Zondag 20/10/2019

Barbie en het kunstpatrimonium

Na 17 jaar komt de Italiaanse striptekenaar Milo Manara opnieuw met een Guiseppe Bergman-album op de proppen. In Weerzien met de Sterren bewandelt het hoofdpersonage ons hele kunstpatrimonium. Maar zelfs de verschijning van Hugo Pratt en Fellini kan deze hommage aan de beeldende kunst niet redden.

'Ga je ook mee naar spelletjesland?' Een lange, sensuele blondine staat plots voor de stuntelige antiheld Guiseppe Bergman. Benen lichtjes uit elkaar, handen in de heupen en enkel gehuld in panty en nauwsluitende jekker. Bergman stamelt, begrijpt niet waar ze het over heeft en laat haar gaan. Enkele tellen later staat hij voorovergebogen bij een terminale aids-patiënt. Het meisje, zo leert hij net voor diens dood, is een, misschien, hele grote kunstenares die de hele kunstgeschiedenis kent. Zelf heeft de man nooit iets begrepen van haar (sic) 'flauwekul'. Telkens wanneer ze haar grote kunstboek openslaat, zo leert Bergman, vereenzelvigt ze zich met de centrale figuur van het tafereel. Dat levert al meteen een verdrinkingsscène op waarbij het meisje, net als in De dood van Ophelia van Millais, als een verdronken vrouw op haar rug in een beek vol bloemen drijft. Een scène later denkt ze dat ze in het verhaal Pinocchio is terechtgekomen, om vervolgens - hoe kan het ook anders - naakt in een schilderij van Manet te belanden. Bergman huppelt haar achterna, maar verliest haar uit het oog. En dan komt ze terecht op een filmset waar ze de hel van Dante beleeft. "De enige manier om hier weg te komen is de dood", fluistert een in leer gestoken en met dildo uitgeruste figurante haar toe. "Dat treft", zegt Barbie, en slaat prompt een pagina open waarop Toteninsel van Böcklin gedrukt staat. Op de een of andere manier belandt ze in een bootje en stevent ze recht op het eiland af. Groucho Marx wacht haar op, vervolgens wordt ze begroet door haar aan aids bezweken vriend, Hugo Pratt, Picasso, Rafaël en Federico Fellini. Slechts één iemand kan haar nu nog redden: de lezer...

Het eerste deel van de charmante Guiseppe Bergman-cyclus verscheen voor het eerst in Nederlandse vertaling in 1982. Manara's opzet was verhalen brengen waarin hij de de wetten van het klassieke avonturenverhaal volledig ondermijnde en met bevreemdende verhaallijnen experimenteerde. Meer dan eens richtte het personage zich naar de lezer om duidelijk te maken dat die niet moest wachten op avontuur, omdat dat er toch niet aan zat te komen. Naast Bergman was een andere hoofdrol weggelegd voor een zekere HP, wat uiteraard stond voor grootmeester en Manara's dikke vriend Hugo Pratt. Vijftien jaar later heeft Manara het roer omgegooid. Weerzien met de sterren, het vijfde album uit de reeks, is een album dat met verroeste haken en bloeddoorlopen ogen aan elkaar hangt. Een verhaal is er amper. Het enige wat Manara wil bewerkstelligen is zijn lof uitspreken voor de beeldende kunstenaars uit het heden en verleden die hem al die tijd beïnvloed(d)en. Hij doet dat echter op zo'n ordinaire en vervelende manier dat je meer dan eens dreigt het boek dicht te klappen. Manara misbruikt er zijn eigen hoofdpersonage mee. Stond Bergman in de vorige delen als hoofdpersonage recht overeind, dan is hij nu gedegradeerd tot derderangsfigurant in een semi-kunstboek. Dat dit verhaal uiteindelijk in de Bergman-cyclus terechtkwam, bewijst dat het een excuus was van Manara om zijn eigen voorliefde voor het kunstpatrimonium openbaar te maken.

En met Manara loopt het de laatste tijd behoorlijk mis. Zijn laatste twee, toevallig of niet erotische albums, zijn uitzonderlijk goedkoop en slecht gemaakt. Fataal rendez-vous, waarin een vrouw aan de lopende band verkracht wordt, en Kama Sutra, waarin hij zich waagde aan de Oosterse liefdesgeschiedenis, blonken uit in marginaliteit. Seks om de seks, leek het. Hij ging zich bovendien te buiten aan experimentele inkleuringen en fotografische achtergronden via de computer. In Weerzien met de Sterren vergeet hij die technieken gelukkig en past hij aquarel toe. In zwart-wit, wat misschien wel noodzakelijk was om de eeuwenoude illustraties en schilderijen van kunstenaars beter te doen uitkomen. Het enige kleurrijke is de cover, geïnspireerd op De Geboorte van Venus van Botticelli - meteen wordt duidelijk een brug gelegd tussen de beeldende kunst en het kleinere broertje dat doorgaat als de Negende Kunst.

Dat Manara met een verhaal als dit toch terechtkon in het ter ziele gegane (A SUIVRE), zegt veel over de toenmalige redactie. Somige mensen menen blijkbaar echt dat strips op een hoger niveau getild kunnen worden als er maar wat literairder of kunstzinniger mee wordt omgesprongen. (Een langgerekt gezucht ontsnapt nu aan mijn lippen). Ach ja, misschien schreeuwt de Italiaan met zijn drie laatste albums wel uit dat hij eigenlijk dringend op zoek is naar een goede scenarist. Voorlopig wens ik hem een vruchtvol sabbatsjaar. Van harte!

Geert De Weyer

Manara, Weerzien met de Sterren, uitgeverij Casterman, 1998, 60 pagina's, 495 frank.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234