Zaterdag 17/04/2021

Belgische begrotingstekort bedraagt 2,1 procent van bbp in 2015

null Beeld THINKSTOCK
Beeld THINKSTOCK

Het begrotingstekort van de gezamenlijke Belgische overheid bedraagt in 2015 2,1 procent van het bbp. Zo staat in het ontwerpbegrotingsplan dat de regering aan de Europese Commissie heeft overgemaakt. Het structurele tekort verbetert met 0,7 procent ten opzichte van 2014 tot 1,3 procent. De daaropvolgende jaren zal het (structurele) tekort verder krimpen tot een evenwicht in 2018. Het tekort zakt naar 1,3 procent in 2016 en 0,4 procent in 2017 (structureel respectievelijk 0,6 en 0,1 procent). De schuld zakt volgend jaar met een half procent tot 105,1 procent van het bbp.

De federale regering wijst er in de inleiding op dat er in de ontwerpbegroting geen rekening gehouden wordt met de structurele hervormingen op lange termijn uit het regeerakkoord voor de versterking van de economische groei en de concurrentiekracht. De ontwerpbegrotingen werden opgemaakt op basis van de nieuwe Europese begrotingsnormen ERS-2010 wat leidt tot een verslechtering van de cijfers.

Het tekort van 2,1 procent valt voor een groot deel (1,9%) op conto van entiteit I, de federale overheid en de sociale zekerheid. De deelstaatoverheden zijn goed voor een tekort van 0,2%. Vlaanderen en Brussel (gewest, VGC en COCOF) hebben een begroting in evenwicht uitgewerkt voor 2015 en de daaropvolgende jaren van de legislatuur. Wallonië en de Franse gemeenschap schrijven hun begroting voor volgend jaar voor 450 miljoen en 170 miljoen euro in het rood, onder meer door de nieuwe begrotingsregels en de zesde staatshervorming. De Duitstalige gemeenschap zit met een tekort van 30 miljoen euro. De lokale overheden worden geacht geen schulden te maken. De rente-uitgaven dalen in 2015 met 0,3% van het bbp tot 2,8%.

Met ongewijzigd beleid zou het structureel federaal tekort voor 2015 afstevenen op 2,3%. Dat betekende dat er 0,8% of 3,4 miljard euro gezocht moest worden om het beoogde structureel tekort tot 1,5% terug te dringen. De federale regering deed echter voor 197 miljoen euro beter.

Besparen op eigen werking
In eerste instantie bespaart de federale overheid op de eigen werking. De meeste loonkredieten worden met 4% verminderd, de meeste werkingsmiddelen dalen met 20% en de investeringskredieten met 22%. Deze lineaire besparingen zijn niet alleen van toepassing op de federale overheidsdiensten, maar ook op de instellingen van openbaar nut, inclusief de instellingen van de sociale zekerheid. Om onverwachte praktische moeilijkheden met deze lineaire besparingen te kunnen oplossen, wordt de interdepartementele provisie verhoogd met 177 miljoen euro. Een aantal departementen en instellingen krijgen specifieke besparingen opgelegd, zoals ontwikkelingssamenwerking (-150 miljoen), landsverdediging (-220 miljoen) en de NMBS-groep (-190 miljoen).

In de sociale zekerheid is de belangrijkste besparing de aanpassing van de begrotingsnorm in de gezondheidszorg. Deze aanpassing zal voor 2015 resulteren in een besparing van 804 miljoen euro ten opzichte van de oorspronkelijk geraamde uitgaven. De besparingen worden groter in de volgende jaren. Daarnaast zijn er een aantal specifieke maatregelen die in de verschillende takken van de sociale zekerheid genomen worden, en een totale besparing van 578 miljoen euro betekenen.De regering voorziet inzake fiscale ontvangsten in hogere accijnzen op tabak en een harmonisering van de belastbare basis voor de btw (+133 miljoen), worden intercommunales ook onderworpen aan de vennootschapsbelasting (+200 miljoen) en is er een vervroegde inning van de anticipatieve heffing op het pensioensparen (300 miljoen). De hogere fiscale ontvangsten staan in voor 28% van het totale bedrag aan maatregelen. Wat de niet-fiscale ontvangsten betreft, worden de dividenden volgend jaar 150 miljoen hoger ingeschat.

Koopkrachtverhogende maatregelen
In de sociale zekerheid is de belangrijkste besparing de verlaging van de begrotingsnorm in de gezondheidszorg naar 1,5 procent, zonder de index maar met de indexsprong van volgend jaar. Dat resulteert voor 2015 in een besparing van 804 miljoen euro ten opzichte van de oorspronkelijk geraamde uitgaven. De besparingen worden groter in de volgende jaren. Daarnaast zijn er een aantal specifieke maatregelen in de verschillende takken van de sociale zekerheid die voor 578 miljoen besparingen zorgen.

De indexsprong moet budgettair neutraal zijn. Daarnaast heeft de regering nog een aantal koopkrachtverhogende maatregelen gepland. De verhoging van de forfaitaire beroepskosten zal in 2015 450 miljoen euro kosten, terwijl er 127 miljoen uitgetrokken wordt om de indexsprong sociaal te corrigeren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234