Zaterdag 19/06/2021

Avant-garde voor de mainstream

Na twee door het grote publiek genegeerde platen vond Lou Reed het tijd om de koers van The Velvet Underground bij te sturen. Daar was volgens hem één drastische maatregel voor nodig: medeoprichter John Cale ontslaan. Een nieuwe, zesdelige cd-box brengt in kaart wat nadien gebeurde.

Eind september '68 bereikte het conflict tussen Lou Reed en John Cale een hoogtepunt. Reed riep The Velvet Underground bij elkaar in het Riviera Café in Greenwich Village, maar John Cale - naast eigenzinnige violist ook een grillige persoonlijkheid - was niet uitgenodigd. Daar legde Reed drumster Maureen Tucker en gitarist Sterling Morrison een wrang ultimatum voor: ofwel Cale eruit, ofwel de groep opdoeken. Het was niet van harte, maar uiteindelijk kozen ze de kant van hun zanger, en een week later verliet Cale de band die hij anderhalf jaar eerder mee had opgericht. De daaropvolgende plaat vormde niet alleen het einde van de popartperiode van The Velvet Underground, maar was ook de eerste die niet eens de Amerikaanse Top 200 haalde. Precies doordat Reed afstand nam van mentor Andy Warhol, zag het ernaar uit dat nu ook het weinige publiek dat de groep al had, haar de rug toekeerde.

Beetje vreemd, eigenlijk, want 45 jaar later klinkt deze titelloze derde nog steeds opvallend fris en - vooral - verrassend toegankelijk. Geknipt voor de mainstream, al bleef Lou Reed uiteraard Lou Reed: een meesterverteller met een subversief kantje. Toen Rolling Stone destijds schreef dat Lou Reed plots een akoestische folkie was geworden, ging het blad dus wel héél kort door de bocht. Al moet het gezegd dat 'Pale Blue Eyes' misschien wel de meest vertederende popsong was die Reed tot op dat moment geschreven had. En ja ook: 'Jesus' toonde een opvallend ingetogen band.

Door het vertrek van Cale was het avant-gardistische karakter van The Velvet Underground weliswaar afgezwakt, maar daar kwamen puurdere, sterkere melodieën voor in de plaats. Zoals Reed het zelf stelt in de hoesnota's van deze box: "Ik vond dat we een andere kant van de groep moesten laten zien."

Die groep werd versterkt met de 21-jarige Doug Yule op bas en orgel, én hij neemt ook de stem op openingsnummer 'Candy Says' voor zijn rekening, een eerbetoon aan Warholsuperster Candy Darling. De overheersende toon van de songs is intimistisch en meditatief, maar getuige het enerverende 'The Murder Mystery' was de experimenteerdrift nog niet helemaal bekoeld. Het nummer - waar Reed en Morrison tegelijk een andere tekst voorlezen - is chaotisch en irritant. Meteen het enige fastforwardmoment van deze plaat, die ontwapenend wordt afgesloten met het door Tucker gezongen 'After Hours'. Zelden klonk de groep zo ontroerend naïef, zo lieftallig als in deze ode aan de nacht.

De originele plaat blijft uiteraard de troef van deze box, maar wie dieper in de geschiedenis wil graven, krijgt er twee afwijkende mixen bovenop, naast twee liveplaten uit die periode, én werkopnamen voor de volgende plaat. Niet alleen een knap tijdsdocument, maar ook een diepe duik in een van de interessantste metamorfoses die The Velvet Underground in hun korte bestaan hebben doorgemaakt. (Polydor/Universal)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234