Maandag 25/05/2020

BEELDHOUWER Constantin Meunier (1831-1905) geËerd met tentoonstellingen en congres

Meunier beeldhouwde voor de burgerij. Ja, hij wilde sensibiliseren over de arbeidersklasse. Maar een radicale revolutie predikte hij niet

Leuven 'herdenkt' monument

Constantin Meunier is dit jaar honderd jaar dood. Leuven herdenkt de beroemdste beeldhouwer van de Belgische negentiende eeuw met een tentoonstelling met foto's van de Amerikaanse fotograaf Allan Sekula in het kunstencentrum STUK en een wandelparcours.

Leuven

Van onze verslaggevers

Sofie Vanden Bossche / Ward Daenen

'En nog nen halve frank terug." Je hebt het vaak genoeg gehoord aan de kassa, tot de euro in 2002 zijn intrede deed. Op dat vuile, bruine muntje van 50 centiemen stond een gehelmde mijnwerkerskop. Eén keer raden naar wiens beeld die ontworpen is. Constantin Meunier (1831-1905), inderdaad. De Brusselaar was 'onze sociaal-realist', de kunstenaar die arbeiders tekende, schilderde en vooral beeldhouwde. Buildragers, die in de haven instonden voor het laden en lossen van goederen, puddelaars, die met een haak in ruw ijzer roerden tot het smeedijzer werd, en mijnarbeidsters, die wagons vulden met steenkool. Meuniers Monument van de arbeid aan de Van Praet-brug in Laken maakte de kunstenaar helemaal onsterfelijk.

Minder onsterfelijk dan Rodin allicht, maar toch. Meunier blijkt immers ook buiten België bekend. Zelfs buiten Europa. De Amerikaanse fotograaf Allan Sekula, die al tentoonstelde op de Documenta in Kassel, zag in het oeuvre van de negentiende-eeuwse beeldhouwer een aanleiding voor nieuw werk. Met name een 5 meter hoge fotomontage, die hangt op de binnenplaats van het Leuvense kunstencentrum.

Er staat een afbeelding op van De puddelaar, met pijltjes en bedragen ("0 to $200"...) bij. Precies zoals de Amerikaanse advocate Crystal Eastman dat beeld van een rustende arbeider in 1910 ook al had opgenomen in haar invloedrijke rapport Work Accidents and the Law, over de arbeidsomstandigheden in fabrieken in Pittsburgh. Eastman wees de arbeiders op het belang van sociale zekerheid (die de werkgevers toen nog afdeden als overbodige luxe) en documenteerde nauwgezet de karige vergoedingen die uitgereikt werden aan verminkte spoorweg-, staal- en andere arbeiders. De bedragen die de advocate bij Meuniers puddelaar afdrukte, staan voor die vergoedingen. Je kreeg tot 100 dollar voor een vinger, tot 225 dollar voor een voorarm... Overal staat "0 to ..." bij. Wie pech had, kreeg dus niks.

Dat een radicale advocate Meunier vijf jaar na zijn dood voor haar kar spande, verbaast niet echt. Maar de receptie van de Belg in de VS beperkte zich niet tot links, en dat is op het eerste gezicht vreemd. In 1913 opende zijn eerste postume Amerikaanse expo in het Albright Museum in Buffalo, New York. Die retrospectieve werd volop gesteund door de staalbaronnen. Werd het werk van Meunier in 1909 door de linkse vleugel onthaald, vier jaar later werd het door de rechtse bejubeld. Hoe wij dat weten? Omdat Sekula het schrijft, in een (moeilijke) tekst die afgedrukt staat op het 5 meter hoge paneel bij de puddelaar.

Het is niet echt onbegrijpelijk dat rechts Meunier toejuichte. De kunstenaar beeldhouwde voor de burgerij. Hij wilde die sensibiliseren, hen zeggen dat de arbeidersklasse wat meer respect verdiende, allemaal waar. En daartoe verheerlijkte hij de arbeid. Letterlijk: hij trok er een monument voor op en maakte van de arbeider een toonbeeld. Realistisch geportretteerd, maar liever gespierd dan uitgemergeld. Constantin Meunier predikte geen radicale revolutie. Al had hij de grootste sympathie voor de arbeiders die hij in de Antwerpse haven, in Seraing, in Val Saint-Lambert en in de Borinage leerde kennen, van een gewapende strijd moest hij niet weten. Daarvoor was hij een te fervent aanhanger van het koningshuis, een man die huiverde van het hetzerige karakter van het Belgische socialisme.

Terug naar Sekula. Wat heeft die eigenlijk met Meunier gemeen? Het thema. Net als de beeldhouwer stelt de fotograaf arbeid centraal. Maar terwijl dat bij onze landgenoot nog een zaak is van stoere mannen en flinke vrouwen ogen Sekula's gefotografeerde druivenplukkers of brandstofleveranciers kwetsbaar. Minder heroïsch en meer als radertjes van een onpersoonlijk kapitalisme. Zo kom je bij het grote verschil uit tussen de tijd van Meunier en die van Sekula: de globalisering.

Die globalisering brengt de activist Sekula altijd en overal in beeld. Zo bijvoorbeeld in Shipwreck, een fototriptiek van een zinkend schip die voor het STUK is opgehangen. Je moet het weten, maar het schip verwijst naar een vroegere reeks, Titanic's Wake. Die is een verslag van de opnames van de Hollywood-film Titanic, die niet in LA maar in Mexico plaatsvonden. Twentieth Century Fox wilde immers besparen op de lonen van honderden benodigde medewerkers. Dat leverde de lokale bevolking in en om het vissersdorp Popotla, waar gefilmd werd, tijdelijk werk op, maar alles heeft zijn prijs. Popotla had geen stromend water en dus werd er een tank geplaatst. Maar het water dat uit die tank stroomde, deed het zoutgehalte in het zeewater dalen. Daardoor waren er dat jaar minder mosselen. Om kort te gaan: de kloof tussen noord en zuid blijft.

Allan Sekula's expo, Shipwreck and Workers, is mooi vormgegeven om de gebouwen van het STUK, maar het is geen vanzelfsprekende expo. Want weinig foto's zijn wat ze lijken. De teksten die Sekula erbij schrijft, zijn niet eenduidig. Een gids is geen overbodige luxe. Shipwreck and Workers maakt deel uit van Meunier in dialoog, een actueel kunstparcours met tien locaties door Leuven, dat al een aantal maanden loopt. Het parcours vertrekt aan het Stedelijk Museum Vander Kelen-Mertens en leidt je onder meer naar het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, waar de gipsen modellen van het Monument voor de arbeid staan opgesteld. Je kunt ook naar het anatomisch amfitheater, waar Meunier vanaf 1887 een atelier had. Vandaag is er werk van Vincent Meessen te zien, een video over twee steenkappers in Ouagadougou. De Bedelares van Koen Broucke is daar nu ook opgesteld, want verwijderd uit de Brusselsestraat wegens vandalisme.

Nog een keer naar Sekula. Op het parcours kom je drie triptieken van Dear Bill Gates tegen. In 1999 zwom Sekula tot aan de villa van de Microsoft-baas. Die grenst aan zee, en omdat Gates niet houdt van pottenkijkers plaatste hij onderwatersensoren. Vanaf de 'grens' van het zich door Gates' toegeëigende stuk zee fotografeerde Sekula de villa. Op zich zeggen de foto's van een villa, een knipogende zwemmer en een bootje niet veel. Naast de triptiek hangt er echter nog een brief van Sekula, gericht aan Gates. Om te zeggen dat hij wilde langskomen om naar het negentiende-eeuwse schilderij Lost on the Grand Banks te kijken, maar dat hij niet binnen raakte. Volgens Sekula betaalde Bill Gates ook te veel voor die Winslow Homer. 30 miljoen dollar om precies te zijn.

Bij Constantin Meunier kom je uiteraard geen bespiegelingen tegen over de achterkant van de glamoureuze filmindustrie of de uitwassen van het pc-tijdperk. Sekula lijkt een kritischer geest dan Meunier in zijn tijd. En toch moet je je afvragen of zijn levensgrote foto's evenveel impact zullen hebben als de beelden van Meunier hebben gehad.

Allan Sekula, Shipwreck and Workers, tot 9 oktober, STUK, Naamsestraat 96, Leuven. Aansluitend tot 8 september: films van en geselecteerd door Sekula, in Cinema Zed. Het wandelparcours: tot zondag 25 september. De wandelgids is verkrijgbaar in het Museum Vander Kelen-Mertens. Vandaag begint ook een drie dagend durend symposium over Sekula (Lieven Gevaert Research Centre), ook in STUK. Info: www.stuk.be en www.leuven.be.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234