hoewel zijn oeuvre meer dan zestig teksten telt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234