Vrijdag 25/09/2020

Bevolking zestig jaar geleden verwoeste stad brengt vredesboodschap

De neonazistische NPD wil op 8 mei een 'treurmars' houden, omdat het einde van de verloren Tweede Wereldoorlog voor Duitsland een 'droevige zaak' zou zijn geweest

Schaduw neonazi's hangt boven Dresden

De Duitse stad Dresden heeft in het weekeinde talrijke herdenkingsmanifestaties gehouden om eraan te herinneren dat de stad zestig jaar geleden met de grond gelijk werd gebombardeerd. De Dresdenaren brachten een boodschap van vrede en verzoening met de witte roos in de hand. Ze verzetten zich tegen het misbruik dat neonazi's proberen te maken van de tragedie in Dresden door Duitsland eenzijdig als slachtoffer voor te stellen en de misdaden van Hitler-Duitsland, vooral dan de holocaust, te minimaliseren.

Brussel / Dresden

Eigen berichtgeving

Frank Schlömer

In de nacht van 13 op 14 februari 1945 veegden honderden Britse en Amerikaanse bommenwerpers Dresden met duizenden tonnen brandbommen van de aardbodem. Voor velen was deze aanval uit militair oogpunt hoegenaamd niet nodig omdat de stad geen oorlogsindustrie had, alleen door vrouwen, kinderen en ouderen werd bewoond en Duitsland toch al kort voor de capitulatie stond.

In die ene nacht vielen 35.000 doden en gingen meer dan honderdduizend woningen in de vlammen van de fosforbommen op. Meer dan duizend Anglo-Amerikaanse bommenwerpers waren twee keer teruggekomen om hun lading te droppen. De stad werd bijna geheel in puin en as gelegd. Na 14 februari volgden trouwens nog meer raids, die nog meer dodelijke vuurstormen veroorzaakten.

Dresden, destijds ook wel het 'Firenze aan de Elbe' genoemd, was een openluchtmuseum van barokke kunstschatten. Een ervan was de beroemde Frauenkirche, een symbool van de stad. De kerk brandde helemaal uit en stortte op 15 februari in. Ze is inmiddels in volle glorie heropgebouwd, ook met Britse en Amerikaanse financiële steun en is sinds kort weer toegankelijk voor het publiek.

Al kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog heeft het drama van Dresden geleid tot het cultiveren van de 'slachtoffermythe' in Duitsland, die vandaag vooral door extreem-rechtse groeperingen wordt aangemoedigd. Maar zelfs het communistische regime in de voormalige DDR (Duitse Democratische Republiek) flirtte met de slachtoffermythe, door te stellen dat de geallieerden vooral delen van Oost-Duitsland hebben platgelegd omdat die nadien door de Sovjetunie zouden worden bezet.

Dresden is de hoofdstad van de Duitse deelstaat Saksen en daar zit de neonazistische NPD in het parlement. Vorig jaar in september behaalde de rechts-radicale partij liefst twaalf procent van de stemmen. Ze heeft tien zetels. Het is deze NPD die zich bijzonder onderscheiden heeft om de herdenkingsplechtigheden naar haar hand te zetten.

De NPD heeft vorige maand geweigerd een minuut stilte in acht te nemen toen het parlement de bevrijding van het concentratiekamp Auschwitz herdacht. Sindsdien woedt het debat of de Duitse overheid de partij niet buiten de wet zou moeten laten plaatsen weer in alle hevigheid. En na het afgelopen weekeinde is dit debat actueler dan ooit.

De partij heeft een traditie van het minimaliseren van de holocaust en spreekt voortdurend over "oorlogsmisdaden van de geallieerden tegen het Duitse volk". Zij heeft ook de term 'bommenholocaust' uitgevonden en in Duitsland in het publieke debat gebracht, om de geschiedenis van WO II beter in haar kraam te laten passen. Het is bovendien ook de partij die op 8 mei in Berlijn een 'treurmars' wil houden, omdat voor haar het einde van de verloren Tweede Wereldoorlog voor Duitsland een droevige zaak is.

Het bij wet verbieden van de NPD is echter geen eenvoudige zaak, zeker niet omdat minister van Binnenlandse Zaken Otto Schily (SPD) al eens wandelen is gestuurd door onafhankelijke rechters die zijn juridische onderbouw voor een verbod niet solide genoeg vonden. Als de rood-groene regering van kanselier Schröder een tweede keer zou worden afgewezen met haar poging te NPD te verbieden, zou dat een onwaarschijnlijke reclame voor de beweging zijn. Dat risico wil men vooralsnog nog niet lopen.

Wel heeft de justitie in Saksen een onderzoek ingesteld naar de 'SSS', die sinds 2001 in Duitsland verboden is. Dit overduidelijke letterwoord staat voor 'Skinheads Sachsische Schweiz', naar de landstreek Saksisch Zwitserland waar Dresden niet ver vandaan ligt. De ultrarechtse knokploeg, gespecialieerd in overvallen op buitenlanders, is dus verboden maar zou toch nog bestaan en goede relaties onderhouden en samenwerken met de NPD en enkele van haar verkozenen, die parlementair onschendbaar zijn. Justitie zoekt nu uit of de SSS en eventueel ook de NPD 'gepakt' kunnen worden.

De Duitse regering heeft bovendien het plan om het 'recht van vergaderen' te beperken. Hiermee zou men rechts-extremistische manifestaties willen verbieden die plaats hebben bij of in de buurt van herdenkingsplaatsen van nazi-misdaden zoals kerkhoven en voormalige concentratiekampen. De strafmaat voor rechtse ultra's die daar dan toch zouden gaan 'betogen', zou fors worden opgetrokken. Als die maatregel er snel komt, kan de 'treurmars' van 8 mei, die in Berlijn niet ver van het Holocaust-Mahnmal bij de Brandenburgse Poort zou plaats hebben, makkelijk verboden kunnen worden door de overheid.

Ook het bejubelen van nazi-politici, zoals met Hitlers plaatsvervanger Rudolf Hess elk jaar gebeurt, zou strafbaar worden op grond van de nieuwe wet. Minister Otto Schily: "Het is ondenkbaar en het moet worden belet dat Duitsland in het buitenland prestigeverlies zou lijden als neonazi's op 8 mei het nationaal-socialistische geweldregime zouden verheerlijken en de slachtoffers ervan zouden bespotten."

Er bestaat zelfs al een plan om op 8 mei de hele buurt rond de Brandenburgse Poort tot neutrale zone uit te roepen, een plek waar geen betogingen mogen plaats hebben. Op die manier zou men de NPD uit dat stadsdeel kunnen weghouden. Het is echter de vraag of de rechters daarop zal willen ingaan.

Een ander voorstel is dat de regering en het hele parlement in die Berlijnse buurt een herdenkingsplechtigheid zouden houden naar aanleiding van het einde van WO II, maar ook dat valt niet goed. "Wij kunnen toch niet elke keer als extreem-rechts met een betoging dreigt, zelf de straat op gaan", zei een volksvertegenwoordiger eerder deze week.

Uit recente cijfers blijkt dat het aantal rechts-extremistische misdrijven in Duitsland (in de meeste gevallen geweldplegingen op straat, maar er zijn ook enkele moordpogingen bij) in 2004 niet lager was dan het jaar voordien, hoewel politie en justitie naar verluidt waakzamer zijn. In het hele land gaat het om 551 aangegeven gevallen. De deelstaat Saksen, waarvan Dresden de hoofdstad is en waar de NPD dus verkozenen in het parlement heeft, spant met 146 gevallen de kroon.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234