Donderdag 21/01/2021

Best wel wat nieuws onder de zon

'Nil novi sub sole': niets nieuws onder de zon. Het is de laatste zin van Bart De Wevers bijdrage aan een bundel met de welzijnswerkerstitel 'Oud maar niet out. Denken en doen met de oudheid vandaag'. Dat is een saaie conclusie naast de veel prikkelender stukken van de échte oudhistorici en classici in de bundel.

De Wevers zin staat aan het eind van een stuk waarin hij in een Romeinse handleiding voor verkiezingscampagnes opvallende parallellen ontdekt met zijn politieke heden: benadruk de zwakheden van je tegenstander, verspil geen tijd aan mensen die je toch niet voor je kunt winnen, hou je boodschap simpel... (Het stuk stond in 2011 al letterlijk in zijn boek Werkbare waarden en leidde ook tot een column in De Standaard. Dezelfde tekst drie keer gebruiken: dat is ook een nuttige wenk.) De teneur van De Wevers stuk is: kijk eens, toen ook al! Je bent tenslotte conservatief voor iets.

Zo out de historicus De Wever, die natuurlijk ook wel weet dat elke historische vergelijking een beetje mankt, zich in de eerste plaats als een aanhanger van een essentialistische opvatting van de geschiedenis: in wezen verandert er niets. Dus mag en kun je tijden rustig met elkaar vergelijken. Dat is de kick van de herkenning waarbij wijlen mijn leermeester, de oudhistoricus Herman Verdin, steevast zuchtte hoe volstrekt oninteressant dat nil novi sub sole volgens hem was: 'Waarom zou je je met de oudheid bezighouden als het toch allemaal hetzelfde is?' Wie het gelijkheidsteken zet, ontkent tegelijk de geschiedenis. Het is in deze context geen toeval dat De Wever tijdens zijn recente Londense trip burgemeester Boris Johnson het boek Rome. Droombeeld van Europa van... de classicus Boris Johnson liet signeren. Dat is een lange lofzang op hoe de Romeinen er volgens Johnson wél in slaagden een Europese (en meteen ook Noord-Afrikaanse en Klein-Aziatische) Unie en het bijbehorende eenheidsgevoel te creëren, in tegenstelling tot de huidige amechtige pogingen.

De Wever en Johnson zien niet alleen parallellen in de oudheid: ze vinden ook dat het er in een aantal opzichten beter aan toeging en dat je er ideeën voor vandaag uit kunt halen, bijvoorbeeld uit de Romeinse omgang met identiteit, die was gebaseerd op "een geheel van gedeelde basiswaarden".

Nee, dan zijn andere essays in Oud maar niet out zoveel boeiender, omdat ze een ander uitgangspunt hebben: valt er via de omweg van de Grieks-Romeinse oudheid iets te leren over onze tijd en zijn blinde vlekken en onuitgesproken vooroordelen, net omdat die oudheid zo anders is en vreemd? Déze historici en classici gaan er in de eerste plaats van uit dat elke tijd een nieuwe constructie is en dat de dingen wel degelijk fundamenteel veranderen: liefde, seksualiteit en haat zijn uiteraard tijdloze begrippen, maar in de andere historische context betekenden ze voor een Griek of Romein iets heel anders dan voor ons, postromantici.

Dat denken staat tegenover het deweveriaanse essentialisme en het is onder meer geïnspireerd door de filosoof en filoloog Nietzsche: "Als men het als de opdracht van de filoloog ziet om zijn eigen tijd via de oudheid beter te begrijpen, dan is zijn opdracht tijdloos." De sombergestemden, zoals Luc Devoldere in deze bundel en eerder ook elders al, vragen zich zelfs af of we de 'wanhopig vreemde' oudheid en haar mensen wel kúnnen begrijpen. Projecteren we niet altijd vooral onszelf op 'de tijd van toen'? De meer rekkelijken zien heil in de unieke combinatie van de herkenbaarheid en de vreemdheid.

Pedofilie en homoseksualiteit, toen ook al? Je hoort het over de oudheid wel eens opperen, door de ene in idealiserende zin, door een andere verketterend: "De verheerlijking van de homoseksualiteit is een achteruitgang van twintig eeuwen en betekent een terugkeer van de Grieks-Romeinse oudheid", aldus André-Mutien Léonard ooit. Goed fout, zegt mentaliteitshistoricus Christian Laes hier: "De antieke wereld is er een met heel andere, ja zelfs bevreemdende seksuele waarden en normen, gebaseerd op sociale machtsverhoudingen (bv. door de aanwezigheid van massa's rechteloze slaven), op eer en reputatie, wars van leeftijdsgebonden criteria of categorieën als homoseksualiteit en heteroseksualiteit." Eat your heart out, Léonard.

Heilig bos

In zijn stuk met de intrigerende titel 'Klassiek Griekenland en klimaatverandering' poneert Richard Seaford, de enige buitenlander in deze bundel, dat alles is begonnen bij de alomtegenwoordigheid van geld, een gegeven waar de oude Grieken als eersten mee te maken kregen en ook over nadachten. Heel in het kort: volgens Seaford maakt het bezit van geld veel premonetaire vormen van sociale relaties overbodig: wederkerigheid, herverdeling, verwantschap, enzovoort. Met geld kun je als individu in principe al je noden vervullen: "Geld homogeniseert, isoleert het individu en is onbeperkt en onbegrensd. (...) Maar onbeperkte economische groei is onmogelijk in een wereld van eindige middelen en leidt onvermijdelijk tot een catastrofale klimaatsverandering." In de Griekse mythe kapt ene Erysichthon een heilig bos om voor zichzelf een banketzaal te maken. Voor straf wordt hij onverzadigbaar hongerig, moet hij zijn dochter verkopen en eet hij uiteindelijk zichzelf op. Zoek de, jawel, parallel met onze hongerige tijden.

Toon van Houdt ziet de onrustbarende terugkeer van de fysiognomiek, de 'wetenschap' die zegt dat je aan de hand van het uiterlijk iemands persoonlijkheid kunt achterhalen. In de verfoeide twintigste eeuw is dat soort denken uitgemond in rassenbiologie en erger. Het is ontstaan in de Grieks-Romeinse oudheid. Niet alleen neonazistische websites bulken er vandaag van, maar ook humanresourcemanagers willen er wel eens hun toevlucht toe nemen: headhunten, letterlijk.

Fitnessen

Lieve Van Hoof ontdekt in 'Fitnessen en diëten met Grieken en Romeinen' een fundamenteel vreemde oudheid die qua gezondheid niet op de hoogte was van de bloedsomloop, microben, celstructuren en tutti quanti. Maar ook een oudheid die veel meer holistisch omging met gezondheid, preventie en de zorg voor zichzelf dan veel hedendaagse westerlingen. Nogal wat antieke artsen in spe begonnen hun opleiding met cursussen filosofie. Een psychiater als Dirk De Wachter houdt niet op te benadrukken hoe groot in onze opleidingen het manco daaraan is.

Wat perfect aansluit bij het pleidooi van Ludo Abicht in Oud maar niet out. Abicht wil een verwaarloosde tak van de klassieke filosofie opnieuw de plaats geven die haar toekomt: de antieke cynici, filosofen die vrijmoedig de waarheid zeiden en daar ook naar leefden. Denken en leven waren bij Diogenes en de zijnen één geheel, en dat zijn wij kwijt: 'de ethische verantwoordelijkheid van politici' en 'ethisch bankieren en beleggen' zouden overbodige pleonasmen moeten zijn.

Peter Van Nuffelen roept kerkvader Augustinus te hulp voor het hoofddoekendebat, Koen Verboven zet de oudheid af tegen de moderniteit en de religies van het boek, en Luc Van der Stockt houdt een pleidooi voor een retorische opvoeding in zindelijk argumenteren en weloverwogen formuleren. "De retorische opvoeding beoogt de mens te bevrijden van de grootste bedreiging van de humanistische cultuur: de neiging om tirannieke waarheid te verkondigen." Oud maar niet out is een wat academisch geschreven maar kleurrijk en vooral actueel geheel dat het grijze nil novi sub sole ferm overstijgt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234