Maandag 27/01/2020

Briljant maar onschuldig

'Vergeet die koning, het gaat om de taal.' Daarmee vat Tom Lanoye zijn Solo Ten Oorlog snedig samen: het is een proeve van meesterschap waarin hij bewijst dat het sublieme taalbouwsel dat Ten Oorlog is na twintig jaar nog niets aan kracht heeft ingeboet. Maar of de tekst nog steeds weerhaken slaat in de tijd?

Luisteren naar Tom Lanoye is als luisteren naar een finaleavond van de Koningin Elisabeth-wedstrijd: wat je hoort is technisch volmaakt, een en al virtuositeit. Wie als normaal mens beweert dat er hier een pizzicato scheef zat en daar een tremolo ontbrak is een zeurpiet, klaar. Wat Tom Lanoye in Solo Ten Oorlog doet is van dat niveau.

Even ter herinnering: Ten Oorlog is het magnum opus der toneelteksten waarin Lanoye de acht koningsdrama's van Shakespeare samenbrengt. Regisseur Luk Perceval loodste een indrukwekkend clubje sterren-in-de-dop (Decleir, Dottermans, Opbrouck) ternauwernood door een rampzalig repetitieproces van achttien maanden, maar toen de toenmalige Blauwe Maandag Compagnie in november 1997 in première ging werd de toneelmarathon een legendarisch succes.

Met een minimum aan enscenering doet Lanoye het vandaag in Solo Ten Oorlog. Een fauteuil, een rookmachine, een scherm en wat confetti - hier moet de verbeelding zijn rol spelen, geleid door de taal, die door Lanoye majestueus als protagonist naar voren wordt geschoven. Lanoye treedt op als gedroomde didacticus die de zaal inleidt in de geheimen van de jambische pentameter - de versmaat waarin Shakespeare schreef en die ook hijzelf in zijn bewerking hanteerde. Luidop laat hij de zaal een vers uit Hamlet scanderen, zodat we het zouden voelen: taal is muziek, deze poëzie is jazz.

Des mensen

De hele tekstlezing lang zal hij ons blijven wijzen op de 'onttroning' - de postmodernisering - van de taal, die parallel loopt met die van de personages. Van de verheven grootspraak van Richaar Deuzième naar de psychotische syntaxis van Risjaar Modderfokker Den Derde: het is de aftakeling van de 'beschaafde' mens naar de weerwolf, maar ook de evolutie van woord- naar beeldcultuur, getuige de schreeuwerige typografie op het beeldscherm die uiteindelijk de taal overneemt.

Maar luisteren naar Tom Lanoye is als luisteren naar een finaleavond van de Koningin Elisabeth-wedstrijd: niet de virtuositeit primeert, maar de manier waarop de muziek vandaag klinkt. Repertoire - of het nu gaat om partituren of om toneelteksten - gaat niet over herhalen maar over tot leven wekken. De vraag is dus vooral hoe Lanoyes Ten Oorlog twintig jaar na datum resoneert. Shakespeares materiaal is altijd en overal des mensen, maar de tekst van 1997 ademt - logischerwijze - in elke vezel zijn eigen era, waarin begrippen als Frontex, The Donald, rommelkrediet en IS nog niet tot de dagelijkse woordenschat behoorden.

Dat is geen verwijt (bespaar ons trouwens elke geforceerde 'actualisering') maar wel een vaststelling. De momenten dat het heden meeklinkt in Solo Ten Oorlog zijn schaars. Het gebeurt even in de 'orde en discipline'-toespraak van Hendrik Vier en ook nog eens in de xenofobe slotspeech van Risjaar Modderfokker, maar voor de rest is deze performance naast virtuoos vooral onschuldig.

Lanoye is daar overigens zelf heel duidelijk in: "Vergeet de koning, het gaat om de taal." Daarmee ligt de reden om deze tekst te hernemen besloten in zijn virtuositeit - fair deal. Maar misschien hadden we van Lanoye, naast meesterlijk stilist ook opiniemaker en bevlogen politiek commentator rond de meest pijnlijke maatschappelijke vraagstukken, net iets minder vrijblijvends verwacht.

Solo Ten Oorlog, nog op tournee tot 16/11. Begeerte.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234