Dinsdag 22/10/2019

Drifters

"Bso is niet het verdomhoekje van de samenleving"

Mohamed Barrie. Beeld Wouter Van Vooren

Maandelijks laten we in de reeks 'Drifters' een twintiger aan het woord die naarstig aan zijn of haar droom voorttimmert, maar ook met twijfels wordt geconfronteerd. Drifter #10: Mohamed Barrie (25), Antwerps sociaal werker in spe die met zijn studentenvereniging meer Afrikaanse jongeren in het hoger onderwijs wil krijgen.

“In België heerst een of-ofmentaliteit. Je bent Belg of moslim. Je bent Afrikaans of universitair. Maar ik ben Antwerpenaar in hart en nieren, moslim, Afrikaans, voormalig bso-student en nu universitair. Mijn identiteit is veelzijdig”, zegt Mohamed. “Hokjesdenken wil ik tegengaan. Ook jongeren met Afrikaanse roots horen in het hoger onderwijs thuis.”

De Morgen-columniste Yasmien Naciri. De mensen achter Muslinked vzw. In dat rijtje past Mohamed perfect. Bij jonge, geëngageerde Antwerpenaren is hij een begrip. Hij is actief bij Kilalo, een Afro-Belgische jongerenvereniging die onder meer huiswerkbegeleiding aan kinderen geeft, en City Pirates, een voetbalclub met meisjeswerking.

Nu heeft de masterstudent sociaal werk aan de Universiteit Antwerpen ook zijn eigen organisatie: AYO, een studentenvereniging die de doorstroom van Afrikaanse jongeren in het hoger onderwijs wil vergroten. “In deze wereld hebben sommigen de grootste moeite om ‘intelligent’ en ‘Afrikaans’ naast elkaar te zien. Afrikaanse jongeren zijn dat beginnen geloven, het werkt als self-fulfilling prophecy. We hebben nood aan een mentaliteitswijziging.”

Mohamed Barrie. Beeld Wouter Van Vooren

Mohamed en zijn vriend Emmanuel Iyamu willen het vertrouwen bij jongeren met Afrikaanse roots stimuleren. Dat doen ze door hen wegwijs te maken in het onderwijssysteem: door het nut van een monitoraat aan te tonen, maar ook aan te leren hoe je een samenvatting maakt of een goede stageplek vindt. “Het is niet omdat we niet wit zijn dat de aula niet ook van ons is.”

Burgeroorlog

Mohamed heeft moeten knokken om uit te groeien tot de zelfverzekerde jongeman die hij vandaag is. Als kind moest hij geboorteland Sierra Leone na de burgeroorlog ontvluchten. Hij was 12 toen hij met broer en zus in Zaventem landde. “Ik sprak drie zinnen Nederlands: ‘ik ben Mohamed’, ‘ik ben twaalf jaar’ en ‘mijn moeder woont in Antwerpen’.”

Omdat Mohamed in maart naar België was gekomen, was hij te laat om te starten aan de middelbare school. “Ik ben dan maar taalcursussen beginnen blokken en heb wekenlang naar kinderzender Nickelodeon gekeken. We woonden ook in de Mercatorstraat, vlakbij het Antwerpse Stadspark waar ik vaak ging ravotten met andere kinderen. Na drie maanden kon ik m’n plan trekken in het Nederlands.”

Als tiener kwam hij in het bso terecht. Zijn leerkrachten van de Spectrumschool in Borgerhout zagen hem perfect in het aso aarden, maar het systeem werkte tegen. “Ik kwam uit een land dat al tien jaar in oorlog verkeerde, op mijn jonge leeftijd had ik vijf jaar schoolachterstand opgelopen. In plaats van naar mijn punten te kijken, of überhaupt naar mijn persoonlijkheid, keek het onderwijssysteem toch enkel naar die ene vraag: heeft hij een diploma lagere school of niet? Dat maakte starten in het aso quasi onmogelijk.”

Mohamed Barrie. Beeld Wouter Van Vooren

Da's voor Belgen

Mohamed had geen zin om dat gevecht te voeren. “Gewillig ging ik naar het bso met de idee om later verder te studeren en te tonen wat ik allemaal in mijn mars heb”, zegt hij. “De samenleving ziet bso-studenten als mislukkelingen, maar ze beseft niet dat leerlingen er om verschillende redenen terechtkomen: door familiale problemen, maar ook door systemische tegenwerkingen. Het verdomhoekje van de samenleving zijn ze niet.”

Op zoek naar een intellectuele uitdaging is hij boeken beginnen lezen die bestemd waren voor aso-leerlingen. Zijn vrienden - schoolgenoten en jongens op het pleintje in de buurt, bijna allemaal met andere roots - konden dat maar matig appreciëren. “Ze noemden me ‘Mohamed Google’ en ‘Mohamepedia’ en dat was geen compliment.”

Mohamed Barrie Beeld Wouter Van Vooren

De meesten onder hen hadden boeken altijd ervaren als een soort straf. “Erger nog: ze hadden het in hun hoofd gehaald dat zij geen boeken lezen. ‘Dat is iets voor Belgen’, zeiden ze.”

Dat zinnetje blijft voor Mohamed knagen: ‘Da’s voor Belgen’. “Doelen de kinderen op de pleintjes toen en nu op het feit dat ze zichzelf niet als Belg zagen en zien? En hoe komt dat dan?”, vraagt hij zich af. “Die kinderen hebben dat ergens gehoord en geleerd, het is een deel van hun zijn geworden. Het is misschien omdat ik pas vanaf mijn twaalfde naar België verhuisd ben, dat onze maatschappij mij niet heeft kunnen wijsmaken dat boeken niet bestemd zijn voor niet-witte Belgen. Of misschien is het gewoon omdat ik gewoon te koppig was. (lacht)”

Vluchten

Met AYO wil Mohamed die mentaliteit dus wijzigen. Meer dan 300 mensen zijn intussen fan op Facebook, de eerste workshop timemanagement voor studenten is vlot verlopen. Mohamed: “Een leven dat je voor jezelf leeft, wat heb je daaraan? Door de burgeroorlog weet ik dat levens in een flits kunnen veranderen. Het ene moment liep ik school, de dag erop moest ik vluchten met mijn gezin. Daardoor leef ik nu heel bewust. Juist door mezelf in te zetten voor anderen, vind ik betekenis.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234