Vrijdag 21/01/2022

Brieven uit Brussel: Brussel behoort niet enkel pendelaar toe

null Beeld eric de mildt
Beeld eric de mildt

Het regent negatieve berichten over de Brusselse jeugd. Alsof in Brussel maar één soort jongere bestaat. De Morgen en politiek filosoof Bleri Lleshi lanceren daarom 'Brieven uit Brussel'. Elke donderdag, tien weken lang, laten we Brusselse jongeren aan het woord. Vandaag: Nathaniël Bovin (26), Brusselaar en historicus.

OPINIE

Als Nederlandstalige inwijkeling krijg ik vaak de vraag waarom ik voor Brussel gekozen heb. De vraag hoe het leven in Brussel verloopt wordt me opvallend minder gesteld.

In België heeft haast iedereen een mening over Brussel, ongeacht of men er ook komt. Een mening over het bestuur, over de plaatselijke politiek en over de maatschappelijke problemen en grappig genoeg ook over de Brusselse bevolking. Zelfs zij die in Brussel enkel de perrons van Noord en Zuid kennen, kunnen met de grootste autoriteit spreken over de manier waarop de kwalen moeten worden opgelost: de gemeenten fuseren, de baronieën van de PS-burgemeesters breken en meer blauw op straat. De macho's van Molenbeek, Schaarbeek en Kuregem moeten maar in het gareel leren lopen. Op ludieke Vlaamse wijze weet men nog het voorstel voor een dorpsfeest of twee erin te werken, kwestie van onze mening over gaybashing, vrouwen lastigvallen en criminaliteit te ventileren.

Laatst hoorde ik een puber in de trein Schaarbeek aan zijn moeder omschrijven als armoede, allochtonen en criminaliteit. Of de jongen in kwestie al ter plaatse geweest was wist ik niet, maar het waren wel de trefwoorden die ik het vaakst hoor in gesprekken over Schaarbeek en bij uitbreiding Brussel. Dat Schaarbeek groter is dan enkele verloederde straten rond het Noord komt bij velen als een verrassing. Gevraagd wie de allochtonen zijn waar men het over heeft, weten mijn gesprekspartners me vaak weinig duiding te geven, buiten enkele karikaturale afbeeldingen die met het Schaarbeekse straatbeeld weinig uitstaans hebben. De vuile en gewelddadige kanten die een grootstad tekenen, worden opgeklopt zodat ik de stad in de krant haast niet kan rijmen met die waarin ik woon. Idem dito voor de Brusselse politiek. Hoeveel stukken hebt u niet gelezen over Thielemans en Moureaux, terwijl Brussel negentien burgemeesters rijk is? De PS-almacht die Brussel zou kenmerken blijkt kleiner dan gedacht, maar blijft in de krantenkoppen alleenheerser. Als er zo op gehamerd wordt, is het niet verwonderlijk dat men mij geregeld aanspreekt over Thielemans en Moureaux. Over Bernard Clerfayt, burgemeester van Schaarbeek, moet ik nooit uitweiden. Hij past niet in het narratief van de door de PS gedomineerde achterstandswijken.

De prioriteiten die Vlaanderen voor Brussel stelt, gaan echter ook vaak niet de Brusselaar, maar de pendelaar aan. Een groot deel van de Brusselse bevolking wordt niet tot onze gemeenschap gerekend, en is daardoor haast onzichtbaar in onze media. Hoewel ze deel uitmaken van onze samenleving, blijven ze buitenstaander. Niet de levenskwaliteit van de Brusselaar, maar de veiligheid van de pendelaar staat voorop. De Brusselse PS, de minimaliserende cultuurelite en de allochtone gemeenschap worden gevraagd zich te verantwoorden voor de daders. De verontwaardiging eist verontschuldigingen, maar deze dienen te worden uitgesproken tegenover de Vlaamse publieke opinie. Dit is uiteindelijk ook wat Moureaux in Vlaanderen het zwaarst werd aangerekend, niet zijn beleid, maar zijn weigering om een knieval te doen voor een publieke opinie waarvan het merendeel Molenbeek enkel van tv-beelden kent. Wat zich in de Brusselse wijken afspeelt is alleen van tel als het een weerslag heeft op de leefwereld van de Vlaamse middenklasse en de werkdag van de pendelaar verstoort.

In dit verhaal valt ook op dat structurele oorzaken terzijde worden geschoven en vervangen door morele imperatieven en karaktervorming. Spijtig genoeg sluit dit aan bij een beleving van Brussel die ik haast alleen terugvind op enkele eilanden tussen de Dansaertstraat en de Vlaamsesteenweg. Men converseert niet met de Brusselse bevolking, noch met de Brusselse politici. Het is een conversatie van Vlaanderen met Vlaanderen over Brussel.

Brussel is echter niet gescheiden van Vlaanderen, maar maakt deel uit van een maatschappelijk continuüm dat niet aan de gewestgrenzen stopt. Een halsstarrige weigering om in Brussel iets anders te zien dan een olievlek waarop enkele Vlaamse vogels dobberen, zal niet verhinderen dat ook de rest van de samenleving geconfronteerd zal blijven worden met Brussel als naam voor een bredere problematiek. De grote tragedie is dat men in Vlaanderen niet met de Brusselse bevolking wil praten, maar alleen over de Brusselse bevolking. Niet over sociale mechanismen, maar over individuele en collectieve misstappen. De verschillen worden benadrukt en veroordeeld. Zolang men denkt problemen op te lossen door met de vinger te zwaaien en op een stiefmoederlijke toon de ander terecht te wijzen, zal een dergelijke monoloog in dovemansoren vallen. Indien we een deel van de bevolking niet accepteren als integraal deel van onze samenleving, kunnen we alleen met onszelf blijven praten. We weten wat de meningen van de Vlaamse opiniemakers over Brussel zijn, maar weten zij wel wat er leeft in de Brusselse achterstandswijken? Zijn we bereid om deze wijken als integraal deel van onze samenleving te aanvaarden? Nemen zij die het luidst roepen over Brussel er ook verantwoordelijkheid voor? Brussel is immers meer dan zijn pendelaars, zelfs als men dat in de rand soms vergeet.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234