Donderdag 26/11/2020

'Bach is de belangrijkste man in mijn leven'

Alsof twee voortanden werden uitgeslagen en ze nooit terugkwamen: zo voelt Paul Witteman (68) de dood van een geliefde aan. En dan blijft enkel Bach als troost en voelt het tv-programma Podium Witteman aan als thuiskomen. Zelfs met een vijfde van het aantal kijkers dat hij met Pauw & Witteman bereikte. 'Nooit eerder kreeg ik zo veel lof.'

Het lijkt wel alsof in Haarlem de zon altijd schijnt. Al zeker in de buurt waar Paul Witteman woont. Vorig jaar vertelde schrijver P.F. Thomése, amper een hoekje verder, er over de personages in zijn werk. Het was 23 juli, een woensdag, en net na dat interview hield Nederland een minut stilte. De doden van de vliegtuigramp in Oekraïne herdenkend. Het was zomer en het was warm.

Ook nu kunnen we buiten zitten, zegt Witteman, maar terwijl hij koffie zet, kijken we liever binnen rond. In de Billy-van-Ikea-platenkast vooral klassiek, maar ook The Beatles, Buffalo Springfield en Ilse DeLange. Op de vleugelpiano van Bechstein een partituur van Brahms. De vrouwenbuste blijkt z'n moeder te zijn. De foto erbij de moeder van zijn vriendin.

Er ligt nog een foto. Hij is van Cor Jaring, je ziet John Lennon en Yoko Ono in hun bed van de Hilton in Amsterdam. De foto ligt er niet zomaar. "Ik was erbij", zegt Witteman, 68 nu. En hij glimlacht. "Het was 1969, ik was net verslaggever bij dagblad De Tijd en we hadden op de achterpagina een rubriek met 'ditjes en datjes'. En blijkbaar beschouwde de hoofdredacteur van De Tijd de komst van Lennon als een ditje en datje. Zo kwam het dat ik als jonge verslaggever in plaats van de starreporter naar Lennon mocht."

Paul Witteman, wat vollere haren, houdt op de foto een klein notitieboekje in de hand. Hij luistert en noteert met ernstige blik. Blijkbaar is zijn vraag nog niet aan de beurt: John en Yoko kijken de andere richting uit. Zijn moment moet nog komen. "Ieder mocht één vraag stellen." Hij herinnert zich de zijne nog goed. "Ik vroeg: 'Luistert u ook naar klassieke muziek?' Hij zei 'ja' en ik dacht zeker dat hij dan Schubert zou noemen. Vanwege de melodieën. Maar hij sprak over Arnold Schönberg."

Twee voorwaarden

Toen al, de vraag naar klassieke muziek. 46 jaar later begon hij, in januari, op zondagnamiddag met Podium Witteman. Anderhalf uur in de vooravond op zondag over klassieke muziek. Dat we koffie mogen drinken in zijn huis in Haarlem is dan symbolisch: voelt dat programma ook voor zichzelf als thuiskomen aan? "Ja", zegt hij. Om verschillende redenen: "Het was een lang gekoesterde wens en, gelukkig, op het moment dat ik aankondigde met Pauw & Witteman te stoppen, omdat ik het fysiek te zwaar vond, stak een directeur in Hilversum zijn vinger op. Niet m'n eigen directeur, ik werk al m'n hele leven voor de VARA. Wel iemand van NTR, de publieke staatszender die een verplichte hoeveelheid cultuur moet brengen. Hij vroeg: 'Zou je voor mij een muziekprogramma willen maken?'

"Hij had twee voorwaarden. Eén: het moest goed en lang over muziek gaan. En twee: ik moest het presenteren. Dat tweede was meteen opgelost, maar bij het eerste merkte ik toch op dat als je langer dan drie minuten na elkaar klassieke muziek brengt, dat je dan voor een klein publiek werkt. Dat vond hij niet erg en dat vond ik belangrijke woorden.

"Ik kreeg de vrijheid om te programmeren zonder dat een directeur hijgend in mijn nek zou zitten met kijkcijfers." Eerst om 17 uur, nu een uurtje later, kijken op zondagavond 200.000 mensen naar Podium Witteman. "Dat is niet veel. Ook voor Nederland niet. Maar voor een programma over klassieke muziek is het wel veel."

Vorige week schreef een televisierecensent in Vlaanderen: 'Podium Witteman zou ik onbeschaamd durven aanraden aan een publiek van geïnteresseerde 16- tot 78-jarige leken. Boven de Moerdijk kan het blijkbaar wél.' Bij ons kan het niet.

Paul Witteman: "Er is een stroming in de Nederlandse politiek die zegt: 'Jullie moeten ophouden met wat de commerciële omroepen beter kunnen'. Dan bedoelen ze quizprogramma's of zang en dans van het lichtere genre. Ons doel moet zijn cultuur en informatie voor een zo breed mogelijk publiek te verbreiden. Daar hoort klassieke muziek bij.

"Dat kun je doen door in zo'n programma vijf keer twee minuutjes klassiek te stoppen met een grappige bekende Nederlander en dan zou je vier keer zoveel kijkers hebben. Maar dat moeten we niet. En zolang de VVD in de regering zit, blijft die scheidslijn tussen commerciële en publieke omroep. (met een lachje) Daar kan ik van profiteren, toevallig ontstond dat debat in Den Haag op het moment dat ik stopte met Pauw & Witteman, een programma met elke avond 1 miljoen kijkers."

Dat is mooi. Maar wellicht is de impact van een actuashow wel groter. Een tweet van Jeroen Pauw over waarom 147 vermoorde studenten in Kenia minder nieuwswaardig zijn dan de aanslag op Charlie Hebdo in Parijs, werd gisteren meteen nieuws.

"Ik doe niet aan Twitter, maar in mijn hele omroepcarrière van 35 jaar heb ik voor niet één programma ooit zo veel lof gekregen als voor dit. Mensen zeggen dat ze er speciaal gaan voor zitten."

Het feit dat ze, bijvoorbeeld, na een uitleg van Reinbert de Leeuw, muziek van componist Olivier Messiaen gaan downloaden is ook impact?

"We zijn ons bewust van onze invloed van het muzikale bewustzijn van mensen en daar gaan we zorgvuldig mee om. Elke week Pierre Boulez programmeren, die een wiskundige pragmaticus is, zou mensen wegjagen. Dus doen we graag Arvo Pärt of Messiaen.

"Laatst was ik in Leiden voor een uitvoering van de Matteüs Passie, er zaten 1.400 mensen in de zaal, onder wie ook een aantal liberalen uit het kabinet. De één na de ander kwam me nadien feliciteren voor dit programma. Terwijl je zou denken dat zij het jammer moeten vinden dat ze niet aan tafel bij Pauw & Witteman zitten.

"Hoe meer kijkers je hebt, hoe meer concessies je natuurlijk moet doen. Maar we hebben met Fuse een vast strijkkwartet dat én Ravel én een sprong naar het New York van de jaren 20 maakt. De meeste mensen, behalve maniakken als ikzelf, hebben een brede belangstelling. Bach, Beethoven, Mozart en Brahms moét je doen, maar niet alleen dat."

Waren er voordien al politici die u verbaasden door hun belangstelling voor en kennis van de klassieke muziek?

"Ronald Plasterk, onze minister van Binnenlandse Zaken, zingt al zijn hele leven mee in de Matteüs Passie. Met hem ging ik er vaak over in gesprek. Hij is zelf microbioloog, daar kon ik dan weer mijn voordeel mee doen. Felix Rottenberg, de voormalige voorzitter van de PvdA, zei me altijd: 'Je moet ophouden over die politiek'.

"Mark Rutte speelt dan weer behoorlijk piano en laatst had ik het met hem over de ballades van Chopin. Hij sprak me over een uitvoering door Vladimir Horowitz die hij beter vond dan de uitvoering door Martha Argerich - die ik mooi vind - en even later vond ik in de bus die cd met daarbij een briefje van de minister-president.

"Later dacht ik dat het verdomd leuk zou zijn om de eerste aflevering van Podium Witteman met hem te doen. Maar hij bedankte. Op televisie wil hij enkel over zijn vak praten. Niet over zijn moeder, niet over piano."

Overtuigde de cd van Horowitz u?

(glimlacht) "De man is een geweldige mythe geworden toen hij, al diep in de 80, weer kon gaan spelen in Moskou. De Moskovieten braken de tent af. Voor zijn generatie was hij wel wat, natuurlijk.

"Vandaag krijg je in Rusland de merkwaardige situatie dat Poetin, die zegt dat hij een grote cultuurliefhebber is, goed bevriend is met dirigent Valeri Gergiev. En dan is het verbazingwekkend te zien hoe fel de reacties zijn op Poetin, maar dat er niemand in Nederland op straat komt als Gergiev hier een masterclass komt geven."

Helemaal weg is de politiek niet. Op dezelfde zondag als Podium Witteman interviewt Paul Witteman nog altijd politici voor een programma dat Buitenhof heet. Die band blijft. Maar zes maanden na het einde van acht jaar Pauw & Witteman zegt hij over opvolger Pauw van Jeroen Pauw: "Misschien drie of vier keer heb ik gedacht: 'Was ik er maar bij geweest'.

"De staatssecretaris van Volksgezondheid had via zijn vader in de krant moeten lezen dat zijn eigen moeder in de zorginstelling verwaarloosd werd en daar heeft Jeroen met de andere bewoners een programma rond gemaakt. Dat was trendsettend, want de politicus kwam daar voor het blok: moet ik het officiële beleid beleid verdedigen of word ik hier de zoon van de moeder? Op zo'n uitzending kun je weken teren."

Omdat u als journalist nog altijd vindt dat je engagement moet tonen en dat u uw politieke voorkeur mag bekendmaken?

"Mijn opvattingen daarover zijn wat uit de mode geraakt. Niet bij mij, maar wel bij mijn collega's. Ik was altijd een heldere vertegenwoordiger van de VARA, een duidelijk sociaal-democratische omroep. Als ik dan iemand moest gaan interviewen, vond ik het logisch dat vanuit dat standpunt te doen. Witteman kwam uit de linkse hoek, dat dachten ze en dat dachten ze terecht: dat was ook zo.

"Mensen vinden dat dat niet meer kan. Ik had gelukkig mee dat de NOS me daarnaast voor de allerleukste klussen vroeg. Interviews met het koninklijk huis of verkiezingsdebatten. Dat vond ik altijd een feestje en nog altijd. Nooit is er trouwens van rechterzijde gezegd dat Paul Witteman vooringenomen was. Pas toen de PVV opstond, zei Wilders: 'Naar die linkse idioot Paul Witteman ga ik niet.'"

We springen even terug in bed bij John en Yoko. Meer dan die ene vraag en dat ene antwoord, blijft vandaag het gevoel aan dat moment over. Aan het bed mogen zitten van één van zijn idolen ("voor Bach dat werd"), daar bij mogen zijn. "Op zich was die 'Bed-In' (zes dagen bleven Lennon en Oko in suite 702 in bed als protest tegen de oorlog in Vietnam; RVP) geen verheffende vertoning. Al had het engagement wel iets, zeker in de tijd van de happenings op het Spui in Amsterdam.

"Zelf zelf was ik iets te cynisch om me door de 'peace and love'-beweging te laten meeslepen. Maar veel interessanter is om aan je kinderen te kunnen vertellen, net zoals bij mijn interviews met het koningshuis, wat daarrond allemaal gebeurde. Daar heb je dan pagina's voor nodig."

Hij was kind, de jongste van zeven, in Haarlem en in de herinnering ligt hij onder de vleugelpiano te spelen en Donald Duck te lezen. Boven zijn hoofd laat zijn moeder, een zus van componist Hendrik Andriessen, Chopin weerklinken. Altijd weer Chopin. Als buitenstaander denk je dat je je afzet en iets later de haren laat groeien en rock-'n-roll door de kamer laat gieren. De jaren 60, toch?

"Ik kreeg pianoles en spelenderwijs leerde ik de genialiteit ervan kennen. Daar kun je je wel tegen afzetten, maar tegelijk heeft dat iets onzinnigs. De komst van Presley en The Beatles zorgde voor belangstelling, want het was meteen een levenswijze. Je ging je kleden zoals hen. Dat duurde een jaar of zes en toen stelde ik me de vraag: wat wil ik doen in het leven? Musiceren was het antwoord. Helaas draaide het conservatorium op een faliekante mislukking uit. "Eigenlijk vind ik nog altijd dat de popmuziek na The Beatles geen geweldige wegen meer is ingeslagen. Via mijn kinderen heb ik Coldplay wel leren kennen. En jullie Stromae heeft talent. Maar toch."

Waarom is dat conservatorium zo mislukt?

"Het probleem is eerder ontstaan. Als kind kreeg ik pianoles van een lieve mevrouw die het niet aandurfde me corrigerend toe te spreken. Ik was negen toen. En dan had ik moeten toeslaan. Dat gebeurde niet en ik ben blijven hangen op het niveau dat ik nu nog heb.

"Ik geloof dat ik muzikaal ben, maar tussen je zesde en je tiende is wel een beslissende leeftijd. Er zijn uitzonderingen. Wibi Soerjadi (Nederlandse pianist en componist; RVP) begon pas toen hij twaalf was. Het kan dus wel en het is een briljante jongen. Tegelijk zit hij nét niet aan de top. Maar dat komt, denk ik, omdat het commerciële element iets te veel in zijn repertoire zit. Iets te veel Chopin, iets te veel pleaser, elk programma music for the millions.

"Een paar jaar geleden zat hij in de jury van de Koningin Elisabethwedstrijd en dan merkte je hoe goed hij erover kan praten. Daar zou ik me nooit aan wagen. Alleen vroeg Canvas me wel om dit jaar hun gast te zijn bij de live-uitzendingen. Maar het is viool en daar ken ik te weinig van."

Die piano staat hier niet zomaar. U speelt nog altijd, maar nooit voor een publiek?

"Eén keer ben ik ertoe gedwongen door Marcel van Dam, de baas van de VARA. De omroep bestond 60 jaar, er was een peperduur galafeest dat werd uitgezonden en een zangeres speelde een scène uit een Amerikaanse film na. Zij lag op de vleugel en ik was de barpianist. (lacht) Voor de VARA doe ik in principe alles, dus ook dit. Maar verder blijft het hier binnen. Alleen bij één van de allerlaatste uitzendingen van Pauw & Witteman heb ik nog eens iemand begeleid. (denkt na) Maar ik heb geen idee meer wie."

Als kind zag ik in de jaren 70 via schooltelevisie cellist Pablo Casals zeggen: 'Bach is my best friend'. Pas tien jaar later drong dat door. Maar waarom is precies Bach de componist die niemand onberoerd laat?

"Dat is niet zo makkelijk te zeggen. Je moet niet religieus zijn om ervan te houden, ik ben het bijvoorbeeld niet. Maar ik ben wel religieus opgevoed en dat helpt. Werken van Gershwin en Sjostakovitsj zijn correcties op het bestaan, maar bij Bach lijkt het alsof hij pas begint te schrijven als we weg zijn uit de werkelijkheid. En dat voelt iedereen blijkbaar aan.

"Het is de totale relativering van het aardse bestaan. Die laatste twee noten uit de Matteüs Passie, dissonant en eventjes wachten om het akkoord volledig te maken: dat is een geniale zet die hij in de 18de eeuw aandurfde."

Eén keer per jaar laat u het toe om te huilen: bij de Matteüs Passie. Dit jaar weer?

"Absoluut. Bij de eerste koralen al. Ik ben Bach nog elke dag dankbaar en ik beschouw hem als de belangrijkste man in mijn leven. Van hem heb ik meer geleerd dan van mijn eigen vader. Alleen al door de tijd die ik met hem doorbracht. Het is muziek die je elk moment van de dag kan oproepen. En verder heeft iedereen eigenschappen die hij betreurt, maar problemen kun je te lijf gaan door iets te relativeren. Zo kun je verdriet bestrijden door de schoonheid te zien die dat verdriet bracht. Dat kan door de muziek van Bach.

"Zou het een enorm gemis zijn als alle andere componisten er niet waren geweest en enkel Bach overbleef? Ik heb het ooit aan Ton Koopman gevraagd en hij zei: 'Die keuze heb ik al gemaakt'. Fauré en Brahms waren fantastisch, maar ze leggen het altijd af tegen Bach. En zonder Bach trouwens geen Fauré of Brahms."

Hoe jammer is het dat u die muziek niet door hem zelf hoorde spelen?

"Zou Bach denken: 'Ik doe het zelf beter?' Ik weet het niet. Er zijn veel vorderingen gemaakt en ik weet dus echt niet of Bach, die een vioolspecialist was, zijn eigen muziek beter zou spelen dan bijvoorbeeld Glenn Gould."

Wat u over uw vader zegt, is opvallend. Ooit zei u dat u alles samen niet langer dan 48 uur van uw leven met hem praatte. Net vandaag vertelde Bert Wagendorp in de krant (DM 8/4/2015) over hoe zijn vader tegenover zijn zoon nooit ontroering liet zien. Is dat een generatie?

"Mijn vriendin is twintig jaar jonger dan ikzelf en zij heeft een gewéldige band met haar vader. Belt er elke dag mee. (lacht) Moet dat wel, vraag ik me af, maar dat zal wel jaloezie zijn. Ik denk dat het inderdaad met een generatie te maken heeft. In die tijd leefden vaders op grote afstand.

"Een vader die vandaag zeven dagen op zeven werkt en de opvoeding van de kinderen aan zijn vrouw overlaat, is een idioot. Maar in de katholieke gezinnen van toen was dat anders. Bovendien was ik verreweg de jongste van zeven. Hij voelde de noodzaak niet om zich met mij bezig te houden. Als ik ergens had in uitgeblonken, had hij zich misschien wel positief uitgelaten."

Maakt dat u, terugkijkend, boos?

"Neen. Het feit dat hij zich niet bemoeide, vond ik wel zo rustig. Ik kon me terugtrekken op mijn kamertje waar ik muziek kon luisteren of tafeltennissen. En het was ook geen onaardige man."

Maar hoe heeft u dat met uw eigen kinderen gedaan?

"Ik probeer zo min mogelijk afstand te houden. Ik heb een dochter, twee zonen en twee kleinkinderen. Die zie ik allemaal regelmatig en ze voelen geen afstand. Ze zullen wel zeggen dat ik weinig thuis was toen ik doorbrak op tv. Maar dat is toch anders."

In de kast, voor de boeken van Willem Frederik Hermans, staat een foto in kader. Je ziet Wittemans dochter Gracia met haar dochtertje en de man van wie ze hield: Ernst-Paul Hasselbach. Samen met de Belgische productieassistente Leentje Custers verongelukte de toen 42-jarige Nederlanse presentator in 2008 bij opnames van het tv-programma 71° Noord in Noorwegen.

Voor het eerst gaat Paul Witteman aarzelend op zoek naar goede woorden. "Het is een geschiedenis die zo veel emoties brengt, dat het nog altijd niet makkelijk is daar zinnige dingen over te zeggen. Het was een catastrofe. Een schat van een man met een hele energieke uitstraling. Die hebben we allemaal moeten missen. Mijn dochter bleef achter met een jong kind en voelde in één klap de vloer onder zich wegzakken."

Een verdriet waartegen niks helpt?

"Het zou te gemakkelijk zijn om te zeggen dat ik er met Bach bovenop ben gekomen. Dan heb je toch vooral de steun van je dochter en je vriendin en je andere kinderen nodig."

Hoe troost een vader zijn dochter?

"In de armen nemen. En verder weet ik het ook niet. Je kunt alleen zeggen dat ze op je kan rekenen. Maar verdriet gaat niet weg, hoor. Het is alsof er twee voortanden uit je gebit zijn weggeslagen die niet meer terugkomen. Dat blijf je voelen en zien."

Het is het antwoord dat geen verdere vragen meer verdraagt. Twee uur had hij, er moet nog een column voor de VARA-gids geschreven worden ("daar ben ik twee uur mee kwijt") en dan gaat hij voor het programma van zondag nog twee 'loopjes' van Rachmaninov en van Chopin zoeken.

"Als ik dit programma niet zou doen, dan zou ik nu gewoon ad random luisteren. Maar de discipline vraagt me dit uit te zoeken en het uit te schrijven. Ik moet er toe gedwongen worden. Maar wel graag: een programma over muziek wil ik tot de dood doen. (kijkt op zijn uurwerk) Het is half vier, tot vorig jaar moest ik nu een pak uit de garderobe zoeken, naar Amsterdam rijden om daar pas om 1 uur 's nachts weer te kunnen vertrekken."

Dat moet nu niet. Voor de fotograaf begint, is er zelfs nog tijd voor een vleugje Rachmaninov. Dat klinkt heerlijk en op de piano luistert zijn moeder mee. Ik denk dat ze het goed vindt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234