Dinsdag 18/06/2019

Boko Haram

Bevrijd, maar niet echt vrij: de meisjes van Boko Haram. Sommigen werden verkracht. Sommigen hebben nog bomscherven onder de huid zitten

Rahab Ibrahim. Beeld NYT

Vier jaar geleden werden meer dan tweehonderd Nigeriaanse schoolmeisjes ontvoerd door Boko Haram. Vandaag leven meer dan honderd van hen op een universiteit. 'Ik denk vaak aan mijn zusters die daar nog zijn.'

Op de lijst stonden meer dan 200 namen. Martha James. Grace Paul. Rebecca Joseph. Mary Ali. Ruth Kolo. En nog zo veel meer.

Het duurde hemeltergend lang – weken – voor de Nigeriaanse overheid de namen bekendmaakte van alle ­meisjesscholieren die Boko Haram vier jaar geleden, in de avond van 14 april, ontvoerde uit een internaat in het dorp Chibok. De lijst ging rond bij dood­ongeruste ouders. Sommigen sprongen op hun motorfiets om de confrontatie aan te gaan met de islamistische militanten die de school hadden bestormd, de meisjes in vracht­wagens hadden geladen en ze met het geweer in aanslag hadden weggevoerd.

Ook soldaten gebruikten de lijst, terwijl ze het land afdweilden, de bossen uitkamden, vliegtuigen inzetten en buitenlandse legers inschakelden. Onderhandelaars toetsten de namen af bij de ­militanten om de meisjes vrij te krijgen.

En de lijst werd een inspiratie voor demonstranten honderden kilometers verderop in de hoofdstad, die dag na dag de veilige terugkeer van de meisjes bleven eisen. “Naarmate ik elke naam las, nam mijn vastberadenheid alleen maar toe”, zegt Oby Ezekwesili, een oud-minister van Onderwijs die de protesten leidde. “Het ging niet louter om ­statistieken, maar om mensen van vlees en bloed.”

Aisha Ezekiel. Beeld NYT

Ver weg, in de Verenigde Staten, Frankrijk, Zuid-Korea en veel andere landen, sloten publieke ­figuren en beroemdheden zich aan bij het protest. Breng onze meisjes terug, eisten ze.

De meisjes waren jaren vermist en werden jonge vrouwen in de handen van een bende extremisten van wie geweten is dat ze vrouwen mishandelen, verkrachten en tot slaaf maken.

En toen werden vele namen plots opgelucht geschrapt van de lijst. “Ik ben terug, zoals ze ­zeggen”, zei Hauwa Ntakai, een van de scholieren uit Chibok.

Karaoke en popcorn

Bijna vier jaar nadat ze ontvoerd en naar een schuilplaats in het woud gebracht waren, leven meer dan honderd meisjes uit Chibok nu op een kraaknette universiteitscampus op vier uur reizen van hun geboortestreek in Noord-Nigeria, en vullen ze hun dagen met wiskunde, Engelse les, karaoke, selfies en filmavondjes met popcorn.

De overheid kon door onderhandelingen veel Chibok-scholieren vrij krijgen. Ze werden in het voorbije anderhalf jaar in groepjes vrijgelaten. Sommigen werden opgepikt terwijl ze rondzwierven op het platteland nadat ze aan hun ontvoerders ontsnapt waren. Toch zijn meer dan honderd van de voormalige klasgenoten nog altijd in handen van Boko Haram. Ongeveer twaalf van hen zouden overleden zijn.

Saratu Ayuba. Beeld NYT

“Ik ben gelukkig”, zegt Ntakai, nummer 169 op de lijst. Ze is nu een 20-jarige studente die vroeg opstaat voor haar yogalessen op zaterdag en die tijdens debatavonden aan de universiteit discussieert over de deugden en de gevaren van de sociale media. “Maar ik denk ook aan mijn zusters die daar nog zijn”, in de klauwen van Boko Haram, zegt ze.

Nigeria voert al negen jaar oorlog met Boko Haram, een groepering die al duizenden burgers doodde en ontvoerde in Noord-Nigeria. Hoe buitengewoon hun lot ook was, toch waren de meisjes uit Chibok in veel opzichten slechts de zoveelste slachtoffers. Veel jonge vrouwen prijzen zich nu gelukkig.

Een paar weken voor de massaontvoering in Chibok werd een groep jongens levend verbrand in hun school. Voor die tragedie had de wereld geen aandacht. De grote meerderheid van de slachtoffers van Boko Haram zal voor altijd anoniem en ongeregistreerd blijven, hun namen zullen nooit rondgaan. Hun familie zal vaak niet weten wat er precies met hen gebeurd is. De misdaden vinden plaats in afgelegen gebieden, ver buiten het bereik van mobiele netwerken, meestal terwijl de wereld de aandacht op andere dingen richt.

Martha James. Beeld NYT

Maar de meisjes uit Chibok hadden namen. Saratu Ayuba. Ruth Amos. Comfort Habila. Esther Usman. En een paar weken nadat ze ontvoerd ­werden – toen Boko Haram beelden van de somber kijkende, in lange gewaden geklede gevangenen de wereld in stuurde – kregen ze ook gezichten.

Tienermeisjes uit een dorpsschooltje werden plotseling de nietsvermoedende vertegenwoordigers van alle doden en verdwenen slachtoffers van een crisis in een arme, afgelegen uithoek van de aarde. Ze werden de dochters van Nigeria, en ruimer ook de dochters van de hele wereld. Ze werden omhelsd en gekoesterd alsof ze ieders bezit waren.

“Toen de Chibok-ontvoering plaatsvond, sprak dat voor een hele problematiek”, zegt Saudatu Mahdi, die mee de beweging Bring Back Our Girls oprichtte. “De ontvoering werd het middelpunt.”

Maimuna Usman. Beeld NYT

Extreem strikte regels

Maar de bevrijde meisjes betalen ook een tol voor de bekendheid die tot hun vrijlating leidde. Ze hebben het voorrecht dat ze naar een privéuniversiteit kunnen waar kinderen van Nigeriaanse politici, zakenlui en andere leden van de elite gevormd ­worden. Maar de veiligheidsregels zijn extreem strikt. Ze mogen de campus niet zonder begeleiding verlaten. Zonder speciale toelating mogen ze geen bezoekers ontvangen. En de kinderen van vrouwen die tijdens hun gevangenschap bevielen mogen niet bij hun moeder op de campus verblijven. Volgens de directie zou dat hen te zeer afleiden van hun ­studies.

De jonge vrouwen hebben hun familie zelden gezien sinds ze uit de klauwen van Boko Haram gered werden. De langste periode waarin ze hun ouders, broers en zussen en andere verwanten zagen sinds hun ontvoering in 2014 was tijdens de kerstvakantie vorig jaar, toen ze een paar weken naar huis mochten. Maar verder staan ze onder nauw toezicht van de universiteit.

Toen de meisjes vrijkwamen, werden ze meteen overgebracht naar Abuja, de hoofdstad, waar ze weken onder overheidstoezicht stonden. Ondertussen werden ze ondervraagd, om ­informatie te vergaren die kon leiden naar de nog vermiste klasgenoten – en om de politiediensten ervan te overtuigen dat ze niet loyaal tegenover Boko Haram geworden waren.

Veiligheidsagenten waarschuwden de meisjes niet te praten over hun verblijf bij de militanten, omdat dat de veiligheid van de nog vermiste slachtoffers in gevaar kon brengen. Vergeet het verleden en ga voort met je leven, kregen ze te horen.

Maandenlang werd het contact met de ouders sterk ingeperkt. Ze mochten het grauwe overheidsgebouw waar ze verbleven niet verlaten. En nu nog mogen ze voor hun doordeweeks contact alleen de telefoon gebruiken.

Vorige zomer reisden vertegenwoordigers van de American University of Nigeria naar Abuja voor een ontmoeting met de Nigeriaanse regering. In 2014 had de universiteit, die zich in de stad Yola bevindt, een twintigtal scholieren van Chibok ­opgenomen die een paar uur na hun ontvoering ontsnapt waren. De universiteit was bereid ook de vrijgelaten meisjes te verwelkomen. De bedoeling was ze een programma voor te schotelen waarin ze weer konden aanknopen met hun studies, ze te ­herenigen met hun voormalige klasgenoten die al aan de universiteit zaten en ze voor te bereiden op het universiteitsleven.

Glory Dama. Beeld NYT

De studentes uit Chibok leiden nu een erg gestructureerd leven. De militanten lopen nog vrij rond in het land en hebben het misschien gemunt op de meisjes. De vrees bestaat ook dat ze als publieke figuren kwetsbaar zijn voor uitbuiting. “Ze zullen nooit meer de gewone mensen zijn die ze voor hun ontvoering waren”, zegt Mahdi, secretaris-generaal van het Women’s Rights Advancement and Protection Alternative, een organisatie die de rechten van vrouwen en meisjes in Nigeria ­verdedigt. “Hun levensstijl gaat gepaard met veel restricties.”

Grace Hamman. Beeld NYT

Genezing in groep

Niemand aan de universiteit had ervaring met de opvang en de opleiding van een grote groep ex-gijzelaars uit een dorpsschool. Maar wie had dat wel? “We nemen ze gewoon allemaal op en zien wel hoe het loopt”, verwoordt de voorzitter van de universiteit, de Amerikaanse Dawn Dekle, haar gedachten van toen. “Ze waren als groep getraumatiseerd. Hun genezing moest ook in groep gebeuren.”

Er was maar één bevrijd meisje dat niet wilde deelnemen aan het programma. Toen ze werd ­ontvoerd, was ze al getrouwd, en dus keerde ze terug naar haar boerderij en haar echtgenoot.

Aan de universiteit werd alles in het werk gesteld om de studentes te ontvangen. De slaapvertrekken werden gerenoveerd, er werden klas­lokalen ­ingericht om alle meisjes een plek te geven.

De vicedecaan voor studentenvoorzieningen werd de facto verantwoordelijk voor de meisjes. Een therapeut uit de Verenigde Staten, die enkelen van de vroeg ontsnapte meisjes had behandeld, ging aan de slag als psycholoog voor de studentes. Een vergaderzaal werd omgevormd tot een ­gebedsruimte voor de moslimmeisjes. Voor de christelijke studentes is er een zondagse misviering onder leiding van de persoon die verantwoordelijk is voor het recycleerprogramma van de universiteit en die ook optreedt als plaatselijke pastor.

In september vorig jaar kwamen meer dan ­honderd studentes aan op de piekfijn verzorgde campus, met zijn mooi getrimde hagen, zijn ­biblio­theek van drie verdiepingen hoog, zijn ­gebouwen die draaien op zonne-energie. Niet ­iedereen was even enthousiast om een grote groep vrouwen te verwelkomen die een paar jaar samen met militante islamisten hadden geleefd. Anderen waren bevreesd dat Boko Haram opnieuw achter de vrouwen aan zou komen. De universiteit in Yola staat helemaal voor het soort westers onderwijs waar Boko Haram een hekel aan heeft.

Tabitha Pogu. Beeld NYT

Stokslagen

Nog anderen maakten zich zorgen dat de meisjes zich aan hun ontvoerders gehecht hadden en ­terroristen konden zijn. Een van de studentes ­vertelde dat ze bang was op een nacht wakker te worden met een mes tegen haar keel.

Toen ze op de campus arriveerden, werden de vrouwen naar de cafetaria geleid voor hun eerste maaltijd. Iedereen staarde naar hen. “Ik zag dat ze zich ongemakkelijk voelden”, zegt Reginald Braggs, een voormalige Amerikaanse marinier die nu ­verantwoordelijk is voor het programma van de Chibok-studentes.

De directie stuurde niet aan op verplichte integratie, maar besloot de nieuwe studentes toe te laten in hun slaapvertrekken te eten. De vrouwen zijn allemaal de 20 voorbij, verblijven op de universiteit, maar als je naar de lokalen kijkt waar ze les volgen, heb je soms het gevoel in een lagere school te zitten. Aan de muur hangen tekeningen van Spider-Man, op de kasten staan telramen. “Vergeet niet je handen te wassen en het toilet door te ­trekken”, staat er op een bordje.

Rakiya Gali. Beeld NYT

Maandenlang moesten hun tablets, allemaal door sponsors gedoneerd, verplicht uit 's nachts.

Aan elke muur roepen boodschappen op tot positief denken:
‘Never give up.’ ‘Believe in yourself.’ ‘Shine like stars.’

Toen sommige vrouwen van streek waren omdat ze slecht presteerden bij een spellingwedstrijd, kregen ze de woorden op voorhand van de leerkrachten, zodat ze ze konden instuderen.

Tijdens een van hun kerkdiensten op zondag niet lang geleden leken de vrouwen ontspannen en vreugdevol terwijl ze dansten en zongen, maar ze oogden ook bedrukt. Raymond Obindu, een ­charismatische predikant die een al even enthousiaste vertaler gebruikt, probeert zijn sermoenen voor de vrouwen opwindender te maken dan de sermoenen die hij bezorgt aan de plaatselijke geloofsgemeenschap. “De Bijbel zegt dat jullie wonderlijk gemaakt zijn”, zei Obindu tijdens de dienst. “Zeg allemaal: 'Ik ben mooi’.”

“Ik ben mooi”, declameerde de hele zaal.

Hij vroeg of iemand zijn dank wilde betuigen.

“Ik dank God omdat Hij me in leven heeft gehouden”, zei Magret Yama, die in mei door Boko Haram werd vrijgelaten.

De universiteit legt de vrouwen een druk schema op, tot zaterdaglessen toe, om hun gedachten weg van het verleden te houden. “Ze zijn samen door een hel gegaan”, zegt Somiari Demm, een psycholoog die de vrouwen adviseert. Demm geeft hen ook yogalessen en gaat samen met hen naar de kerkdiensten. “Ze delen een uniek ­verhaal.”

De vrouwen vertelden hun ouders dat ze op bepaalde momenten ­honger leden bij Boko Haram. Ze moesten koken en poetsen voor de strijders. Sommigen werden verkracht. Sommigen hebben nog bomscherven onder de huid zitten. Een van hen mist een deel van haar been.

Rhoda Peter. Beeld NYT

Ntakai Keki (60) zegt dat zijn dochter Hauwa hem vertelde dat de militanten meisjes sloegen die hen tegenspraken of bevelen niet opvolgden. Ooit kreeg ze 30 stokslagen. Hauwa vertelde hem dat ze lijkjes van kindjes had gezien die gegijzeld werden en dat ze strijders had zien sterven aan hun wonden na luchtbombardementen door het leger.

“Dat is nu allemaal voorbij”, zegt Keki.

Braggs zegt dat meer dan de helft van de vrouwen zich psychologisch bevindt in wat hij de rode zone noemt. “Ze zijn droevig en terneergeslagen.” De universiteit staat journalisten niet toe de ­vrouwen te vragen naar hun ervaringen met de militanten, omdat ze vreest dat dat hen nog verder kan traumatiseren. “Naar westerse maatstaven zijn ze volwassen vrouwen”, zegt Braggs. “Ook fysiek zijn ze volwassen. Maar kijk naar hun sociale ontwikkeling. Ze zijn nog altijd heel kwetsbaar. Ik wil niet dat mensen denken dat ik overbeschermend ben. Ik vind niet dat ze kinderen zijn. Maar ik heb ook een bepaalde verantwoordelijkheid.”

Hauwa Ntakai. Beeld NYT

Aan de universiteit moeten de vrouwen Engels praten, een taal die velen niet goed beheersen (ze spreken Hausa en lokale talen). Op een paar ­mensen in de slaapvertrekken na kan niemand die zich met hen bezighoudt in hun eigen taal met hen communiceren – ook hun psycholoog, hun­ ­leerkrachten en hun directeur, Braggs, niet.

Een handvol vrouwen beheerst het Engels goed, anderen zijn aangewezen op fonetische boekjes op kleuterniveau. Toch vindt het merendeel van de therapeutische sessies in het Engels plaats, wat vragen opwerpt over de kwaliteit van de therapie.

Demm vertelt dat sommige Chibok-leerlingen die konden ontsnappen, naar de Verenigde Staten reisden en daar uitgebuit werden. Ze moesten keer op keer vertellen over die avond toen Boko Haram naar hun school kwam. Hun getuigenissen ­werden daarna gebruikt om donaties voor kerken en andere organisaties los te weken.

Demm wil de studenten onder haar hoede de kracht geven om hun eigen verhaal te vertellen, als ze daar klaar voor zijn. Voorlopig is de moeilijkste aanpassing voor de vrouwen “het feit dat ze vrij zijn, maar toch niet echt”.

Kauna Lalai. Beeld NYT

Troost

Onlangs vernam een van de vrouwen, Glory Dama, dat haar vader werd behandeld in een ­ziekenhuis dicht bij de campus. Ze wilde hem zien, en dus regelde de universiteit begeleiding voor haar. Maar voor ze kon gaan, werd hij ontslagen uit het ziekenhuis en voerden familieleden hem terug naar Chibok, zonder te wachten op de komst van Dama. Hij overleed onderweg.

Dama was er het hart van in, net zoals de rest van de groep toen het nieuws zich verspreidde. De activiteiten werden geschrapt voor de rest van de dag.

De vrouwen, die hun dagen doorbrengen in ­klaslokalen met airco en wifi, beseffen dat hun huidige omstandigheden veel beter zijn dan die van anderen die uit de greep van Boko Haram ­ontsnapt zijn. Militanten hebben gevangenen ­onthoofd, gedwongen zelf moorden te plegen, hebben bomgordels rond vrouwen gegespt die even oud waren als de studentes van Chibok. Sommige bevrijde gevangenen van Boko Haram werden maandenlang ondergebracht in over­bevolkte militaire barakken. Anderen verblijven in grauwe opvangkampen, waar ze verkracht ­worden door veiligheidsagenten en elke dag een strijd leveren om eten te vinden.

Dama wil les volgen aan de universiteit en daarna terugkeren naar Chibok om als verpleegster anderen te helpen. Een andere studente, Rhoda Peter (22), wil advocaat worden. “Ik weet dat ik me op een plek bevind waar niemand op me zal jagen en ons leed wil aandoen”, zegt Rhoda. “Ze zijn er om ons te helpen.”

Grace Paul. Beeld NYT

In februari, op 275 kilometer van Chibok, gebeurde het onvoorstelbare opnieuw. Boko Haram bestormde een middelbare school in het dorp Dapchi en ging er met meer dan honderd vrouwelijke gevangenen vandoor. De natie rouwde opnieuw over de ontvoering van schoolmeisjes. Vorige maand brachten de militanten de meeste meisjes plotseling veilig terug, om redenen die nog altijd niet helemaal duidelijk zijn.

De Nigeriaanse regering zegt dat ze onderhandelt over de vrijlating van de rest van de vermiste meisjes uit Dapchi en van de tientallen meisjes uit Chibok die nog gevangengehouden worden.

Grace Hamman, een studente uit Chibok die vorig jaar door Boko Haram werd vrijgelaten, zegt dat ze tijdens haar gevangenschap troost putte uit de wetenschap dat ze niet vergeten was. “Ik hoorde via de radio dat mensen om ons weenden en zich zorgen maakten”, herinnert ze zich. “Ik dank ­iedereen voor wat ze voor ons gedaan hebben.”

Ruth Kolo. Beeld NYT
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden