Woensdag 12/05/2021

Bedrogen

Vorige zaterdagnacht ben ik met een loodzwaar hart in bed gekropen. Voor het eerst in 22 jaar voelde ik me door mijn grote liefde, mijn ideaal, bedrogen, misleid en gekleineerd. Ik kan het nog steeds niet geloven. Het is niet dat ik niet was verwittigd. "Jij hebt de neiging om New York te idealiseren", had ik al meer dan eens moeten horen in België maar ik wuifde het weg. Voortaan zal ik dat niet zo gauw meer doen.

Die zaterdag begon anders niet slecht. Het vroor hard maar de zon scheen. Ik was net uit België terug en blij om weer in New York te zijn en thuis, bij mijn andere grote liefde. Ik was ook blij dat het op de ferry naar Manhattan krioelde van mensen die net als wij op weg waren naar de antioorlogsbetoging. Uit mijn onmiddellijke buurt alleen al telde ik er acht: Fanny, Joe, Mike, Delphina, Anton, John, Linda en Richard. De metro zat vol goedgezind volk met borden en spandoeken. Twee jongens hadden helmen bij. Het was best gezellig. "Wil je een sandwich met aardappel en ei?", vroeg Mike. "Bedankt", zei ik, "ik heb mijn eigen boterhammen mee."

We stapten af aan Times Square. Aan de monumentale bibliotheek op de hoek van Fifth Avenue, waar op gewone dagen schoenpoetsers postvatten, stonden honderden mensen opeengepakt te wachten om de straat over te steken. Ze zongen en scandeerden ter opwarming. De politieagenten droegen helmen maar glimlachten vriendelijk. Twee van hen waren de stokken van de spandoeken aan het inzamelen. "Het is voor jullie veiligheid", zei een van hen. Niemand protesteerde. Een brave jongen gaf zelfs zonder morren zijn drumsticks af. Twee straten verder, aan het station van Grand Central, konden de nochtans brede voetpaden het volk niet meer slikken. Aan weerskanten liepen betogers op de weg. "Op het voetpad blijven", riep een agent door een megafoon. Hij had goed praten, het ging gewoon niet.

Op de hoek van Madison Avenue was een luide ruzie aan de gang. Vijf bouwvakkers scholden de betogers uit. "Jullie waren zeker niet downtown op 11 september?", riep een van hen. "Wat een schande om een kind zo te misbruiken", riep een ander, wijzend naar een bangelijk kijkende kleuter van een jaar of vijf met een bord rond de nek. 'Bush is worse than Saddam', stond erop. Ik kon hem geen ongelijk geven. Ik vind het een vorm van misbruik om een kind de straat op te sturen met een slogan die het nog niet kan begrijpen. Zoals verschillende andere betogers probeerde ik een praatje te maken met de bouwvakkers. Het was niet makkelijk. Het schuim stond hen op de lippen. "Saddam vergast zijn eigen volk", riep een van de mannen. "Amerika heeft zijn financiële hulp aan Irak verdubbeld het jaar nadat Saddam Koerden en Iranese soldaten heeft vergast", zei ik. "Dat was toen", brieste de bouwvakker, "nu is nu. Let's go to war. Now!"

Twee straatblokken verder, aan Third Avenue, stond een kordon van agenten te paard dat ons de weg blokkeerde. Om veiligheidsredenen, zo werd ons gezegd. Pas toen drong het tot me door dat we nooit tot aan het Dag Hammerskjold- plein aan de 51straat en First Avenue zouden geraken. Niet alleen had de stad, onder druk van Washington, geweigerd om een echte betoging toe te laten maar zo te zien had de politie ook opdracht gekregen om de betogers weg te houden van de plek waar de toespraken werden gehouden. Het Witte Huis wou blijkbaar verhinderen dat de rest van de wereld beelden zou zien van de massale opkomst. Op elke straathoek zegden zienderogen zenuwachtiger wordende agenten hetzelfde: "Het plein is vol. Er kan geen volk meer bij. Loop nog wat verder." Ik hoorde een meisje in haar gsm zeggen: "Op First Avenue staan de mensen van de 49ste straat helemaal tot de 72ste. Op Second, Third en Lexington Avenue en de zijstraten staat het ook vol." Verscheidene mensen hadden radio's bij zich die op het progressieve station WBAI waren afgestemd. Desmond Tutu was de mensen op het Dag Hammerskjold plein aan het toespreken.

De speech werd onderbroken door een opgewonden radioreporter die zei dat de geruiterde politie een groep betogers chargeerde op Second Avenue. Ineens klonk vlakbij gejoel. "Er wordt iemand gearresteerd", riep iemand. Ik keek over mijn schouder en zag net hoe acht agenten zich op een betoger gooiden. "Dat zou allemaal niet gebeuren, als de betoging was toegelaten", riep een grijze mevrouw in een konijnenbontjas. Ik voelde me ontgoocheld, beschaamd en onnozel. Had ik al die jaren met mijn hoofd in de wolken gelopen toen ik verkondigde dat New York de vrijstad bij uitstek was van Amerika, zelfs de wereld? Ik kon niet zomaar naar huis. Urenlang nog dwaalde ik met honderdduizenden door de stad op weg naar nergens. Zelfs toen de rally allang was afgelopen mochten we nog altijd niet in de richting van het VN-gebouw. Times Square, waar we probeerden te herverzamelen, werd vliegensvlug ontruimd en afgezet. De politie zei 's avonds dat we met honderdduizend waren. De organisatoren spraken over een half miljoen. Ik kan alleen maar zeggen dat we met ontzettend veel waren.

Jacqueline Goossens

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234