Dinsdag 29/11/2022

Bildungsroman

Maak mij midden in de nacht wakker, vraag wat de drie belangrijkste boeken van de twintigste eeuw zijn en ik zeg: A Portrait of the Artist as a Young Man van Joyce, Le Grand Meaulnes van Alain-Fournier en Die Verwirrungen des Zöglings Törless van Musil.

Dit zijn de drie klassieke bildungsromans van de moderne literatuur. Als ik er vier mocht noemen, voegde ik Evelyn Waughs Brideshead Revisited er aan toe.

Je kunt dit lijstje splitsen. A Portrait en Törless in de ene groep, Le Grand Meaulnes en Brideshead in de andere. Die splitsing heeft voor mij te maken met de manier waarop het verhaal wordt verteld. In de eerste groep is dat meer van binnen naar buiten, in de tweede groep van buiten naar binnen. Dat is vreemd, want de vertelperspectieven suggereren iets anders. A Portrait en Törless zijn beide derde persoon enkelvoud boeken, Meaulnes en Brideshead eerste persoon enkelvoud. En er is nog iets aan de hand. De laatste twee boeken beschrijven eigenlijk het verhaal van de vriend van de hoofdpersoon, de eerste twee de hoofdpersoon zelf.

Waarom gaat de bildungsroman altijd over de manwording van jongens en nooit over meisjes die vrouw worden? Ik kan er geen literaire reden voor vinden. Hooguit een sociologische, of een culturele, of een biologische. Zoals: toen deze boeken werden geschreven was het aandeel van vrouwen in de literatuur veel geringer. Of: misschien is die overgang van adolescentie naar volwassenheid bij vrouwen een minder schokkend proces. (Mannen leven tussen hun twaalfde en twintigste in een sfeer van constante angst, hun wereld wijkt alleen maar in de vorm af van die van de wilde dieren: het is een en al strijd, opgezette borstkassen en geurvlaggen.) Misschien hebben vrouwen ook minder moeite om hun volwassenheid te aanvaarden en kunnen ze makkelijker overweg met de draaikolk van gevoelens die bij puberteitsvriendschappen hoort. Ik zou dat wel eens van vrouwen willen horen.

Hoewel het in deze boeken nergens wordt uitgesproken en de schrijvers verklaarde hetero's zijn, kenmerken ze zich alle vier door duidelijke homo-erotische ondertonen. In Brideshead wordt daar naar verwezen. De maîtresse van de vader van Sebastian Flyte begint een gesprekje met diens vriend Charles.

'I think you are very fond of Sebastian,' she said.

'Why, certainly.'

'I know of these romantic friendships of the English and the Germans. They are not Latin. I think they are very good if they do not go on too long.'

Dat is wat zij er over zegt en Charles begrijpt haar zo goed dat hij niet hoeft te antwoorden.

Charles is een hetero, net zoals de verteller uit Le Grand Meaulnes, de jonge Törless en Stephen Dedalus. Desondanks zijn ze allemaal verwikkeld in vriendschappen die broeierig, romantisch, masochistisch of dweperig zijn. Le Grand Meaulnes en Brideshead Revisited gaan over de bitterzoete romantische vriendschap. Het zijn de verhalen van bewonderaars: Charles Ryder ziet zijn vriend Sebastian Flyte tegelijkertijd ten onder gaan en zijn plek in het leven vinden, François Seurel aanschouwt het begin en einde van de grote en tragische liefde van Augustin Meaulnes. In Törless en A Portrait is er een aanvankelijk sterke moederbinding die eindigt in volledige loslating van de moeder en de jeugd en een filosofisch conflict waarin zich de overgang van jongen naar man voltrekt. Je kunt zeggen dat twee verschillende wegen worden bewandeld om tot hetzelfde resultaat te komen. Meaulnes en Brideshead volgen de emotionele weg, Törless en A Portrait de cerebrale. Maar de gevolgen van het conflict zijn eender: loslating, vertrek, een eigen weg, je kunt zelfs zeggen dat het prijsgeven van emotionele ontvankelijkheid daartoe behoort.

Alle vier boeken zien de jonge man als een romantisch wezen dat zich op twee manieren aan de romantische aandoening ontworstelt. Hij blijft alleen achter, weemoedig en misschien een tikje bitter, of hij besluit dat hij de wereld zo en zo wil zien en zus en zo in het leven wil staan. Het hart versus het hoofd, dat is het, en het zegt iets dat we aan het einde van Törless en A Portrait kunnen denken dat het met deze jongemannen wel goed komt en dat we dat van de hoofdpersonen uit die andere twee boeken, vertellers en hun onderwerpen, niet zo zeker weten.

Is die gedachte, dat je moet genezen van de romantische aandoening, iets van de eerste helft van de twintigste eeuw? Is het iets van mannen?

Dat laatste wel, ben ik bang.

Het is natuurlijk ook zo dat de romantische levenshouding weinig oplevert in een vergadering over het watergehalte van de Europese kip. En een man als minister Pronk, die ontdaan terugkeert van een reis naar een Afrikaans rampgebied, wordt publiekelijk even bewonderd om zijn diep-gevoelde engagement, maar daarna toch vooral als een instabiel type en een risicofactor gezien. Tegelijkertijd moet je er niet aan denken dat belangrijke beslissingen in deze wereld op basis van romantische opwellingen worden genomen. Het is een conflict tussen ratio en gevoel, tussen de eisen en verwachtingen van het collectief en streven naar vervulling van het individu. Misschien was dat, in die pre-geëmancipeerde tijden wel een typisch mannelijk conflict en kun je verwachten dat het sinds een paar decennia ook een vrouwelijk conflict is. Ik ken wel een boek van een vrouw dat in de buurt komt. Het is de eerste en enige roman van Ingrid Baal, De weg van de jonge wolf. Het is een prachtig fantasierijk boek, mooi geschreven, dromerig en toch helder, en het vertoont alle kenmerken van een bildungsroman. Het conflict wordt niet met paukenslagen en veel vertoon behandeld, maar een aquarel kan soms evenveel zeggen als een groot olieverfschilderij, en zo is deze kleine roman een van de mooiste vrouwelijke bildungsromans die ik ken. Ik vraag me af wat er geworden is van Ingrid Baal.

Dat boek van Ingrid Baal is niet het enige voorbeeld van een eerste boek dat de vorm van een bildungsroman heeft. A Portrait was een debuut, evenals Meaulnes en Törless. Brideshead is dat allesbehalve. Waugh was, toen het boek verscheen, de auteur van zes eerdere romans. Maar er valt iets voor te zeggen dat dit in zekere zin zijn eerste echte werk was. Voor Brideshead was Waugh vooral de schrijver van het soort well-made Engelse roman en ironische genrewerk waar niemand vreselijk warm van wordt. In Brideshead raakt hij voor het eerst iets wezenlijks, niet toevallig in een setting die voor hem persoonlijk van groot belang was: de gecompliceerde positie van de Engelse katholiek.

Er wordt gezegd dat een schrijver in zijn eerste roman tegelijkertijd laat zien wat hij kan en grote schoonmaak houdt. Die grote schoonmaak betreft dan de ideeën waarmee hij zelf tijdens zijn bildung worstelde. Het is bijna een logisch gevolg dat zoiets als de bildungsroman ontstaat. Als dat zo is, zien we dit soort romans dan nauwelijks nog omdat er geen bildungsconflicten meer zijn? Of schrijven de schrijvers van deze tijd niet meer over ideeën? Ik herinner me opeens een gesprek met Ierse vrienden, die wat gegeneerd reageerden op mijn enthousiasme over de muziek van Gilbert O'Sullivan. "Maar het zijn geweldige verhalende teksten," riep ik, "en de melodie is zo knap en rijk." Jaja, dat wisten zij ook wel, maar dat gezeur over kerk en individu, dat was toch niet meer van deze tijd. Ik had dat nooit zo gezien. Ja, 'We Will' en 'Alone Again, Naturally' gaan over het katholieke gewetensconflict, maar voor mij was dat niet van belang. Voor mijn Ierse vrienden blijkbaar wel. Zij waren dat voorbij en wilden er niet meer aan herinnerd worden, ook al gebeurde dat nog zo goed. Dat zou het met de bildungsroman ook kunnen zijn: er zijn nauwelijks nog conflicten tussen het individu en de samenleving (tenzij het om zulke gecompliceerde individuen gaat als eenbenige bromfietsers die van pindakaas houden) en bij gebrek aan ideologie, 'leidende beginsels' en kerkelijke invloed is het wegbreken uit het normen- en waardensysteem van het ouderlijk huis minder abrupt en pijnlijk.

Het is gebeurd en we hoeven het niet meer te horen, ook al is het nog zo mooi gedaan?

Ik kan me niet voorstellen dat er niet nog steeds jonge schrijvers rondlopen die deze prachtige romanvorm desondanks niet gebruiken. Al was het maar om los te breken van heersende hippe vormen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234