Maandag 29/11/2021

Boosaardig geweld

Karl Van Den Broeck is chef Boeken van de Morgen. hij schrijft elke drie weken een kroniek.

Het afgelopen half jaar heb ik een beetje in een AKO-cocon geleefd. Terwijl ik me door die enorme stapel boeken las, vroeg ik me voortdurend af wat de bron is van al die literaire fictie en non-fictie. En wat trekt ons - de lezer - nu precies het meeste aan in al die boeken? En of dat nu alleen maar met smaak te maken heeft, of zit het dieper?

Veel boeken horen eerder thuis in een klaslokaal of een zielendokterspraktijk. Auteurs verzinnen een setting en bijbehorende personages die hen toelaten hun zekerheden te debiteren of te reflecteren over hun twijfels. De man zonder ziekte van Grunberg is een voorbeeld van het eerste. Blindgangers van Joke J. Hermsen past in het tweede rijtje. Soms levert dat wel goede literatuur op, zoals in Grip van Stephan Enter of in Het boek ont van Anton Valens.

Ik hou uiteraard van schrijvers die iets willen vertellen over Het Leven en De Wereld. Wanneer ze zich beperken tot hun zweetvoeten, hun spinnenfobie of hun universele lamlendigheid, is de lol er al gauw af. Maar ik hou vooral van boeken die ook iets zeggen over de literatuur en welke rol die nog kan spelen in deze tijd.

Bladerend door het septembernummer van Dietsche Warande & Belfort, het beste Vlaamse literaire tijdschrift (al heeft het de naam van een N-VA-programma voor Damme), stuit ik op een stuk van Paul Claes over Prosper van Langendonck, de eerste moderne dichter van Vlaanderen. "Zonder gevoel bestaat geene poëzij, met gevoel alleen bestaat zij ook niet", schreef hij in het opstel De Vlaamsche Parnassus. Tegenover de 'flauwe botermelkpoëzie' plaatste hij het 'l'art pour l'art' van de premodernisten. "Kunst is vorm." Claes toont aan dat Van Langendonck zijn ideaal niet kon verwezenlijken. Hij droomde van "onbewogen klassieke sonnetten", maar zijn poëzie is "een romantische kreet van verlangen".

Het brengt me tot dé literaire discussie van het afgelopen jaar. De jury van de Libris Literatuurprijs bekroonde Tonio van A.F.Th. van der Heijden, een rauw - maar subliem geschreven - verslag van de dood van de zoon van de auteur. De vorige AKO-jury nomineerde Tonio niet eens. Volgens uittredend jurylid Maarten Dessing was het geen 'roman'. De AKO-jury koos voor 'grote verhalen' en niet voor 'intieme verhalen'. "Je zou deze AKO-jury graag met alle 633 pagina's van 'Tonio om de oren slaan", fulmineerde Arjan Peters daarop in de Volkskrant.

De AKO-jury van 2012 bekroonde Post mortem, een hoogst literair boek van Peter Terrin waarin een fictieve auteur probeert zijn biograaf te snel af te zijn maar tegelijkertijd - net zoals de échte auteur in het échte leven - wordt getroffen door het noodlot: zijn dochter krijgt een herseninfarct. Terrin verwerkt de vreselijke gebeurtenis in zijn boek, als een apart hoofdstuk, een ooggetuigenverslag naast het ziekbed.

Peter Terrin verdient - uiteraard - de AKO-prijs, al is het voor hem wennen aan de aandacht. Recensenten loven zijn literaire kwaliteiten al meer dan een decennium. Zelfs The Guardian of de Franse topuitgever Galimard zijn overtuigd van zijn zeldzame talent. Maar toch heeft de massale persaandacht voor Post mortem vooral te maken met... Renée, het dappere dochtertje dat de uitreiking van de AKO-prijs thuis bij oma op televisie mocht volgen. Tonio staat al 56 weken in de Nederlandse top 10. Post mortem stak het boek deze week voorbij. Het is de eerste keer dat Peter Terrin bij de Grote Jongens in de hitlijsten staat. Zullen al die kopers dit boek ook lezen? Misschien niet. Zullen ze ontgoocheld zijn omdat maar een paar tientallen pagina's ervan het verhaal van Renée vertellen? Misschien wel. Moet Terrin daarvan wakker liggen? Allerminst. Met het geld dat hij nu verdient, kan hij tijd kopen voor weer een meesterwerk.

In Brieven aan Poseidon schrijft Nooteboom dat de eerbiedwaardige kerkvader Augustinus in zijn vrije tijd naar bloedige gladiatoren en de verminkte lijken ging kijken. "Onze ogen trekken ons naar de aanblik van boosaardig geweld", zei hij.

Nooteboom vraagt zich af of al die Griekse mythes enkel maar dienden als een alibi om dat sadistische verlangen van de mens te bevredigen. Kronos doodt zijn kinderen en eet ze op. "Geeft de transcendentie het kwaad een andere dimensie; moeten er in een onttoverde tijd hexameters, dichters, goden en koningen aan te pas komen om het van de Bild-Zeitung te winnen?"

Goden zijn er niet meer, anno 2012. En transcendentie wordt nu terugbetaald door het ziekenfonds. Toch blijven we vallen voor 'boosaardig geweld' verpakt in een sublieme vorm. Die van de kunst.

Dietsche Warande & Belfort, september 2012. www.dwb.be

Karl van den Broeck is chef Boeken van De Morgen. Hij schrijft elke drie weken een kroniek.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234