Maandag 17/06/2019

Syrië

Breidt Turkije grenzen uit?

Turkse soldaten nabij de grens met Syrië. Met Operatie Olijftak wil de Turkse president Erdogan het noorden van Syrië zuiveren van zijn aartsvijanden, de Koerden. Beeld AFP

Wie hoopte dat het na het verslaan van IS rustig zou worden in Syrië, komt bedrogen uit. Sinds dit weekend kent het land een nieuwe frontlijn, bij Afrin. Deze week gaat Turkije onverminderd voort met zijn poging om de Koerdische enclave in te nemen. Een nieuwe oorlog is in de maak.

'Operatie Olijftak' heet het Turkse offensief, naar het symbool van Afrin: een olijfboom. Met luchtaanvallen, artilleriebeschietingen en rebellen op de grond, probeert Turkije Afrin te heroveren op "terroristen", volgens de Turkse president Erdogan. Het is het begin van een veel grotere missie, waarin de hele Syrische grensregio tot aan Manbij - honderden kilometers verderop - moet worden "gereinigd van ellende". Als dat lukt, heeft Erdogan een soort Turkse minikolonie in Syrië gecreëerd, een droom die hij al heeft sinds het begin van de burgeroorlog.

Waarom zou het een probleem zijn, als Turkije vanuit Afrin probeert om een 'veiligheidszone' in Syrië te creëren?

De Koerden, die in Afrin de dienst uitmaken sinds de Ottomaanse tijd, schreeuwen natuurlijk moord en brand. Hoewel Erdogan het doet voorkomen alsof hij Arabische dorpen gaat terugveroveren, en er zeker enige Arabische dorpen in de regio zijn, gaat het hier om een voornamelijk Koerdische streek. De Syrische president Assad klaagt over aantasting van zijn soevereiniteit. De Amerikaanse regering, die voorheen nochtans de Koerden steunde, houdt zich op de vlakte en verwijst naar "gerechtvaardigde veiligheidszorgen" van de Turken.

Per slot van rekening zit Turkije al sinds de zomer van 2016 in het gebied. Toen veroverden de Turken onder de naam 'Eufraat Schild' de regio rond het nabijgelegen Al Bab, dat werd veroverd op IS. In Al Bab lijken vluchtelingen druppelsgewijs terug te keren. Tot confrontaties met Syrische troepen komt het nauwelijks. Turkije heeft zelfs het gsm-netwerk in de streek hersteld, bleek uit een uitstapje dat deze krant maakte met het Syrische leger in maart 2017. Erdogan lijkt nu de regio rond Al Bab te willen linken aan Afrin.

Dus wat is het bezwaar tegen een Turkse bufferzone in Syrië? Dit: het is een nieuwe oorlog. Om precies te zijn, zoals het Institute for the Study of War in Washington stelt: het Turkse offensief in Afrin is "Syriës oorlog na IS".

Koerdische offers

Voordat we nu te snel gaan: de strijd tegen IS in Syrië is nog helemaal niet voorbij. Dinsdag maakte het Amerikaanse leger bekend dat 150 veronderstelde IS-strijders zijn gedood bij luchtaanvallen op Al Shada, in het uiterste zuidoosten van het land. Die succesvolle aanval vond plaats dankzij de Koerdische strijders van de Syrian Democratic Forces (SDF). De SDF, getraind door de Amerikanen, brengen in Syrië nog "dagelijks overwinningen en offers" in de strijd tegen IS, aldus de Amerikaanse generaal-majoor James Jarrard.

Het zijn deze Koerdische strijdkrachten, de belangrijkste bondgenoot van het Westen tegen IS, die Turkije wil vernietigen.

Erdogan stelt dat het Afrin-offensief nodig is om "terroristen" te bestrijden. De Turkse president ziet de YPG, de belangrijkste component van de Koerdische SDF, namelijk als verlengstuk van de terreurbeweging PKK, die in Turkije veel slachtoffers heeft gemaakt. Volgens Erdogan herbergt de YPG in Afrin ook IS-strijders, een aantijging die volstrekt oncontroleerbaar is omdat buitenstaanders geen toegang hebben tot het gebied.

Dit staat wel vast: terwijl Turkije bezig is met de nieuwe oorlog, voelen de Amerikanen die in het land gestationeerd zijn om IS te bestrijden, zich ongemakkelijk bij de Turkse aandacht rond de Koerdische garnizoensstad Manbij. In plaats van IS te bestrijden, patrouilleren de Amerikanen nu noodgedwongen langs de Turkse stellingen, om te voorkomen dat zich 'veiligheidsincidenten' voordoen.

Niet bang voor Assad

In Damascus is de regering-Assad ondertussen wel gewend aan internationale inmenging. Rusland en de VS voeren al jaren een luchtoorlog waarbij burgerdoden vallen. Iran, Libanon en Afghanistan commanderen milities op de grond, die formeel gehoorzamen aan Assad. Maar in deze puzzel is Turkije de enige die het aandurft om een stuk grond te bezetten.

Dat wordt "totaal afgewezen", stelde Assads onderminister van Buitenlandse Zaken, Faisal Mekdad. Hij voegde eraan toe dat de Syrische luchtafweer zonodig Turkse vliegtuigen zal "vernietigen". In Turkije lachen ze daar eens om. Het lijkt erop dat het regime in Damascus het moet doen met een garantie van de Russen dat ze althans Aleppo mogen behouden.

Als Turkije zo doorgaat, waarschuwt het Institute for the Study of War, zullen de VS worden afgeleid van de strijd tegen IS, het inperken van Assad en het onderhandelen over vrede. Dan eist de nieuwe oorlog alle aandacht op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden