Zaterdag 08/05/2021

Bitches in de schaduw van Kim en Justine

Het hoogtepunt is uitgebleven, maar de tennisroes was daarom niet minder intens. Het zal de volgende maanden weer stormlopen in de tennisscholen. Is de opvolging van Kim Clijsters en Justine Henin daarmee verzekerd? De VRT lanceerde onlangs Aude Vermoezen. Nog meer talent dan Clijsters en Henin, werd erbij verteld. Het bericht viel slecht bij de concurrentie. Aude Vermoezen de nieuwe Kim Clijsters? 'Maar mijn dochter heeft er al van gewonnen.' Bericht uit een sporttak waar veel op jaloezie wordt gespeeld. Zoals in de duivenmelkerij.

Erik Raspoet

Foto's Stephan Vanfleteren

Wat jammer toch van die gemiste matchpunten woensdagnacht. Stel dat een van die ballen binnen de lijnen was gevallen, dan waren we vandaag in een heel andere wereld opgestaan. Ik hoor het de nieuwslezer al met licht overslaande stem zeggen. Voor het eerst wint een Belgisch meisje een grandslamtoernooi. Want dat Kim Clijsters de afgelopen nacht de finale van de Australian Open had gewonnen, daar weiger ik als tennisleek aan te twijfelen. Als je Serena Williams kunt verslaan, dan kun je in één moeite door ook Venus Williams afdrogen. Het mocht dus niet zijn, en in de plaats van tricolore euforie heeft milde ontgoocheling zich van het land meester gemaakt. Ten onrechte, want het was alweer een unieke week voor het Belgische tennis. De hele wereld keek met een mengeling van afgunst en bewondering toe. Wat is er toch aan de hand met België? Een landje van een zakdoek groot, en toch weer twee halve finalisten op de Australian Open. Kim Clijsters en Justine Henin zijn nu de nummer drie en vier van het vrouwentennis. Een Vlaamse doordouwer en een Waalse kuitenbijter samen aan de top. Bestaat er een betere promotie voor het zo vaak beproefde keurmerk België? Tegen de prestaties van Kim en Justine weegt zelfs geen prinselijk huwelijk op.

Intussen blijft het stormlopen in de tennisclubs. Vorig jaar registreerde de Vlaamse Tennisvereniging (VTV) 12.215 nieuwe leden, de grootste stijging in twintig jaar. De koepelorganisatie telt nu al 131.000 aangesloten spelers, genoeg om tennis tot een volkssport uit te roepen. De impact van Henin en vooral Clijsters valt niet te loochenen. De stijging komt goeddeels op het conto van de jeugd en is groter bij de meisjes dan bij de jongens. Limburg loopt nog net iets warmer voor het tennis dan de rest van het land, deelstatistieken over Bree zijn helaas niet beschikbaar. Ook bij Play Tennis, het maandblad van de VTV, wrijven ze zich in de handen. Sinds de finale van Clijsters op Roland Garros in 2001 is het aantal lezers met liefst 38 procent toegenomen. Nergens is de hoogconjunctuur zo tastbaar als in tennisclub Heiveld in Sint-Katelijne-Waver. Vijf jaar geleden was dit een clubje van dertien in een dozijn. Hoop en al honderd leden, een paar gravelbanen en een kantine waar je in de winter ook oxo kon bestellen. Nu is Heiveld het grootste indoortenniscentrum van België. Drie reusachtige halls overspannen twaalf hard courts, buiten liggen nog eens tien gravelbanen. Alle randfaciliteiten zijn voorradig, van squash boxen over minitennisbanen tot fitnesscentrum en cafetaria. "Honderdtwintig miljoen werd hier de voorbije vier jaar in geïnvesteerd", zegt voorzitter-eigenaar Jo Nagels, een dynamische apotheker met een uit de hand gelopen hobby. "En toch zijn we rendabel, zonder één frank subsidie. Alle terreinen zijn constant bezet. We hebben dan ook 650 jeugdspelers in opleiding. Zij doen de club draaien. Ze brengen geld in het laatje, en ze trekken sponsors aan."

Jo Nagels leidt me rond in zijn doolhof. Het is woensdagnamiddag, de tennisfabriek is in volle bedrijf. Ouders vergapen zich aan het kleine grut. Balgewenning voor vierjarigen, het blijft een aardig tafereel. Ze maken pret voor tien en giechelen dat het een aard heeft. Een racket, daar kun je dus ook gitaar of Zorro mee spelen. Aan die flauwekul doen sommigen niet mee. Verbeten turen ze naar de gele bal, klaar om er een lel op te geven. Talent, dat blijft hier niet lang onopgemerkt. Vanaf zes jaar vallen de onverbeterlijke speelvogels af. Plezier maken ze nog altijd, maar er wordt gesmasht en gevolleyd om te winnen. Een moeder weet niet waar eerst te kijken, zowel haar twee zonen als haar dochter zijn in dezelfde hall aan de slag. Het Clijsters-effect? "Niks mee te maken", zegt ze. "Het zoontje van de buren tenniste, en zo zijn we erin gerold. Het gaat redelijk, mijn oudste zoon en dochter spelen in competitie. De jongste niet, die is te lief. In tennis moet je hard zijn om te winnen."

Dat moet je Aude Vermoezen niet vertellen. Lief is niet waar je aan denkt als ze haar blik op je richt, het lijkt alsof je in één seconde wordt gewikt, gewogen en te licht bevonden. Maar van winnen kent de dertienjarige Brusselse alles. Vermoezen is de pijlsnel rijzende ster van tennisclub Heiveld. De Belgische nummer één onder de min-veertienjarigen zette vorig jaar een knalprestatie neer. Met haar twaalf lentes kroonde ze zich tot Belgisch B-kampioene, na een uitputtende reeks wedstrijden tegen speelsters die vaak dubbel zo oud als zijzelf waren. B moet hier geenszins als bescheiden worden gelezen. Oké, de veertien sterkste speelsters van het land hebben een A-status. Clijsters is A1, Henin A2, Callens A3, en zo gaat dat verder in dalende volgorde. Net onder die kleine elite bevinden zich de B-dames. Geen internationale klasse, maar je wilt er geen pak slaag van krijgen.

Hoe dan ook, in het wereldje werden de wenkbrauwen gefronst. Nooit eerder had iemand op zo'n jonge leeftijd het B-kampioenschap gewonnen. Tennisklasseringen zijn hopeloos ingewikkeld. Alleen kenners zullen dus watertanden bij de volgende data. Vermoezen speelt al vanaf haar elfde bij de dames 1, haar huidige klassering luistert naar de geheimzinnige code -15/4. Ook internationaal torst ze al een notering. Op de wereldwijde ITF-ranking voor min-achttienjarigen prijkt ze op de 382ste plaats. Redenen genoeg voor het VRT-journaal om enkele weken geleden een cameraploeg naar Heiveld te sturen. De inleiding van het item in het sportjournaal loog er niet om. Vermoezen werd in de ether gegooid als de nieuwe Kim Clijsters, een wonderkind dat als dertienjarige meer had gepresteerd dan Kim en Justine op diezelfde leeftijd. Zelf deed ze weinig om die boude introductie te ontkrachten. Haar ambitie? De toptien van de wereld, klonk het staalhard. Aude Vermoezen neemt daar vandaag geen woord van terug. "Toptien is het minimum", beaamt ze. "Ik kan natuurlijk ook tophonderd zeggen. Maar wat stelt dat voor? Je moet altijd hoog mikken, anders kom je nergens." Aan vergelijkingen met Kim Clijsters of Justine Henin doet ze zelf niet mee. "Ik koester geen voorbeelden", zegt ze. "Ieder moet zijn eigen weg volgen. Ik ben trouwens een heel ander type speelster, ik sla alles tweehandig." We zitten aan een tafeltje in de cafetaria. Aude eet haar lunch, tussen twee trainingssessies door. Edwin Vermoezen, een osteopaat uit Laken, serveert de gebruiksaanwijzing voor het gesprek. Zijn dochter, zie je, is geen gewoon kind. Aude is hoogbegaafd, ze heeft een verschrikkelijk hoog IQ. Op school is ze de beste van haar klas, ook al heeft ze een jaar overgeslagen en mist ze de helft van de lessen omdat ze in het buitenland vertoeft. "Ze blinkt altijd uit", zegt hij. "Op het examen piano haalde ze 95 procent. Ze was een kei in jiujitsu en skiede op hoog niveau. Die hobby's heeft ze een voor een opgegeven om zich volledig op het tennis te concentreren. In het vierde leerjaar is ze op eigen houtje Spaans beginnen te leren. En weet je waarom? Omdat ze toen al besefte dat Spaans in het internationale tenniscircuit een belangrijke taal is."

Tennis een volkssport? Zolang het om zuivere recreatie gaat, geen bezwaar. Wie echter ambitie heeft om hogerop te geraken, kan maar beter goed in de slappe was zitten. Privé-lessen, buitenlandse reizen, materiaal, het kost handenvol geld. Hoeveel Edwin Vermoezen al in zijn dochter heeft gepompt? Een precies bedrag wil hij er niet op plakken, maar het gaat om ettelijke miljoenen oude Belgische franken die hij uit eigen zak heeft betaald. Het zou goedkoper kunnen, want de VTV heeft Aude al tweemaal geselecteerd voor haar zwaar gesubsidieerde sport- en studieprogramma in Wilrijk. "Maar ze wil niet op internaat", spreekt vader Vermoezen namens zijn dochter. "Ze gaat nu naar een Franstalige school die haar alle faciliteiten biedt. Bovendien voelt ze zich prima in Heiveld, en vooral: ze wil onder geen beding breken met haar trainer Alfonso González." En dan te bedenken dat de grote kosten nog moeten komen. Dit jaar zullen we Aude in België niet vaak aan het werk zien. Selecties voor nationale toernooien onder de zestien heeft ze in samenspraak met club en trainer geweigerd. Die keuze wordt overigens niet door iedereen toegejuicht. Vermoezen verstopt zich in het buitenland, kun je links en rechts horen. Ze heeft in België nog lang niet alles bewezen, tijdens een nationaal kersttoernooi kreeg ze bij de min-zestienjarigen nog op haar donder.

Vader en dochter Vermoezen liggen er niet wakker van. Aude moet punten pakken in het ITF-klassement, en dat kan alleen door zoveel mogelijk internationale toernooien voor min-achttienjarigen te spelen. Straks vertrekt ze voor drie weken naar Latijns-Amerika, vader of moeder reist als chaperon mee. Chili, Argentinië, Paraguay: eer het jaar om is, zit haar paspoort vol stempels. Twintig toernooien, waaronder twee van 10.000 dollar in het WTA-profcircuit, staan op het programma. Vakantie? Toerisme? "Vergeet het maar", zegt Aude. "Vorig jaar heb ik op de Bahama's gespeeld. Behalve mijn hotelkamer en het tennisterrein heb ik niks gezien, zelfs geen stukje strand." Het programma ligt al vast, nu nog het geld bij elkaar schrapen. In het tasje van vader Vermoezen zit een dikke map met lovende persknipsels over zijn dochter. "Om kandidaat-sponsors over de streep te trekken", zegt hij. "Ik kan het niet langer alleen financieren." Heiveld zoekt dapper mee naar geldschieters en doet zelf een stevige duit in het zakje. Geen mecenaat maar welbegrepen eigenbelang, want Aude Vermoezen is het uithangbord van TC Heiveld. Niet in alle clubs werd haar verschijning in het VRT-journaal op applaus onthaald. Een promoclip voor Heiveld, werd her en der gefluisterd, en een verkapte oproep aan sponsors. Dat de verantwoordelijke journalist zelf een habitué is van de tennisclub in Sint-Katelijne Waver zal die vermoedens wellicht niet afzwakken. Toch spreken dergelijke reacties vooral boekdelen over de zeden in het tenniswereldje, waar het duo Nijd en Afgunst oude bekenden zijn. "In deze sport bestaat geen vriendschap", stelt Aude nuchter vast. "We zijn allemaal rivalen van elkaar. Er kan er maar één de beste zijn." Ze staat op van tafel, ze moet gaan sparren. Pas nu valt me op dat ze er rijp uitziet voor haar leeftijd. Rijp en sterk. Hoe ze ballen over het net jaagt. Snoeihard, alsof ze gaten in de court wil boren. Alfonso González is de man die deze ruwe diamant moet slijpen. De hoofdtrainer van TC Heiveld heeft ervaring zat. De Belgische Mexicaan speelde zelf lange tijd in de tophonderd. Als trainer heeft hij onder anderen Dominique Monami - toen nog zonder het achtervoegsel Van Roost - naar de top van het vrouwentennis begeleid. Ervaring en wijsheid genoeg om zich niet aan onbezonnen voorspellingen te wagen. Hem hoor je dus niet verklaren dat Aude daadwerkelijk toptien wordt. "Dertien is nog jong", zegt hij. "Er moet nog veel gebeuren. Maar ze heeft wel degelijk het talent om het erg ver te schoppen. Bovendien heeft ze de juiste instelling. Ze werkt keihard, ze brandt van ambitie. Alles zit goed: de ouders staan achter haar, de school werkt mee, ze voelt zich lekker in de club. Dat is belangrijk, want veel talent gaat verloren door een slechte begeleiding."

Als hij maar geen voetballer wordt, vertolkte Boudewijn de Groot ooit de muizenissen van een ongeruste vader. Maar wat dan te piepen als je kind zijn zinnen op het tennis heeft gezet? Al bij al is profvoetballer een erg bereikbare droom, alleen al in de Belgische competitie lopen er een paar honderd rond. Danny Boffin, Timmy Simons, Patrick Goots: het zijn geen wereldsterren, maar ze verdienen allemaal hun brood en ze worden allemaal door supporters op de handen gedragen. Oneindig veel hoger ligt de lat in het tennis. Nationale titels tellen niet mee, alleen de internationale top spreekt tot de verbeelding. Wereldwijd worden op dit ogenblik duizenden kinderen door dezelfde ambitie verteerd. Jongens willen de nieuwe Agassi, Hewitt of Roddick worden, meisjes dromen zichzelf in de schoenen van Williams, Clijsters of Henin. De weg naar die smalle top is duizelingwekkend steil en geplaveid met dollars. "Het blijft een erg dure sport", zegt Kathleen Schuurmans. "Vijfentwintig euro voor een uurtje privé-les, dat loopt snel op, want met een uurtje per dag komt je kind er niet. Ook toernooien zijn duur, zeker als ze in het buitenland beginnen te spelen. Om een kind naar de top te lanceren mag je gerust op 2.500 euro in de maand rekenen." Kathleen Schuurmans-González weet waarover ze spreekt. Voor Sabine Appelmans was zij lange tijd de nummer één van het Belgische tennis. Ze gold als een van de eerste succesproducten van het VTV-tennisinstituut. Nu werkt ze parttime als trainer in Heiveld onder de vleugels van haar man. Kathleen zal het niet tegenspreken. Tennis is een mooie sport, maar het geld doet rare dingen met de beoefenaars. "Vele ouders lopen met dollartekens in hun ogen. Het is ook begrijpelijk. Ze hebben handenvol geld geïnvesteerd in hun kind. Na verloop van tijd eisen ze een return. Als dat niet lukt, gebeuren er drama's. Onlangs hadden we weer zo'n stel zwevende ouders. Ze wilden hun zestienjarige zoon van school halen, ze gingen alles op het tennis zetten. Nu moet je weten dat die jongen een klassering C30/2 heeft, dat is behoorlijk laag. Op zo'n moment moet je als club je verantwoordelijkheid nemen en die ouders de waarheid vertellen. Dat hun zoon geen talent heeft voor de top, maar dat hij wel goed genoeg is om als recreant veel plezier aan zijn sport te beleven. Maar dat lukt niet altijd, sommige ouders willen gewoon de waarheid niet onder ogen zien. Die zoeken dan een andere club of trainer. In het Belgische tennis lopen er genoeg malafide figuren rond die bereid zijn naïeve ouders het geld uit de zakken te kloppen." Jo Nagels schuift een stoel bij aan de bar. Sterke verhalen uit de achterkeuken van het tennis, die kent hij ook wel. "Tennis is een piramide", zegt hij, "een brede basis met een erg smalle top. Zolang men in de lagere en middelste regionen vertoeft, blijft het gezellig. Zodra men aan de top komt, verandert het klimaat. Er staan enorme belangen op het spel, er heerst een enorme rivaliteit. Gezinnen met een tennistalent in huis leven onder zware druk. Alles staat in het teken van dat ene kind, van een sociaal leven is er geen sprake meer. En dan beginnen de financiële problemen, de moeilijkheden op school. Als ook nog het sportieve succes uitblijft, is de ellende niet te overzien. Ik heb zo'n gezin gekend. De zoon had geen talent, maar hij moest en zou een topper worden. Eerst verkochten ze het huis om de privé-lessen te financieren, daarna volgde de echtscheiding. Zo kan ik twintig voorbeelden geven. Het aantal huwelijken die aan het tennis kapotgaan, is niet te tellen." Zonder rivaliteit geen topsport, dat is een open deur intrappen. In het tennis echter neemt de concurrentie vaak ongezonde proporties aan. "Het ergste zijn de ouders", zegt clubcoach Kathleen Schuurmans. "Vorig jaar presteerden onze meisjes erg sterk in het interclubkampioenschap. We haalden zelfs de finale, en dat met een piepjonge ploeg. Maar denk vooral niet dat er onder de ouders een samenhorigheidsgevoel groeide. Kankeren op de fouten van andere kinderen, dat is het liefste wat ze doen."

Woensdagavond, we hebben honderd kilometer gereden, maar het decor is niet veranderd. Tennisclub De Boneput in Bree moet nauwelijks onderdoen voor Heiveld, in april vindt hier trouwens de FedCup plaats. Voorzitter Robert Devries is een tevreden man. De baanbezetting is vorig jaar alweer met 33 procent gestegen. Het effect van Kim Clijsters is hier onloochenbaar. Dit was ooit haar club, ze wil er nog weleens een balletje slaan als ze in België is, soms zelfs in het gezelschap van haar vriend Lleyton Hewitt. In de cafetaria heerst een verwachtingsvolle sfeer, het drama Clijsters-Williams heeft zich nog niet voltrokken. Sonja Stappers uit Lummen zit hier al van drie uur, het is haast een dagelijkse gewoonte. Dat heb je met een dochter die gebeten is door de tennismicrobe. Ze maakt de rekening op. Wekelijks twaalf uur trainen in de Boneput plus nog eens drie uur conditietraining in Merksem, tel uit de kilometers. Weekends gaan op aan wedstrijden en toernooien. Tijd om zelf tennis te spelen heeft ze allang niet meer, laat staan dat ze er nog een sociaal leven op na houdt. Dochter Goele Lemmens werd ontdekt toen ze nog geen vier jaar oud was. "Ze stond met mij op het tennisveld", vertelt Sonja. "De trainer zag meteen dat ze balgevoel had. We mochten niet langer wachten, zei hij, want Steffi Graf is ook op vier jaar begonnen." Niet Steffi Graf maar Kim Clijsters is nu het voorbeeld waaraan de dertienjarige Goele zich spiegelt. Dat ze zelf talent heeft, staat vast. Ze won al een internationaal toernooi in het Franse Nancy, in België staat ze als de nummer vier van haar leeftijdscategorie te boek. Vorig jaar zat ze op sport en studie van de VTV. De reden voor haar vertrek uit Wilrijk varieert naargelang de bron. Als je het in kringen van rivalen vraagt, verneem je dat ze te licht werd bevonden. Zelf geeft ze een andere, minstens even plausibele uitleg. Ze heeft het spoor gevolgd van haar trainer, die ook van Wilrijk naar Bree is overgestapt. Bovendien was ze niet te spreken over het studieniveau op het atheneum. "Ik kan me geen toekomst buiten het tennis voorstellen", zegt Goele. "Ik wil profspeelster worden, de topdertig is mijn doel." Net iets bescheidener dus dan Aude Vermoezen, wier naam aan deze tafel een merkwaardig effect sorteert. Moeder Sonja haalt de hakbijl boven. "Heb je dat gezien op de televisie?", vraagt ze. "Zomaar beweren dat ze beter is dan Clijsters en Henin, dat is toch al te belachelijk. Pas op, Aude is goed, maar ons Goele heeft al van haar gewonnen. Aude klopt harder, maar Goele heeft een betere techniek. Dat meisje heeft het lichaam van een volwassen vrouw, daarom kan ze nu voorsprong nemen. Als Goele haar scheut krijgt, kan ze net zo hard slaan en dan zullen we nog wel zien wie de beste is. Maar het is niet eerlijk. Goele krijgt geen kans meer om zich met Aude te meten, want die wil niet meer in haar eigen leeftijdscategorie spelen. Zo is het natuurlijk gemakkelijk om de beste van België te blijven." Goele laat zich niet onbetuigd in deze operatie beschadiging. "Ik ben al met Aude op toernooi geweest in het buitenland", zegt ze. "Als haar ouders hun rug hebben gekeerd, hangt ze de bitch uit. Volgens mij zijn die ouders trouwens niet normaal. Voor iedere wedstrijd moet ze van haar moeder een half uur mediteren, dan mag niemand anders de kleedkamer binnen."

Serge Carpentier is vertrouwd met de jaloezie aan de top. Voor hij naar Bree verkaste, heeft hij vijf jaar als trainer aan het VTV-instituut gewerkt. "Het is een meisjesprobleem", zegt hij. "Ook bij jongens is er rivaliteit, dat hoort zo in de sport. Maar die springen er anders mee om. Ze schelden elkaar verrot, desnoods timmeren ze elkaar op de kop. Maar na de match is het vergeten en zijn ze de beste maten. Niet zo bij de meiden, die kroppen alles op en kunnen mekaars bloed wel drinken. Je merkt het ook in kleine toernooien zonder scheidsrechters. Meisjes pikken elkaar voortdurend punten af, ze geven ballen out die eigenlijk in waren. Bij de jongens gaat het er een stuk sportiever toe." Nee, de nieuwe Kim Clijsters heeft hij als kenner nog niet ontdekt. Aude Vermoezen? "De beste van haar leeftijd in België", zegt hij. "Maar of ze het echt zal maken? In buitenlandse toernooien heeft ze nog geen potten gebroken. Natuurlijk, 382 op de ITF-ranking is mooi op die leeftijd. Maar weet je waar Michaela Krajicek, het zusje van Richard Krajicek, op diezelfde ITF-lijst staat? Op de achtste plaats, en die is ook nog maar dertien. Van Michaela Krajicek kun je wel zeggen dat ze zonder ongelukken de absolute top haalt." Al bij al is de boodschap van Serge Carpentier ontnuchterend. De kans is groot dat er na Justine Henin en Kim Clijsters gewoon niemand komt. "We zijn verwend", zegt hij. "Twee topvijfspelers in zo'n klein landje, dat is een onwaarschijnlijk toeval. Mensen denken dat het voorbeeld van Clijsters en Henin vanzelf navolging zal krijgen. De tennisscholen lopen vol, het kan niet anders dat daar opnieuw een supertalent opstaat. Maar niets is minder waar, de uitstraling van Clijsters en Henin kan zelfs fnuikend werken op ontluikende talenten. Want hoe goed ze ook presteren, de kans is miniem dat ze ook maar tot de knieën van Kim en Justine reiken. En dan zal de kritiek niet mals zijn. Het doet me denken aan de Duitse Anke Huber. Fantastische speelster, jarenlang in de topvijf gestaan. Toch kreeg ze in Duitsland nooit erkenning, want ze was geen Steffi Graf."

's Anderendaags rijd ik met een lichte kater naar Wilrijk. Geen Belgische finale in Melbourne, de tennisroes is voorbij. In het tennisinstituut van de VTV laten ze het niet aan hun hart komen, er wordt even fanatiek getraind als anders. Behalve door Julie Lamont, die zich in de fitnesszaal heeft teruggetrokken. Het dertienjarige meisje uit Gent raakte een maand geleden gekwetst, ze werkt voorzichtig aan haar revalidatie. En dan te bedenken dat ze vorig jaar nog in het Zuid-Afrikaanse Sun City mocht spelen, een beloning voor haar overwinning op het Nike-juniorestoernooi in Heiveld. Tegenslag op de weg naar de top, ook daar moet een sportvrouw mee leren leven. Haar droom blijft intact, ze wil het profcircuit in. Maar wat als het toch niet lukt? Het frêle meisje draait met haar ogen en giechelt. Als eerste en enige durft ze de mogelijkheid van een mislukking te overwegen. "Als ik geen tennisster word", zegt ze, "dan ga ik in een crèche werken. Met kleine kinderen, dat vind ik ook plezant."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234