Zaterdag 24/07/2021

Bolts reputatie is sterker dan zijn lichaam

Wint Usain Bolt zondagnacht voor de derde maal de olympische 100 meter? De Jamaicaan lijkt niet langer die onaantastbare sprintkoning van zeven, acht jaar geleden. Zes uitdagers liggen op de loer om het feest te verstoren.

Trayvon Bromell (21)

Beste tijd: 9.84
Beste seizoenstijd: 9.84

Als 17-jarige scholier slechtte Trayvon Bromell de barrière die voor de meeste sprinters buiten bereik blijft. Hij dook onder de 10 seconden: 9.99. Vorig jaar benadrukte hij zijn faam als snelste tiener aller tijden. Hij liep 9.84: sneller dan olympisch kampioenen als Carl Lewis en Linford Christie ooit zijn geweest.

Met zijn lengte van 1,75 meter voldoet Bromell aan het postuur van de klassieke sprinter. Dat hij 21 centimeter kleiner is dan Usain Bolt deert de Amerikaan niet. "Lengte betekent niets", meent hij. "God heeft een plan met iedereen. Als hij wil dat ik de snelste word, kan niemand op deze planeet mij stoppen."

Bromell geldt als de toekomst van de sprint. Hij heeft een miljoenencontract getekend met New Balance. Hij heeft dezelfde manager als Bolt, die naar verwachting volgend jaar afzwaait. Bij het WK atletiek werd de jonge Amerikaan vorig jaar gedeeld derde in 9.92, met zijn Canadese generatiegenoot Andre De Grasse. In maart pakte hij zijn eerste wereldtitel, op de 60 meter indoor.

Zijn onbevangenheid kan in het voordeel van Bromell werken. Hij kijkt wellicht minder op tegen de Jamaicaanse wereldrecordhouder dan de meeste topsprinters, die al jaren van hem verliezen. En hij heeft zijn leeftijd mee. Sprinten is een vak voor jongemannen. Bolt liep zijn snelste tijden ook toen hij de leeftijd van Bromell had.

Churandy Martina (32)

Beste tijd: 9.91
Beste seizoenstijd: 10.07

Voor Usain Bolt voelt Churandy Martina geen schrik. "Ik ben de favoriet", zegt hij. "Maakt niet uit wat je me vraagt: ik ben de favoriet. De andere jongens moeten hard lopen."

De bravoure van de 32-jarige sprinter is geen grap. Hij weigert twijfel toe te laten. Hij dwingt zichzelf te geloven in zijn mogelijkheden, hoe irreëel dat soms ook mag klinken. Enig recht van spreken heeft hij. Met Bolt is hij de enige sprinter die in de laatste twee olympische finales stond: hij werd vierde (9.93) en vijfde (9.94).

In olympische jaren is Martina steeds tot iets speciaals in staat gebleken. Onder de 10 seconden loopt hij vrijwel alleen bij de Spelen. Het baart hem geen zorgen dat hij al vier jaar niet in de buurt is gekomen van het Nederlands record van 9.91, dat hij in 2012 liep in de olympische halve finale in Londen. Met zijn beste tijd van dit jaar, 10.07, werd hij in Amsterdam vorige maand Europees kampioen.

Martina weet precies wat hij beter moet doen om opnieuw uit te blinken. Aan zijn topsnelheid kunnen weinig sprinters tippen, de crux ligt bij de start. "Ik moet het eerste stuk heel goed doen, dan kent iedereen de rest van het verhaal. Je krijgt niet alles van God. Ik heb het laatste stuk gekregen. Voor het eerste stuk moet ik heel hard werken."

Usain Bolt (29)

Beste tijd: 9.58
Beste seizoenstijd: 9.88

Om zijn tegenstanders maakt Usain Bolt zich zelden druk. "Ik heb ze allemaal al verslagen", vertelde hij zijn zenuwachtige vader eens. Hij knikte afgelopen week goedkeurend na de woorden van voormalig wereldrecordhouder Asafa Powell. "Wij kunnen met niemand rekening houden, wij zijn Jamaicanen."

Dat onbegrensde zelfvertrouwen is misschien wel het belangrijkste wapen dat Bolt bezit. Zijn aura lijkt zijn tegenstanders te bedwelmen, waardoor zij vaak minder snel rennen dan ze kunnen. Dat stelt hem in staat om vaak te winnen, ook al is hij geen schim van de onnavolgbare topsprinter die in 2008 en 2009 wereldrecords verpulverde.

Vanwege terugkerende rug- en hamstringklachten rent Bolt steeds minder races. In de aanloop naar de Zomerspelen van 2008 kwam hij veertien maal in actie, vier jaar later rende hij elf wedstrijden. Dit jaar bleef hij steken op zes optredens. Wegens een blessure kon zich niet voor Rio plaatsen via de Jamaicaanse trials; hij kreeg zijn startbewijzen.

Zijn zes races voldoende als voorbereiding? Vorig jaar bij het WK wel. Toen won hij na hetzelfde aantal wedstrijden de 100 meter, de 200 meter en de 4x100 estafette.

Dat scenario heeft hij ook voor Rio in gedachten. Het zou zijn totaal op negen gouden medailles brengen. Hij kan als eerste sprinter drievoudig kampioen op de 100 meter worden. "Het draait allemaal om mentale kracht", zei hij woensdag. "Wie is het taaist?" Voor Bolt is dat geen vraag.

Yohan Blake (26)

Beste tijd: 9.69
Beste seizoenstijd: 9.94

Slechts één fout heeft Usain Bolt gemaakt sinds 2008: een valse start op het WK atletiek van 2011. Van die diskwalificatie profiteerde zijn trainingsmaat Yohan Blake, voorheen bekend als 'The Beast'.

Even leek Blake zijn leermeester te overtreffen, maar de wereldkampioen loste zijn belofte niet in. Na zijn tweede plaatsen op de olympische 100 en 200 meter van Londen bleken zijn spieren niet bestand tegen zijn snelheid. Hij scheurde eerst zijn linkerhamstring en toen zijn rechterhamstring. Pas dit jaar dook hij weer onder de 10 seconden: 9.94.

Blake gelooft dat zijn terugkeer samenhangt met het afzweren van de bijnaam. Bolt noemde hem vijf jaar geleden The Beast. Blake liet zijn nagels groeien en gromde als de camera voor de start op hem werd gericht. Daar heeft hij spijt van.

Via een dominee ontving hij dit jaar naar eigen zeggen een goddelijke boodschap. Hij moest afstand doen van de duivelse bijnaam. Drie dagen later liep hij voor het eerst in vier jaar een toptijd. "De bijnaam was een belemmering. Ik raakte steeds geblesseerd, omdat die verwees naar Bijbelse duivels."

Blake denkt nu klaar te zijn om Bolt op te vvolgen. "Usain zei me dat ik het moet overnemen en dat ga ik doen", zei hij tegen website Letsrun. "We trainen samen dus hij weet dat het kan."

Justin Gatlin (34)

Beste tijd: 9.74
Beste seizoenstijd: 9.80

De snelste sprinter is al drie seizoenen op rij een Amerikaan: Justin Gatlin. Maar bij de belangrijkste wedstrijd in die periode, vorig jaar om de wereldtitel, bezweek hij onder de druk. Bolt bleef hem 0,01 seconde voor: 9.79 om 9.80.

In Rio vecht de olympisch kampioen van 2004 voor zijn laatste kans, gezien zijn leeftijd. De inzet is hoog. Wint hij, dan staat hij met twee titels op gelijk hoogte met Bolt. Verliest hij, dan zal vooral de geschiedenis ingaan als de sprinter die twee dopingschorsingen uitzat. Daarvan was de eerste onterecht, volgens een Amerikaanse arbitragecommissie. Hij had verzuimd te melden dat hij een medicijn tegen ADHD gebruikte.

Na zijn tweede schorsing (vier jaar wegens testosteron, van 2006 tot 2010) keerde Gatlin langzaam terug aan de top. Hij is lichter dan voorheen en zijn verfijnde looptechniek wordt door kenners geroemd als het voorbeeld voor topsprinters. Zijn prestaties zijn uitzonderlijk: sprinters worden zelden sneller als ze de 30 jaar zijn gepasseerd.

Tot vorig jaar afficheerde Gatlin zich als de tegenpool van Bolt, de duistere huurling die de geliefde koning van zijn troon trachtte te stoten. Die houding heeft hij afgezworen. Zijn boosheid vrat aan hem. "Dominee, ik ben gebroken, compleet gebroken", zei hij bij zijn bekering dit voorjaar. Gatlin hoopt in Rio op positieve energie toe te slaan. Lukt dat, dan is hij de oudste olympisch kampioen op de 100 meter.

Andre De Grasse (21)

Beste tijd: 9.92
Beste seizoenstijd: 9.99

Schoenenfabrikant Puma ziet Andre De Grasse als de opvolger van Bolt. De jonge Canadees, die vorig jaar gedeeld derde werd op het WK, tekende in december een meerjarig contract voor naar verluidt 9,8 miljoen euro. Inclusief bonussen zou dat kunnen oplopen tot 27 miljoen. Het is het hoogste bedrag dat ooit is betaald voor een sprinter die alleen studententitels heeft veroverd.

De Grasse is nog een ruwe diamant. Zijn talent werd pas vier jaar geleden bij toeval ontdekt tijdens een schoolwedstrijd. In een basketbalbroek, zonder startblokken en sprinttraining, kwam hij tot een 10.90.

Die tijd gaf zijn leven een onverwachte wending. "Atletiek heeft me gered", zei de sprinter van Caribische afkomst tegen een dagblad uit Californië. Hij groeide op in een slechte buitenwijk van Toronto en wist niet wat hij moest aanvangen met zijn leven. Hij had verkeerde vrienden, gebruikte drugs en vertoefde vaker op de straat dan op school.

De Grasse heeft dit seizoen nauwelijks grote wedstrijden gelopen. Hij lijkt een typische kampioenschapsloper. Vorig jaar troefde hij in de aanloop naar het WK atletiek Bromell af bij het Amerikaanse universiteitskampioenschap. Met iets te veel rugwind won hij de 100 meter in 9.75 (en de 200 in 19.58). "Tegen de tijd dat Rio komt, zal ik klaar zijn", klonk het eerder dit jaar vol vertrouwen.

Jimmy Vicaut (24)

Beste tijd: 9.86
Beste seizoenstijd: 9.86

De Europese titel moest Jimmy Vicaut vorige maand laten aan Churandy Martina, die hem in Amsterdam dankzij een superieure slotmeter met 0,01 seconde versloeg. Toch kan de Fransman zich met recht de snelste man van Europa noemen. Hij evenaarde dit jaar het twaalf jaar oude Europese record van de Portugees Francis Obikwelu: 9.86.

Vicaut (Franse vader, moeder uit Ivoorkust) behoort al jaren tot de wereldtop, zonder op te vallen. Hij kwam al jong in aanraking met de sport. Hij groeide op nabij een atletiekstadion. Zijn ongewone snelheid werd ontdekt toen hij 8 was. Vicaut presteerde sterk bij de junioren en eindigde bij de WK-finales van 2011 en 2015 als zesde en achtste.

Hoewel zijn tijden suggereren dat Vicaut een potentiële kampioen is, lijkt hij slecht bestand tegen de druk van de titeltoernooien. Net als voormalig wereldrecordhouder Asafa Powell, die zich niet heeft gekwalificeerd voor de 100 meter, loopt hij zijn beste tijden in minder belangrijke wedstrijden.

Het EK atletiek was een treffend voorbeeld. Als gedoodverfde favoriet verspeelde hij de titel door twee tienden langzamer te lopen dan zijn beste tijd. Kan dat veranderen? Vicaut beweert van wel. "Alles is mogelijk, Bolt is niet onverslaanbaar", zei hij na het veroveren van de Franse titel in 9.88. "Ik ben in de beste vorm van mijn leven."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234