Zaterdag 28/05/2022

'Bemanning ruimteveer Columbia was te redden'

Niet alleen een beschadiging bij de lancering, maar ook de bureaucratische zelfbeschermingsreflex van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie Nasa heeft het leven gekost aan de zeven astronauten van het ruimteveer Columbia, dat op 1 februari in stukken brak tijdens zijn terugkeer in de aardse atmosfeer. Dat is het vernietigende verdict van een langverwacht onafhankelijk onderzoeksrapport dat gisteren werd vrijgegeven. Sean O'Keefe, administrateur-generaal van de Nasa, noemde het rapport 'op tijd, grondig en direct'.

Washington

Van de persagentschappen

Het oudste ruimteveer van de Nasa brak op 1 februari in stukken, toen het na een wetenschappelijke vlucht in de dichte lagen van de atmosfeer dook om te landen op Cape Canaveral. De zeven astronauten kwamen om en tal van experimenten aan boord gingen verloren. Na een onderzoek van meer dan zeven maanden, waarin 30.000 documenten, honderden vraaggesprekken en meer dan 38.000 kilo brokstukken van de shuttle werden bekeken, maakte de Columbia Accident Investigation Board (CAIB) gisteren een onderscheid tussen de 'technische' oorzaak van het drama en de "organisatorische redenen die verankerd zijn in de geschiedenis en de cultuur van de Nasa".

"Wij zijn ervan overtuigd dat de managerspraktijken met betrekking tot het shuttleprogramma evenzeer een oorzaak zijn voor het ongeluk als de techniek", beklemtoonde de door admiraal Harold Gehman voorgezeten onderzoekscommissie. Gehman stelde gisteren dat de inslag van een stuk piepschuim op de voorkant van de linkervleugel, zowat 82 seconden na lancering, een bres in het hitteschild sloeg. Het isolatiemateriaal was van de enorme brandstoftank afkomstig. Bij het binnendringen van de dichte lagen van de atmosfeer, zestien dagen later, kon door de schade superheet gas door de bres de vleugel binnendringen. Daardoor smolt de aluminiumstructuur van de linkervleugel, werd het ruimteveer onbestuurbaar en viel het uiteen. "De bemanning had in die omstandigheden geen overlevingskansen", aldus het rapport. Dat betekent echter niet dat de bemanning niet gered had kunnen worden. "Indien de omvang van de schade door het management zou zijn ingeschat, had een moeilijke maar te realiseren poging tot reddingsactie voor de bemanningsleden kunnen worden ondernomen. Als de vluchtverantwoordelijken voor de zevende vluchtdag de potentieel catastrofale beschadigingen aan de linkervleugel hadden kunnen vaststellen, zou men het ruimteveer Atlantis hebben kunnen lanceren om een overstap van de bemanningsleden naar de andere spaceshuttle mogelijk te maken." Op Cape Canaveral waren immers voorbereidingen aan de gang om de Atlantis naar het internationaal ruimtestation ISS te sturen. Dat ruimteveer kon versneld klaar zijn op 10 februari, om de Columbia ten laatste vijf dagen later te ontmoeten. Na overstap van de bemanning had Columbia geprogrammeerd kunnen worden om in zee te storten, of naar een hogere baan te vliegen om daar later hersteld te worden.

De reden waarom het Nasa-management niet ingreep, is volgens de CAIB te wijten aan "culturele gewoonten en organisatorische praktijken die de veiligheid in het gedrang brachten". "De houdingen en de besluitvorming van de managers van het shuttleprogramma tijdens de gebeurtenissen die tot dit ongeval leidden, gaven blijk van te veel zelfverzekerdheid en waren bureaucratisch van aard."

Sinds het dodelijke ongeval met het ruimteveer Challenger in 1986 was het veiligheidsconcept voor het ruimteveer niet wezenlijk veranderd, stelde men vast. De CAIB citeert zelfs uitdrukkelijk herhaalde boodschappen van technici die na de lancering wezen op "de risico's van een beschadigd hitteschild door de impact van het 800 gram wegende isolatiemateriaal". Maar die bleven dode letter bij de vluchtverantwoordelijken. Ze wezen zelfs een aanbod van het Pentagon af, om spionagesatellieten te gebruiken voor observatie van het ruimteveer.

Het shuttleprogramma kan nu alleen hernomen worden als de Nasa de aanbevolen wijzigingen heeft doorgevoerd, vindt de commissie. In een reactie op het rapport zei Sean O'Keefe, topman van de Nasa, "de bevindingen te hebben aanvaard" en "naar best vermogen te zullen handelen in de lijn van de aanbevelingen". Hij herinnerde eraan dat de organisatie al begonnen is met aanbevelingen op te volgen.

Onderzoeksrapport zeer kritisch voor bureaucratische Nasa-leiding

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234