Zondag 17/10/2021

Ben je Ché of Menzo?

Vanaf deze week strijdt 'Menzo' samen met 'Ché' om de mannelijke lezers. Wat moet dat nu plots, al die mannenbladen? Lijken ze op elkaar, of wordt een Ché-lezer nooit een Menzo-fan? En vinden vrouwen er ook iets aan? Wij deden de test: de twee glossy mannenbladen besproken door een man én een vrouw.

Ik weet het: ze zijn niet voor mij bedoeld. Strikt genomen word ik niet verondersteld er ook maar enige affiniteit mee te vertonen. Maar rechtvaardigt het feit dat ik diverse innige banden onderhoud met leden van de doelgroep mijn nieuwgierigheid naar mannenbladen niet? Wat zou ik denken van een man die voor mij in trein of tram Ché of Menzo leest? Val ik überhaupt op een man die mannenbladen koopt? Ik vind mannen sexy als ze een boek of de krant lezen (een echte, geen tabloid) Een stripverhaal mag ook (geen Jommeke), want dat wijst erop dat de man in kwestie een jongensachtige onbevangenheid heeft bewaard, of een tijdschrift over motorrijden, hengelen, vliegtuigen desnoods: als het maar getuigt van het feit dat de lezer in staat is tot eenzijdige belangstelling en grote passie. Mannenbladen zijn, vermoed ik, hulpstukken voor twijfelaars, kneusjes die niet kunnen kiezen tussen een echt blootblad en de glanzende folder van een prestigieus automerk. Maar wie ben ik om te oordelen? Dat ik zelf ook wel eens de Marie-Claire, Elle, Feeling en ja, zelfs Flair ter hand neem, betekent niet dat ik graag afgeschilderd word als iemand die uitsluitend in mode en make-up geinteresseerd is. Weg met de vooroordelen, dus.

Van beide bladen heeft Ché spontaan een streepje voor: de naam van mijn jeugdidool galmt nog altijd na. Helaas poseert op de cover Brigitta Callens met een soort metalen bovenstuk dat bij nader inzien een krablaag is. De stunt is dat je in 200 van de 70.000 exemplaren, bij nog nader inzien, een blik wordt gegund op Brigitta's borsten. Zouden er echt mannen bestaan die dit tijdschrift kopen, louter en alleen om een glimp op te vangen van Brigitta's anatomie? (Het antwoord is: ja.)

Daarenboven heb ik iets tegen Brigitta Callens, en dan níet omdat ze een onwaarschijnlijk gladde huid heeft, het perfecte figuur, lange glanzende haren en een soort poppengezicht waarop het leven nog geen spoor heeft nagelaten. Als je je als vrouw negatief uitlaat over babes, moet je je altijd verdedigen tegen de beschuldiging dat je natuurlijk gewoon jaloers bent. Onzin. Als je er niet tegen kunt dat de helft van de vrouwelijke bevolking jonger én knapper is, kun je beter kluizenaar worden. Wat ik tegen Brigitta heb, is dat ze louter uit plastiek (toegegeven, prima kwaliteit) lijkt opgetrokken en daar blijkbaar genoegen mee neemt. Ik heb haar nog nooit één zinnig woord horen zeggen en misschien is dat haar functie ook niet, maar als dat het vrouwenbeeld is waarop de lezer van Ché zich focust, belooft het niet veel goeds. Ook de andere titels, 'Sabine Hagedoren: Waarom staat u altijd met uw balkon voor de Balkan?' bekoren mij niet echt. Dit soort humor associeer ik altijd met zweterige collegejongens die evenveel last hebben van hun libido als van acne. Nee, dan Menzo, met op de cover sobere naaktfotografie van olympische atleten. Het verhaal van de Vlaming in het gekaapte toestel in Afghanistan wil ik lezen, net als het dossier over vrijen met drie. Maar dat is slechts de omslag, en aangezien ik het adagio you can't judge a book by its cover wel kan beamen, ga ik op diepgaander onderzoek uit.

Ché flitst aan mij voorbij in allerhande korte stukjes, en ik ben al aan pagina veertien voor ik ergens bij stilsta. Bij de 'vijf gouden regels om een goede indruk te maken na een promotie' denk ik aan onze nieuwe hoofdredacteur en noteer ik onder meer: 'probeer uw nieuwe medewerkers vooraf te ontmoeten' en 'maak gebruik van het beschikbare potentieel'. De interviews met achtereenvolgens Sabine Hagedoren, Kylie Minogue en Kaat Tilley sla ik over wegens te veel, te vaak en dat met Brigitta bevestigt alleen mijn vermoeden dat het mens niets te vertellen heeft.

Ik bedoel maar: wie zit nu te wachten op uitspraken als: 'Ik sta niet op de cover onder het mom van: Hey guys, I'm gonna show you my breasts. Dit is gewoon stijlvolle fotografie'. Waar heb ik dat nog gehoord? Dan vind ik dat Playboy zijn prioriteiten beter op een rijtje heeft: daar nemen ze van de Playmates toch ook geen interview af? Brigitta's nieuwe vriend daarentegen, eigenaar van de discotheek Zillion, blijkt een romantisché (sorry) ziel. Wat vertelt de lieverd over de manier waarop hij haar van een vorige geliefde heeft afgetroggeld: "Op een gegeven moment is ze met vakantie vertrokken naar Sint-Maarten en toen heb ik besloten er alles aan te doen om haar alsnog te overhalen. Ik heb heimelijk een vriend van me achter haar aan gestuurd en die heeft ervoor gezorgd dat ze elke dag wel op een of andere manier aan me werd herinnerd. We hadden vooraf veel over de maan gepraat en elke avond lag daar dan plots een boek over de maan op haar bed. Ik zorgde ervoor dat 'With or without you', een nummer van U2 waarvan ik wist dat het veel voor haar betekende, dagelijks in het restaurant van haar hotel gespeeld werd. Ik wist ook dat ze even daarvoor nog een promostunt had gedaan met een Smart-auto en heb er dan voor gezorgd dat er op een dag een Smart naast haar aan de rand van het zwembad stond. Terwijl er op heel Sint-Maarten geen Smart rondrijdt."

Ik zou zeggen: heren, reden genoeg om onverwijld Ché te gaan lezen. Net als de fraaie fotoreportage over de olympische ploeg van Sierra Leone, de visie van stijlmeester Hans Vos op Belgische BV's, de modespecial met Harry Van Barneveld en de grote voetbalschoenentest.

Bij Menzo denk ik na de eerste vijftig pagina's: dit moet een vergissing zijn. Dit is geen mannenblad, maar een bijzonder fraai ogend, goedgemaakt tijdschrift vol boeiende repo's en interviews. Zoals dat met David Jansen die eind december '99 de kaping van een Indisch vliegtuig overleefde. Knap staaltje journalistiek om de man over te halen om zijn verhaal te doen. Het legt meteen ook pijnlijk duidelijk een zwakke plek van dagbladjournalistiek bloot: de eerste dagen na de ramp wou iedereen de jongeman in kwestie voor een interview, maar daarna zwenken de spotlights onherroepelijk een andere richting uit. Nog een goed interview is dat met de dokter van het Formule 1-circuit. De psyche van Enzo Scifo daarentegen blijkt even weinig onthullend als 's mans acties op het voetbalveld de jongste jaren.

Maar dan begint het. De Camel Trophy 2000, Action Man, Body Combat, Paramotor. Het mysterie van de Keniase afstandsloper en Belgische topatleten. Het is duidelijk: Menzo ziet de nieuwe man in hoofdzaak als een gestroomlijnde sportieveling, een tot in de puntjes getrainde sprinter en immer parate vechter. Over het hart onder de spieren, de psyche achter de botten, wordt met geen woord gerept. Dat het wel degelijk een mannenblad is, wordt mij ook definitief duidelijk bij het overigens uitstekende stuk over trioseks. Hierin komen alleen de heren der schepping aan het woord: niet één keer wordt het gebeuren vanuit vrouwelijk gezichtspunt (nou ja) belicht. De modespecial achteraan maakt het weer goed: vier voetballers in een net pak. Wie zei ook alweer 'less is more'? Minder dijen, minder kuiten dan in voetbaluitrusting maar allemensen, wat zien ze er schitterend uit: Stoica, Olivieri, Borkelmans. Wat een sex-appeal! Ahahhh. Doe mij maar een mannenblad, voortaan.

Hilde Sabbe

'Brigitta Callens topless - krab hier en zie of u bij de 200 gelukkigen bent." Eén ding is zeker: Ché gaat er voluit voor deze maand, en dat zal wel rechtstreeks met de dreigend opdoemende concurrentie van Menzo te maken hebben. "Als we nu eens aan Brigitta Callens vragen om voor ons te poseren!" beschrijft eindredacteur Bart Hikspoors in zijn edito de wat opgefokte, naar verluidt door six-packs Jupiler opgeluisterde sfeer van een redactievergadering van Ché. "Met haar boezem bloot! En dan zetten we er een krablaag over! En op tweehonderd exemplaren zitten er onder die krablaag effectief de blote borsten van Brigitta, en op al de rest ook wel, maar dan met haar handen erover! Zodat je ze dus niet ziet (die borsten), en er een heleboel lezers nog geen klein beetje op hun kin zullen kloppen! Maar da's niet erg, want wij hebben sportieve lezers, da's algemeen geweten! En die tweehonderd anderen, nondemiljaardedju, die zullen nogal eens een lel van een collector's item in hun bezit hebben. En..."

Zoveel enthousiasme is leuk, en Callens' anatomie is - zelfs in lingerie gestoken - inderdaad best wel van aard om tongen te doen verstommen en hemellichamen uit hun baan te laten drijven. Maar wie beweert dat het idee van de krabstrook aan de denktank van de Ché is gespoten, doet die verzamelde breinen net iets te veel eer aan. Diep in de psychedelische jaren '70, zo herinner ik mij, las ik al met rode oortjes een boek van een of andere B-schrijver (Harold Robbins? 'Eerst sterft de droom?') waarin krek hetzelfde idee werd geopperd. De dame in kwestie zou in cowboy-outfit op de centerfold verschijnen, topless, met de voor sommige mannen ongetwijfeld prikkelende tekst: 'Bent u mans genoeg - om ook mijn broekje weg te krabben?' Zo ver gaat deze Ché een kwarteeuw later dus niet eens.

Alle respect voor de manier waarop Grootaers en kompanen de voormalige Panorama van een gewisse dood gered hebben met de lancering van P-magazine, en nu op dit succesverhaal voortborduren met het maandblad Ché. Net zoals zijn wekelijkse broertje brengt Ché best wel lezenswaardige verhalen en mooie fotorepo's ('De olympische ploeg van Sierra Leone, om maar iets te noemen), maar om de een of andere reden moet de ruimte tussen voor- en achterplaat altijd weer 'verlucht' - lees: naar beneden gehaald - worden met melige rubriekjes die bulken van humor in zijn meest puberale verschijningsvormen. De BV's met voorgeplakte snorren die ons al op pagina 10 debiel aangapen: ze doen nog het meest denken aan onze eerste jaren op de middelbare school, toen we de oersaaie Herr Schwarz uit het onvolprezen handboek Deutsche Welt ook al van bakke- en andere baarden voorzagen. 'De kater en hoe er (niet) vanaf te geraken (remedie 8: opnieuw gaan drinken)', 'Seks is goed voor u', 'Sabine staat met haar balkon voor de Balkan': geconserveerde en gevriesdroogde stukjes uit een provisiekast waarin de redactie bij wijze van opvulspul naar hartelust kan graaien. Je staat er een beetje verbouwereerd naar te kijken, zoals je ook niet-begrijpend zit te staren naar de pulp die het televisietoestel elke dag avond weer over je uitbraakt als je die knop durft om te draaien: welke hond heeft hier in godsnaam iets aan? Maar ach, toen de Ché tijdens het schrijven van dit stukje open en bloot op mijn bureau te pronk lag, kon ik zelf vaststellen hoe de ene na de andere mannelijke collega er naar toe werd gezogen, als vliegen naar zo'n bruin kleverig lint dat vroeger de huiskamers ontsierde. En de jonge kritische vrouwen op de werkvloer? Ze halen verveeld de schouders op bij het zien van de krabborsten, of halen uit de foto's in de Ché zelfs inspiratie voor de aanschaf van nieuwe lingerie. De tijd van de beha-verbrandingen ligt blijkbaar voorgoed achter ons. "Exploitatie van het vrouwelijk lichaam? Ach, ze doen maar. Er zijn wel ergere dingen dan dat."

Het verschil tussen Ché en het gloednieuwe Menzo blijkt al meteen uit de foto op de cover: hier geen klassiek, half-onschuldig, half-ondeugend in de lens blikkend model maar een intrigerend beeld van Jonathan Nsenga en Kim Gevaert, beiden naakt en 'goudeerlijk' in de startblokken. Een voorproefje van de exclusieve portrettenreeks die Tim De Waele van de Belgische atleten voor Sydney maakte. Daarop volgen niet de ietwat schreeuwerige 'light prose'-rubrieken die we kennen uit de Ché ('Draag een snor!', 'Kom ook eens gevat uit de hoek!', 'Het sekspirientje', 'De vreetversnelling'), maar een paar stukken die ons wel bij het lezersnekvel vermogen te grijpen. "Ten, nine, eight... Bij nul schreeuwde de kaper 'kill him'. Mij dus." Het ijzingwekkende verhaal van David Jansen, die eind vorig jaar de kaping van een Indisch vliegtuig overleefde. Bijna acht maanden later doet hij aan Menzo voor het eerst het verhaal van die traumatiserende ervaring. Van een lichter kaliber maar even lezenswaardig vind ik 'Liefde in tijden van microchips', over de wanhopige vrijgezellen van Silicon Valley: "Je werkt de ene twenty-four/seven na de andere, en plots ben je 38 en besef je dat je in een huis zonder meubelen woont en geen vrouw hebt (...). Net als anderhalve eeuw geleden ontbreekt er één ding om het geluk van de goudzoekers compleet te maken: alleenstaande, huwbare vrouwen zijn er in de hele vallei nauwelijks nog te vinden. Het beetje romantiek dat nog rest, is er dan ook big business geworden."

En dan is er het vernieuwende rubriekje 'Harde munt' bijvoorbeeld, waarin mannen openhartig over hun geld praten in een poging een van de laatste taboes te slopen. In dit eerste nummer Karl Martens, een freelance journalist die zichzelf tot de top van de Vlaamse tv-reportagemakers mag rekenen: "Hier in Vlaanderen kan ik, voor het werk dat ik doe, 10.000 tot 15.000 frank per dag vragen. Maar 15.000 frank is dan ook het absolute maximum. Misschien ben ik naïef, maar bij mijn weten is er niemand die meer kan vragen. Natuurlijk, in de entertainmentsector ligt dat al anders en in de reclame vang je makkelijke het dubbele. Ik kan me ook voorstellen dat je als zelfstandige IT'er met een beetje naam het drievoudige verdient."

Persoonlijk vond ik bovenstaande ontboezemingen onthullender dan Ché's 'Barfly', waarin deze week het stamcafé van "Anderlecht-verdediger en Swingpaleizer" Mike Verstraeten wordt belicht:

"Hoe vaak ben jij de laatste klant?"

"Eigenlijk altijd als ik uitga, haha!"

Haha, juist ja.

Enfin, genoeg appelen met peren vergeleken. Het verschil tussen beide mannenbladen is vooral handig voor pientere vrouwen, die er met een beetje moeite zelfs een selectiecriterium uit kunnen puren: "Lees je de Menzo of de Ché?" als nonchalante, langs de neus weg gestelde toogvraag. Mocht ik als vrouw geboren zijn, ik zou alvast weten met wie van beide lezers het bed te delen.

Nu ja, het zal er wel alles mee te maken hebben dat mijn haastig opgediepte vijf-frankstuk onder Ché's fameuze krablaag niets aantrof dan... Brigitta Callens' handen.

Jean-Paul Mulders

'Mocht ik als vrouw geboren zijn, ik zou wel weten met wie van beide lezers het bed te delen'

'Bij Menzo denk ik na de eerste vijftig pagina's: dit moet een vergissing zijn'.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234