Donderdag 28/01/2021

Brieven uit Brussel: Geïntegreerd ondanks mezelf

Beeld bas bogaerts

Het regent negatieve berichten over de Brusselse jeugd. Alsof in Brussel maar één soort jongere bestaat. De Morgen en politiek filosoof Bleri Lleshi lanceren daarom 'Brieven uit Brussel'. Elke donderdag, tien weken lang, laten we Brusselse jongeren aan het woord. Vandaag krijgt Christelle Samba het woord. Zij is 22 jaar en werkt voor The Belgian Pride.

Tegenwoordig is het eerste wat men mij, als ik zeg waar ik vandaan kom, vraagt: "En, voel jij je Belg?" Afhankelijk van mijn reactie krijg ik een glimlach van acceptatie of een frons van afwijzing.

Ik leef al 22 jaar in België. Ik ben in Brussel geboren en toen ik 3 was zijn we verhuisd naar een dorpje bij Aalst. Mijn moeder was kapster in Matongé - de Afrikaanse wijk in Brussel - en mijn vader werkte ook in de stad. Tijdens de weekends ging ik mijn moeder helpen in haar kapsalon, zo ontdekte ik Brussel.

Als je klein bent, leren ze je dat iedereen gelijk is. Je moet delen, accepteren en niet oordelen. Allemaal zeer mooi. Die gelijkheid en acceptatie heb ik echter niet gevoeld in mijn puberteit.

Afrikaans zijn in een omgeving waarin iedereen blank is, is niet makkelijk. Ik ging altijd achteraan zitten in de bus om iedereen te observeren. Ik voelde me zo anders. Merkkleding, gsm, vriendjes (welke gezonde jongen zou met een dik Afrikaans meisje willen zijn?),... Over al die dingen waar meisjes van mijn leeftijd het over hadden, kon ik niet meespreken.

Ik stelde mijn vader eens de vraag: "Waarom lachen ze met ons?" Hij zei: "Ze kennen ons niet, je bent anders dan zij en daar zijn ze bang van."

Na enkele jaren groeide de allochtone gemeenschap in Aalst, het was leuk om brothers en sisters te hebben. Maar ook dat zorgde voor problemen. Al die Afrikaanse en Maghrebijnse jongeren begonnen rond te hangen in de stationsbuurt, ze spraken Frans en ze palmden de stad in door luidruchtig door de straten te lopen. Voor mij was dat a blessing in disguise. Ik kon eindelijk vrienden maken. Er is een groot verschil tussen schoolkameraden die tegen je moeten spreken en vrienden die echt interesse hebben. Want samen bij de scouts zitten of gaan zwemmen met een Afrikaanse: geen probleem. Maar haar thuis uitnodigen? No way! "Wat eten die mensen? Zullen ze mijn kinderen mishandelen?"

Ik keek steeds keihard uit naar de zaterdag. Dan ging ik met mijn moeder naar Matongé. Ik was zo gefascineerd door al dat lawaai, die kinderen die op straat liepen, vrouwen en mannen gekleed in boubou's (gekleurde Afrikaanse gewaden die wij alleen tijdens trouwfeesten droegen). Ik voelde mij dan een beetje thuis. Dat was mijn 'goed gevoel' na een moeilijke week.

Ik moet zeggen dat ik nu blij ben dat ik in Vlaanderen ben opgegroeid. Ik heb geleerd van mezelf te houden. Mijn eigen cultuur te zoeken, te leren over wie ik ben. Leren vergeven ook en zelfvertrouwen opbouwen. Allochtone kinderen hebben het moeilijk zich te integreren in de maatschappij. In Brussel worden ze in concentratiescholen gestopt, ze spreken tijdens de pauze hun eigen taal of Frans en blijven steeds onder mekaar. Ik heb daarentegen moeten leren omgaan met Belgische kinderen. Ik had geen keuze, ik leefde in twee parallelle werelden. Thuis en buitens-huis. Thuis sprak ik Frans en op school Nederlands. In huis was ik gewoon Christelle en buiten was ik 'die Afrikaanse'.

Wat verwacht men eigenlijk van immigranten? Ze komen aan in Brussel, spreken daar Frans, verhuizen dan naar Vlaanderen voor werk en vanaf het moment dat ze voet zetten op Nederlandstalig grondgebied moet die taal hen uit de mond vloeien. Dat is gewoon niet mogelijk. Ze mogen mensen niet verplichten om in gemeentehuizen de Nederlandse taal te spreken om te krijgen waar ze recht op hebben. Dat heb je niet in Brussel. Op dat vlak zouden ze in de rest van België een voorbeeld moeten nemen aan Brussel.

Ik spreek zowel Frans als Nederlands en daar ben ik blij om. Het biedt me veel kansen. Niet alleen op vlak van werk maar ook op de manier waarop mensen me bekijken. Ik had flinke ouders en mijn integratieproces is gegaan zoals het hoort. Toch denken ze er in Vlaanderen anders over dan in Brussel. In Vlaanderen krijg ik meestal de reactie: "Je spreekt zo mooi Nederlands, proficiat!" In Brussel is dat: "Gelukzak. Ik zou ook graag Nederlands willen spreken."

Het is pas sinds ik in 2007 weer in Brussel ben gaan wonen dat ik echt mezelf kan zijn. Deze stad geeft je kansen om je te ontwikkelen als individu. Brussel is minder gesloten en er wordt minder in vakjes gedacht. Ik kom van een boerendorp waar wij tot mijn vijftiende de enige Afrikaanse familie waren. Maar in Brussel vloeien culturen en origines van alle werelddelen door elkaar. Elke grootstad heeft zijn problemen maar Brussel is bohémien, Brussel is anarchistisch en het geeft je veel opportuniteiten. Je kan van Brussel houden of je kan de stad haten. Maar ik ken geen enkele stad als deze. 's Avonds ga je uit en de volgende dag heb je drie nieuwe vrienden. Een uit Chili, de andere uit Laos en de derde uit Finland. Mensen willen gewoon je vriend zijn, ze hoeven niet zo nodig je hele geschiedenis te kennen... Dat is fantastisch.

Ben je tussen 16 en 26 jaar en woon/werk/studeer je in Brussel? Mail je brief naar ovbrussels@gmail.com. Wie weet wordt hij gepubliceerd in De Morgen, of op de blog van Bleri Lleshi.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234