Maandag 18/11/2019

Biënnale Venetië

Belgisch koloniaal verleden is terug op 'politiek geladen' Biënnale

Beeld PHOTO_NEWS

Terwijl de jachten van 's werelds kapitaalkrachtigste kunstcollectioneurs aan de kade van Venetië gemeerd liggen, wordt enkele honderden meters verder permanent voorgelezen uit Das Kapital van Karl Marx. De Biënnale van Venetië is deze keer politiek geladen, maar zit zoals steeds boordevol contrasten.

Boven op het Belgisch paviljoen in de Giardini van Venetië wappert geen driekleur maar een zwarte vlag met de woorden Black Lives, en binnen klinkt opzwepende Congolese rumbamuziek. Het zijn twee statements: België - deze keer is het de beurt aan de Franse gemeenschap - breekt met enkele tradities. Vincent Meessen (°1971) heeft tien andere kunstenaars uit diverse continenten uitgenodigd om een andere kijk te formuleren op de Belgische voormalige kolonie Congo en het kolonialisme in het algemeen. Het is een politiek geladen presentatie in een van de boeiendste landenpaviljoenen op deze Biënnale.

"Eigenlijk zijn dergelijke nationale vertegenwoordigingen allang achterhaald, zeker in tijden van steeds grotere globalisering", zegt curator Katerina Gregos. "Wij hebben ervoor gekozen om voor het eerst Afrikaanse kunstenaars uit te nodigen in het Belgisch paviljoen. België is trouwens een van de landen met de minst ontwikkelde nationale identiteit." Vincent Meessen vult aan: "Zijn we niet constant omringd door een mengsel van hybride dingen?"

In het paviljoen, dat dateert van 1907 en waarvoor Leopold II de opdracht gaf, wordt voorgelezen uit King Leopold's Soliloquy, een politieke satire uit 1905 van de Amerikaanse schrijver Mark Twain. De voorlezer zit in een tramhokje, opgetrokken uit beenderen van exotische dieren, op lijn 44 die Brussel met Tervuren en het Afrikamuseum verbindt. Een werk van de Italiaanse Elisabetta Benassi.

De Amerikaan Adam Pendleton presenteert zijn Black Dada-schilderijen en vraagt zich af hoe de kunstgeschiedenis er zou uitzien als er een zwarte dadaïst had bestaan. Visueel sterk zijn de foto's van Mathieu K. Abonnenc uit Frans Guyana, die close-ups heeft gemaakt van een standbeeld voor de afschaffing van de slavernij. Zijn foto's laten zien hoe de beeldtaal blijk geeft van blanke superioriteit en zwarte onderdanige dankbaarheid, hoewel er subtiele vormen van onderlinge aantrekkingskracht meespelen.

Vincent Meessen zelf ontdekte een tekst van een Congolees protestlied, geschreven in 1968 door Joseph M'Belolo, toen lid van de avant-gardebeweging 'situationiste internationale', waarvan dus ook zwarte kunstenaars deel uitmaakten. Het is een van de vergeten geschiedenissen die Meessen aan de oppervlakte brengt. In een video laat hij het lied uitvoeren door drie vrouwelijke muzikanten in de legendarische club Un Deux Trois in Kinshasa.

'Black Dada' van Adam Pendleton (Belgisch paviljoen). Beeld rv

Het Belgisch paviljoen sluit nauw aan bij het centrale thema van de Biënnale: 'All the World's Futures'. De Nigeriaans-Amerikaanse artistiek directeur Okwui Enwezor heeft kunst gekozen die nauw betrokken is bij maatschappij en politiek, en liefst ook kritisch is. Zo wordt in het Centraal Paviljoen van de Giardini gedurende de hele Biënnale voorgelezen uit Das Kapital van Karl Marx. De regie is in handen van de Britse kunstenaar Isaac Julien, die ook een video toont van zijn gesprek met de vooraanstaande Amerikaanse marxist David Harvey over de huidige crisis.

Helaas wordt deze film vertoond in een drukke doorgang, zodat het belang van dit werk grotendeels verloren gaat. Het is een van de pijnpunten van deze Biënnale: vaak zijn de werken, zeker in het Centraal Paviljoen, liefdeloos opgesteld of naar achterkamertjes verwezen. Bovendien is er gewoonweg veel te veel te zien - 136 kunstenaars met een veelvoud aan werken, alleen al in de centrale tentoonstelling. Minder kunst zou een sterker geheel opleveren.

Het poëtische en tegelijk sterk geëngageerde werk van de Keniaanse kunstenares Wangechi Mutu (1972) krijgt gelukkig wel ruimte: haar animatiefilm en sculptuur tonen een Afrikaanse vrouw in een apocalyptische wereld. De monumentale foto's van doldraaiende beurzen door 's werelds duurste fotograaf Andreas Gursky gedijen goed in de nabijheid van het grootschalige politieke referendum van Hans Haacke.

Kunstenaar Vincent Meessen heeft tien andere kunstenaars uit diverse continenten uitgenodigd om hun kijk te formuleren op het kolonialisme. Beeld rv

Sterk Servië

De grote expo in het Arsenale grijpt meteen naar de keel met neonwerken van Bruce Nauman, die in een zwarte ruimte geconfronteerd worden met zwaarden die als bloemstukken uit de grond oprijzen, van de Algerijn Adel Abdessemed. Maar dit niveau wordt niet lang gehandhaafd. Er zijn gelukkig nog sterke momenten: onder meer de video Now van de Belgische Chantal Akerman.

De Argentijn Eduardo Basualdo zorgt voor een hoogtepunt met zijn verrassende trompe-l'oeils van licht en schaduw: we zien niet altijd wat we denken te zien. The Propeller Group heeft twee kogels, respectievelijk uit een Russische kalasjnikov en een Amerikaanse M16, tegen elkaar laten knallen met verbijsterend resultaat, vastgelegd in een high-speed video en bevroren in een ballistische gel. Maar al te vaak is de kunst óf pamflet óf spielerei. Er is te veel doorsnee en déja vu zonder dwingend karakter.

Onder de 89 nationale paviljoenen spelen er enkele het politiek, net als België en Irak (DM 6/5). Sterk is Servië. In United Dead Nations zet Ivan Grubanov de geboorte- en sterftedatum van enkele wereldrijken op een witte muur. Op de grond liggen de besmeurde vlaggen, symbolen van voorbije glorie en zoveel menselijk leed. Zo zet Grubanov de notie van natiestaat op de helling. In het paviljoen van Kosovo staan betonijzers rechtop als een wal in azuurblauw zand. Zonder woorden sluit dit werk van Flaka Haliti aan bij de recente tragedies in de Middellandse Zee.

Wangechi Mutu, 'Blue Eyes' (Belgisch paviljoen). Beeld Courtesy the Artist; Susanne Vielmetter Los Angeles Projects. Collection Paul and Linda Gotskind, Chicago

Leve de schilders

Ach ja, er zijn ook weer minimalistische oefeningen: Zwitserland doet het met louter geprojecteerde kleuren en Heimo Zobernig mocht het Oostenrijkse paviljoen vertimmeren tot een lege ruimte. Ook bomen zijn in. Danh Vo legt wat stronken in het Deense paviljoen en Robert Smithson steekt enkele spiegels in een liggende boom. In het Franse paviljoen rijdt zowaar een boom met kluit rond - een dieptepunt. Nog in het rijtje studentikoze flauwekul past Sarah Lucas. In het Britse paviljoen heeft ze knalgele ballons opgeblazen tot pieten en tieten, en sigaretten gestopt in reten en kutten van gipsen beelden. De Britse pers is laaiend enthousiast.

Er zijn gelukkig ook nog schilders. Adrian Ghenie maakt een uitstekende beurt in het Roemeens paviljoen, van Marlene Dumas is een serie doodskoppen te zien in het Centraal Paviljoen, terwijl de Afro-Amerikaanse schilder Kerry James Marshall zijn zwarte landgenoten portretteert.

Ook de Vlaamse Gemeenschap is present, in een stadspaleis in Venetië zelf. Maar de tentoonstelling lijkt in ijltempo tot stand te zijn gekomen. Het uitgangspunt is prima: origineel versus kopie in de kunst, naar aanleiding van het schandaal met de Brillo Boxes van Andy Warhol, begin jaren 1990. Helaas is het concept nauwelijks uitgewerkt, hoewel Rinus Van de Velde een sterk werk heeft afgeleverd waarin de kunstenaar zelf de blauw-rode Brillo Box kopieert, uiteraard in de voor hem typische zwartwit houtskooltekening. De twee overige werken redden de meubelen niet: de adembenemende video Re-enactments (2000) van Francis Alÿs wordt ondermaats gepresenteerd en de spiegelcompositie van Song Dong is weinig overtuigend. Een uitgewerkte versie van de expo opent later in M HKA. Afwachten wat het wordt.

De Biënnale van Venetië loopt nog tot 22 november. labiennale.org

'Speculating on the Blue' van Flaka Haliti (Kosovaars paviljoen). Beeld AFP

Armenië wint de Gouden Leeuw

De 56ste Biënnale is zaterdag feestelijk geopend met de uitreiking van de Gouden Leeuwen. Het paviljoen van Armenië werd uitgeroepen tot beste landenbijdrage. Armenië koos ervoor om, ter nagedachtenis van honderd jaar Armeense genocide, de kunstenaars uit de diaspora een stem te geven. De tentoonstelling loopt in het Armeense klooster, op het eiland San Lazzaro degli Armeni, tussen Venetië en het Lido. Een van de kunstenaars, Mekhitar Garabedian, woont en werkt in Gent.

De Amerikaanse performancekunstenares Adrian Piper heeft de Gouden Leeuw voor individuele kunstenaars gewonnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234