Woensdag 24/07/2019

Ballerina met evenwichtsstoornissen

BRUSSEL l Het Koninklijk Circus liep woensdagavond zogoed als vol voor Cat Power, alias Chan Marshall, die op Les Nuits Botanique haar nieuwe groep Dirty Delta Blues kwam presenteren. Met wisselend succes helaas.

Door Dirk Steenhaut

Zoals bekend heeft Chan Marshall een wankele livereputatie. Tien jaar geleden zagen we van haar in de Botanique een optreden dat zo ontluisterend was dat we haar sindsdien nooit meer aan het werk hebben willen zien. Maar de line-up van haar nieuwe band, met onder anderen gitarist Judah Bauer (Jon Spencer Blues Explosion) en drummer Jim White (Dirty Three) trok ons alsnog over de streep. Marshall, afgekickt en wel, drinkt nu koffie op het podium en leek zich in de schijnwerpers zelfs te amuseren. Ze speelde gelukkig geen gitaar, maakte een opvallend coherente indruk en toonde zich in Brussel even beweeglijk als behaagziek. Eigenlijk had ze iets van een ballerina met evenwichtsstoornissen. Haar onbeholpen pirouettes en voortdurende geflirt met haar toetsenman begonnen je na een poos dan ook flink op de zenuwen te werken. Zeker omdat het de aandacht afleidde van de vaak uitstekende songs.

Cat Power doet tegenwoordig aan soul, al vallen de teint en het bereik van haar stembanden nogal bleekjes uit naast die van haar idool Aretha Franklin. De band stelde zich dienstbaar op, speelde een r&b-variant die nauwer aanleunde bij die van The Stones ten tijde van Exile on Main Street dan bij een Al Green of Marvin Gaye. Het spinnende orgeltje, de wulpse barpiano, bluesy tremologitaar en onverzettelijke, soms schuifelende ritmesectie pasten het best bij het materiaal uit The Greatest. 'Living Proof', 'The Moon', 'Willie' en het beslist niet van spanning gespeende 'Where Is My Love' kwamen dus goed uit de verf. Ook overtuigend: 'Don't Explain' en het ingetogen, afgemeten 'Song 2 Bobby'.

Naar verluidt wordt de volgende cd van Cat Power er weer een met covers en daarvan probeerde de zangeres er in Brussel al enkele uit. 'Lord, Help the Poor and the Needy', een obscure gospel van Jessie Mae Hemphill en het van Doc Watson bekende, gedreven 'Cuckoo Bird' konden meteen op onze goedkeuring rekenen, net zoals het intense, van Niña Pastori geleende 'Angelitos Negros'. Jammer genoeg hoorden we ook ongeïnspireerde en zielloze vertolkingen van soulclassics als 'Tracks of My Tears' (Smokey Robinson), 'Dark End of the Street' (Dan Penn) en 'I've Been Lovin' You Too Long' (Otis Redding). Zelfs 'Satisfaction' van The Stones klonk ditmaal onstellend banaal. En meldden we al dat de set, zeker naar het einde toe, behoorlijk langdradig was? De hergeboorte van Cat Power werd dus belemmerd door vele obstakels. Alleen een keizersnede kan nu nog helpen.

Zangeres Chan Marshall leek zich in de schijnwerpers zelfs te amuseren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden