Zaterdag 27/02/2021

Bosch in een postmoderne greep

Spectaculaire ontdekkingen en tegenvallende tentoonstelling in Rotterdam

Rotterdam / Van onze verslaggever

Eric Rinckhout

Achttien schilderijen van Bosch en zeven tekeningen van zijn hand - het is niet niets om die zo bij elkaar te zien. Toch moet men in het Rotterdamse Boijmans Van Beuningen Museum gedacht hebben dat het niet genoeg was.

Eigenlijk is de Jheronimus Bosch-tentoonstelling er minstens drie in één: de werken van Bosch zelf, de kunsthistorische context aan de hand van inspiratiebronnen, voorgangers, tijdgenoten en navolgers alsmede de materiële context van zijn stad 's-Hertogenbosch, en daarbovenop nog eens 68 moderne en hedendaagse werken van Broodthaers en Robert Crumb tot Bill Viola en Pipilotti Rist, kunstenaars voor wie het oeuvre van Bosch als inspiratiebron diende. Dat hedendaagse werk vormt nu de in- en uitleiding van de tentoonstelling maar is op zich stof voor een aparte expositie. In Rotterdam zorgt het voor nodeloze heterogeniteit en tegenspraak: het historische gedeelte wil Bosch verklaren, hem in en toch ook buiten een traditie plaatsen, terwijl het hedendaagse-kunstgedeelte het raadsel alleen wil vergroten.

Bovendien moest een en ander blijkbaar in een tegendraads, zogeheten hedendaags, lichtjes desoriënterend decor gestopt worden. Vermoedelijk alweer om de toeschouwer 'constant te onderhouden' - alsof het schitterende werk van Bosch daar in z'n eentje niet toe in staat zou zijn.

Het hart van de tentoonstelling is een soort slakkenhuis waarin aan de binnenste gebogen muren de werken van Bosch hangen - Bosch hangt krap en in het centrum, het zou daar wel eens dringen kunnen worden. Aan de eveneens gebogen buitenwanden worden motieven en thema's als de hooiwagen ('Alles is even kortstondig, vergankelijk en waardeloos als hooi'), het bedrog, Sint-Antonius, en het Laatste Oordeel aan de hand van werk van tijdgenoten uitgewerkt. Een prima idee, want zo kun je speuren naar overeenkomsten en verschillen en zie je dat bepaalde motieven 'massaal' geproduceerd werden. Alleen wordt het je fysiek erg moeilijk gemaakt. Ik wil het niet eens hebben over de pijnlijke kleurenkeuze: diepbruin voor de muren en lichtblauw voor een hellend vlak. Inderdaad, er is een hellend vlak dat je steevast moet trotseren als je naar de kunstwerken aan de buitenwanden gaat kijken. Een gimmick met ongetwijfeld een diepere betekenis - helaas is die mij ontgaan.

Hier en daar is in de wand een uitsparing zodat je, alsof het een poppenkastvoorstelling betrof, naar wandtapijten kunt kijken. Maar hier en daar heeft men er ook een modern werk plompverloren tussengeplaatst: een Ensor, een Dalí, en plotseling zit er een Pipelotti Rist onder je voet. Door een gaatje in de vloer kun je naar haar video kijken. Deze confrontatie tussen oud en nieuw is potsierlijk en werkt volstrekt niet.

Door het tentoonstellingsconcept wint de vorm het van de inhoud. De verliezer is het werk van Bosch, dat te weinig ruimte krijgt terwijl het net uitgelicht had moeten worden. De toeschouwer wordt belaagd door te veel postmoderne onrust om op een serene manier het adembenemende werk van de meester te bekijken. Door een balustrade is het bovendien erg moeilijk om dicht naar details te staan turen - dat lukt in andere musea veel makkelijker. Maar, o ironie, in de slakkenhuiszaal hangen beeldschermen waarop Bosch gedetailleerder en kleurrijker te zien is dan in de werkelijkheid.

Maar het kan allemaal nog ironischer. Aan de tentoonstelling is grondig onderzoekswerk voorafgegaan van Jos Koldeweij, Paul Vandenbroeck en Bernard Vermet en dat heeft sprekende resultaten opgeleverd (zie ook het interview op pagina 31). Wat wij altijd als vier schilderijen hebben beschouwd blijken delen van één triptiek te zijn: de panelen werden vermoedelijk in de 19de eeuw door een kunsthandelaar in stukken gezaagd om afzonderlijk te kunnen verkopen. Twee andere panelen, Johannes de Doper en Johannes op Patmos, kunnen nu gedateerd worden omstreeks 1490. Ze blijken de buitenluiken van een retabel te zijn en kunnen nu door hun datering als een ijkpunt voor verder Bosch-onderzoek dienen. Bovendien is gebleken dat Bosch geen onderscheid maakte tussen religieuze en 'wereldse' taferelen.

Zo mogelijk nog sensationeler is de ontdekking van een van de inspiratiebronnen van Bosch: blijkbaar baseerde hij zich voor zijn gedrochtelijke mengwezentjes op volkse insignes. In een apart zaaltje staat een lange lichtbak waar 65 insignes (uit een collectie van meer dan 3.000!) te zien zijn, volkse sierspeldjes die in de late Middeleeuwen werden gedragen als sieraad: als liefdesteken, als symbool van vroomheid of net het tegenovergestelde. Het gaat om badges in de vorm van een mossel, een erotische klimpartij, een broek waaruit een fallus steekt, een doedelzak, een verrezen Christus, een urinaalmand, een kerkklok, een naakte acrobaat, een fallusdier, enzovoort. Elk speldje wordt vergeleken met een detail uit een schilderij van Bosch. In al haar eenvoud is deze presentatie, samen met de werken van Bosch, het onbetwiste hoogtepunt van de tentoonstelling.

Voor het overige wordt er met de vele wetenschappelijke ontdekkingen nauwelijks wat gedaan. Alsof die alleen in de zeer fraaie catalogus en niet op de tentoonstelling thuishoren.

Als u gaat kijken - en u moet dat hoe dan ook doen -, probeer u dan zoveel mogelijk te concentreren op het essentiële. De prachtig gerestaureerde Marskramer, de vier verbijsterende Visioenen uit het hiernamaals, de verbluffende puzzel van Het narrenschip, Dood van een vrek en De allegorie van de gulzigheid. Bekijk de tekeningen en de navolgers van Bosch. Ga ook kijken naar het vreemde schilderijtje van Geertgen tot Sint-Jans, en naar de ijzingwekkende video van Bill Viola en de ludieke wezentjesprocessie van William Kentridge.

Laat het raadsel Bosch inwerken maar besef dat wij inmiddels weten dat hij minder raadselachtig, dwars en ketters was dan de meeste hedendaagse kunstenaars ons nog altijd willen doen geloven.WAT: Jheronymus Bosch

WAAR: Boijmans Van Beuningen Museum, Museumpark 18-20 in Rotterdam; website: www.boijmans.rotterdam.nl of www.boschuniverse.com WANNEER: van 1 september tot 11 november 2001. Dinsdag tot zondag van 9 tot 18 uur. Inl. bij Fnac: 0900/00.600 ONS OORDEEL: Door een te nadrukkelijk concept is het werk van Bosch de grote verliezer.

Recensie

Met de vele wetenschappelijke ontdekkingen wordt nauwelijks wat gedaan. Alsof die alleen in de zeer fraaie catalogus en niet op de tentoonstelling thuishoren

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234