Vrijdag 19/04/2019

Interview

Bisschop Johan Bonny: “Godsdienst is een schoolvak en dus geen praatuurtje”

De Antwerpse bisschop Johan Bonny. Beeld Bob Van Mol

Na twintig jaar geeft het katholiek onderwijs het vak godsdienst een update. Leerlingen moeten vooral terug naar de essentie. “Maar het is niet de bedoeling dat we Vlaanderen opnieuw gaan bekeren.”

Leerlingen uit het katholiek onderwijs en leerlingen die het keuzevak rooms-katholieke godsdienst volgen in het officieel onderwijs krijgen vanaf volgend schooljaar een hernieuwd vak godsdienst voor de kiezen. Opvallend: twee architecten van de hervorming, de Antwerpse bisschop Johan Bonny en Veronique Malfrère (inspecteur-begeleider bij het katholiek onderwijs), pleiten voor een betere kennis van de Bijbel en de christelijke traditie.

Waarom besloten jullie het leerplan katholiek onderwijs te actualiseren?

Johan Bonny: “Het leerplan godsdienst is ondertussen al 20 jaar oud. In die tijd is er heel wat veranderd. Kijk maar naar de samenstelling van de klassen hier in Antwerpen. Bovendien moet je blijven werken aan zo’n vak. Er zal altijd gesproken worden over levensbeschouwing. We moeten ervoor zorgen dat we relevant blijven als partner in die dialoog.”

Veronique Malfrère: “Anderzijds zaten de structuur en de gebruikte verhalen van het vorige leerplan wel nog goed. Sleutelverhalen zoals dat van de barmhartige Samaritaan, die blijven belangrijk. Die hebben we dus behouden.”

Waarom wilt u dat leerlingen die Bijbel-verhalen weer kennen? In het leerplan gaat het over de ‘religieuze geletterdheid’?

Malfrère: “Het gaat breder dan dat. Je kan niet zeggen: ‘Leer deze begrippen vanbuiten en daarmee is de kous af.’ Je moet die woordenschat kennen, maar daarna moet je deze woorden met andere kunnen verbinden.”

Bonny: “Godsdienst is als een taal: je moet eerst de woordenschat en grammatica kennen om te kunnen spreken. Ook om over maatschappelijke thema’s te kunnen praten, moet je over zo’n woordenschat beschikken.”

“Je kan jezelf toch ook geen kunstenaar noemen en niets van Picasso kennen? Hetzelfde geldt voor godsdienst en levensbeschouwing. Wat zou mijn godsdienst zijn indien het Oude Testament daar niet bij zat? Is dat een oude tekst? Ja. Maar is die fundamenteel? Ja.”

Geeft u eens een voorbeeld.

Bonny: “Het verhaal over de verloren zoon: dat heb je nodig om iets te kunnen zeggen over vergeving. Natuurlijk bestaan daar andere verhalen over in de wereldliteratuur. Maar de verloren zoon staat echt wel in de top tien van verhalen die je nodig hebt om te weten wat het betekent om christen te zijn. Daarnaast heb je dat nodig om in dialoog te gaan met anderen die dat verhaal ook kennen, ook buiten de kring van de Bijbel-lezers.”

Waarom was het nodig die kennis weer centraal te stellen?

Bonny: “Die verhalen riskeren te gemakkelijk vervangen te worden door andere die niet noodzakelijk meer inhoud of diepgang hebben. Een leerling moet zo’n verhaal gewoon kennen om het christendom te begrijpen. Dus ook een islamitische leerling in een katholieke school. Die moet begrijpen wat het christendom is. Hij mag daarover denken wat hij wil. Maar je moet hem een instrument aanreiken om er over te kunnen praten.”

Is die actualisatie een antwoord op de kritiek van filosoof Patrick Loobuyck, die het gebrek aan religieuze geletterdheid aan de kaak stelde en zelf pleit voor een ‘neutraal’ vak levensbeschouwing?

Bonny: “Die diagnose stelt men niet alleen bij ons. In Frankrijk kennen leerlingen de klassieke auteurs ook niet meer. Maar ja, we willen hiermee tegemoetkomen aan die terechte verzuchting.”

“Een andere terechte vraag van Loobuyck is altijd geweest om in dialoog te kunnen gaan met andere levensbeschouwingen. Wij denken dat het leerplan daar ook aan beantwoordt. Maar, je moet eerst jezelf kennen om in dialoog te kunnen gaan.”

Dus jullie willen Vlaanderen eerst opnieuw bekeren?

Malfrère: “Neen, dat is niet de bedoeling. Hoe een leerling zijn levensbeschouwelijke identiteit invult, staat hem vrij. Wij kunnen enkel bouwstenen aanreiken.”

Bonny: “Je mag niet vergeten dat we uit een tijd komen dat Vlaanderen zo katholiek was dat men in de jaren 60 zei: gas terugnemen. Men heeft dan ingezet op zaken als verbinding en ‘iedereen samen’ en ‘niet te veel zeggen wie je zelf bent’. Die slinger is zo ver doorgeslagen dat alles eigenlijk te vaag werd. Nu gaat die slinger terug. De vraag die speelt in West-Europa, is: ‘Wie zijn we en wat zijn de bronnen van onze cultuur?’ Maar we moeten oppassen dat de slinger niet weer doorslaat en we gesloten identitair worden.”

Hoe kan je dat voorkomen?

Bonny: “Door in te zetten op de dialoog. Er zijn er die van ons meer identiteit verwachten in die slingerbeweging. Maar dat remmen we af. Wij gaan voor de verbinding. Dat woord is nu in, niet?”

Hoe verhoudt dit leerplan zich tegenover het concept dialoogschool, waarin moslims en andersgelovigen een volwaardige plek op school krijgen?

Malfrère: “We willen in de dialoogschool vooral inzetten op de persoonsvorming van de leerlingen. Daar zijn een paar sleutels voor. Vanuit het vak godsdienst brengen we dan de Bijbel-christelijke stem binnen. Van daaruit kunnen we linken leggen met andere vakken.”

Die dialoogschool kreeg wel de kritiek dat de katholieke identiteit verloochend werd.

Bonny: “Die reactie van Bart De Wever (dat ‘de koepel zichzelf opheft’ door zich open te stellen naar moslims, PG), dat was een reactie zonder echt geïnformeerd te zijn. De indruk werd gewekt dat we niet meer inzetten op de katholieke identiteit. Terwijl we dat juist wél doen! En die zorg om de religieuze geletterdheid is er niet gekomen door politieke druk. Wel uit een bezorgdheid van het onderwijs zelf. Het zijn de leerkrachten zelf die zeggen dat de kennis van de traditie aan het verdwijnen is.”

Het document laat nochtans uitschijnen dat er behoorlijk wat sturing van de bisschoppen was. De katholieke kerk legt op wat er gegeven moet worden?

Malfrère: “Neen. En dat is ook nooit zo geweest.”

Bonny: “Maar godsdienst blijft wel een leervak. Dus er is ook een leerplan. Het vak godsdienst is geen praatuurtje.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.