Donderdag 13/08/2020

Boze blanken en een mindere god

fotografie

twee aardige najaarstentoonstellingen in het fotografiemuseum van charleroi

Naar Charleroi rijden we niet te pas en te onpas, maar voor een dubbelslag weten we de weg toch alweer te vinden. Twee tentoonstellingen lokten ons uit onze tent: pareltjes uit de Quai d'Orsay-collectie en foto's van Jacques Dubois. Een rustige aanloop naar de grote Man Ray-terugblik van februari.

Charleroi

Van onze medewerker

Eric Min

Niet alle foto's horen thuis in een museum of in schoenendozen op zolder. Vooral in de negentiende eeuw, toen alles nog mogelijk was en de fotografie dankbaar werd ingehaald als een medium om de wereld te ordenen, zijn er op de vreemdste plekken boeiende fotocollecties ontstaan. In de Quai d'Orsay bijvoorbeeld, het legendarische adres van het Franse ministerie van Buitenlandse Zaken.

De diplomaten van het Second Empire stuurden wel eens professioneel beeldmateriaal op als illustratie van hun rapporten. Het was een eigentijdse versie van de etsen en tekeningen die hun voorgangers in de achttiende eeuw naar het moederland hadden verscheept. Ook de eigen probeersels van de amateurfotografen onder hen belandden in het archief, naast staatsieportretten, exotische taferelen en andere relicten uit de expansionistische jaren na 1880, toen de republiek in een opstoot van koloniaal geweld forse lappen van de planeet ging verkavelen. Inheemse volkeren, ambassadeurs op dienstreis, bouwwerven en archeologische artefacten passeerden de revue. Af en toe trachtten ambtenaren een hele kolonie (Marokko bijvoorbeeld) te vatten in een iconografische inventaris, die kandidaat-investeerders moest warm maken voor het avontuur in den vreemde. De lokale ateliers van fotografen als de gebroeders Disderi of Marc Ferrez werden ingeschakeld om de klus te klaren.

Het Museum voor Fotografie van Charleroi presenteert vandaag een ruime selectie uit het archief. De periode 1860-1914 komt tot leven in tientallen sepiakleurige opnamen van haast mythische oorden met namen die vooral uit klinkers en sensuele klanken zijn opgetrokken: 'la Cochinchine', Mandsjoerije, de Levant, Soedan, Dahomey. We kijken naar de wereld door de ogen van gegoede westerlingen, boze of bange blanke mannen die honderd jaar geleden ver van hier een nieuw leven uitprobeerden en het er zich met grote goesting en vuile handen naar de zin maakten. Een straat in Saigon anno 1882 lijkt wel een laan uit de Provence, met een Hôtel Europe en het terras van het Café-restaurant de Marseille dat op klanten wacht. Een bevallig zwart meisje doet iets ambachtelijks met graankorrels en houten schalen. Ze is zo rank en bloot als een mens kan zijn; de (aangeklede) man op de achtergrond heeft goed begrepen waarom de fotograaf het tafereel heeft vastgelegd. Vanneuse Moudan, Moyen-Congo, 1904, meldt het bijschrift. Kom nou.

Voor de tweede tentoonstelling ging het huis van vertrouwen uit Mont-sur-Marchienne grasduinen in het werk van Jacques Dubois (1912-1994), een mindere god uit de Franse humanistische school. Hij leerde het vak bij Maurice Tabard, wiens oeuvre onlangs ook in Charleroi werd getoond, en exposeerde al in 1936 samen met André Kertész en Germaine Krull.

De discrete Dubois heeft stapels degelijke foto's afgedrukt, die, zoals Xavier Canonne in de catalogus schrijft, opvallen door hun solide geometrie. De man was ook schilder, graficus en vormgever van brochures en affiches. Dat is goed te zien aan de beelden die hier werden opgehangen. Dubois speelt met vlakken licht en schaduw, houdt van sterk gecomponeerde decors en kadreert als de besten. De mensen die hij opzocht in zijn geliefde landelijke Auvergne of Bretagne, in het nog dorpse Parijs waar al even bescheiden collega's als René-Jacques of Marcel Bovis hun beste werk realiseerden, of tijdens een tocht met de motorfiets door Tunesië in 1938, krijgen veel achtergrond mee, hitsige luchten en het vogel- of kikkerperspectief dat de tijdgeest als een verplicht nummertje had opgelegd. Julien Gracq en Robert Doisneau, de grote roerganger van het zwart-witte sentiment, hielden van deze foto's. Vandaag doen ze wat ouderwets aan, maar hun discrete charme bleef intact.

Het najaarsaanbod in Charleroi, een rustige aanloop naar de grote Man Ray-expositie die er in februari aankomt, is geen voorpaginanieuws, maar stevige, betrouwbare kost voor het katern 'mengelwerk', in de kleine lettertjes. Gelukkig maar.

WAT: Regards sur le monde, 1860-1914 - Trésors photographiques du Quai d'Orsay en Jacques Dubois WAAR EN WANNEER: Fotografiemuseum, avenue Paul Pastur 12, Mont-sur-Marchienne (Charleroi). Tot en met 16 februari, elke dag behalve maandag van 10 tot 18 uur. Gesloten op 25 december en 1 januari. Toegang: 4 euro. De catalogi kosten respectievelijk 28,97 en 15 euro ONS OORDEEL: het huis van vertrouwen in Charleroi heeft weer heel wat merkwaardig en charmant werk verzameld.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234