Zaterdag 10/12/2022

Baskische regering neemt afstand van ultra's

Slachtoffers bomaanslag onder massale belangstelling herdacht

Brussel / Huesca

Eigen berichtgeving / Reuters

In Huesca, de hoofdstad van de gelijknamige provincie in de Noord-Spaanse regio Aragón, heeft onder grote belangstelling de officiële rouwplechtigheid plaatsgevonden voor de twee politieagenten die zondagmorgen door een bomaanslag van de ETA om het leven kwamen. Terwijl in heel Spanje gerouwd en betoogd wordt, lijkt het nationalistische kabinet in Baskenland schoorvoetend bereid afstand te nemen van de ultranationalistische separatisten die de terreurbeweging steunen. Een en ander kan een belangrijke ommezwaai betekenen.

In de bomvolle kathedraal van Huesca brak spontaan applaus uit toen de kisten van de 32-jarige Irene Fernández Pereda, de eerste vrouwelijke Guardia Civil die bij een ETA-aanslag om het leven kwam, en haar tien jaar jongere collega José Angel de Jesús Encina, werden binnengedragen. Onder de aanwezigen bevond zich de Spaanse eerste minister José María Aznar, talrijke Aragonese hoogwaardigheidsbekleders en de nabestaanden van het tweetal. Zoals dat het geval is telkens als de ETA een nieuwe moord begaan heeft, werd ook gisteravond weer in tal van Spaanse steden gedemonstreerd.

Intussen zoeken de Spaanse en Baskische politici, gestuwd door een publieke opinie die de volstrekt willekeurige ETA-terreur meer dan moe is, druk naar oplossingen. Een van de struikelblokken daartoe was de weigering van de belangrijkste nationalistische partij van Baskenland, de gematigde en christen-democratische PNV, om haar bruggen op te blazen met Euskal Herritarrok (EH), de extreem-nationalistische 'partijpolitieke façade' van de ETA. De PNV maakt samen met de linkse partij Eusko Alkartasuna (EA) de regionale regering van Baskenland uit en wordt daarbij gesteund door EH. Die steun vloeit voort uit het in september '98 tot stand gekomen pact van Lizarra, waarbinnen alle nationalistische partijen zich sterk maakten eensgezind een vredesregeling uit te werken, niet door geweld met geweld te beantwoorden, wel door de dialoog.

Maar het nieuwe terreuroffensief heeft het Lizarra-front nu ten dode opgeschreven en de publieke opinie meer dan ooit doen roepen om het isolement van EH. Na de bomaanslag in het dorp Sallent de Gállego zondagmorgen zag het er naar uit dat de PNV dan toch afstand zou nemen van de ultra's, een eis die de regering in Madrid de jongste maanden onophoudelijk herhaalde. Bij monde van zijn zegsman Josu Jon Imaz stelt het Baskische kabinet nu een multipartijenoverleg voor waarvan het politiek medeplichtig genoemde Euskal Herritarrok moet worden uitgesloten. Zowel de socialistische PSOE van Federico Zapatero als de rechtse Partido Popular (PP) van Aznar reageren positief en willen met de PNV aan tafel gaan zitten, iets wat al jaren niet meer was gebeurd. De Spaanse minister van Binnenlandse Zaken Jaime Mayor zal het overleg voorzitten.

De hereniging van alle 'democratische krachten' in Spanje wordt ingegeven door de relatief positieve ervaring die het akkoord van Ajuria Enea uit '88 betekende: na een hard ETA-offensief isoleerden alle democratische partijen toen de voorganger van EH, Herri Batasuna, waarna de afscheidingsbeweging geïsoleerd raakte en een van de zwakste periodes uit haar geschiedenis meemaakte. Sinds de groep in 1968 naar geweld greep, heeft de ETA al 791 mensen omgebracht, elf daarvan dit jaar. (LD)

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234