Maandag 17/06/2019

Interview

Belgische Special Forces: "Wij zijn geen rambo's"

Special Forces-demonstratie in Florennes. Beeld Bas Bogaerts

Elf dagen lang lagen ze onder vuur in een Belgische ambassade in Afrika. Vijf jaar geleden. In het diepste geheim. Vanavond lichten onze Special Forces voor het eerst een tipje van hun camouflagesluiers in een docureeks op VTM. "Wij zijn geen rambo's. Als we verplicht worden te schieten, dan hebben wij iets over het hoofd gezien."

Special Forces opereren altijd in de schaduw. Uit noodzaak. Uiterste discretie is nodig voor de veiligheid van henzelf en hun families maar ook om hun chirurgische interventies niet in gevaar te brengen. Zo moesten ze in 2011 in allerijl vanuit een C-130 met de parachute springen boven een Afrikaans land - volgens onze bronnen ging het om Ivoorkust, maar Defensie wil dat niet bevestigen - om de Belgische ambassade te beschermen die in de vuurlinie lag van twee rivaliserende clans. Zelf zwaar materieel meenemen kon niet. Uiteindelijk smokkelden de Special Forces een minimum aan wapens onder de motorkap van een auto. Daarmee beschermden ze elf dagen lang met succes de ambassade en de aanwezige diplomaten. In de zesdelige VTM-docureeks Special Forces zullen hun zelf gefilmde beelden van deze actie voor het eerst te zien zijn.

"Dit was een uitzonderlijke situatie omdat de ambassade vlak bij het fel bevochten presidentieel paleis lag", zegt 'Fly' (48), de regiment sergeant-majoor van de Belgische Special Forces Group, als we hem en zijn ervaren collega 'Cé' ontmoeten in hun onopvallend hoofdkwartier. "Deze direct action maakt deel uit van onze taken, maar geeft een vertekend beeld, grotendeels door actiefilms. Daar tonen ze een minuutje briefing met een kaart op een motorkap, waarna de rest van het verhaal bestaat uit beschietingen en ontploffingen. Onze werking is net het tegenovergestelde. Wij bereiden onze acties drie dagen voor. De interventie zelf duurt twee minuten. Liefst zonder te vuren. Indien we verplicht worden te schieten, is het dat wij bij de voorbereiding iets over het hoofd hebben gezien." Cé valt in: "Wij zijn dus geen rambo's, zoals men dikwijls laat uitschijnen."

Beeld Bas Bogaerts

Fly: “Special Forces werken meestal tussen de diplomatie en de oorlog in. Wij richten ons bijvoorbeeld steeds meer op militaire assistentie: zwakke regeringen een sterk militair apparaat geven om rebellen preventief de baas te kunnen.” (Onze regering verleent zo’n bijstand aan Irak, MR)

Tot hun belangrijkste geweldloze activiteit behoort het verzamelen van inlichtingen – in camouflage achter vijandelijke linies of met maatpak en das in steden. Ook verlenen zij, net zoals de rest van Defensie, steun aan de federale politie. Steeds meer doen de operatoren zelf aan terreindiplomatie. Fly: “We onderhandelen dan in burger en achterhalen wat er structuur kan brengen. Als blijkt dat het een waterput is of medische zorg, zorgen we daarvoor.”

Cé: “Militairen die ons vervoegen, vragen we daarom hun oorspronkelijke bagage opzij te zetten. Wij vormen ze opnieuw. Zij zijn gewoon naar het gevecht toe te gaan. Wij doen het omgekeerde. Elk gevecht dat we uit de weg kunnen gaan, betekent voor ons winst. Daarvoor heb je de juiste culturele intelligentie en talenkennis nodig. Niet iedereen kan met clanleiders aan tafel onderhandelen én de aangeboden geitenkop smakelijk uitlepelen zonder mensen op de tenen te trappen.”

Beeld Bas Bogaerts

Dit brengt ons bij hun grootste, huidige, gevecht: nieuwe mensen vinden voor de eenheid. Besparingen zetten daar nu een rem op. Fly: “Hoe kleiner het leger, hoe minder kandidaten wij vinden.” Cé zegt te hopen dat ze in de toekomst ook op universiteiten burgers met specifieke profielen, van IT-ingenieurs tot spoedartsen, warm kunnen maken om een Special Forces-carrière na te streven. Kandi¬daten moeten wel bereid zijn offers te brengen. De leden, met een gemiddelde leeftijd van 28, zijn in een jaar soms acht maanden van huis weg. This is not a job but a way of life, stelt een van hun motto’s. “Als je hier op missie vertrekt, ben je niet altijd zeker wanneer je terugkomt.”

Na een preselectie, waarvoor je 8 kilometer met een 20 kilogram zware rugzak moet lopen binnen de 45 minuten, doorstaan ook maar de sterksten en de slimsten de zes maanden durende opleiding. In tegenstelling tot gewone eenheden, waarbij de groep centraal staat, ligt de nadruk bij de Special Forces op het individu. “Wij zeggen: ga van A naar B, en zorg dat je er individueel komt.”

Centraal in de stage staat fysieke en mentale ontbering. Zo krijgen ze twee nachtelijke droppings per week. Fly: “Die jongens slapen maar 10 uur per week, waarin ze ook meer dan 30.000 calorieën verbruiken. Toch moeten ze iedere vrijdag 80 procent halen tijdens testen, over geopolitiek bijvoorbeeld. Wie faalt voor een dropping of voor theorie krijgt de volgende keer ‘moreel gewicht’ mee, in de vorm van vele extra kilo’s in de rugzak. Een systeem waarbij de deelnemer zichzelf snel corrigeert of uitschakelt. Bij ons moet je nu eenmaal na drie dagen en nachten in de kou zonder slaap nog altijd in staat zijn je actie-intelligentie te tonen. Zo is het ook in de realiteit.” Zo moest Fly zelf begin jaren 90 in Somalië ooit beslissen om te voet een zwaarbewapende jeep van een krijgsheer te achtervolgen omdat zijn vrachtwagen het terrein niet aankon.

Beeld Bas Bogaerts

Mannekes boven hardware

Onlangs kregen de Special Forces nieuwere voertuigen, maar de nodige aantallen zijn door besparingen niet altijd beschikbaar. Cé: “Voor een inlichtingenopdracht voor de EU-missie in Tsjaad kregen we alleen standaardvoertuigen. We zijn ze dan maar zelf beginnen ombouwen. Uiteindelijk reden we daar rond met A-team-achtige voertuigen met al onze wapens erop.”

Een groot voordeel is wel dat er voortdurend contact is met collega’s van andere NAVO-lidstaten, waarmee een grote ‘interoperabiliteit’ is en materiaal en middelen uitgeleend kunnen worden. Alleen blijft die vlieger maar opgaan als je ook zelf iets kunt aanbieden. En dat lukt niet altijd. Een pijnpunt is dat door onze huidige defensiestructuur verzoeken om materiaal voor de Special Forces nog ingediend moeten worden langs een hele keten van bovenliggende echelons. Wat drie dagen zou moeten duren, duurt dan soms drie maanden. Hetzelfde probleem stelt zich bij aankopen. Hun gevraagde tien voertuigen werden samengevoegd met landmachtvoertuigen, waardoor het pakket te groot werd voor goedkeuring door de regering. “Dat is een van de frustraties”, erkent men in defensiekringen. “Een eenheid moet over eigen budget kunnen beschikken.

"Ooit kregen we standaardvoertuigen voor een missie. We zijn ze dan maar zelf beginnen ombouwen." Beeld Bas Bogaerts

Ook trainingsmunitie is niet altijd vlot te verkrijgen, een structureel ¬probleem in het leger. Maar een Special Forces-operator gebruikt tijdens zijn contraterreurtraining van drie maanden gemakkelijk honderd keer meer kogels dan een gewone soldaat in een volledig jaar.

Beterschap moet volgen als de plannen van defensieminister Steven Vandeput (N-VA) uitgevoerd worden om de Special Forces en hun nieuwe steuneenheid rechtstreeks onder te brengen onder het operationeel defensiecommando, zoals dat in de meeste EU-lidstaten al het geval is. Fly: “Om kostbare tijd te winnen, moeten onze bevelslijnen zo kort mogelijk zijn.”

Het zal ook een noodzaak worden om naadloos samen te werken met Special Forces van andere EU- en NAVO-lidstaten, een evolutie die een hoge vlucht neemt door de geplande miljardeninvestering van de EU-Commissie in gezamenlijke wapenaankopen. Buitenland- en veiligheidsvertegenwoordiger Federica Mogherini erkende gisteren dat ook zij deze schaduweenheden ziet als speerpunten van een moderne Europese defensie, door doelbewust een Special Forces-demonstratie bij te wonen in Florennes.

Fly benadrukt wel één ding: “Bij ons zijn de mannekes altijd belangrijker dan de hardware, voor goede Special Forces moet je eerst en vooral investeren in mensen.”

Special Forces, vanavond om 21.50 op VTM

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden