Zondag 16/05/2021

Beelden van ondervraging 'barbarenbrein' Youssouf Fofana schokken Frankrijk eens te meer

Bende van Barbaren zou jarenlang rijke en machtige Fransen hebben afgeperst

'We hebben de Jood voor het geld ontvoerd, hé'

Het leek haast onmogelijk om Frankrijk nog meer te shockeren in de moordzaak van de Jood Ilan Halimi, maar het is hoofdverdachte Youssouf Fofana wel degelijk gelukt. In een verhoor vanuit Abidjan, Ivoorkust, toont hij zich ontspannen, vrolijk en zonder de minste zweem van spijt.

Brussel

Eigen berichtgeving

Ayfer Erkul

De Youssouf Fofana die maandagavond in de Franse huiskamers te zien was via zender I-télé was voorkomend, beleefd, haast beminnelijk. Hij grapte, nam af en toe een smakelijke hap van zijn attiéké, het nationale gerecht van Ivoorkust, en knipoogde naar zijn vriendinnetje, dat tegenover hem zat. Wat de Ivoriaanse schone in het lokaal van de gerechtelijke politie van Abidjan deed, waar Fofana werd ondervraagd, werd niet meteen duidelijk.

Fofana zelf werd stiekem gefilmd door een journalist van I-télé. De beelden waren wazig en af en toe viel het geluid weg, maar de momenten die helder waren, deden de Fransen rillen. De ontvoering van Ilan Halimi bekent Fofana vlotjes in het interview. "We hebben hem ontvoerd voor het geld, hé", zegt hij, terwijl hij ongegeneerd nog een hap attiéké achter de kiezen duwt. Wat zou hij tegen de familie van de vermoorde Ilan Halimi zeggen? "Dat ik hun kind niet gedood heb. C'est pas moi." En tegen zijn eigen moeder? "(Bot) Tegen haar heb ik niets te zeggen."

Over spijt sprak hij niet. Excuses kwamen niet uit zijn mond. Fofana vond eerder dat excuses aan hém moesten worden aangeboden. Hij moest immers zijn leventje in Frankrijk opgeven en naar Ivoorkust vluchten omdat zijn foto in alle Franse kranten stond. Onverschillig en onfatsoenlijk, verklaarde de advocaat van de familie Halimi al in haar naam. Over vragen naar mogelijke antisemitische motieven, wilde Fofana zelfs niet antwoorden.

En dan hadden ze niet eens de meest choquerende beelden uitgezonden, verklaarde I-télé gisteren. "We hebben de schokkendste passages gewist", zegt Valérie Lecasble, directeur-generaal van de zender aan de Franse krant Le Figaro. "Die waren zo absurd en onthutsend dat we ze echt niet konden uitzenden."

I-télé verklaarde dat het interview met hoofdverdachte Youssouf Fofana vrijdagmiddag laat werd afgenomen, toen hij voor verhoor naar het commissariaat in Abidjan was overgebracht. "Onze correspondent Franck-Olivier Boli is een specialist in journalistieke scoops", aldus een woordvoerder tegenover AFP. "Hij kent de lokale politie goed en heeft daarvan gebruikgemaakt. We hebben geen officiële toestemming gehad." En, zo werd benadrukt als reactie op hardnekkige geruchten, er werd ook niemand omgekocht om toegang te krijgen tot de verdachte.

Bijna een week na zijn aanhouding blijft Youssouf Fofana in de cel in Abidjan, in afwachting van een uitlevering aan Frankrijk. De ontknoping in de zaak-Halimi blijft heel vaag. Zeker is dat een aantal leden van de Bende van Barbaren kort na de gijzeling van de 23-jarige Joodse jongeman bang werd voor ontdekking. Ook waren de leden het beu om Halimi voortdurend te moeten bewaken. Toen de eis om losgeld niets opbracht, werd de jongeman in de nacht van 12 op 13 februari door de bende meegenomen naar een bos niet ver van het station van Sainte-Geneviéve-des-Bois. Volgens de speurders wilden ze op dat moment Halimi, die in de weken van zijn gevangenschap gruwelijk was gefolterd, vrijlaten.

Maar toen moet er iets gebeurd zijn, vermoedt het gerecht. Misschien heeft hij het gezicht van een van de bendeleden gezien. Of misschien probeerde Halimi in een uiterste poging om zichzelf te redden, te ontsnappen. Feit is dat het geduld van de Barbaren op was en dat de jongeman met messen werd toegetakeld en voor dood achtergelaten.

Los van de zaak-Halimi is het het Franse gerecht gelukt om het verleden van de Bende van Barbaren redelijk gedetailleerd te reconstrueren. De ontvoering van Halimi was immers niet hun eerste misdaad. De politie vermoedt dat de groepering aan hun reeks misdaden is begonnen met het afpersen van rijke burgers. Zo kregen in 2002 vijf personen, onder wie de baas van Rolex en van Reebok in Frankrijk, dreigbrieven die waren ondertekend met het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina, waarin een bedrag tussen 30.000 en 500.000 dollar werd geëist. Toen het vijftal een klacht indiende en weigerde te betalen, werden in hun tuin granaten gevonden. Onbruikbaar gemaakt, maar heel bedreigend. Daarna werd het stil rond de groepering.

Het Volksfront ontkende iets met de zaak te maken te hebben. Volgens bronnen van de Franse krant Le Monde zou de groepering in die periode overgeschakeld zijn op het gebruik van de benaming Armata Corsa (Corsicaans leger), een gewapende nationalistische beweging die voor de onafhankelijkheid van Corsica vocht. Al snel werd duidelijk dat het niet echt ging om Armata Corsa, dat vooral actief was in het begin van de jaren negentig, maar om een bende amateurs. Zij bestookten personen als Jérôme Clément, baas van de tv-zender Arté, Rony Brauman, intellectueel en stichter van de organisatie Médecins sans Frontière, en Joseph Cohen-Sabban, een bekende strafpleiter in Parijs, met dreigbrieven.

In de brieven werd geëist om enkele duizenden euro's te storten via een rekening bij de bank Western Union en contact op te nemen via het opgegeven e-mailadres. Niet veel later volgde een arrestatie: de 19-jarige Nabil werd opgepakt en bekende vlot. Nabil, zo blijkt nu, is een van de hulpjes van Fofana en vertelde dat hij de e-mailboxen in cybercafés ging controleren op bevel van de bendeleider.

Bij de doelwitten van Armata Corsa zat ook een aantal Joden. Zoals de strafpleiter Joseph Cohen-Sabban, die een brief kreeg met pseudo-ideologische zinnen over Corsa en dan de eis: "Toon uw goede wil door bij te dragen in onze strijd door 300.000 euro te storen." Bij de brief zat een video met beelden van een soort ninjasoldaat die met een machinegeweer vuurt en granaten lanceert.

Op 22 maart 2005 volgde een aanslag op een huisartsenpraktijk in Parijs. De link met de eerdere eisen om losgeld zijn duidelijk, aldus het gerecht. Telkens werd hetzelfde cybercafé gebruikt en dezelfde telefooncellen om bedreigingen te uiten. Het verband met de zaak-Fofana is vooral geografisch: alle bedreigde persoonlijkheden wonen in gemeenten in het zuiden van Parijs, niet ver van de voorstad Bagneux, waar de Bende van Barbaren huisde. Eind december ging de bende over op drastischer methodes als ontvoering om geld af te persen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234