Donderdag 24/06/2021
Ayaan Hirsi Ali: ‘Als nieuwkomers op een goede manier geïntegreerd worden, is er van ‘omvolking’ helemaal geen sprake.’

InterviewAyaan Hirsi Ali

Ayaan Hirsi Ali: ‘In sommige buurten durven vrouwen zich niet meer te vertonen’

Ayaan Hirsi Ali: ‘Als nieuwkomers op een goede manier geïntegreerd worden, is er van ‘omvolking’ helemaal geen sprake.’Beeld Arthur Vriend

In Prooi haalt Ayaan Hirsi Ali (51) opnieuw hard uit naar West-Europa, dat volgens haar veel te laks met migratie omgaat. Zelf woont de Nederlandse islamcriticus al vijftien jaar in de VS. ‘Assimilatie van nieuwkomers is een prioriteit.’

In 2002 verscheen Ayaan Hirsi Ali’s debuut De zoontjesfabriek. Daarin beschreef ze hoe zij als negenjarig moslimmeisje in Somalië voorbestemd was zo veel mogelijk zonen te baren. “Een moslimvrouw heeft meer status naarmate ze meer zonen heeft. Als mijn oma werd gevraagd hoeveel kinderen ze had, zei ze: ‘Eén.’ Ze had negen dochters en één zoon. Ik werd daar wanhopig van.”

Hirsi Ali’s striemende kritiek op de discriminatie van vrouwen in de moslimgemeenschap leverde haar doodsbedreigingen op. Ze kreeg ­permanente politiebescherming, ging in de politiek en werd bij de ­Nederlandse verkiezingen van 2003 ­Kamerlid voor de liberale partij VVD. Een jaar ­later draaide ze samen met regisseur Theo van Gogh de film Submission, over de positie van ­vrouwen in de islam. Op de ochtend van 2 november 2004 werd Van Gogh vermoord. Dader Mohammed Bouyeri spietste op het lichaam van zijn slachtoffer een brief met een aan Hirsi Ali gerichte doodsbedreiging. Zij dook een tijd onder.

BIO • werd geboren in 1969 in Somalië • kreeg in 1992 politiek asiel in Nederland • zat van 2003 tot 2006 in het Nederlandse parlement voor de liberale VVD • vertrok in 2006 naar de VS, waar ze voor een conservatieve denktank werkt • haar autobiografie Mijn vrijheid (2006) werd een internationale bestseller

Na heisa over fouten in haar asielaanvraag van 1992 wuifde ze in 2006 de politiek vaarwel. Ze verhuisde naar de VS. “Hier word ik niet bedreigd”, zegt ze in een gesprek via Zoom over haar nieuwe boek Prooi. “Al is er nog steeds beveiliging. In dit grote land leef ik veel anoniemer dan in Europa. Hier kan ik ook ongestoord werken.”

Haar vaste werkplek is het conservatieve Hoover Institution aan Stanford University, Californië, waar ze als ‘research fellow’ onder andere de politieke islam onder de loep neemt. Prooi vormt de neerslag van haar recente onderzoek. Ook nu schuwt ze de controverse niet. Volgens Ayaan Hirsi Ali holt de vluchtelingenstroom vanuit islamitische samenlevingen naar Europa de vrouwenrechten uit.

“Recent aangekomen vluchtelingen met een islam­achtergrond vallen vrouwen lastig”, zegt ze. “Daar verschenen vóór mijn boek hier en daar al artikels over. Alleen durft niemand er openlijk over te praten uit angst voor racist of extreem­rechts te worden uitgemaakt. Terwijl het niet over geïsoleerde incidenten gaat. Er is wel degelijk een structureel probleem met immigratie uit landen met een moslimmeerderheid. Die heeft als gevolg dat de rechten van álle vrouwen bedreigd worden en niet alleen die van migrantenvrouwen.”

Dat probleem werd groter volgens u door de vluchte­lingen­crisis van 2015?

“Het dateert al van veel eerder, ­alleen kon het na 2015 nog moeilijk worden verborgen. Ook in België zijn er veel getuigenissen van vrouwen die zich in de publieke ruimte onveilig voelen. De meeste ­daders zijn migrantenmannen. Na 2015 steeg het aantal meldingen en daardoor ook het gevoel van ­onveiligheid.”

In uw boek lijst u de cijfers van Eurostat op over onder andere aanranding. Voor 2016 noteert u voor België een stijging met 10,8 procent, voor Denemarken 34,4 pro­cent, voor Engeland en Frankrijk meer dan 10 procent en voor Duitsland 6,1 procent.

“Uit onderzoek van de Duitse federale recherchedienst blijkt dat het aandeel niet-Duitsers onder verdachten van seksueel geweld steeg van 18 procent in 2014 tot 29 procent in 2018. In 2016 werd een nieuwe categorie ingevoerd: ‘verkrachting, gedwongen seks en aanranding in buitengewoon ernstige gevallen met onder meer de dood als gevolg’. Dat jaar en de twee jaar daarna waren in bijna twee vijfde van alle gevallen de verdachten niet-Duitsers. Hoewel het aantal gevallen van seksueel misbruik met ongeveer 22.000 per jaar constant bleef, steeg het aandeel niet-Duitse daders van 15 procent in 2014 tot 23 procent in 2016. Ik concludeer daaruit dat er een ernstig probleem is dat dringend aangepakt moet worden. Al is er ook diepgaander, grondiger onderzoek nodig. Maar ik vermoed nu al dat velen zullen schrikken van de resultaten.”

U vindt dat we niet van de ‘ongemakkelijke waarheid’ houden?

“Precies. Dat komt omdat we schroom voelen voor mensen die uit oorlogszones zijn weg­gevlucht. Vaak maakten ze afschuwelijke dingen mee en was hun vlucht niet van de poes. Probeer het u eens voor te stellen: een overtocht over de Middellandse Zee in een overladen wankele ­rubberboot. Sommigen zagen vrienden of ­medevluchtelingen sterven. We voelen mede­lijden en willen niet stigmatiseren. We zoeken een moreel excuus voor hun gedrag. Alleen zijn de vrouwelijke slachtoffers daarmee niet geholpen.

Hirsi Ali en Theo van Gogh (l.) tijdens een debat in 2004. Iets later werd Van Gogh vermoord. Beeld ANP
Hirsi Ali en Theo van Gogh (l.) tijdens een debat in 2004. Iets later werd Van Gogh vermoord.Beeld ANP

“Veel vluchtelingen komen uit islamitische samenlevingen waar vrouwen ingedeeld zijn in categorieën als goed of slecht, zedig of onzedig, deugdzaam of verdorven. In landen als Syrië, Afghanistan, Somalië en zelfs Senegal wordt van vrouwen verwacht dat ze zich zedig en deugdzaam gedragen. Ze mogen nooit in hun eentje op stap en moeten plekken mijden waar ze in problemen kunnen raken. Wie zich als vrouw niets van die regels aantrekt, is slecht. De mannen zijn het gewoon om de onbeschermde ‘slechte vrouwen’ de volle laag te geven. Vervolgens komen zij in Europa aan. In de westerse samenleving zien ze al die vrije vrouwen die hun huis zonder mannelijke toestemming verlaten. Ze gaan uit werken, joggen door de straten van de stad, duwen hun baby in een kinderwagen door het park. Zoiets hebben die mannen nog nooit gezien.”

Toch niet elke uit Syrië, Irak of Afghanistan weggevluchte man heeft een vertekend vrouwenbeeld?

“Dat klopt. Het is niet omdat je als man moslim bent of een immigrant uit de moslimwereld, dat je een bedreiging voor vrouwen vormt. Niet alle migrantenmannen die de voorbije jaren naar Europa kwamen, misdragen zich, maar daar staat tegenover dat de meeste daders wél immigranten zijn. Niet alle daders met een migratieachtergrond zijn moslim, maar de meerderheid is dat wel.”

Er wordt toch ook veel geweld tegen vrouwen gepleegd door mannen zonder moslim­achtergrond?

“Natuurlijk leert de recente geschiedenis ons dat seksueel geweld tegen vrouwen ook zonder de islam voorkomt. Verkrachting en aanranding zijn universeel. Denk maar aan het einde van de Tweede Wereld­oorlog, toen het Rode Leger Duitsland binnenviel en Sovjet­militairen als vergelding talloze Duitse vrouwen verkrachtten. Of aan de Bosnische oorlog in de jaren 1990, toen moslimvrouwen door leden van Servische paramilitaire eenheden verkracht werden. De internationale vrouwenhandel wordt vandaag trouwens gecontroleerd door niet-islamitische criminele bendes uit vooral Azië, Rusland en Latijns-Amerika.

“Maar in de Noord-Europese landen werden de voorbije decennia wel ernstige maatregelen genomen om het seksuele geweld tegen vrouwen in te dijken. In juli 1992 kwam ik als 22-jarige Somalische vrouw op de vlucht aan in Nederland. Ik herinner me hoe verrast ik was over de vrijheid die de Nederlandse vrouwen genoten en over hoe veilig zij zich op straat voelden. Ik was opgegroeid met het besef dat ik het doelwit werd van mishandeling als ik blootshoofds en zonder mannelijke begeleiding het huis verliet. Maar in Nederland zag ik al die jonge vrouwen zonder man op straat, op de bus en op café, hun haren los in de wind. Net dat is veranderd: in sommige buurten durven vrouwen zich nu gewoon niet meer te vertonen omdat ze voortdurend door mannen worden lastiggevallen en uitgescholden.”

Zijn al die mannen vluchte­lingen? Mijn oudste zoon en zijn vriendin wonen in de buurt van het Brusselse Zuid­station. Als mijn schoondochter alleen op straat loopt, krijgt ze af en toe een denigrerende opmerking naar het hoofd geslingerd. Niet door pas gearriveerde Syriërs, maar door geboren en getogen Brusselaars.

“Ik beweer ook niet dat het probleem enkel tot de vluchtelingencrisis van 2015 terug te voeren is. Ook daarvoor waren vrouwen niet veilig in sommige wijken. Sofie Peeters legde dat in 2012 vast in haar film Femme de la rue, toen ze met een verborgen camera door het centrum van Brussel liep. Ook in Nederlandse steden als Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Groningen werden vrouwen nog voor 2015 lastiggevallen door jongemannen die in Nederland geboren en getogen zijn. Ze riepen meisjes schunnige opmerkingen toe of betastten hen. Ze opereerden altijd in groep en sommigen waren amper twaalf jaar oud.”

Is hun gedrag ook verbonden met hun religie?

“Dat heeft alleszins te maken met het feit dat ze niet gesocialiseerd zijn om vrouwen te respecteren. Als een autochtone man zich aan seksueel geweld en aanranding te buiten gaat, staan de kranten daar bol van. Hij belandt dan waarschijnlijk in de gevangenis en eindigt zonder vrienden. De kans is groot dat de mensen uit zijn omgeving hem als een baksteen laten vallen. Dat geldt niet voor allochtone mannen met roots in Noord-Afrika of het Midden-Oosten. Hun gemeenschap zal hen niet als een paria behandelen als zij voor seksueel geweld veroordeeld worden. Integendeel, hun kennissen vinden dat die vrouw maar niet op die plaats had moeten zijn. Ze moest maar niet in een straat gaan wandelen waar mannen haar konden nafluiten of aanranden.

“In alle Europese landen die veel moslimmigranten opnamen, wordt het islamisme intussen populairder. Organisaties zoals de Moslimbroederschap krijgen er voet aan de grond. Die groeperingen zijn paradoxaal genoeg trouwens ook de eerste om toe te geven dat veel mannelijke moslimmigranten zich tegenover vrouwen misdragen. Maar hun oplossing is dan dat de vrouwen zich moeten bedekken en dat er geen alcohol meer in cafés verkocht mag worden. Het gaat nooit over het socialiseren van daders en het veranderen van hun gedrag.

“Nee, het is altijd de fout van het slachtoffer, of van de westerse samenleving die alcohol tolereert.”

U vindt dat wij te tolerant zijn tegenover mannen die zich tegenover vrouwen misdragen?

“Veel Europese landen die vroeger kolonies hadden, zoals België en Nederland, worstelen met een diepgeworteld schuldgevoel. Zo ook die landen die indertijd actief waren in de slavenhandel, of die recenter de oorlogen in Afghanistan of Irak steunden. Dat schuldgevoel zorgt ervoor dat we inderdaad medelijden hebben met al die mannen die zich misdragen. Telkens wanneer ik dat onderwerp bij beleidsmakers aansnijd, gooien zij hun armen wanhopig in de lucht, terwijl de oplossing heel simpel is: integratie. Die jonge mannen moeten gesocialiseerd worden: ze ­móéten zich aanpassen aan de waarden van het land dan hen opneemt.

Ayaan Hirsi Ali in de Nederlandse Tweede Kamer in 2005. Ze werd in die tijd met de dood bedreigd. Beeld Hollandse Hoogte / Pim Ras
Ayaan Hirsi Ali in de Nederlandse Tweede Kamer in 2005. Ze werd in die tijd met de dood bedreigd.Beeld Hollandse Hoogte / Pim Ras

“Journalisten, politici en academici repliceren dan altijd: ‘Integratie moet van beide kanten komen. Niet alleen zij moeten zich aanpassen aan onze samenleving, ook wij moeten oog hebben voor hun waarden.’ In feite komt het er dan op neer dat zij hun waarden mogen behouden. In Nederland wordt dat ‘integratie met behoud van eigen identiteit’ genoemd. In de realiteit wil dat zeggen dat vrouwen zoals in het land van ­herkomst behandeld blijven worden. Dat is toch onzin? Intussen worden er geen échte integratieprogramma’s ontwikkeld waardoor die jonge­mannen zich aan de waarden van Duitsland, Nederland of België leren aanpassen. Zo loopt die toestand nóg verder uit de hand.”

Hoe moet de overheid nieuwkomers volgens u dan concreet aanpakken?

“Integratieprogramma’s kunnen pas werken als er consequenties aan vasthangen. Een land als Oostenrijk neemt integratie wel heel ernstig. Wie daar niet op de cursus opdaagt, verliest zijn uitkering en zijn identiteitskaart en moet zelfs het land verlaten. De Oostenrijkse overheid is zeer streng en dat rendeert, want alle jonge mannen én vrouwen zijn altijd netjes op de afspraak. Ze volgen trouw de taal- en waardenlessen. Ze hebben niet voor niets die lange, risicovolle gevaarlijke weg naar het Westen afgelegd. Teruggestuurd worden is het laatste wat zij willen.”

Is integratie voor u hetzelfde als assimilatie?

“In de VS heet dat inderdaad gewoon assimilatie. De redenering daarachter is dat je aan de wetten, normen en waarden van het land zál gehoorzamen. Dat gaat dan over zowel de geschreven als ongeschreven wetten en regels van een samenleving. Dat wil niet zeggen dat mensen hun rituelen moeten afzweren of hun geloof aan de kant moeten zetten. Natuurlijk mag een moslim de ramadan volgen of bidden in de moskee. Niemand wil dat afnemen. Je mag je blijven kleden zoals je wil en je voedsel als vanouds bereiden. De kern van de zaak is dat gedrag onaanvaardbaar wordt zodra het de vrijheden van anderen belemmert of in het gedrang brengt. Zoals vrouwen op straat lastigvallen en terroriseren zodat ze zich bang in hun huizen terugtrekken.”

Was u ooit zelf slachtoffer van dergelijk gedrag?

“Ja, na mijn aankomst in Nederland. In de zomer van 1992 werd ik in een asielzoekerscentrum in de gemeente Lunteren ondergebracht. Ik ­verbleef er in een caravan met nog drie andere vrouwen. Zodra ik naar buiten stapte, werd ik voortdurend door mannelijke migranten lastig­gevallen. Ze riepen obsceniteiten en vroegen om ‘gunsten’. Het leek alsof ik als migrantenvrouw een van hun prooien was. Halverwege de jaren 1990 geloofde ik nog dat hun gedrag tot hun ­eigen gemeenschappen beperkt bleef. Ik kan me ook nog discussies herinneren met jonge Marokkanen die uit discotheken gegooid werden omdat ze zich daar tegenover jonge vrouwen misdragen hadden. ‘Die racisten laten ons niet binnen’, was dan hun verweer. ‘Die club wil ons niet omdat we Marokkaan zijn.’ Terwijl dat natuurlijk niet het hele verhaal was.”

Racisme is er nochtans wél een groot deel van. Diezelfde oudste zoon van mij heeft een goede vriend met Tunesische roots. Mijn zoon was al heel vaak getuige hoe die jongen in Antwerpse cafés de toegang botweg geweigerd wordt. Of hoe hij out of the blue uitgescholden wordt.

“Ik heb zulke dingen ook gezien en dat is inderdaad niet oké. We moeten dus zeker praten over hoe we dergelijk racisme willen aanpakken.

“Ik herinner me uitstappen met vrienden naar Wageningen. Die stad heeft een asielcentrum in de buurt én een internationaal bekende universiteit. Het is dus een plek die het gewoon is om mensen van over de hele wereld te ontvangen. Wangedrag tegenover vrouwen werd er niet aanvaard. Wie op café of in een discotheek meisjes lastigviel, werd eruit gegooid. Terecht, natuurlijk. Maar misschien had er toen ook een debat moeten volgen over de essentie van de zaak: waarom misdragen die jongens zich? In plaats daarvan volgde er een vorm van etnisch profileren, waarbij mensen van Noord-Afrikaanse origine automatisch de deur voor hun neus kregen. Dat is natuurlijk geen oplossing voor het échte probleem. Dat los je op met integratieprogramma’s waarin mannen hun handen leren thuishouden en op hun woorden leren letten.”

In Prooi waarschuwt u dat alt-right en populisme het zullen overnemen als we niets tegen deze vorm van seksueel geweld tegen vrouwen ondernemen. Maar volgens sommigen behoort Ayaan Hirsi Ali zelf tot radicaal-rechts.

“Dat is dan dom van hen. (lacht) Ik word al heel lang door dezelfde figuren in dat radicaal-rechtse vak gestopt. Dat is al zo sinds ik strijd voer tegen vrouwenbesnijdenis, kind- en dwanghuwelijken en eremoorden. De mensen die altijd meteen ‘Alt-right!’ beginnen roepen, zijn net degenen die ‘alt-right’ een stevige duw in de rug geven. Want door elk debat over een gevoelig onderwerp in de kiem te smoren, geven we net al die populistische en radicaal-rechtse partijen wind in de zeilen. Zij kunnen zich dan presenteren als de enigen die het aandurven om vrijuit over onderwerpen zoals migratie, islam en integratie te spreken. Zo worden ze voor veel kiezers alleen maar aantrekkelijker.”

Wat vindt u van de ‘omvolkingstheorie’ van extreem­rechts die stelt dat een liberale elite bewust beleid voert om door migratie de oorspronkelijke bevolking te vervangen?

“Als nieuwkomers uit Noord-Afrika of het Midden-Oosten op een goede manier geïntegreerd worden, is er van ‘omvolking’ helemaal geen sprake. Extreemrechtse begrippen als ‘omvolking’, ‘vervanging’ en ‘deportatie’ zijn nonsens. Centrumpartijen van zowel links als rechts moeten nu wél dringend over het assimileren van minderheden beginnen te praten.

‘Ik word al lang door dezelfde figuren in dat radicaal-rechtse vak gestopt. Dat is dan dom van hen.’  Beeld NYT
‘Ik word al lang door dezelfde figuren in dat radicaal-rechtse vak gestopt. Dat is dan dom van hen.’Beeld NYT

“Assimilatie is een prioriteit: er moet geld voor vrijgemaakt worden en er moeten programma’s ontwikkeld worden. Alleen zo raken steeds meer burgers ervan overtuigd dat hun land als multi-etnische natie verder kan. Op voorwaarde natuurlijk dat de westerse beschaving de overheersende cultuur blijft. Dat wil zeggen: een samen­leving waar de mensenrechten centraal staan. Met gelijke rechten voor mannen en vrouwen, waar vrouwen en homo’s zich veilig voelen en antisemitisme geen kans maakt. Een maatschappij zonder racisme in wat voor vorm ook.

“Het is echt hoog tijd voor actie. In de jaren 1990 waren we er beter aan toe dan nu, toen het aantal migranten nog lager lag. Maar we maakten één grote fout: we geloofden dat met een beetje geduld alles wel goed zou komen en lieten na om in ernstige assimilatieprogramma’s te investeren. We lieten toe dat migrantenvrouwen in huwelijken gedwongen werden en dat meisjes niet naar school mochten. We keken liever de andere kant op en maakten onszelf wijs: dat lost zich wel vanzelf op.

“Net het omgekeerde gebeurde: de toestand verslechterde. De coronacrisis leert ons nu dat de overheid flink wat macht heeft. Ze houdt ons al een jaar in lockdown met strikte maatregelen die onze vrijheden inperken. Ze kan dus ook heel gemakkelijk een doortimmerd assimilatieprogramma lanceren. De migrantenpopulatie die voor zo’n programma in aanmerking komt, is nu ook weer niet zo immens. In veel landen gaat het om 5 procent van de bevolking, in sommige om 1 procent en bij een paar over bijna 10 procent. Dat is nog goed te behappen.”

U schrijft dat de erosie van vrouwenrechten door migratie niet enkel een kwestie is van religie of afkomst, maar ook van maat­schap­pelijke klasse. Het is een soort van klassenstrijd?

“De autochtone vrouwen die van die ongewilde gevolgen van immigratie slachtoffer zijn, wonen in de sociale woonwijken met lage inkomens. Zij kunnen niet aan de seksuele vergrijpen en ­misdragingen ontsnappen, want ze hebben de middelen niet om naar veiliger buurten te verhuizen.”

We laten ze aan hun lot over?

“Dat vind ik wel. Dat is toch tragisch? Ikzelf kwam in 1993 in zo’n wijk in Ede terecht. Toen voelden de autochtone vrouwen zich op straat helemaal niet belaagd of onveilig. Dat is totaal veranderd. In het huidige #MeToo-tijdperk krijgen bedreigde vrouwen uit achterstandswijken veel minder sympathie dan de Hollywood-actrices die door hitsige producenten, CEO’s en tv-ankers seksueel worden geïntimideerd. Voor alle duidelijkheid: ik heb geen probleem met #MeToo, integendeel. Het is een goede zaak dat daders à la Harvey Weinstein gestraft zijn. Maar alleen de seksueel belaagde vrouwen uit de hogere klassen kregen genoegdoening. Intussen laten we toe dat vrouwen uit de laagste klassen continu dezelfde vernederingen ondergaan.”

In haar futuristische roman The Handmaid’s Tale schetst schrijfster Margaret Atwood hoe een deel van Amerika is overgenomen door uiterst rechtse evangelische christenen. In hun nieuwe republiek Gilead hebben ze vrouwen tot broedmachines voor zonen gereduceerd. U vindt dat de vele fans van het boek en de gelijknamige tv-serie zich van vijand vergissen?

“Atwoods roman dateert van 1985, en toen ik The Handmaid’s Tale voor het eerst las, geloofde ik oprecht dat ze het over de islamitische republiek Iran had. De verhalen die gevluchte Iraanse mannen en vrouwen over de machtsovername door de ayatollahs vertellen, lijken als twee druppels op het verhaal van de installatie van Gilead. In de jaren 1970 droegen rijke Perzische vrouwen hotpants en broeken met wijde pijpen. Ze dansten op psychedelische popmuziek en konden in Teheran gaan en staan waar ze wilden.

“Natuurlijk was de sjah geen democraat. Hij voerde een autocratisch en repressief beleid, maar wat er na de Islamitische Revolutie in 1979 in zijn plaats kwam, is een regelrechte nachtmerrie. Iraanse vrouwen die het nu aandurven om in het openbaar te dansen of zonder hidjab de straat op te gaan, worden door de religieuze politie Basij opgejaagd en in de gevangenis gezet. Atwood beschrijft heel goed hoe het er in zo’n islamitische republiek aan toegaat. Alleen was ze volgens mij toen te bang om het over Iran te hebben, en daarom verzon ze het door een groep radicale christenen geleide Gilead. Het is altijd heel makkelijk om radicale christenen op de korrel te nemen. Je loopt dan ook geen enkel risico, want zij vormen helemaal geen bedreiging.”

Is dat zo? De terrorist Brenton Harrison Tarrant bijvoorbeeld, stak de radicaal-christelijke inspiratie voor zijn dodelijke raid op een moskee in Christchurch niet onder stoelen of banken.

“Natuurlijk zijn er gewelddadige radicaal-christelijke splintergroepen, maar nergens op aarde vind je een ‘christelijke republiek’ waar Gilead uit The Handmaid’s Tale in de praktijk wordt ­gebracht. In de islamitische republiek van Iran gebeurt dat wel, net als in het koninkrijk Saudi-Arabië. Er zijn nóg landen met een moslim­meerderheid die ooit seculier geleid werden, waar nu de sharia geldt. Ik ben minder bang van radicale christenen dan van radicale moslims. De politieke islam is de ‘olifant in de kamer’. Maar wie daarnaar durft te verwijzen, krijgt meteen het label ‘islamofoob’ opgespeld.”

Ayaan Hirsi Ali, Prooi. Immigratie, islam en de erosie van vrouwenrechten, Atlas Contact, 342 blz., 22,99 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234