Dinsdag 17/05/2022

'Blair is slechts een mannelijke versie van Thatcher'

Blake Morrison leek geboren voor het kleine en fijne werk. Hij werd beroemd met zijn poëzie en gooide vooral hoge ogen met de subtiele memoires van zijn vader en zijn moeder. In Ten zuiden van de rivier doet hij iets heel nieuws. Het is een knoert van een roman geworden over de maatschappelijke veranderingen veroorzaakt door het bewind van Tony Blair.

Door Marnix Verplancke

Morrison doet zijn verhaal aan de hand van vijf personages. Ten eerste is er Libby, een succesvolle vrouw die carrière maakt in de advertentiewereld en getrouwd is met Nat, een would-be toneelschrijver die al tien jaar aan hetzelfde stuk werkt. Om ook wat geld in het laatje te brengen geeft hij 's avonds schrijfcursussen en zo ontmoet hij Anthea, midden in de twintig en stadsambtenaar bevoegd voor straatbomen. Nat ziet wel iets in haar - en ook in wat ze schrijft. Jack is een verre oom van Nat die een fabriekje runt van grasmaaiers en zijn klandizie naar verre oorden ziet verdwijnen. Dat zijn vrouw Nancy geveld wordt door een hersenbloeding, doet hem ook al geen goed. En dan is er natuurlijk ook nog Harry, een zwarte journalist die van tijd tot tijd met Nat gaat lunchen en overal racisme ziet. Die Blair, zo zegt hij, is toch niet meer dan een jongere en mannelijkere versie van Thatcher.

Ten zuiden van de rivier begint op de avond van 2 mei 1997. New Labour heeft een politieke landverschuiving veroorzaakt en het hele land lijkt in opperste euforie te verkeren. Zeshonderd pagina's verder is het 4 mei 2002, net voor Blair als Bush' slippendrager Irak zal binnenvallen en de stemming is danig veranderd. Libby, Nat, Anthea, Jack en Harry zijn niet alleen vijf jaar ouder, ze blijken intussen ook heel wat wijzer.

Het centrale beeld van de roman is de vos. Sommige personages lijken erop, andere schrijven erover en ook Blair heeft wel iets van dit sluwe dier, want al verliest hij zijn haren, zijn streken verleert hij nooit. "In Zuid-Londen, waar mijn roman speelt en waar ik zelf ook woon, zit het tegenwoordig vol vossen", vertelt Morrison wanneer we hem ontmoeten in zijn werkkamer aan de universiteit. "'s Nachts zie je ze over straat lopen, zelfs in de drukste delen van de stad. Ik vind dat opmerkelijk omdat voor mij een vos een sprookjeswezen is. Als kind maakte ik in Yorkshire ieder jaar mee hoe er vossenjachten werden georganiseerd, maar een vos kreeg ik nooit te zien. Daarvoor ben ik dus naar Londen moeten verhuizen. Nu zie ik er dagelijks. Het zijn kruimeldieven. Ze houden vooral van leren voorwerpen, zoals handschoenen of ballen. Vorig jaar gaven we een tuinfeest. Een van de kinderen had zijn schoenen uitgedaan en nog geen tien minuten later zag hij er een vos mee vandoor gaan. Mijn roman groeide uit een obsessie met dit dier. In zekere zin is het immers een symbool geworden voor het bewind van Tony Blair. Hij wou immers de vossenjacht verbieden, waarmee hij natuurlijk iedereen te vriend maakte die tegen nutteloos geweld en sadistische jachtpraktijken was, wat de meeste stadsmensen waren. Op het platteland, waar een historische band bestaat met de jacht, werd dit een symbool van wat er mis was met Blairs regering: ze was niet geïnteresseerd in Groot-Brittannië, maar alleen in de steden, waar er stemmen te rapen vielen. Plattelandsbewoners zijn sowieso al een beetje conservatiever dan stedelingen, maar tegenwoordig zijn ze ook kwaad, want hun wereld is in een decennium tijd onherkenbaar veranderd. Neem nu de dorpswinkel. Die is er in veel gevallen niet meer. Busdiensten blijven slechts bestaan als ze gesubsidieerd worden want winstgevend zijn die op het platteland nooit. Mensen op het platteland voelen zich gemarginaliseerd. Veel huizen worden opgekocht door stedelingen die er een tweede verblijf van maken, wat ervoor zorgt dat de prijzen de pan uit swingen, de lokale bewoners niet langer in staat zijn een huis te kopen in hun geboorteplaats en hele dorpen tijdens de week praktisch leeg staan. Bevorderlijk voor de gemeenschapsgeest kun je dat bezwaarlijk noemen."

Maar het land is er wel rijker op geworden, zegt men dan.

"Wat ongetwijfeld zo is. Traditioneel betekende Labour aan de macht dat je je broeksriem een gaatje verder dicht mocht trekken. Na de belastingverlaging van de Conservatives volgde er dan een belastingverhoging, waardoor je gewoonweg minder verdiende. Maar deze keer was het dus anders. De economische boom ging gewoon door en Londen werd de modieuze stad waar iedere Hollywoodster een flat wou hebben. Er werden imposante buildings gebouwd, Tate Modern ging open en de stad zou er in tien jaar tijd een stuk hipper uitzien. Privé-initiatief was geen vies woord meer. Mensen werden zelfs aangemoedigd om een eigen zaak te beginnen, wat traditioneel een item was van de Conservatives. Ik laat Libby niet toevallig carrière maken in de advertentiewereld. Vroeger zou die door Labour met de nek aangekeken zijn, maar nu varen ze er wel bij. Tony Blair zal de geschiedenis ingaan als de man die de spindoctors binnenhaalde in de Britse politiek. En dat Jacks machinefabriek bijna op de fles gaat, hoeft ook al niet te verbazen. Niemand produceert nog iets tegenwoordig. We zijn een diensteneconomie geworden, wat natuurlijk al lang voor Blair begonnen is, toen Thatcher de kolenmijnen en de staalindustrie sloot. In het noorden van Engeland zijn er veel steden die volledig afhankelijk waren van de oude industrie. Eens die weg restte er niets meer, en toch blijken die steden te overleven. De grauwe straatjes zijn opgeknapt en de kolenmijn is een museum geworden. Alles is netjes en aanlokkelijk geworden voor toeristen, maar de industrie, datgene wat die steden gemaakt heeft, is weg. En ook op het persoonlijke vlak is er veel teloorgegaan. Ooit leerden vaders hun zonen hoe ze in huis klussen konden opknappen en een sputterende auto weer aan de praat kregen, fundamentele zaken waar je geen vakman voor diende te zijn. Dat zie je tegenwoordig niet meer. Ik heb een zoon van achttien, maar ik ben er niet zeker van of hij een smeltzekering kan vervangen."

Denkt u dat we over twintig jaar over het Blairtijdperk zullen spreken, zoals we het ook over de Thatcherjaren hebben?

"Waarschijnlijk wel, omdat het zo lang geduurd heeft. Het waren tien jaar die hun eigen atmosfeer hadden. Terwijl Thatcher de Falklandoorlog had halverwege haar legislatuur, had Blair Irak."

Ja, daar heeft u toch al meteen het probleem: Thatcher zei de waarheid en verdedigde het Britse territorium, terwijl Blair vlakaf stond te liegen in het Lagerhuis en de oorlog van de Amerikanen ging uitvechten.

"Helemaal mee eens. De Britse linkerzijde haat Thatcher nog steeds omdat ze zogezegd de sociale samenhorigheid vernietigd heeft en ons allemaal tot op rijkdom beluste individuen heeft gemaakt, wat best kan kloppen, maar ze zei wel altijd waar ze voor stond. Blair leek daarentegen toch vooral iemand die schitterend kon aanvoelen wat het volk wou. Toen hij nog maar drie maanden premier was, verongelukte prinses Diana. Blair wist meteen wat hij moest doen. Hij voelde de noden van de bevolking ongelooflijk goed aan en gaf het koningshuis meteen de raad zich van zijn sympathiekste, zelfs volkse kant te laten zien, en zo wist hij het land te verenigen. Zelf zag ik Blair voor het eerst in 1992, toen ik samen met de toenmalige Labourkandidaat Neil Kinnock de verkiezingen volgde. Op een van de bijeenkomsten bleek er een rare jongeman aanwezig te zijn die er als de eerste de beste Tory uitzag. Dat bleek bij nader inzien Tony Blair te zijn. Op basis van wat hij toen zei, achtte ik het gewoon ondenkbaar dat hij de steun zou krijgen van ook maar één Labourlid en dus vijf jaar later de leider van de partij zou zijn, maar zo is het wel gegaan. Na achttien jaar conservatief bewind wou men immers alles aanvaarden om weer aan de macht te komen, zelfs een Thatcherepigoon als Blair."

Blair was toch gewoon een pragmaticus, wat misschien niet eens zo slecht is voor een politicus.

"Zeker niet als hij herkozen wil worden. Onder Blair zijn er in de Londense financiële wereld belachelijk grote bonussen uitgedeeld aan traders en makelaars. Een traditioneel Labourpoliticus zou daar zware belastingen op geheven hebben, maar Blair niet. Hij voelde immers aan dat dit in hedendaags Groot-Brittannië niet meer aanvaard wordt. Niemand wil nog het geld uit de zakken van de rijke bastaard slaan. Dat was het oude Labour, dat was antikapitalistisch. Zo zijn wij helemaal niet meer. Er is veel veranderd en ik zie ons niet meer terugkeren naar de wereld van oud Labour. Die is verdwenen, samen met de kolenmijnen en de vakbonden. In de jaren zestig en zeventig lag de hoogste belastingschaal op 90 procent. Nu is dat 40 procent, en de meeste mensen betalen 25 procent. Niemand wil dat terug. Je zou Blair dus inderdaad een pragmaticus kunnen noemen omdat hij inzag dat wij niet langer in het verleden leefden en we ons dienden aan te passen aan de veranderende wereld, maar je zou net zo goed kunnen zeggen dat hij Labour verraden heeft met zijn radicale ommezwaai. Wellicht zijn beide een beetje waar."

U begint uw boek met twee schrijvers, Anthea en Nat. Vijf jaar later, in het begin van een nieuw millennium, hebben beiden hun literaire ambities opgegeven. Mogen we daarin pessimisme zien over de toekomst van de literatuur?

"Af en toe word ik ongerust over het aantal mensen dat wil schrijven. Een levendige literaire cultuur zal wel positief zijn, neem ik aan, maar op dit moment zijn er in Groot-Brittannië ongeveer honderd universiteiten die cursussen creative writing aanbieden. Er zijn dus gewoon te veel mensen die hun werk gepubliceerd willen zien. Een van de redenen daarvoor is dat we schrijven zien als een heilige bezigheid. Schrijvers zijn intelligent, spiritueel en glamoureus. Het lijken tegenwoordig zowat de enige mensen die tegelijk beroemd en toch niet oppervlakkig zijn. Persoonlijk hou ik van mensen die voor hun plezier lezen, maar voor de kost iets anders doen, zoals timmerlui of dokters, maakt niet uit. Misschien moeten die aspirant-schrijvers een voorbeeld nemen aan Richard Curtis, de scriptschrijver van succesfilms als Four Weddings and a Funeral en Notting Hill. Hij nam een jaar vrijaf om vrijwilligerswerk te doen. Wat ik dus wil zeggen is dat je best een intelligent en interessant mens kunt zijn zonder dat je een boek hebt geschreven."

Blake Morrison

Ten zuiden van de rivier

Oorspronkelijke titel: South of the River

Vertaald door Ronald Cohen

Nieuw Amsterdam, Amsterdam,

608 p., 22,50 euro.

> Begon zijn carrière bij The Times Literary Supplement. Werd nadien literair redacteur bij The Observer en The Independent on Sunday om zich vanaf 1995 volledig op het schrijven toe te leggen.

> Liep voor het eerst in de kijker met het lange gedicht The Ballad of the Yorkshire Ripper (1987), dat in het Yorkshires dialect was geschreven.

> Echt doorbreken deed hij met And When Did You Last See Your Father (1993), een boek over zijn jeugd en zijn relatie met zijn vader dat vorig jaar werd verfilmd.

> As If (1998) ging over James Bulger, het Liverpoolse jongetje van twee dat in 1993 door twee tienjarige jongens op wrede manier werd vermoord en achtergelaten op de treinrails.

> In 2000 schreef Morrison zijn eerste roman, The Justification of Johann Gutenberg, grotendeels gebaseerd op het levensverhaal van de uitvinder van de drukpers, en twee jaar later volgde Things My Mother Never Told Me, gewijd aan zijn relatie met zijn moeder. Naast poëzie, romans, memoires en non-fictie schreef Morrison ook operalibretti, toneelstukken en filmscenario's.

> Sinds 2003 is hij Professor of Creative and Life Writing aan Goldsmiths, University of Londen, de beroemde kunstuniversiteit die onder meer John Cale, Lucian Freud, Damien Hirst en Hisham Matar tot haar alumni mag rekenen. > blakemorrison.com, de site waar je alles over het werk van Morrison kunt vinden.

Blairs regering was niet geïnteresseerd in Groot-Brittannië, maar alleen in de steden, waar er stemmen te rapen vielenEr is veel veranderd en ik zie ons niet meer terugkeren naar de wereld van oud Labour. Die is verdwenen, samen met de kolenmijnen

en de vakbonden

Blake Morrison is te gast op 'Zogezegd in Gent', 20 uur, Domzaal Vooruit.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234