Woensdag 30/09/2020

Interview

Bart Schols: ‘Je zou eens moeten weten hoeveel getormenteerde zielen er in de media rondlopen’

Ook dit jaar was De afspraak een baken van vertrouwen bij kwaliteitszender Canvas. Het duidingsprogramma beroert de gemoederen, en daarin heeft presentator Bart Schols een groot aandeel. Deze maand maakte de journalist ook een geslaagde beurt in De slimste mens op Vier. Schols zat er in de zetel bij Erik Van Looy opvallend gelukkig en ontspannen bij. Geen evidentie, want de presentator klom uit een diep dal. ‘Vandaag besef ik dat ik eigenlijk niks hoef te bewijzen. Nada!’

“Het is exact een jaar geleden”, fluistert Bart Schols (45) terwijl hij van een rozebottelthee nipt. Hét, dat was het moment waarop hij er eind 2018 helemaal onderdoor ging. Deze zomer praatte hij in De Morgen openhartig over die zwarte periode en dat vond hij eigenlijk voldoende.

“Ik wil het hele verhaal niet overdoen, want dan schiet zoiets zijn doel voorbij. ‘Daar heb je hem weer met zijn depressie’, zeggen mensen dan, en terecht. Tegelijk heb ik gemerkt dat sommigen er wel degelijk iets aan hebben. Dus stel je vragen maar. Maar wees er zuinig mee, en stop het in het midden van het artikel weg. Ik wil er echt niet mee koketteren.”

Laten we dan beginnen met het duidingsprogramma De afspraak, dat je nu al bijna vijf jaar presenteert en dat momenteel zwaar over de tongen gaat in de Wetstraat: er schuiven te vaak dezelfde mensen van linkse signatuur aan, stond in De Morgen te lezen.

(zucht) Hoe relevant was dat artikel? Alle getuigenissen waren anoniem. En ze zitten er ook volledig naast. Geen enkel duidingsprogramma is zo divers, dat blijkt uit de tellingen die Knack en Kifkif recent hebben uitgevoerd: de top tien van de gasten is níét links. En de politieke verdeling blijkt perfect in evenwicht tussen links, centrum en rechts. De enige conclusie die ik uit de hele zaak trek, is: we doen ertoe. Ik zou het veel erger vinden als er níét over ons wordt gesproken (lacht)

Er wordt de laatste tijd wel meer door politici op de VRT geschoten. Heb je ook het gevoel dat vooral de N-VA achter het kanon staat?

“Daarover ga ik me niet uitspreken. Ik heb van elke partijvoorzitter al eens een kwade sms gehad. En het gebeurt steeds vaker dat ik na een uitzending de volle laag krijg uit zowel linkse als rechtse hoek. Onlangs noemde een N-VA-politicus me na een uitzending ‘rode Schols’ op Twitter en werd ik door iemand van Groen op Facebook als ‘diep donkerblauw’ gesignaleerd. (lacht) Dan denk ik: we zitten goed.”

In 2015 werd je door je bazen teruggefloten na een interview met IS-strijder Younes Delefortrie. Je beweerde toen dat de VRT steeds banger wordt voor de politiek. Denk je daar nog steeds zo over?

“Neen, dat betrof toen de voormalige hoofdredactie (Björn Soenens en Luc Rademakers, red.). Zij hadden achter hun werknemers moeten staan, maar deden net het omgekeerde. Ze hebben zich daarvoor ook verontschuldigd, trouwens. Maar goed, vandaag zijn er andere bazen. Ik denk dat de politieke druk minstens even groot is, maar dat onze nieuwe hoofdredacteurs daar veel minder krampachtig mee omgaan. Ze hebben hun contacten en praten met iedereen.”

Dat lazen we ook in dat artikel in De Morgen: ‘De hoofdredacteurs gingen polsen bij de partijvoorzitters welke knopen er weggemasseerd dienden te worden.’

“Dat Liesbet Vrieleman als directielid met politici praat als er een nieuwe beheersovereenkomst zit aan te komen, lijkt me logisch. Kijk, kritiek op ons werk moet kunnen, we worden betaald met belastinggeld. Maar het is niet omdat politici vragen stellen over ons werk, dat we naar hun pijpen gaan dansen. Ik ben nog nooit door een hoofdredacteur in een politieke richting geduwd, en ik denk dat dat ook niet snel zal gebeuren. De mensen vergeten hoe hoog wij neutraliteit in het vaandel dragen. Of je nu Dries Van Langenhove of Raoul Hedebouw bent, we ontvangen iedereen op dezelfde manier.”

Na een incident met Pol Van Den Driessche in 2016 wilde Bart De Wever niet meer in jullie programma opdraven. Vinden jullie dat jammer?

“Eerlijk, ik denk niet dat we meneer De Wever op dat moment al hadden uitgenodigd. Er is wat mij betreft geen enkel probleem met de N-VA: Peter De Roover, Jan Peumans, Assita Kanko en Zuhal Demir zitten geregeld bij ons. En als iemand niet wil komen, is ook dat zijn of haar volste recht.”

Het valt me op dat je zo weinig vijanden hebt. Ik kan me er maar één voor de geest halen: Dyab Abou Jahjah.

“Ik beschouw meneer Abou Jahjah absoluut niet als een vijand. Ik ben wel geschrokken van hoe hij na zijn laatste optreden in De afspraak tekeerging. Hij had ooit Bart De Wever een zionistenpijper genoemd, ik herinnerde hem op antenne aan die uitspraak en dat heeft hij me kwalijk genomen. Na de uitzending hebben we dat als volwassen mensen uitgepraat, of dat dacht ik toch. (lacht) Niet veel later gooide hij alle remmen los op Twitter. Soit, ik ga daar echt mijn slaap niet voor laten. Hij is nog steeds welkom in ons programma.”

Lange tijd was de perceptie dat jullie een rood bastion waren, maar nu merk ik ook kritiek uit linkse hoek. Vooral omdat jullie Vlaams Belang-politici uitnodigen, waardoor jullie extreemrechts zouden mainstreamen.

“Vlaams Belang is de op één na grootste partij van Vlaanderen. Wie zouden wij dan zijn om hen niet uit te nodigen? Sommigen vinden dat misschien vervelend, maar vraag je je dan niet beter af waaróm de mensen niet op jou hebben gestemd? Ik zoek bij de traditionele partijen zo hard naar een identiteit. Waar staan ze eigenlijk nog voor? Als één partij zich loskoppelt van het electorale gedoe, vasthoudt aan eigen normen en waarden, uitlegt waarom sommige beslissingen nodig zijn en écht luistert naar de besognes van de mensen, dan zal die het goed doen. Daarvan ben ik overtuigd. Elke politicus met een beetje gezond verstand zorgt er toch voor dat een arbeider die zijn leven lang heeft gewerkt, niet minder rechten heeft dan een net gearriveerde asielzoeker? Dat heeft toch niets met links of rechts te maken? Maar ze stapelen de flaters op. Vandaag verhogen politici de pensioenleeftijd, terwijl ze daar in hun verkiezingscampagne met geen woord over hebben gerept. Ze schaffen de woonbonus af, terwijl ze vóór de verkiezingen riepen dat ze die zouden behouden. En voor rekeningrijden heet het dat er ‘geen draagvlak’ is. Tja. CD&V liet op haar congres zelfs na haar leden in te lichten over de aanpassing aan de kinderbijslag in het Vlaamse regeerakkoord, toch geen onbelangrijk thema voor een gezinspartij. Ik zit daar met grote ogen naar te kijken.”

Men durft geen eieren meer te breken om de omelet te bakken?

“Dat denk ik inderdaad. Politiek gaat toch over het maatschappelijk belang? Als alle wetenschappelijke onderzoeken uitwijzen dat criminelen beter niet alleen repressief aangepakt worden, waarom volgen dan zoveel politici de roep van het volk om ze nét niet op de brandstapel te zetten? Leg de mensen uit dat we beter af zijn als we gevangenen leren zich opnieuw in de maatschappij te integreren, in plaats van in cellen tikkende tijdbommen te creëren. Hetzelfde met het klimaat: nu nog durven er politici over ‘klimaatalarmisme’ en ‘doemscenario’s’ te spreken. Terwijl er maar weinig maatschappelijke vraagstukken zijn waarover de wetenschappelijke consensus zo groot is. Je zíét ook wat er gebeurt, hè: in Australië staat een gebied zo groot als België in de fik, en tegelijkertijd loopt het zuiden van Frankrijk onder water.”

Heb je dan geen hartzeer als een Jean-Marie Dedecker dat allemaal minimaliseert in jouw programma?

“Neen. Jean-Marie staat niet alleen met zijn mening, hè. En geef toe: weinig dingen geven een mens meer voldoening dan een gezonde discussie met Jean-Marie Dedecker. (lacht) Ik hoef het niet met al mijn gesprekspartners eens te zijn, maar je moet wel tegengas geven. Daarom ben ik blij dat we ook Valerie Trouet, een klimaatwetenschapper, wisten te strikken. En vóór iemand nu zegt dat Schols weer met een linkse klimaatgoeroe komt aandraven: Trouet zegt dat we kernenergie nodig zullen hebben om de klimaatcrisis op te lossen. Dus: in jullie mand, trollen. (lacht)

Alles wat je doet, ligt onder het vergrootglas. Toen je vroeg of Assita Kanko zich echt Vlaams-nationalistisch voelde, was je kritische vraag zelfs het onderwerp van een Twitter-oorlog.

(ironisch) Ja, dáár ging ik nogal uit de bocht, zeg. Ik had er misschien expliciet bij moeten zeggen dat mevrouw Kanko nog niet zo lang geleden lid was van de MR, toch nog altijd een partij die België omarmt. En dat ze in een verder verleden een fel antinationalistisch pamflet heeft geschreven.

“Ach, zoiets is makkelijk te relativeren. Vaak is het vooral de achterban die uit de bocht gaat: zelf had ze geen problemen met mijn vragen. Toen Twitter ontplofte, stuurde ik haar na de uitzending een bericht: ‘Amai, ze stonden precies scherp vandaag.’ Ze kon er hartelijk om lachen.”

‘Schols, ik wens je opnieuw een depressie toe’, las ik op Twitter na haar doortocht. Raakt dat je?

(lacht) Neen. Je kweekt een hard vel in deze job, en dat was er zó ver over dat het weer grappig wordt. Twitter zou een zegen voor de democratie moeten zijn: het maakt dat burgers zich in een maatschappelijke discussie met politici kunnen mengen. Daar kregen ze tot voor enkele jaren nooit de kans toe. Helaas steek je van die Twitter-discussies zelden iets op. Veel van die mensen willen ook gewoon ergens bij horen, denk ik vaak. Je ziet velen letterlijk het discours van Francken of Kristof Calvo overnemen om credibiliteit te oogsten. Veel twitteraars plagiëren zich zo een aanhang bij elkaar.”

Welk moment uit De afspraak is je dit jaar bijgebleven?

“Het bezoek van kinderpsychiater Peter Adriaenssens toen die met pensioen ging. Op het einde van de uitzending las ik hem een sms’je voor van een pleegmoeder: ‘Ik wil hem bedanken voor de wijze raad die hij ons heeft gegeven toen we daar met onze pleegzoon van veertien stonden. Het was een moeilijke weg, maar het heeft geloond.’ Hij was duidelijk aangedaan. Wat ik er toen niet bij heb verteld, was dat ik dat veertienjarige jongetje was, en dat mijn pleegmoeder me dat voor de uitzending had doorgestuurd.

“Een ander kippenvelmoment was Zwangere Guy, die getuigde over zijn moeilijke jeugd. Zijn thuissituatie leek op de mijne: een sociopaat van een vader die het geweld niet schuwde en een moeder die niet sterk genoeg was om bij hem weg te gaan. Ik vind het belangrijk dat ook emotioneel beladen thema’s in De afspraak aan bod komen. We moeten zoveel mogelijk taboes doorbreken.”

Dat psychische hulp nog steeds in de taboesfeer zit, klopt dat eigenlijk wel? Eva Daeleman, Tom Helsen, Chris Van den Abeele, Riadh Bahri, Kathy Pauwels, Selah Sue, Rob Vanoudenhoven: de BV’s die over hun depressie of burn-out hebben getuigd, zijn niet bij te houden.

“Klopt, maar waarom kreeg ik na dat interview dan tweehonderd e-mails in m’n inbox? Ik zeg nu zonder enige schroom bij de apotheker: ‘Mag ik mijn antidepressiva, alstublieft? Een grote doos graag.’ Maar voor veel mensen blijft dat een gigantische drempel. Niet iedereen stapt ook zomaar naar een therapeut. Al merk ik daar ook een kentering, mee dankzij projecten als Rode Neuzen en Te Gek!”

Je bent zelf psycholoog, had je de signalen van je depressie zien aankomen?

“Toen ik aan mijn studie psychologie begon, zei een prof: ‘Wie hier zit om zichzelf beter te leren kennen, kan beter meteen vertrekken.’ Je wéét niet wat een depressie is tot je over een bepaalde grens gaat, en dan is het te laat. Als je niet meer buitenkomt, geen energie hebt om onder de douche te gaan staan en alleen nog zes Netflix-afleveringen per dag bekijkt, dán weet je dat er iets fundamenteel fout zit.”

Heb je zicht op de aanleiding van je depressie?

“De concrete aanleiding waren relationele problemen. Maar au fond hebben die alles met mijn niet zo vrolijke jeugd te maken. Dat is een vaststelling, geen excuus. Ik volg schematherapie om daar iets aan te doen. Een schematherapeut kijkt naar hoe je basisbehoeftes – veiligheid, autonomie, betrouwbaarheid – tussen je tweede en veertiende levensjaar vervuld zijn. Bij mij was dat abominabel. Ons gezin was geen veilige omgeving, elk moment kon de bom ontploffen. Vooral de onvoorspelbaarheid was nefast. Van school thuiskomen en je afvragen: ‘Wie zal er gedronken hebben? Gaat hij erop kloppen of niet?’ Ik denk dat je als kind zelfs beter af bent met een vader die consequent de boeman uithangt, dan dat je in die voortdurende onzekerheid leeft. Volgens mijn therapeut probeer ik het gebrek aan die basisbehoeftes al een heel leven te compenseren. En dat uit zich op vier vlakken: mensen willen behagen, aandacht zoeken, anderen willen redden en altijd maar op zoek gaan naar nieuwe prikkels in relaties – jagen noemt hij dat. Daar werken we dus aan. Met succes: ik ben al maanden alleen, en pleasen doe ik niet meer.”

Is dat graag gezien willen worden geen typische BV-aandoening?

(knikt) Je zou eens moeten weten hoeveel getormenteerde zielen er in de media rondlopen. Met vaak één gemene deler: een verstoorde band met één of beide ouders. Als je dan aanleg hebt voor tv-werk… Er is geen sterker bekrachtigingsinstrument dan die lichtbak op de salontafel. Iedereen vindt je geweldig, hoe zot is dat?”

En toch is het voor velen nooit genoeg. Koen Wauters zei ooit: ‘Als er tienduizend fans zijn, ben ik toch bezig met die ene die me niet leuk vindt.’ Ik ken maar één BV die daar lak aan heeft: Gert Verhulst.

“Klopt. ‘Wat is je favoriete beest?’, vroegen ze hem in De slimste mens. Een geldwolf, zei hij. (lacht) Zijn je-m’en-foutisme is veel gezonder dan je het hoofd te breken over wat mensen over je denken. Let op: veel mensen hebben daar last van. Wie van ons durft bijvoorbeeld zomaar zijn steak terug te sturen op restaurant als die niet goed gebakken is? Een goede vriend kreeg van zijn therapeut de volgende opdracht: ‘Je gaat naar de bakker, je vraagt eerst twintig sandwiches, en als hij ze heeft ingepakt, zeg je op een vriendelijke manier dat je je bedacht hebt en toch liever twintig pistolets wilt.’ Voor een volle winkel. Ik vond dat geniaal. De wereld vergaat niet als je dat doet, hè.

“Nog een voorbeeld van die aim to please is de angst om afgekeurd te worden: je maakt een fout en liegt omdat je bang bent om de persoon van wie je houdt te kwetsen door de waarheid te zeggen. Ook daarvoor moet ik terug naar mijn moeder, vrees ik. Ik herinner me het niet meer precies, maar ik geloof dat ik de avond voor haar zelfmoord een discussie met haar had. Ze was onder invloed van pillen en drank en stamelde dat ik van haar binnenkort geen last meer zou hebben. Een ongelooflijk beangstigende situatie voor een 13-jarige. Ik denk dat ik toen kwaad gezegd heb: ‘Ach ja, moeder, je bekijkt het maar.’ Die nacht is ze daadwerkelijk uit het leven gestapt. Je begrijpt dat dat niet de beste les is om eerlijk te zijn over je gevoelens. Maar ik besef nu dat je – hoe pijnlijk ook – beter altijd de waarheid vertelt. Nooit wil ik nog liegen.”

Een ander compensatiemechanisme is volgens je therapeut je hang naar aandacht. Hoe uit dat zich?

“Door overal de beste in te willen zijn. Het begon met basketbal. Onlangs zag ik een videocassette terug: ik gaf mijn bal niet af en maakte zestig punten in mijn eentje. Daarna ging ik motorcrossen en werd ik Belgisch kampioen. Dan kwam het mountainbiken. Ik haalde de top 15 in de Crocodile Trophy, één van de zwaarste mountainbikewedstrijden ter wereld. Ik wilde me altijd maar bewijzen. Het gebeurt onbewust, maar op die manier geef je jezelf betekenis, maak je jezelf de moeite waard. Omdat je ouders je dat gevoel nooit gegeven hebben.”

Is dat nu veranderd?

“Ja, ik besef vandaag dat ik eigenlijk niks hóéf te bewijzen. Nada! Ik heb onlangs een T-shirt gekregen van een vriendin met de boodschap: ‘Moet just niks’. Geweldig. En wat ik nu ook écht inzie: niet iedereen laat je in de steek als je een fout maakt. Meer zelfs, mensen die je graag zien, blijven héél lang bij je staan. Dat besef doet iets met je.

“Ik heb ook leren inzien dat het cruciaal is om je zelfrespect in een relatie te bewaren. Als je alles voor iemand doet en je krijgt geen liefde terug, vertrek dan. Anders is de kans groot dat je op een dag volledig de mist ingaat. Mijn moeder werd psychisch en fysiek geterroriseerd door mijn vader, maar zelfs toen mijn pleegmoeder aanbood om haar in huis te nemen, had ze de kracht niet om het bij hem af te trappen. Ik zie mijn beste kameraad en mij nog samen in de keuken zitten. ‘Zonder Etienne kan ik niet leven’, zei mijn moeder, waarop mijn vriend antwoordde: ‘En Bart dan?’ Ja, dat vat het zowat samen, zeker?”

Je had het daarnet over de schematherapie waarmee je zulke zaken verwerkt. Hoe gaat dat in de praktijk?

“De therapeut neemt je bijvoorbeeld mee naar cruciale momenten in je jeugd. Zoals toen mijn vader me op mijn dertiende verjaardag kwam halen bij mijn pleegouders: hij meldde me toen doodleuk dat hij een verhouding had met de moeder van mijn beste kameraad. Ik werd hysterisch en heb me huilend op straat gegooid. Met je ogen dicht herbeleef je dat, je probeert dat zo goed mogelijk op te roepen. Het klinkt wat zweverig, maar de therapeut vraagt je dan ook om die kleine jongen in je armen te nemen. Dat is heftig, je troost jezelf, na drie seconden zit je te huilen. Die ontlading doet deugd, je voelt de kwaadheid die nog in je lijf zit en eruit moet.”

Mag ik je een compliment geven? Je straalt vandaag één en al energie uit. Is dat dankzij die therapie?

“Dank je. En ja, zeker, maar ook door mijn medicatie. En daar wil ik echt het belang nog eens van onderstrepen. Hersenen zijn een lichaamsdeel als een ander. Als we maagpijn hebben, nemen we een pil. Waarom doen we dan zo gewichtig over pillen voor ons hoofd? ‘Antidepressiva leidden tot zelfmoord van Yasmine’, las ik onlangs boven een interview met Martine Prenen in De Morgen. Ik heb Martine heel graag, maar toen heb ik onmiddellijk naar de hoofdredacteur gebeld met de vraag of hij tenminste de kop wilde aanpassen. Die conclusie sloeg werkelijk nergens op en was ook zonder meer gevaarlijk. Er is nooit één oorzaak van zelfmoord. Als ik zoiets zie verschijnen, kan ik me niet inhouden.”

Je trekt je het leed van de wereld aan, terwijl je al veel werk hebt met jezelf. Is journalist dan een geschikte job voor je, denk je?

“Ik begrijp wat je bedoelt, als boswachter zou ik mijn hersenen wellicht minder belasten. Daarom heb ik ook nog een oude Nokia waarvan enkel mijn pleegmoeder het nummer heeft. Dan kan ik een paar dagen in de natuur verdwijnen met mijn fiets. Maar ik haal wel enorm veel voldoening uit mijn werk. Zeker als ik maatschappelijke thema’s aanboor, krijg ik het gevoel dat ik een bijdrage lever die ertoe doet.”

Je rapport in De slimste mens oogt met een finaleplaats niet onaardig. Heb je je goed voorbereid?

“Niet genoeg, blijkbaar. (lacht) Ik had nochtans een heel strak plan. Om de gaten in mijn kennis van aardrijkskunde en geschiedenis te vullen, hield ik schriftjes bij. Daarin noteerde ik thema’s uit de oudheid met daarnaast trefwoorden. Eén van onze redacteurs had een overzicht voor me gemaakt. In zijn vrije tijd, voor alle duidelijkheid. (lacht) Toen Socrates uit de bus kwam, kon ik meteen afvinken: filosoof, Grieks, Plato, gifbeker. Ik heb zelfs een atlas gekocht, nu ken ik tenminste de buurlanden van Slovenië. Al die uren blokken zie ik niet als verloren tijd.”

Blijkbaar probeerde Erik Van Looy je al tien jaar voor het programma te strikken. Telkens hield je de boot af. Waarom?

“Ik was bang om op mijn bek te gaan. Zoiets had ik vroeger nooit durven toe te geven: mijn kwetsbaarheid tonen, dat zat niet in me. De mensen zouden me eens een loser moeten vinden. Daar trek ik me vandaag dus echt geen bal meer van aan.

“Meedoen aan De slimste mens was in dat opzicht ook een mooie stap in mijn therapeutische proces. En ik had graag gewonnen, ik heb serieus gevloekt toen ik eruit lag. Maar toen ik op de eerste rij in het publiek mijn pleegouders zag zitten, wist ik wel beter: ‘De mensen die ik het allerliefst zie, zijn hier speciaal voor mij.’ Tot halfeen ’s nachts bleven die twee tachtigers in de studio zitten om samen met mijn vrienden te supporteren. Dat is véél mooier dan die oorkonde krijgen. Vroeger streefde ik naar perfectie, nu was een goed resultaat goed genoeg: dat moet zo ongeveer een primeur zijn voor Bart Schols. (lacht)

‘Goed is goed genoeg’, die oneliner gebruiken mental coaches graag, maar eigenlijk ben ik het er niet mee eens: dan gaat niemand nog excelleren. Dan heb je geen figuren als Sergio Herman of Tom Boonen meer. En dan zou jij wellicht niet de presentator geworden zijn die je bent.

“Dat zegt mijn therapeut ook: ‘Breek je prestaties nu niet af, want die hebben je ook geréd. Hoe had je anders je zelfvertrouwen ontwikkeld?’ Maar er hangt een vies randje aan: constant is er die honger naar nog meer aandacht. En als je niet oplet, raakt die nooit gestild. Er is niets mis mee als je in je job de beste wilt zijn. Maar én in je werk, én op de Mont Ventoux, én met je gitaar, én in De slimste mens de beste willen zijn, dat is nergens voor nodig.”

Dit is een eindejaarsinterview. Wat zal je van dit jaar bijblijven?

“Het overlijden van Christophe Lambrecht. Er zijn weinig zaken die me nog volledig overhoop kunnen gooien, maar als ik thuis voorbij z’n bidprentje loop, word ik nog altijd emotioneel. Alles wat over hem gezegd wordt, is waar: hij was, ís het toonbeeld van een schone mens. (stilte) Christophe heeft trouwens ook moeilijke periodes gekend. We hebben daar toen vaak en lang met elkaar over gesproken. Dat verwonderde me eerst, want zo vaak zagen we mekaar niet. Maar toen ik zo in de rats zat, wilde ik dat ook graag met hem delen. We hadden een afspraak gemaakt, maar hij was vergeten die in zijn agenda te zetten. Hij zou een nieuwe datum doorsturen. En dan kwam plotseling dat nieuws. Het is lang geleden dat ik me zo machteloos heb gevoeld. De dood van Christophe was veruit het dieptepunt van 2019.”

En het hoogtepunt?

“Toen ik in maart op de skilatten stond en voor het eerst in maanden weer een klein beetje geluk voelde opborrelen. Dat klinkt banaal, maar ik kan moeilijk beschrijven wat dat met me deed na zo’n donkere periode. En als ik nog iets mag aanhalen: het optreden van Bart Peeters begin deze maand in de Lotto Arena. Niet alleen door zijn geweldige performance, maar ook omdat ik tijdens de show naast de moeder van Bart zat. De ouderlijke trots die ze uitstraalde, heeft me erg geraakt. Ik veronderstel dat mijn pleegouders dat ook voelen als ze me op televisie zien, maar daar ben ik dan natuurlijk zelf niet bij.”

Kobe Ilsen was zo kwaad op zijn biologische vader dat hij zijn familienaam heeft laten veranderen. Heb jij er niet aan gedacht om die van je pleegouders aan te nemen?

“Ik vind het te laat. Maar ze zullen me wel alsnog adopteren. Begin volgend jaar is de procedure rond. Een symbolische daad, maar wel één die veel betekent. Dan heb ik opnieuw twee ouders. Weet je wat ik het grootste onrecht in de wereld vind? Dat de plaats waar je geboren bent, nog steeds allesbepalend is voor je geluk. Niet iedereen heeft de chance om in een goed pleeggezin terecht te komen. Als ik hen niet had gehad, had ik nooit psychologie gestudeerd en zat ik hier nu niet. Daarom raakte de dood van Jordi (de 17-jarige jongen die door ontbering stierf in de Gentse Blaarmeersen, red.) me zo hard. Als ik een dikke jongen alleen op straat zie lopen, denk ik: shit, hopelijk heeft hij toch enkele vrienden. Daarvan kan ik gaan huilen, omdat je wéét dat zo iemand vaak eenzaam is.”

Tot slot: wat mogen we je voor 2020 wensen?

“Dat het nooit meer zo donker wordt in mijn hoofd.”

‘Ik moet geen derde keer uitvallen bij de VRT, het is geen liefdadigheidsinstelling’, zei je in De Morgen. Dat klinkt alsof je je werkgever iets verschuldigd bent, terwijl je gewoon ziek was.

“Ze zouden me niet buitengooien, hè. Of dat denk ik toch niet. (lacht) Maar zo’n dagelijks duidingsprogramma heeft continuïteit nodig, het is geen duiventil. De VRT is zeer galant voor me geweest. In september 2017 hebben ze het programma al eens een week uitgesteld voor mij. En vorig jaar moest Phara de Aguirre zich in drie dagen tijd klaarstomen om me te vervangen. Ik denk dat je dan echt niet mag klagen. Maar goed, dat is ook niet meer aan de orde. Als het van mij afhangt, zijn we vertrokken voor minstens nog eens vijf jaar.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234