Woensdag 19/01/2022

'Blijven spelen is de beste basis voor creativiteit'

Zelf is Kristien Dieltiens met 'Kelderkind' aan haar vijftigste jeugdboek toe. Drie van haar zoons zijn op hun beurt fotograaf, filmregisseur en illustrator, en een dochter studeert voor modeontwerpster. Hoe kweek je zo'n creatief gezin? 'Het kind in ons is nooit gestorven.'

Ze zijn maar met vier op de afspraak, fotograaf Bas zit vast in Algerije en normaal zijn ze met zes kinderen, maar ook met vier hebben ze al energie voor twintig. "Met zo'n familie is het altijd feest", lacht Seppe. "We moeten altijd wel naar één of andere voorstelling, van een film, een optreden, een modeshow." Deze week dus naar de presentatie van het vijftigste boek van hun moeder, jeugdauteur Kristien Dieltiens. Kelderkind vertelt over Kaspar Hauser, een kind dat jarenlang opgesloten zat in een donkere kelder en plots in Neurenberg opdook.

Ze is niet de enige die publiceert in dit gezin. Zoon Bas Bogaerts werkt intussen als fotograaf voor deze krant, maar heeft ook twee gesmaakte luisterboeken voor kinderen uitgebracht. Ninnah oh is een verzameling wiegeliedjes uit het Middellandse Zee-gebied, en opvolger Slaap nu, Ninette, een bundeling slaapliedjes van bij ons. Dat boek werd dan weer vormgegeven door zijn broer Seppe Van den Berghe, die eerder boeken van zijn moeder en andere jeugdauteurs illustreerde. Maar Seppe heeft sinds vorig jaar ook een debuutplaat uit met zijn groep Low Vertical.

En dan is er nog zus Julie Van den Berghe, modeontwerpster in spe, die tijdens haar tweede jaar opleiding al hoge ogen gooide met haar opvallende ontwerp voor de Toga Fashion Award en als tweede eindigde. Maar bekendste lid van de familie is wellicht filmregisseur Gust Van den Berghe. Hij stuntte door zijn afstudeerproject En waar de sterre bleef stille staan al meteen geselecteerd te krijgen voor een prestigieuze nevenselectie op het festival van Cannes. Ook zijn tweede film Blue Birdging daar in première en werd eveneens lovend onthaald. Zoon Donovan baat dan weer een kunstenaarscafé uit en pleegzus Bes werkt als verpleegster.

Zit er bij hen thuis iets creatiefs in het water? Kristien: "Genetica zal er ook wel voor iets tussen zitten, maar in onze biotoop was spelen vooral erg belangrijk. Dat is de grootste basis voor creativiteit. De drang om een eigen wereld te scheppen hebben we allemaal. En we gaven hen de kans om te doen wat ze graag deden. Om te proberen met vallen en opstaan."

Seppe: "Ze luisterden echt naar ons. Of dat nu tekenen was, muziek maken, spelen. Niet uit de hoogte, als ouder. Ze waren oprecht geïnteresseerd."

Gust: "Wij moesten nooit in een hokje passen, wij mochten zelf ons hokje worden."

Kristien suggereerde Gust om naar de filmschool te gaan. "Hij dacht erg in beelden. Als hij de beelden in zijn hoofd in woorden vertaalde, zag je de film voor je."

Gust: "Ik wist niet wat ik wou, maar zij dacht dat film iets voor mij was. Tijdens de opleiding heb ik ook nooit gedacht dat ik regisseur zou worden, maar na een tijd voelde het wel goed. Een aantal films heeft mij van het vak leren houden."

En ook Julie kreeg de nodige vleugels aangereikt. Toen ze dertien was, wou ze kleren ontwerpen voor twee kinderen. Arbeiderskledij, in de stijl van de jaren 1900. Moeder en dochter schuimden samen de rommelmarkten af, op zoek naar de juiste stoffen en oude prenten. Julie: "Het is voor ons een evidentie om mama bij onze creaties te betrekken."

Gust: "Toen ik mijn films volledig gemonteerd had op mijn kamertje, wilde ik ze ook eerst aan haar tonen. Het was voor mij heel belangrijk om mijn werk aan de bron te toetsen. Ik heb thuis zo veel gekregen, ik wilde iets terug geven. Ik heb die films enkel kunnen maken omdat ik de kans heb gekregen om alle bouwstenen te zoeken en te vinden."

Zo ging het bij alle kinderen, klinkt het. Kristien: "Zoek er geen pure dienstbaarheid in. Ik ga daar dan zelf ook helemaal in op. Het brengt het kind in mij ook weer naar boven."

Levende boeken

Kristien:"Rijk zijn we nooit geweest, maar er was altijd van alles waar ze iets mee kon maken. Thuis hebben we een koeienstal, die is door Gust omgetoverd tot theaterzaal voor een van zijn kortfilms. Daar lag ook een hoop rommel waar ze de ene keer een pizzakraam mee bouwden, de andere keer een piratenboot."

Gust: "Ons huis stond ook vol boeken. Je werd niet verplicht om er in te lezen, maar ze lagen wel altijd voor het grijpen. Om in te kijken of gewoon te bladeren. Dat die rijkdom aan boeken evident was, was het belangrijkste. In mijn geest hadden alle kinderen dat, pas achteraf heb ik beseft dat ik echt wel een heel vruchtbare bodem heb meegekregen."

Kristien: "Erg mooi geïllustreerde boeken of poëziebundels zetten we open op een centrale boekenstandaard in huis. Af en toe merkten we dat een van de kinderen het had open geslagen op zijn lievelingsprent. Die boeken werden levend gebruikt."

Gust: "Ik heb veel herinneringen aan momenten dat ik er in bladerde. Soms begin ik die ook te missen. Dan vraag ik of mama dat boek nog heeft omdat ik er nog eens in wil kijken."

Met Sinterklaas gaf ze hen liever geen te kant-en-klaar speelgoed. Kristien: "Spelen is het leven oefenen, maar ook de wereld nabootsen en heruitvinden. Dat gaat het best met niet-afgewerkte spullen. Anders is de verbeelding al ingevuld door de speelgoedfabrikant. Daar is niets mis mee, maar het andere is ook erg nodig."

Julie: "Wij hebben ontzettend veel gespeeld met kaplablokken. Dat waren gewoon losse blokjes, maar daar bouwden we allemaal iets anders mee."

Kristien: "Dat waren geen kaplablokken, maar een paar vierkante meter parket, dat was goedkoper. Daar maakten ze oneindig veel constructies mee. Het meest gebruikte speelgoed waren twee houten bakken. Daar kropen ze in, die veranderden van een burcht in een schip."

Seppe: "Wij waren ons erg bewust van ons speelgoed en legden daar ook veel fantasie in."

Gust: "Je leert spelen met de elementen die je krijgt."

Kristien: "Doeken werden werelden. Een geel doek op de grond werd het strand, een blauw doek de zee. O wee als je probeerde daar op te stappen, dan kreeg ik te horen: 'Mama, je staat wel in het water, hè!' Dan moest ik via allerlei omwegen die zee zien te passeren. Zo creëerden ze telkens nieuwe wereldjes. Schrijven is de wereld aan je voeten oprapen en herschrijven. Spelen is dat ook."

Gust: "Televisie werd bij ons ook maar erg mondjesmaat toegelaten. Natuurlijk wilden wij af en toe gewoon tv-kijken, maar nu ben ik wel heel blij dat tv niet vanzelfsprekend was. Als je je kinderen ervoor zet, zijn ze misschien wel zoet, maar er wordt ook al zoveel voor hen ingevuld."

Brood en spelen

In hun gezin was dat wel even anders. Daar vertelde Kristien Dieltiens elke avond verhalen. Niet gewoon een snel bedverhaaltje, nee, een uur lang onderhield ze hen met zelf verzonnen personages.

Gust: "Die verhalen met al die figuren waren bijna heilig voor ons."

Kristien: "Ik heb veel verteld over Papperdidas, het jongste sinterklaasknechtje. Elk kind herkende zich daarin. Mijn vader is vijfentwintig jaar de vaste zwartepiet van een sinterklaas geweest. Voor mij was Sinterklaas een man die ons echt wel kende. Mijn geloof in Sinterklaas is nooit gestopt en dat heb ik doorgegeven."

Seppe: "Iedereen luisterde naar die verhalen en bedacht er zijn eigen beelden en metaforen bij."

Gust: "Ze respecteerde ook de ernst waarmee wij al die personages beleefden. We werden in elke weg die we wilden bewandelen altijd heel erg au sérieux genomen. Dat is het belangrijkste dat je als kind kan krijgen: die steun in je ideeën."

Kristien: "Bas wou als zesjarige schattenzoeker of grondwerker worden. Grondwerker was voor hem: in een tentje zitten zoals werkmannen met een thermosflesje bij. Dan mocht hij als kind oefenen in de tuin en kreeg hij een thermoskan mee. Hij mocht ook overal in de tuin als een mol putjes graven. Hij zou piratenschatten vinden. Volgens hem hadden piraten alleen een boot, geen huis. Als ze aan land kwamen, moesten ze dus wel ergens hun schat kwijt. Dan maakten we samen een kaart, brandden die af met een kaars tot een soort perkament en maakten die bruin met koffie. Bas is ook schattenjager geworden, hij is archeoloog van opleiding. En daarna fotograaf geworden."

Seppe was dan weer gek op tekenen. Kristien: "Hij zag de wereld groots en zijn tekeningen ook. Als kind nam hij zijn mapje vol tekeningen mee naar de Boekenbeurs en ging die tonen aan uitgevers." Seppe straalt. "En al die uitgevers op die grote standen gingen daar nog ernstig op in ook. Ze namen tijd om mijn tekeningen te bekijken, gaven aan welke ze goed vonden en waar ik mijn contrast nog wat moest bijwerken. Dat is zo waardevol en vruchtbaar. Daardoor zie je je in je dromen ook al zelf op de Boekenbeurs zitten."

Kristien: "Een kind is in elke fase van zijn leven ook een volledig mens. Niet volwassen, maar wel een individu."

Eeuwig kind

Ze uiten zich allemaal in de meest uiteenlopende disciplines, maar is er ook iets dan hen verbindt?

Kristien: "Ik denk dat we allemaal veel oog hebben voor het kleine en het kwetsbare. Dat Bas zijn energie heeft gestoken in een zoektocht naar authentieke slaapliedjes, heeft mij ontroerd. Dat vandaag de dag doen, vergt best lef. Gust koos ervoor om te werken met acteurs met een mentale handicap en maakte die schoonheid van die mensen haast vanzelfsprekend. In Blue Bird toont hij de pracht van twee kinderen die op een dag van alles meemaken waar wij al lang niet meer bij stilstaan. Ook de songs van Seppe staan stil bij kwetsbare dingen."

De collectie waar Julie nu aan werkt, is dan weer geïnspireerd op koplopers, kinderlijke tekeningen met een enorm hoofd en twee stokjes als benen. Is het misschien die blik van het kind die ze delen?

Gust: "Ik wil het niet te sterk benoemen, maar onbewust misschien wel. In wat wij maken, zit zelden een oordeel. Dat verbind ik wel met kinderen. Een blik van een kind lijkt er nooit genoeg van te krijgen. Dat kijkt onbevangen naar de wereld en oordeelt nog niet. We proberen de wereld ook zo te benaderen en te blijven putten uit het kind dat we ooit geweest zijn."

Kristien: "Dat is de rode draad: wij zijn eigenlijk allemaal nog altijd aan het spelen. Het kind in ons is nooit gestorven."

Seppe:"Dat herken ik heel erg."

Kristien: "Af en toe moet ik wel eens zeggen dat jij moet stoppen met spelen. Er moet ook brood op de plank komen."

Plantrekkers zijn het ook, allemaal. Als ze iets willen maken, doen ze het gewoon. Budget of geen budget. Dan helpt het als in je hoofd geen grenzen bestaan.

Seppe: "Sommige mensen bekijken je raar als je drie maanden in een schoenwinkel gaat werken om een plaat te kunnen maken. Soms moet je dat gewoon even doen als je je spoor wil trekken. We hebben geen tijd te verliezen. En we hebben een besef van vrijheid: je kunt alles doen."

Gust: "Wij zijn niet bezig met hoe de wereld ons beoordeelt. Ik heb ook op het autosalon auto's verkocht. Ik ken niets van auto's, heb geen rijbewijs, maar had wél een computer nodig om te kunnen monteren. Maar je voelt wel dat mensen je dan gek bekijken."

Dat hokjesdenken is hen vreemd, zeggen ze. Gust: "Het heeft te maken met wat je in je hand hebt. Heb je een potlood waarmee je lijntjes trekt of een gom waarmee je die wegveegt. Nu, zo vrij denken heeft ook nadelen. Je maakt er niet altijd even veel vrienden mee. Maar op dat vlak zijn we wel allemaal hetzelfde."

Kristien: "Er golden thuis zeker ook regels, maar ze kregen wel de vrijheid om de mens te ontplooien die ze waren. Ze mochten echt wel experimenteren. Al liep het soms ook wel eens uit de hand. Bas is als tiener naar de Westhoek getrokken om er als archeoloog in spe putjes in de grond te graven."

Seppe: "Hij is met zakken vol oorlogsmunitie weer thuis gekomen."

Gust: "Hij zat die dan aan de keukentafel met een tandenborstel schoon te maken."

Kristien: "Gelukkig zag een huisvriend die collectie op een dag en suggereerde hij om toch eens de ontmijningsdienst te bellen." Hilariteit. "Soms had ik het misschien wat meer moeten begeleiden. Maar het komt toch altijd op hetzelfde neer: als de kinderen iets per se wilden doen, dan gingen we daar helemaal in mee."

Misschien vatten Gusts woorden het nog het best samen: hun moeder leerde hen vliegen, hun vader leerde hen landen. Seppe: "Dat is de nagel op de kop."

Kristien Dieltiens, Kelderkind, De Eenhoorn, 496 p., 22,95 euro. Boekvoorstelling Antwerpen op 30/3 om 18 uurin Groene Waterman. Op 31/3 in Gent om 10.30 uur in Kopergietery. Op 20/4 in Brugge, om 20 uur bibliotheek De Biekorf.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234