Zaterdag 07/12/2019

‘Beste cafébaas van Europa’ trekt deur van AB achter zich dicht

Net voor z’n pensioen vroegen we een handvol intimi en tijdgenoten om herinneringen op te halen aan de ‘Schalkse Ruiter’, zoals Jari door z’n werknemers werd geridderd. Als uit één stem klinkt het daar: ‘De AB is Jari. En Jari is de AB. Dat zal niet veranderen.’

“Ik spreek uit ervaring”, zegt Arno Hintjens, die van alle nog levende artiesten het vaakst in de AB heeft gespeeld. “De Bataclan en Paradiso zijn top, maar de AB is uniek. Je kan er een plaat opnemen, en de catering is er godverdomme die van een driesterrenzaak. Daar kan Pietje Huysentruyt een puntje aan zuigen.”

En wat betekent Jari zélf voor Arno? “Da’s een broer van mij. We kennen elkaar al sinds de jaren zeventig. Volgens hem heb ik dertig keer opgetreden in de AB. Ik denk eigenlijk dat het méér was. Al moet je daar niet veel over vragen: ik kan ze me niet allemaal meer herinneren (lacht).”

Het afscheid lijkt le plus beau best somber te stemmen: “Weggaan, dat is een beetje doodgaan, hè”, zucht hij. “Maar verlaten is niet zo erg als doodgaan. Ik ga hem missen, maar ik ga niet bleiten. Het is geen begrafenis, hè?”

Nee, maar de wissel van de wacht - vanaf 1 maart is Dirk De Clippeleir de nieuwe kapitein - rondt wel een belangrijk hoofdstuk voor de AB af. Met zijn benoeming werd Jari Demeulemeester een van de hoofdrolspelers in het culturele leven van de Europese hoofdstad. Aan Wallonië stelde hij zich altijd voor als een “mercenaire de la musique”, maar in Vlaanderen werd Jari beschouwd de “bewaker van het huis van hoop”.

Op 21 september 1979 opende staatssecretaris Rika Steyaert de vernieuwde AB alleszins met de gevleugelde woorden: “Dit is een huis van hoop.” Ironisch genoeg was Demeulemeester de wanhoop toen vaker nabij: het zwaard van Damocles hing jarenlang boven de AB. Boetes, relletjes, politie-interventies en dreigingen vanuit de duurste advocatenkantoren onderstreepten het permanente sluitingsgevaar van de zaal.

Maar toch had toenmalige cultuurminister Patrick Dewael er het volste vertrouwen in. Of dat beweert hij vandaag toch. In 1988 zond hij Demeulemeester - toen zijn adviseur - naar de Ancienne Belgique. “Het lag voor de hand dat Jari naar de AB zou gaan. Hij was kind aan huis in alle culturele instellingen, en de zaal had zijn legendarische enthousiasme broodnodig”, vertelt Dewael. “In de periode ’85-’90 was de Ancienne Belgique namelijk niet erg gezond. Maar ik geloofde sterk in zijn slaagkansen: Jari kun je namelijk niet intomen (lacht). Dat wist ik uit ondervinding. Zonder afspraak stormde hij voortdurend m’n kabinet binnen, drukte me op het hart dat hij maar drie minuten van mijn tijd nodig had, en die drie minuten duurden dan een halve middag (lacht). Hij was verschrikkelijk chaotisch, ook in zijn gedachtegang, maar dat heeft blijkbaar nooit in z’n nadeel gespeeld.”

Grove borstel

Teddy Hillaert, booking agent bij Live Nation, verdiende zijn eerste sporen in de AB, en herinnert zich: “In 1988 heeft Jari zijn grove borstel meegebracht naar die concertzaal. De eerste acht jaar was er geen eenheid. De AB wilde van alles zijn - een theaterzaal, een danszaal, een concertzaal - maar ze was níéts, ze had geen gezicht. Toen Jari de knoop doorhakte om de AB in een rocktempel te veranderen, is de zaal erop vooruitgegaan.”

Arno Hintjens noemt Jari om die reden dan ook een muziekpionier in België: “En geen genre was hem vreemd: een Japanse artiest, een Oezbeek of een West-Vlaming? Als het goed was, dan programmeerde Jari het. Eerst in de Beursschouwburg, en later in de AB. Het is dankzij hem dat die zaal intussen bekend is tot in Amerika, hè. Allé, ik wil nu niet chauvinistisch zijn. Maar toch wel een beetje (lacht).”

De visionair en de wandelstok

“Jari is de AB, en de AB is Jari”, zegt Isabelle Decallonne. En zij zou het moeten weten. Decallonne was acht jaar lang Jari’s personal assistant. Een spannende tijd, noemt ze het. Maar ook geen makkie. “Mijn voorgangers hielden het hooguit twee jaar vol! Jari kan dan ook heel heftig te keer gaan om zijn zin te krijgen. Dat ging de ene keer over de wilde plannen die hij beraamde, maar net zo goed belde hij me in paniek wanneer hij z’n wandelstok vergat in een taxi, of z’n hoed verloren was. Dan moest ik heel Brussel rondbellen. Zo snel mogelijk! Maar net zo goed kan hij heel openhartig, kwetsbaar en charmant zijn: dat is de magie van Jari, denk ik. Ik noemde Jari dan ook altijd de ‘Schalkse Ruiter’.”

Een andere lid uit de AB-familie is Kurt Overbergh, vandaag artistiek directeur van de AB. “Jari was m’n leermeester. Hij gaf me mee om overal m’n ziel in achter te laten, zoals ook hij dat altijd heeft gedaan. Jari was er bijvoorbeeld nooit de man naar om stijve conference calls te houden: bij hem moesten alle belangrijke gesprekken face-to-face gebeuren, en liefst nog bij een goede maaltijd en een glas wijn. Die heel persoonlijke aanpak werkte ook bij artiesten. Toen het niet zo goed ging met de AB, en de politieke druk begon te wegen, heeft hij naar verluidt ooit in wanhoop uitgeroepen: “Ze verwachten dat ik de beste cafébaas van Europa wordt”. Dat is effectief zo geworden, mag ik nu wel stellen. Jari is de beste cafébaas van Europa. Hij kan met iedereen overweg en hield zich als baas nooit in een ivoren toren schuil. Dat hij weer wél vaak in het AB-café terug te vinden was, doet natuurlijk ook veel aan die naam (lacht).”

Tien jaar voor hij directeur werd, organiseerde Demeulemeester overigens het eerste concert in de vernieuwde Ancienne Belgique. Op 21 september ’79 was dat. Johan Verminnen stond toen op het programma. Beiden kenden elkaar al sinds hun schooltijd. “Zelfs op de schoolbanken organiseerde hij al concerten”, herinnert de zanger zich. “Dat heeft er altijd in gezeten. Ik moet Jari trouwens erg dankbaar zijn: hij heeft me indertijd veel kansen gegeven. Mensen in de kleinkunst als Kris De Bruyne en Wim De Craene heeft hij ook van in het begin een hart onder de riem gestoken. Maar net zo goed was hij buiten dat genre een visionair: wist je dat hij voor negentig man een concert van Dire Straits op poten zette, exact een week voordat Sultans of Swing een wereldgroep van hen maakte? En ook Tom Waits heeft hij naar Brussel gebracht, op een moment dat die nog een ster moest worden. Dàt was zijn grootste sterkte. Maar laat hem vooral géén speech houden”, monkelt Verminnen verder. “Meestal zijn die eindeloos lang en kan geen mens er een touw aan vastknopen. Ik probeerde alleszins altijd te ontsnappen naar de bar, wanneer hij zich aan de microfoon stelde.”

Decallonne krijgt daarom het laatste woord: “Natuurlijk ga ik hem missen… Iedereen trouwens. Jari laat z’n ziel achter in de AB. De nieuwe directeur heeft volgens mij dan ook eigenlijk maar één taak: níét aan die ziel raken. Want anders zal hij ander werk moeten zoeken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234