Woensdag 19/06/2019

Boeken die doen dromen van de Sint

De naweeën van de zomer

Een goed debuut onthult het potentieel van de auteur. De schoonheidsfoutjes neem je er dan graag bij. Dat is niet anders in Zoals het gebeurd is, het eerste jeugdboek van Herman van de Wijdeven.

De zomer is afgelopen. Bent moet weer naar school en ontdekt dat alles anders is nu er een nieuwe jongen in zijn klas zit. Van de Wijdeven begint meteen zeer sterk, met mooie zinnen die doen denken aan de uitgepuurde, maar veelzeggende taal van Bart Moeyaert. Zo slaagt hij erin de kwetsbaarheid van kinderen te vatten in rake zinnen en goed gekozen woorden.

Vanaf de eerste bladzijde weet hij een onderhuidse spanning in zijn verhaal te weven. We volgen Bent op één dag na school, maar door middel van flashbacks komen we beetje bij beetje te weten wat er precies gebeurd is. Zo drijft Van de Wijdeven het verhaal naar een dramatisch hoogtepunt. Helaas haalt het 'happy end' de kracht van het boek deels onderuit. Bovendien blijf je met een paar fundamentele vragen zitten over de psychologie van de personages. Een aantal losse eindjes dus. Maar dat de man kan schrijven is duidelijk.

Zoals het gebeurd is is een spannend en vooral mooi boek over de naweeën van de zomer. Om in één ruk uit te lezen terwijl buiten de herfst hevig huishoudt.

Herman van de Wijdeven signeert.
Zondag 10 november, 11-13 uur, stand 425.
Herman van de Wijdeven, Zoals het gebeurd is, Manteau, 256 p., 15,95 euro, 12+.

Visje in de inktzwarte zee

In de Verenigde Staten kreeg hij de prestigieuze Caldecott Medal voor zijn nieuwe prentenboek, Deze hoed is niet van mij. Terecht, want de Canadese illustrator Jon Klassen is een klasbak. Wonderlijk dat een prentenboek vol inktzwarte prenten je toch zo blij kan maken!

Deze hoed is niet van mij speelt zich af in de diepste donkere regionen van de zee, zo lijkt het. Het water is er pikzwart en megagrote vissen liggen er te slapen op de bodem. Daar maken ondeugende kleine visjes mooi gebruik van: door een hoed te stelen bijvoorbeeld, een hoed die zit als gegoten. De kleine dief zwemt naar een plek waar niemand hem kan vinden. Hoopt hij...

Onweerstaanbaar charmant én spannend is dit boek. De kracht schuilt voor een groot deel in de overtuigende expressie van de sobere, bijna minimale prenten. Wat Klassen kan aanvangen met enkel de veranderende pupil van de grote vis bijvoorbeeld, is poepsimpel en meesterlijk tegelijk. Een slimme zet is ook dat hij de lezer in het begin tot een soort medeplichtige maakt van het naïeve visje. Enerzijds sympathiseer je graag met hem, en anderzijds weet je natuurlijk beter. De tegenstelling tussen wat het visje denkt en wat je op de tekeningen te zien krijgt, werkt bovendien geregeld op de lachspieren.

En toch, al zie je de afloop vrij snel aankomen, helemaal aan het eind blijf je ook verward, zelfs een beetje beduusd achter. Klassen is erin geslaagd om je in 26 pagina's met nauwelijks tekst en zeer uitgepuurde tekeningen toch een scala van - soms tegenstrijdige - emoties te bezorgen. Dat dwingt bewondering af.

Jon Klassen, Deze hoed is niet van mij, Gottmer, 26 p., 13,95 euro, 3+.

Kleurrijke ode aan de vriendschap

Vers bloed en meer kleur in de jeugdliteratuur, dat was de inzet van een mooi geïllustreerde verhalenbundel rond vriendschap. Verre vrienden brengt twintig nieuwe stemmen en penselen samen, op uitnodiging van schrijver Michael De Cock en illustrator Gerda Dendooven.

Dat de Vlaamse jeugdliteratuur soms aan verschraling lijdt, is een open deur intrappen. Er staan niet gauw, te zelden zeg maar, nieuwe talenten op die voor een origineel of simpelweg verfrissend geluid zorgen. Een ander problematisch gegeven is het sterk monoculturele karakter van de kinderboekenproductie: auteurs of illustratoren met een andere culturele achtergrond, ze zijn op één hand te tellen. En zelfs dat is een rooskleurige pronostiek. Terwijl de scholen toch al sinds jaar en dag vol zitten met kinderen wier ouders of grootouders niet uit Vlaamse klei zijn getrokken. Hoog tijd dus om daar verandering in proberen te brengen, vond Michael De Cock.

De bevlogen schrijver van parels als Rosie en Moussa en recentelijk Hannibal verzamelde een tiental auteurs, al dan niet van andere origine, die in Verre vrienden vaak voor het eerst hun stem laten horen voor kinderen. Centraal staat het universele en dankbare thema van 'vriendschap'. De kwaliteit van de bijdrages is wisselend. De opener van De Cock zelf, 'Paraplu', legt de lat hoog. Het verhaal van Laïla Koubaa maakt indruk door haar weelderige, haast zinnelijke stijl. De bijdrage van theaterman Freek Mariën, 'Zeelucht', vond ik persoonlijk het meest gedurfd en pakkend. In 'Een pact tussen meteorieten' roept de Latijns-Amerikaanse Orlando Verde met succes een bevreemdende sciencefictionsfeer op, terwijl Annelies Verbekes 'Autoped' leest als een stream of consciousness die zijn effect zeker niet mist. Eerder dan de verschillende verhalen tegen elkaar uit te spelen, is het zinvoller om de totaliteit van deze bloemlezing naar waarde te schatten, met name vanwege de verrassende diversiteit en het onmiskenbare potentieel waarvan je hoopt dat het groeikansen krijgt.

We hebben het nog niet gehad over de illustraties, en dat is zonde, want ze voegen een flinke portie sfeer en mysterie toe aan deze publicatie. Dat niet de usual suspects maar vernieuwende beeldenstormers als Brecht Vandenbroucke of Shamisa Debroey carte blanche hebben gekregen en daarbij geen 'plaatje bij praatje' moesten maken, was een slimme zet. De stijl is zeer uiteenlopend en varieert van stripverhaal tot litho, maar het valt wel op dat heel wat jong geweld graag in zwart-wit werkt. De beelden van de Indiase Liene Bouwen, waarmee het boek opent en afsluit, blijven op je netvlies plakken. Magistraal.

Ten slotte hoort er nog een luister-cd bij, met enkele geselecteerde verhalen op én aanstekelijke songs in verschillende talen en muzikale stijlen. Dus ook aan minder leesvaardige kids is gedacht.

Verre vrienden werd met veel liefde en zorg gemaakt en is ondanks een paar schoonheidsfoutjes glansrijk in zijn opzet geslaagd. Hopelijk zal het uitgevers en andere vrienden van de kinderliteratuur inspireren tot het verkennen van onontgonnen vruchtbaar terrein.

Gerda Dendooven leest voor en signeert op de stand van De Morgen & Confituur.
Zondag 10 november, 14-15.30, hal 4 - 400.
Verre vrienden. Nieuwe pennen en penselen in de jeugdliteratuur (met luister-cd), samengesteld door Michael De Cock & Gerda Dendooven, Davidsfonds/Infodok, 128 p., 19,95 euro, 9+.

Kafka voor kinderen

Het was even geleden dat de kersverse winnares van de AKO-literatuurprijs nog eens met een kinderroman voor de dag kwam. Maar bij Joke van Leeuwen staat kwaliteit steeds voorop, en doet de doelgroep er nauwelijks toe. Dat geldt ook voor haar jongste pennenvrucht, het ontwapenende Maar ik ben Frederik, zei Frederik.

Frederik is een doorwinterde ambtenaar, een van de velen. Een eenzame, beetje geïsoleerde man is het. Overdag werkt hij op het Knipkantoor, 's avonds kijkt hij tv. Op kantoor moet hij stukjes 'nieuws' uit de krant knippen en er stapeltjes van maken: overstromingen bij overstromingen, koninginnen bij koninginnen. Op een dag valt zijn oog op het overlijdensbericht van Peter Paulus Prachtmans, zijn adoptievader, die hij al 30 jaar lang niet meer heeft gezien. Al is het ten strengste verboden om iets voor jezelf uit te knippen, Frederik kan het niet laten en stopt het stiekem in zijn broekzak. En dan gebeurt het: Frederik wordt terug een kleine jongen, een kind in veel te grote kleren... Of is het een man in een jongenslijf?

Het is het begin van een fantasierijke, licht surreële vertelling, vol subtiele humor, maffe wendingen en rijk aan doordenkers en levensvragen.

Grosso modo bestaat Van Leeuwens verhaal uit twee delen. In de eerste hoofdstukken volgen we de lotgevallen van Frederik die angstvallig probeert aan te klampen bij zijn vroegere volwassen bestaan. Maar niemand van zijn naasten, van zijn (ex-)collega's tot zijn schoonmaakster, kan of wil geloven dat Frederik Frederik is, en allemaal nemen ze in mindere of meerdere mate beslissingen in zijn plaats. Wie tussen de regels leest, begrijpt dat Van Leeuwen een lans breekt voor 'kleine mensen' die in deze maatschappij vaak niet meetellen. Of in ieder geval amper gehoord worden. Frederik raakt nog meer geïsoleerd. Dat levert tragi-komische momenten op, maar wat de plot betreft voelt het soms ook een beetje geforceerd aan.

Een kanteling, en ook meer 'spirit', komt er wanneer Frederik Frommel ontmoet. Een typisch Van Leeuwen-kind: beetje eigenwijs, mondig en onafhankelijk. Vol fantasie ook en vooral, zonder vooroordelen. Zij ziet in Frederik een speelkameraad en dankzij haar ontdekt hij de heerlijke smaak van een Broodje verras. En van zijn eigen verbeelding! Een heel andere waarheid dan degene die hij kent vanuit de krant, de werkelijkheid van datgene 'wat had gekund'...

Frommels moeder helpt hem ook om een onverwerkt verdriet onder ogen te zien. Waardoor Frederik opnieuw of pas 'echt' volwassen kan worden.

Een beetje een abrupt einde van een verder gelaagd en genietbaar boek, dat tot op zekere hoogte schatplichtig lijkt aan de absurdistische wereld van Kafka. Geen Van Leeuwen grand cru deze keer, daarvoor sprankelt het geheel helaas wat te weinig. Maar door de puntgave stijl, de menselijke personages, de geestige illustraties en vooral de inhoudelijke rijkdom, overstijgt het moeiteloos de middelmaat.

Joke van Leeuwen, Maar ik ben Frederik, zei Frederik, Querido, 100 p., 13,95 euro, 8+.

Als een kind zijn moeder verliest

Eigenlijk had Zeven minuten na middernacht het vijfde boek moeten worden van de Iers-Amerikaanse schrijfster Siobhan Dowd. Ze had het verhaal over de 13-jarige Conor O'Mally en zijn zieke moeder al helemaal in haar hoofd. Alleen kreeg ze de tijd niet om het af te maken. Voor ze aan borstkanker overleed, vroeg Dowd om Patrick Ness te benaderen om het boek af te werken. Immers, deze Amerikaans-Britse auteur had eerder enige succesvolle boeken geschreven voor jong-volwassenen. Ness stemde toe.

Zeven minuten na middernacht is bovenal een hedendaags sprookje over eenzaamheid, angst en verdriet. Sinds Conor aan een vriendinnetje vertelde dat zijn moeder kanker heeft, wordt hij op school gemeden en gepest. Zijn moeder belooft dat ze beter wordt maar daar ziet het niet naar uit. De ene behandeling na de andere mislukt, de jongen moet bij oma intrekken en wordt elke nacht gekweld door nachtmerries.

Als hij op een nacht zijn eigen naam hoort, wordt hij wakker uit zijn droom. Conor kijkt uit het raam en ziet daar de taxus die normaal op de begraafplaats staat. De boom is in een monster veranderd dat hem wil helpen. Door levenswijze verhalen te vertellen, zij het op één voorwaarde. Aan het einde moet Conor zijn verhaal vertellen. De waarheid.

Ness verwoordt erg treffend de gevoelens van een tiener die in een totaal isolement is geraakt door de tragische gebeurtenissen in zijn leven en die zelf moeilijk kan aanvaarden dat hij eigenlijk wil dat het allemaal zo snel mogelijk achter de rug is.

Patrick Ness treedt in gesprek met kinder- en jeugdpsychiater Peter Adriaenssens over verdriet en rouw van een kind op de stand van De Morgen & Confituur. Moderator: DM-journaliste Catherine Vuylsteke.

Zaterdag 9 november, 11-12 uur, hal 4 - 400.
Patrick Ness,Zeven minuten na middernacht, De Geus, 215 p., 19,95 euro, 12+.
Vertaling: Manon Smits.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden