Dinsdag 11/05/2021

Brandhaardkunst

Gelukkig blijft de herdenking van de Groote Oorlog niet beperkt tot de modder van de Vlaamse velden. Meer en meer exposities kijken verder dan de IJzervlakte, richting wereld. Ravage in museum M is een denkoefening over kunst en maatschappij in tijden van conflict.

Zelfs de locatie van de tentoonstelling is beladen met symboliek. Van op het dakterras van M zie je zowel de nieuwe als de oude universiteitsbibliotheek, waarvan de verwoesting dit jaar herdacht wordt. Een groot deel van de stad aan je voeten is een reconstructie uit het interbellum, bedacht na de brand in augustus 1914 (zie kader). In de hal van het museum herinnert een sculptuur al heel lang aan die wederopbouw. Zo is de cirkel helemaal rond.

Daar en dan begint het parcours van de expositie: in die helse augustusmaand van 1914, toen Duitse soldaten een groot deel van Leuven in de as legden en meer dan 200 burgerslachtoffers maakten. De officiële reden was het optreden van sluipschutters, vermeende guerrillastrijders die de bezetters onder vuur zouden genomen hebben. Zouden, want van de krukkige Duitse argumentatie voor het bloedbad bleef al snel geen spaander heel.

De brand van Leuven was iets tussen een potje paniekvoetbal en een genadeloze represaillemaatregel van een leger dat zich oppermachtig waande en een voorbeeld wilde stellen. Burgers werden neergeknald, duizend huizen gingen in de vlammen op, eeuwenoude cultuur werd te vuur en te zwaard uitgeroeid. De trots van de universiteit, de bibliotheek met een unieke verzameling van 300.000 handschriften en oude drukken, werd in brand gestoken.

Ezelskoppen

Je kunt geen sterker beeld bedenken om de barbarij aan te klagen dan de zwartgeblakerde muren van een plek waar ooit stilte en concentratie heersten. Met die foto trapt Ravage zich op gang. De brand van Leuven wordt verderop nog geëvoceerd met schilderijen, foto's en een stadsplan waarop straat na straat te zien is hoe groot de vernieling was. Je kunt het spoor van de Duitse fakkels op de voet volgen, want zoals het in een strak geleid Heer hoort, was er grondig nagedacht over opzet en marsrichting.

Subtiel wordt in de eerste zaal van M al aangegeven dat de blik straks ruimer zal gaan: er hangt ook een oud schilderij waarop de oorlogsgod Mars woest tekeer gaat, en in een raadselachtige kleine sculptuur herken je een Arabische hengst en het Groene Boekje van Kadhafi. Niet alleen het lokale oorlogsverleden is hier dus aan de orde.

Alsof het een drone is, maakt de imaginaire camera van Ravage zich los uit de Leuvense straten en anekdotes om almaar hoger op te stijgen. Vervolgens wordt er naar hartenlust in- en uitgezoomd. Het verhaal krijgt context en wordt aangevuld met hedendaagse installaties. In Leuven beseffen ze maar al te goed dat ze niet de enige 'martelaarsstad' zijn. Die twijfelachtige eer deelt de stad met plekken als Aarschot of Dinant, die in de Groote Oorlog naar verhouding een zelfs zwaardere tol betaalden. Maar met de beide wereldconflicten houdt het verhaal niet op. Verderop in het parcours zullen nog harde woorden vallen, en namen als Babylon, Hiroshima, Stanleystad of Beiroet.

Met een thema als dit loopt een curator al snel het risico dat hij te veel hooi op zijn vork neemt. Op papier is dat ook zo. Ravage schuift immers een stevige reeks thema's naar voren: de brandende stad als motief, onze fascinatie voor ruïnes, de beeldenstorm in de geschiedenis en in ons hoofd, kunstroof en propaganda. Gelukkig fietst de expositie een weliswaar lang maar zo goed als foutloos parcours dat tot het einde de aandacht gaande houdt.

Daarvoor werden heel wat opmerkelijke bruiklenen aangevoerd: William Turners oplichtende Brand van Constantinopel bijvoorbeeld, of interessant werk van oude meesters als Henri Bles of Michael Sweerts. Redelijk uniek zijn de talrijke kruisverbanden die worden aangebracht. Zo brengt Bernardo Bellotto omstreeks 1760 het door de oorlog vernielde Dresden in beeld, enkele eeuwen voor de geallieerde bombardementen de klus opnieuw zullen klaren.

Beelden van brandende bibliotheken in Timboektoe of Sarajevo schuiven over elkaar heen, een gedynamiteerde sculptuur van Boeddha in Afghanistan is de door de Parijse Commune van 1871 vernielde Colonne Vendôme waard. De stalen installatie Bunker van Mona Hatoum evoceert de stukgeschoten flatgebouwen in Beiroet, die even desolaat ogen als de Grote Markt van Brussel na het Franse bombardement in 1695.

Kleine schilderijen die Richard Carline in 1918 uit een vliegtuig maakte van de verwoeste steden Ieper en Lens lijken wel imaginaire landschappen van Michaël Borremans. Michael Rakowitz bouwt de Babylonische Ishtarpoort na met hedendaagse frisdrankverpakkingen: lang nadat het origineel naar Berlijn werd versleept en Sadam Hoessein in situ een replica liet bouwen, is dit dus een commentaar in het kwadraat.

In een allegorisch tafereel heeft de 17de-eeuwse schilder Frans Francken II de beeldenstormers ezelskoppen gegeven. Veel duidelijker kun je niet zijn. Of toch: op de zwartgeblakerde gevel van de Leuvense universiteitshal werd na de oorlog het opschrift 'Ici finit la culture allemande' aangebracht. Ravage laat zien dat het vernielen van cultuurschatten allesbehalve een Duits monopolie is. De tentoonstelling verdient dat je de tijd neemt om er stil bij te staan. En het bijbehorende boek is zelfs nog beter.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234