Zaterdag 27/11/2021

AchtergrondWoon-zorgcentra

‘Bewoners lopen hier rond met het weekmenu op hun rollator geplakt’

In Zonnesteen mogen de bewoners directe feedback geven over hun maaltijden.
In Zonnesteen mogen de bewoners directe feedback geven over hun maaltijden. "Het eten is voor hen hét belangrijkste. Ik zie hier geregeld bewoners rondlopen met het weekmenu op hun rollator geplakt."Beeld © Eric de Mildt

Niet alle commerciële woonzorgcentra moeten over dezelfde kam geschoren worden. Zo zijn er een aantal rusthuizen in commerciële handen, die toch beslist hebben om het vastgoed en de uitbating niet van elkaar te scheiden. Zonnesteen in Zemst is er daar een van.

“Wat voor onze bewoners hét belangrijkste is? Het eten. Ik zie hier geregeld bewoners rondlopen met het weekmenu op hun rollator geplakt.” Directeur Danny Cooremans grinnikt wanneer hij het vertelt. Hij probeert in zijn woonzorgcentrum Zonnesteen, een mooi en modern gebouw in hartje Zemst, in de eerste plaats zijn bewoners tevreden te stellen. Zonnesteen is met een ligdagprijs vanaf 61,95 euro per dag niet het goedkoopste rusthuis. Daarmee zit het een stuk boven het gemiddelde, en daar mag dus wel iets tegenover staan.

Zonnesteen heeft dan ook een eigen kok die ervoor moet zorgen dat het eten lekker is. De bewoners kunnen dagelijks met smileys aangeven wat ze van het eten vinden. Vraaggestuurd werken, heet dat hier.

Wat verderop, in de living van een leefgroep, is Willy Sommers te horen. Op Zeven Anjers, Zeven Rozen probeert een bewoonster alvast haar dansbenen uit, terwijl het personeel van deur tot deur gaat kloppen om te zien wie zin heeft om met de muzieknamiddag mee te doen. “Niemand moet, iedereen mag”, zegt Cooremans. “De bedoeling is dat het leuk is. Onze mensen wonen hier, we willen dus vooral een huiselijke, gezellige sfeer creëren. En dat ze zo ook nog wat beweging krijgen, is mooi meegenomen.”

Zonnesteen is één van de 23 woonzorgcentra van Anima, een commerciële groep die voor 92,5 procent in handen is van Ackermans & van Haaren, een Belgische investeringsmaatschappij en BEL20-bedrijf, wat wil zeggen dat het een van de twintig grootste beursgenoteerde bedrijven van ons land is. Op hun website omschrijven ze zichzelf als een ‘onafhankelijke en gediversifieerde groep die aandeelhouderswaarde creëert door op lange termijn te investeren in een beperkt aantal ondernemingen met internationaal groeipotentieel’.

Ietwat verwonderlijk dus dat zo’n gigant zich op de markt van de woonzorgcentra is gaan begeven. Maar volgens Johan Crijns, CEO van Anima, hoeft het dat niet te zijn. Ouderenzorg is volgens hem een groeimarkt, maar dan wel een onder de kerktoren. “Door de vergrijzing zijn grote noden in de ouderenzorg waarvoor de overheid ten dele ook op privaat initiatief beroep doet”, zegt Crijns. “De holding zag die opportuniteit en zocht iemand die een organisatie in ouderenzorg kon uitbouwen. Ik was als gedelegeerd bestuurder van Creyf’s Interim bekend bij Ackermans & van Haaren en had ervaring in het aansturen van grote groepen. Zo vonden we elkaar in 2007.”

Anima werkt volgens een ander model dan de meeste. Op enkele uitzonderingen na is ze in haar woonzorgcentra eigenaar van zowel de uitbating als het vastgoed. Door deze combinatie heb je meer hefbomen om goeie zorg te bieden, luidt de redenering. “Je vastgoed duur verkopen kan de exploitatie hypothekeren indien de huur die de uitbating dan moet ophoesten te hoog oploopt”, zegt Crijns. “Tijdens de coronacrisis stond de bezettingsgraad in de woonzorgcentra onder druk. Dan heb je best niet te veel externe verplichtingen. Sommigen die hun vastgoed huurden, hadden toen te weinig buffer. Anima, dat voor het grootste deel eigenaar is van zijn zorgvastgoed heeft een lager risicoprofiel. Het zorgt ervoor dat we gemakkelijker een tegenslag kunnen overbruggen. Om het simpel te zeggen: als het echt zwaar zou tegen zitten, kunnen we nog altijd een gebouw verkopen.”

Johan Crijns, CEO van Anima Beeld © Eric de Mildt
Johan Crijns, CEO van AnimaBeeld © Eric de Mildt

Bij Anima hebben ook de meeste centrumdirecteurs een achtergrond in de zorg, de meesten als verpleegkundige. Zij kunnen zich volledig focussen op het welzijn van hun bewoners, de familieleden en de medewerkers. De puur financiële beslommeringen zijn voor het hoofdbureau. Net zoals Zonnesteen heeft elk woonzorgcentrum van Anima een eigen warme keuken en wordt er niet met één centrale keuken gewerkt. Crijns: “Onze keukens zijn een duurdere optie, maar ik wens dat elk van mijn directeurs volledige verantwoordelijkheid draagt voor het geluk van zijn bewoners. Dat wordt moeilijk als je een van de belangrijkste geneugten van de bewoners, namelijk hun maaltijden, uit de handen van die directeur trekt.”

Geleidelijke groei

Anima wil ook niet per se de grootste in de sector worden, maar kiest voor een geleidelijke groei. Crijns: “We hebben nooit grote overnames gedaan. Nochtans dachten sommigen toen Ackermans & van Haaren zich met Anima in de ouderenzorg waagde, dat we snel veel dure overnames zouden doen. De realiteit is dat we nooit groepen hebben overgenomen. Elk van onze woonzorgcentra hebben we individueel overgenomen of zelf opgestart. Grootte is voor ons geen doel op zich. We voelen ons perfect gelukkig met 23 goed geleide woonzorgcentra waar onze bewoners goed verzorgd worden.”

Anima en Ackermans & van Haaren hechten ook veel belang aan reputatie, waardoor de kwaliteit van zorg volgens Crijns steevast bovenaan de agenda staat. “We zijn niet geïnteresseerd in korte termijn geldgewin. Ackermans & van Haaren mag dan al beursgenoteerd zijn, het blijft een familiaal gecontroleerd bedrijf dat liever niet ‘on the edge’ gaat. Ze willen geen risico, geen bokkensprongen, gewoon rustig evolueren. Er zit 45 miljoen euro privaat kapitaal in Anima, maar we hebben sinds onze start in 2007 nog geen dividend uitgekeerd. Dat zal er hopelijk ooit wel van komen, maar we zijn een bedrijf dat tot op heden al haar middelen gebruikt heeft om haar groei te financieren.”

Volgens Crijns wil Anima vooral goede zorg bieden en tevreden bewoners hebben. De belangrijkste operationele parameter voor een rusthuis is immers de bezettingsgraad. “Als die hoog is, dan volgt de return ook. En hoe krijg je een hoge bezettingsgraad? Door zowel je bewoners maar ook je personeel gelukkig te maken. Want die twee gaan heel vaak samen. We zetten gemiddeld meer personeel in dan nodig. Er is een voldoende ruime bestaffing nodig om ervoor te zorgen dat mensen graag hun werk blijven doen. Door wat meer mensen in te zetten, is de loonmassa hoger, maar je vermijdt zo wel dat je met flexarbeid moet werken als er bijvoorbeeld onverwacht medewerkers afwezig zijn. Zoiets creëert rust in de organisatie.”

Fun en gezelligheid

Ondertussen is er grote bedrijvigheid in de leefgroep op de eerste verdieping. Rond een grote tafel zit een twintigtal mannen en vrouwen verschillende soorten groenten en fruit te snijden om smoothies mee te maken. Enkele ergotherapeuten, zorgkundigen en een animator helpen hen daarbij. Bij de meeste bewoners gaat dat nog vrij aardig. “We laten hen zoveel mogelijk zelf doen”, zegt Cooremans. “Zo blijven ze belangrijke vaardigheden behouden. Maar bij zulke activiteiten zien we ook wat ze nog kunnen en op welk vlak ze bijvoorbeeld achteruit gegaan zijn. Dat is heel belangrijke informatie.”

Zelf groenten snijden om smoothies te maken.
Zelf groenten snijden om smoothies te maken. "We laten hen zoveel mogelijk zelf doen. Zo blijven ze belangrijke vaardigheden behouden."Beeld © Eric de Mildt

Al is het uiteraard niet allemaal fun en gezelligheid in Zonnesteen. De coronacrisis heeft ook hier zwaar ingehakt op bewoners en personeel. Aandacht voor het levenseinde en palliatieve zorg zijn nu nog belangrijker geworden dan daarvoor. Overal in het centrum liggen brochures met informatie en het personeel probeert het thema ook bespreekbaar te maken met bewoners en hun families.

“Een van mijn verpleegkundigen volgt ook een opleiding palliatieve zorg. Het thema wordt steeds belangrijker”, zegt de directeur. “Ik heb de tijd nog meegemaakt dat bewoners vier tot vijf jaar in een rusthuis verbleven. Nu blijven mensen zo lang mogelijk thuis. De gemiddelde verblijfduur is nu anderhalf jaar. Dat wil zeggen dat we binnen het centrum ook vaker geconfronteerd worden met dat levenseinde.”

De coronacrisis heeft ook getoond dat het model van Anima een goed model is, meent Crijns. “Ik heb me tijdens de hele crisis wel gelukkig geprezen dat we niet in de situatie zaten dat we gewurgd werden door zeer hoge huurcontracten. Een bedrijf probeert altijd te overleven. En als je weinig buffer hebt, dan kan het zijn dat dat ten koste gaat van de zorg. Alleen, snijden in de zorg komt volgens mij sowieso als een boemerang in je gezicht terug. Je bezettinsgraad daalt, de rotatie van personeel is hoger en je bent geen aantrekkelijke werkgever. Dat zijn zaken waar wij heel ver van weg willen blijven.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234