Vrijdag 30/10/2020

AchtergrondHitte

Belgische meloenen, door de klimaatverandering bestaan ze

Kristof Reweghs, de eerste Belg die het aandurft om meloenen te kweken.Beeld Tim Dirven

Belgische meloenen, door de klimaatverandering kan het. Terwijl de meeste telers moord en brand schreeuwen over wat de klimaatopwarming aanricht onder hun gewassen, zijn er dus ook die kansen ruiken. ‘Waarom zou je in je tuin geen vijgen proberen?’   

“Aardbeien beginnen bij 35 graden ook te verschroeien", zegt fruitteler Kristof Reweghs in Hoeselt. “Dat is gewoon te heet voor veel fruitsoorten. Het zijn vooral de aardbeien aan de rand van de serres die het slachtoffer worden van de hitte.” 

Kristof Reweghs is door de opwarming van zijn serres met iets nieuws begonnen. Hij en zijn vrouw Kim Cuppens telen normaal enkel aardbeien, maar zijn nu ook de eerste Belgische telers van meloenen. Waar die anders geïmporteerd moeten worden uit Spanje of het zuiden van Frankrijk, groeien ze nu ook in het Limburgse Hoeselt. Al sinds juli zijn de telers de Belgische meloenen aan het plukken.  

“In andere landen worden ze geoogst terwijl ze nog groen zijn”, zegt Reweghs. “De meloenen rijpen dan tijdens de rit naar hier. Maar wij kunnen ze volledig rijp laten worden aan de struik. Dat geeft de meloenen een vollere smaak.” 

Appels en peren

Reweghs maakt dus de twee kanten van het klimaatverhaal mee. Aan de ene kant verbrandt de zon een deel van zijn aardbeien, anderzijds is er nu de mogelijkheid om met een nieuwe teelt te beginnen. Reweghs ziet ondertussen ook hoe genadeloos de hittegolf toeslaat bij veel van zijn Haspengouwse collega’s. 

Appel- en perentelers moeten lijdzaam toezien hoe de zon een deel van hun vruchten bruin blakert, alsof het gebakken peren worden. De vruchten die overblijven, moeten ze ook sneller plukken dan anders. “De perenpluk start volgende week al”, zegt Ann Schenk van het Vlaams Centrum voor Bewaring van Tuinbouwproducten. “Dat is uitzonderlijk. De peren zijn nu zoet aan het worden. Als de telers langer wachten, zijn ze te rijp.”

Hard fruit, zoals appelen en peren, lijden onder het warme weer en sterke zonlicht.Beeld Tim Dirven

Ook een trend die al verschillende jaren bezig is, aldus Schenk. Normaal gesproken zouden perentelers pas in september hun vruchten moeten ophalen, maar de voorbije jaren is dat steeds vervroegd. De laatste vier jaar startte de pluk telkens eind augustus. 

Het zijn de Vlaamse klassiekers die het hard te verduren krijgen. Als het op appelen aankomt, zijn het de rassen jonagold en elstar die het meest afzien. En dat heeft niet enkel met rijping te maken, maar ook met de kleur van de vruchten. 

“Om een mooie rode blos op de wangen te krijgen, hebben die appelsoorten koude nachten nodig”, zegt Schenk. “Maar die zijn er nauwelijks nog in de zomer. Pas later in het seizoen koelen de nachten af. Als fruittelers voor die klassieke jonagold-types moeten wachten tot de kleur goed zit, dan worden de vruchten overrijp.” 

Meer en meer telers anticiperen op de klimaatverandering, ziet Schenk, door ‘kleurmutanten’ van jonagold aan te planten, die veel sneller aan hun kleur komen. Of ze kiezen soorten die later op het jaar nog geplukt kunnen worden, zoals de nieuwe magic star- of morgana-appels. 

Net zoals Reweghs zijn er in ons land ondertussen nog andere telers die de typisch Belgische fruitsoorten laten voor wat ze zijn en in Zuid-Europa gaan kijken naar welke vruchten er beter op een warmer klimaat zijn afgestemd. Omdat druiven tegenwoordig in ons land ook goed gedijen, is ook de Belgische wijn aan een fikse opmars bezig. 

“Het zuiden van Limburg is door zijn heuvels perfect geschikt om druiven te telen”, zegt Schenk. “Ik denk dat ook de interesse voor pruimen in ons land zal toenemen. Kiwi’s zouden op Belgische bodem ook kunnen groeien.” 

Bart Backaert, hoofd van de Aalsterse groendienst, heeft nog een suggestie: “Waarom zou je in je eigen tuin niet eens vijgen proberen?” zegt hij. “Die doen het fantastisch in ons klimaat. Ook kakivruchten, die vroeger heel exotisch waren, zijn nu overal in kwekerijen te krijgen. Je kan ze evengoed in de tuin zetten.”  

Klimaatrobuust 

Al jaren probeert de groendienst van Aalst om de stadsparken klimaatrobuust te maken. In plaats van grasvelden netjes te maaien, doet het groenpersoneel dat net niet. Door het gras te laten groeien verschijnen er niet enkel bloemen, maar ook kruiden. De wortels daarvan gaan dieper en kunnen dus beter water vasthouden, waardoor er in de zomer geen dorre grasvlaktes zijn, wel groene bloemenweiden. 

De Aalstenaars denken ook anders over de bomen die ze in de stad aanplanten. Waar het vroeger draaide om zoveel mogelijk inheemse soorten, kiest de groendienst nu bijvoorbeeld voor een steeneik in plaats van een zomereik. Of voor een pluimes, in plaats van een inheemse es. 

“Naarmate het heter en droger wordt, krijgen die inheemse soorten steeds meer stress”, zegt Backaert. “Dat zie je. Die andere boomsoorten komen voor in het zuiden van Europa en kunnen beter tegen de warmte. De steeneik heeft een hard, leerachtig blad, waardoor er minder water verdampt. Het risico dat de Zuid-Europese bomen ten prooi zouden vallen aan vorstnachten is in een stedelijke omgeving zo goed als weg.” 

Volgens Backaert herhaalt de geschiedenis zichzelf. “Eigenlijk zijn die inheemse bomen pas in onze contreien opgedoken toen het warmer werd na de ijstijd”, zegt hij. “Nu helpen wij nieuwe soorten naar hier te immigreren.”  

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234