Maandag 29/11/2021

Avontuur op de Schotse meren

Het mysterieuze Loch Ness is slechts een schakel in een aaneenrijging van kanalen en meren die de Schotse Great Glen doormidden klieft. Het Caledonisch kanaal is veel meer dan enkel ‘Nessie’. Het vaartraject van de Atlantische Oceaan naar de Noordzee is een kilometers lang decor van verhalen en legendes, waarbij je soms twijfelt aan de mythe maar evenzeer aan de werkelijkheid.

et befaamde Loch blijft wereldwijd tot de verbeelding spreken en het monster houdt al eeuwenlang zowel argeloze toeristen als wakkere wetenschappers aan het lijntje. Dobbert er echt een afstammeling van een plesiosaurus in het meer of is Nessie enkel een vernuftig hersenspinsel van voorvaderlijke marketingboys? Als je het echt wilt weten, kun je er voor een week aanmeren in de hoop een glimp van deze beroemdheid op te vangen. Je bent kapitein van je eigen schip, je vaart door prachtige oude sluizen, je bepaalt zelf de route en onderweg stop je voor een trektocht op de hoogste berg van het Verenigd Koninkrijk, de Ben Nevis. Je legt de boot aan voor een fietstochtje, een sappige Scottish beef of een in de buurt gebrouwen whisky. ’s Avonds mateloos drinken is toegestaan, na enkele afzakkertjes duik je gewoon de boot en je bed in.

verraderlijke route

De zeilroute tussen de Britse oost- en westkust langs Pentland Firth en Cape Wrath, vormde in vroegere tijden een reëel gevaar voor schippers. Er werd daarom gezocht naar een vaarroute die deze verraderlijke punten vermeed. Men had het idee om een waterlijn door Schotland te trekken, dwars door de Great Glen, de toch al rechte geologische breuklijn die de noordwestelijke Hooglanden scheidt van de Grampians. Meren moesten enkel verbonden worden met rivieren en kanalen, zo kon men Inverness aan de Schotse oostkust (de Noordzee) verbinden met Fort William aan de westkust (Atlantische Oceaan). Het Caledonische kanaal werd een feit, 107 kilometer langs vier natuurlijke meren: het Loch Loch, Loch Oich, Loch Ness en Loch Dochfour.

Wij verkiezen de wagen om naar Schotland te trekken. Als de autoboot aanlegt in Newcastle wacht je nog een lange tocht van 450 kilometer naar Laggan, het vertrekpunt op het Caledonische kanaal. Het zijn echter prachtige Schotse wegen waar de heuvels groen glooien en weldoorvoede Angusrunderen zich aan het rijke gras te goed doen. Het is heel erg aanlokkelijk om af en toe een rustpauze in te lassen en te genieten van de onweerstaanbare Schotse natuur voor je een week lang op de boot verblijft.

“Piece of cake”, beweert Catherine, de bazin van Le Boat in Laggan, terwijl ze naar de stuurorganen van het twaalf meter lange rivierjacht wijst. De boten zijn groot, ruim genoeg om er met vier personen comfortabel te leven, te koken en te slapen. Ook voor enkele fietsen wordt een plek gereserveerd. In een uur tijd ken je de basisregels van het riviervaren. Hier leer je dat de spannendste momenten op je vaarroute de draai- en kantelbruggen zijn vermits je telkens weer door sluizen moet. Om deze boot goed te besturen moet je minstens met twee zijn: een kapitein die zo dicht mogelijk langs de kade aanmeert en een scheepsmaatje die het meertouw knoopt of het in de nijvere handen van een sluiswachter gooit. Bij elke lock houden de sluiswachters de wacht in hun met bloemen opgefriste houten sluishuisjes. Als je het hele kanaal afvaart, moet je 29 sluizen door. Acht daarvan vind je bij Banavie (de Neptune’s Staircase), een kunstwerk dat de boten bijna twintig meter laat stijgen over een lengte van 457 meter. De trap bij Fort Augustus biedt ‘slechts’ vijf opeenvolgende sluizen.

Als eerste stop wordt het Great Glen Water Park gesuggereerd maar die kelk laten we aan ons voorbijgaan. Het lijkt op een veredeld waterattractiepark. Als je niet van plan bent om hier een wandeling te maken door de heuvels, is verder varen de boodschap. De volgende - vrijwillige - stop is bij het Loch Oich, een zoetwatermeer tussen Loch Ness en Loch Lochy. In de herfst komt de Atlantische zalm hier haar eieren leggen. Rondom het water van Loch Oich kun je fijne wandelingen maken over een wandelpad dat de oude spoorlijn van de Spean Bridge tot Fort Augustus volgt. Als de avond valt en je de fiets neemt tot in het oude plaatsje Invergarry, hoor en zie je muzikanten uit de buurt de plaatselijke pub opluisteren. Vanaf de noordoostelijke oever van het Loch Oich heb je een fabuleus uitzicht op het meer en de bergen. De eerste zenuwachtigheid om zelf te varen is al weggedeemsterd en maakt plaats voor het echte vakantiegevoel: benen over de rand van de boot en luisteren naar de stilte.

FORT AUGUSTUS

Na je eerste dagen als vakantieschipper volgt door een veelheid aan sluizen een waar stressmoment in Fort Augustus, net voor het Loch Ness. Generaal Wade bouwde het fort in 1715. Het is genoemd naar prins William Augustus van Cumberland, zoon van koning George II. Veel later werd het aan de benedictijnen geschonken die er een abdij met school van maakten. Fort Augustus is nu dé plek om de innerlijke mens te versterken. Langs de oevers kies je voor goedkope fish & chips of voor het wat duurdere The Bothy, een historische cottage/bar waar je heerlijke quiches en Angus-beef voorgezet krijgt. Wie er niet tegenop ziet om zelf een potje te koken in de boot, gaat naar de enige - maar beroemde - slager die met zijn uitmuntende vlees-, vis- en haggis-gerechten (schapenmaag gevuld met stukjes hart, long en lever, niervet en havermout) al verschillende prijzen won in heel Schotland. Terecht. Een korte taxirit hiervandaan ligt de Dalwhinnie distilleerderij. Zij brouwen een overheerlijke single malt die tot de befaamde Classic Malts of Scotland behoort.

Het is kil, het regent en het is botenfile als we de volgende middag door de vijftrapssluis willen varen. Soms wordt je geduld zwaar op de proef gesteld, maar als je de sluizen gepasseerd bent vaar je zo het Loch Ness in. In de verte tekenen zich wat wolken tegen de hemel af maar ze lijken onschuldig. Dit is nu het beroemde meer. Raar, hier voel je meer deining dan op de kanalen en andere meren. Toeval natuurlijk maar toch denkt menigeen aan Nessie. In Drumnadrochit kom je in het Loch Ness Expositiecentrum alles te weten over vroegere onderzoeksprojecten in verband met het monster. In enkele ruimtes wordt de hele Loch Ness-manie aanschouwelijk voorgesteld. Echt wereldschokkend is het museum niet, spannender is om de plaatselijke bevolking aan het woord te laten. Aan de uitgang van het museum loop je door een bazaar waar men kilts en Schotse prulletjes verkoopt. Loop er straal langs, even verder in Inverness is de kwaliteit van de stoffen beter en bovendien goedkoper. Buiten sta je in de werkelijkheid van de 21ste eeuw en die is vooral nat en druilerig. Een blitzbezoek aan het oude Urquhart Castle bewaren we voor de terugweg. Op naar Inverness, de grootste stad in de Hooglanden. Hier is elke dag wel wat te doen, vooral in het weekend is er volop ambiance in de Church Street. Shoppen doe je in het oude stadscentrum waar je ook de traditionele kilts kunt kopen.

Vanaf nu gaat het weer de andere richting uit, terug langs het vertrekpunt Laggan want helemaal aan de andere kant van het kanaal ligt Fort William. Opnieuw wandelen we in Fort Augustus door de vijftrapssluis met de boot op sleeptouw. Aan de andere kant van de sluis krijgt iedere schipper advies want het is behoorlijk fors gaan waaien. De nachtelijke windvlagen die aan de knopen van de sluisbolders rukten, voorspelden al weinig goeds. De sluiswachter voorspelt een bumpy ride op Loch Ness. Er is onverwacht hoge deining en getijdestromen van tien knopen. Het is verkieslijk om in colonne te vertrekken en wel meteen. Bij de buren staat er echter een heerlijke beef te pruttelen en zij verkiezen toch om wat later te vertrekken. Tot aan het Loch Ness gaat alles vrij goed. Het is bumpy zoals voorspeld maar alles gaat goed tot we het beruchte meer opvaren. De wolkenformaties nemen een agressieve houding aan en een kwartiertje later is het weer zover: pijpenstelen en stormwind en het meer wordt wild. Zo snel mogelijk verplaatst de colonne zich richting Urquhart waar iedereen een aanlegplekje zoekt want het ziet ernaar uit dat we hier de nacht moeten doorbrengen. Hier, waar Nessie verondersteld wordt zich op te houden, is het meer 230 meter diep. Dieper dan de Noordzee.

NESSIE MAAKT ZICH BOOS

Na een uur zien we midden op het meer de boot van de onfortuinlijke buren uit Fort Augustus. Vooraan gooien de golven zich gewoon over de boot. Het vrij rustige Loch Ness van de heentocht heeft plots oceaanallures gekregen. Die mensen worden ongetwijfeld zeiknat, denken we, het dak van de rivierboten is niet bestand tegen zulke golfslagen. Vanop ons veilig plekje aan Urquhart Castle slaan we het gevecht van de rivierboot gade. We turen door de verrekijker, verklaren de kapitein voor gek. Gelukkig zien we de boot na enige tijd aan de aanlegplaats van Urquhart opdoemen. De vele ‘kapiteins’ die hier gestrand zijn, schuiven bereidwillig wat op tot er nog een plaatsje vrijkomt waar de laatste boot terechtkan. Een ouder koppel komt drijfnat op de kade, de vrouw voelt zich ellendig en “wil alleen nog maar doodgaan.” Iedereen blijft overnachten in Urquhart. Echte uitgaansbuurten zijn hier niet, dus wordt er stevig verbroederd met de andere families en worden ook flinke porties whisky en Guinness achterovergeslagen. Intussen laten onze kersverse buren de verwarming van hun boot ook ’s nachts draaien om alles droog te krijgen. De volgende ochtend ligt het meer er zo kalm en spiegelglad bij dat er meteen weer volop wordt uitgevaren.

We varen door naar de volgende sluis. Het onfortuinlijke koppel van de dag ervoor blijft heel dicht tegen andere boten aanschurken en bij een volgende stop zien we de oudjes snel een zestal glazen kopen, zoveel zijn er gesneuveld in hun strijd op het meer. Loch Oich en Loch Lochy zijn van een heel wat rustiger kaliber. We glijden door naar Fort William in de schaduw van de Ben Nevis, met 1.344 meter de hoogste berg van Groot-Brittannië. Als je deze wil beklimmen moet je zeker een dag voorzien en er rekening mee houden dat het geen makkelijke opdracht is. De natte ondergrond van sommige steile weggetjes maakt dat de berg niet voor iedereen toegankelijk is. Wie er wel in slaagt, krijgt meteen de hoofdprijs: oneindige vergezichten aan de ene kant terwijl aan de andere zijde het meer mysterieus verdwijnt in de nevels en de mist.

zwEinstein

Nog een must in Fort William is de Jacobite-stoomtrein die Harry Potter en zijn klasgenootjes telkens weer naar de toveracademie van Zweinstein brengt: de Hogwarts Express. De locomotief 5972 is herdoopt tot ‘Hogwarts Castle’ en werd rood geschilderd in de stijl van de fictieve Hogwarts Railways. De filmscène waar de Hogwarts Express in Harry Potter en de geheime kamer over een viaduct rijdt, is opgenomen op het Glenfinnan-viaduct, ongeveer 25 kilometer ten westen van Fort William. De spectaculaire treinroute laat ongeacht het jaargetijde en het tijdstip van de dag aan weerszijden van de spoorlijn adembenemende en snel wisselende kleurschakeringen zien. Neem een picknickmand mee en doe deze tocht, het is een van de mooiste korte treinroutes ter wereld. De Jacobite rijdt via Arisaig, Loch Morar langs het fotogenieke Glenfinnan-viaduct. De trein vertrekt ’s morgens om twintig over tien plaatselijke tijd in Fort William en brengt je om zestien uur op dezelfde plaats terug. Tussendoor wordt er anderhalf uur halt gehouden in Mallaig.

In Fort William kun je om het spannend te houden met je boot door de acht sluizen van Banavie, een spektakel voor de voorbijgangers. Deze watertrap wordt toepasselijk Neptune’s Staircase genoemd.

’s Avonds taxiën we naar The Grog & Gruel waar we na enkele whisky’s met vier doorgewinterde Schotten - die Fort William eigenlijk maar niets vinden vanwege te Brits - merken dat het stereotype van de uit veel bravoure, bier, whisky en borrelnootjes opgetrokken Schotse macho nog lang niet uitgestorven is. De keuken is open en we proeven onder begeleiding van doedelzakmuziek de onvermijdelijke gevulde haggis en de Scotch broth-groentesoep, beide onverwacht lekkere klassiekers. Omstanders declameren de ‘Ode aan de haggis’ van dichter Robert Burns: “Rein en eerlijk is jouw vrolijke gezicht / De beste worst te zijn is jouw families plicht! / Jij hebt een ereplaats verdiend als zwaargewicht / Maag, pens en darm / Jij verdient een gedicht / Zo lang als mijn arm.” Vervolgens luisteren we naar de opgeklopte verhalen over Glencoe, het beroemdste dal van Schotland waar ooit een bloederig treffen plaatsvond tussen de MacDonalds-clan en die van de Campbells. Tot op heden zorgen de geesten van beide clans hier naar verluidt graag voor nachtelijk vertier.

Als je uitgekeken bent op Fort William gaat de tocht terug naar Laggan waar je de boot in handen geeft van Gery en Catherine. We gaan nog eens uitgebreid eten in The Eagle Barge, een leuk bootrestaurant annex pub en we verlaten dit boeiend stukje Schotland waar we een glimp van Nessie en een flits van Zweinstein gezien hebben.

Het monsterverhaal begon in 564 toen priester

Columba een begrafenis bijwoonde van een man die volgens de bewoners gedood werd door een watermonster. De priester stuurde heldhaftig zijn assistent Lugneus Mocumin het water in maar die werd meteen aangevallen. Columba hief zijn kruisbeeld en riep Gandalf-gewijs: “Tot hier en niet verder.” En het beest trok zich kwispelstaartend terug in diepere wateren. De legende overleefde de tijd en in de jaren dertig van de vorige eeuw waren er opnieuw diverse meldingen van ‘iets’ in het water. De Schotse politie twijfelde toen niet aan het bestaan van het legendarische monster. Politiechef William Fraser was zelfs bezorgd om het voortbestaan van Nessie. Hij stelt in officiële documenten voor om de burgers in te lichten en hen op het hart te drukken dat het behoud van het dier ‘wenselijk’ is.

De beroemdste foto’s die ooit genomen werden van het monster, waren die van dr. Robert Kenneth Wilson in 1934. Zijn kompaan Chris Spurling bekende echter op zijn sterfbed dat een vijftal vrienden een houten nepmonster aan een klein speelgoedduikbootje hadden bevestigd en daarna gefotografeerd en bewerkt.

In 1969 trok Frank Searle naar Loch Ness. Hij zou er veertien lange jaren blijven, eerst in een tentje, daarna in zijn blauwe caravan. Searle was zowat de grootste Nessie-jager die het Loch ooit heeft gekend. Halfweg de jaren 1970 nam hij wel twintig foto’s van het monster. In 1972 trok Searle met een foto naar The Daily Mail. De redactie drukte de foto af op de cover en de oude legende was weer opgepoetst. Volgens wetenschappers nep, maar Frank Searle bleef volhouden dat hij het monster meermaals recht in de ogen keek. Vele enthousiastelingen vervoegden hem, waaronder in 1977 de Vlaamse Lieve Peten. Zij hield Frank Searle twee jaar gezelschap en werd een echte assistent-monsterjaagster. Maar Frank Searle vertrok van de ene dag op de andere en keerde nooit meer terug naar het Loch Ness. Hij nam het geheim van zijn foto’s in 2005 mee in zijn graf. Die foto’s blijven nog altijd nieuwe believers overtuigen. In 1987 startte de grootse operatie Deepscan: een hele vloot boten maakte sonarbeelden van het Loch. De conclusie: een monster vond men niet, maar tal van eigenaardigheden in het water zouden wel op zijn bestaan kunnen wijzen…

Praktisch

•Le Boat is een samenvoeging van drie grote bootverhuurders met boten in diverse landen. Meestal in het warme zuiden maar hier in het barre Schotland. Een vaarbewijs is voor de rivierboten niet nodig. Je krijgt een uurtje instructie en dan kun je op weg met de boot. De route bepaal je zelf, je krijgt een gedetailleerde routekaart mee. Het kapiteinshandboek krijg je thuisgestuurd. Een officieel vaarbewijs heb je niet nodig. Meer info op www.leboat.nl. In België kun je ook via Jetair naar alle bestemmingen van Le Boat. Bovendien zal Le Boat ook vertegenwoordigd zijn op de 23ste editie van de Belgian Boat Show in Flanders Expo Gent (van 12 tot 14 en 18 tot 20 februari).

•Prijs: voor 7 dagen met de Mountain Star (4 personen) betaal je ongeveer 1.630 euro; bij die prijs komen natuurlijk nog de brandstofkosten.

•Er is een makkelijke en comfortabele alternatieve manier om naar Schotland te reizen met de wagen. Dagelijks vertrekken er vanuit IJmuiden (bij Amsterdam) ferryboten van DFDS Seaways naar Newcastle. Vervolgens rijd je naar Edinburgh en zo naar Lagan. Meer info op www.dfdsseaways.com.

•Stoomtreintje The Jacobite langs de

beroemde Glenfinnan-viaduct: www.westcoastrailways.co.uk.

Prijs: 37 euro voor volwassenen en 21 euro voor kinderen.

Het 13de-eeuwse Urquhart Castle biedt een weids uitzicht over het meer van Loch Ness.

Wie het hele kanaal afvaart, moet langs 29 sluizen.

Inverness by night, de grootste stad in de Schotse Highlands. Vooral in het weekend is er volop ambiance, aanmeren is dan zeker een must.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234