Woensdag 24/07/2019

Assad nog lang niet verdreven

Het geweld heeft de Syrische hoofdstad Damascus bereikt, maar het regime van president Assad zal niet snel vallen. Een spectaculaire militaire overname lijkt onwaarschijnlijk.

Wie in Damascus na middernacht over straat wil, moet tegenwoordig zigzaggen tussen wegblokkades en checkpoints. Bij gebouwen van de veiligheidsdienst, defensie, gemeente, politiebureaus - overal blokkeren betonnen barricades de doorgang. Op ieder kruispunt van enige betekenis staan mannen in burger of groene overalls naast verrijdbare hekken. Met hun kalasjnikovs wijzen ze auto's naar de stoep voor controle van papieren of kofferbak, in een poging het centrum van de macht te beschermen tegen de oprukkende oppositie.

Terwijl de rest van het land in brand staat, dreigt nu ook de hoofdstad uit de handen van het regime-Assad te glippen. Aanslagen op veiligheidsdiensten vinden met de regelmaat van de klok plaats - terroristen, oppositie, regime zelf, iedere inwoner van Damascus denkt er het zijne van.

De oppositie gaat steeds rücksichtsloser te werk. Pijnlijk voorbeeld is de moord afgelopen week op zeven werknemers van een pro-regime televisiezender aan de rand van de stad - waarschijnlijk het werk van antiregimestrijders.

Psychologie

Afgelopen donderdag gingen zelfs bommen af bij het hoogste gerechtshof van het land, in het centrum van Damascus. Hun militaire effect is verwaarloosbaar, maar de dwarrelende rook boven de nabijgelegen Citadel van Damascus heeft een enorme psychologische impact op Damasceners. Het ooit oppermachtige regime is niet langer onaantastbaar, zelfs niet in het hart van de macht. Ondertussen vallen oppositiestrijders steeds vaker doelwitten in Damascus zelf aan - niet langer alleen in omringende dorpjes.

"Damascus kookt van woede", zegt de jonge activist Hassan. "Eerst was een minderheid met de revolutie en een meerderheid met het regime. Nu is het andersom. We hebben lang genoeg toegekeken hoe ons volk wordt uitgemoord. Damascus is bereid zijn bijdrage te leveren aan de revolutie."

Bij gebrek aan opiniepeilingen en in een land waar bijna niemand vrijuit durft te praten, is niet te controleren hoe breed die mening wordt gedeeld. Veel mensen herhalen de retoriek van de staatstelevisie: terroristen willen ons land vernietigen en het regime is bezig ze uit te roeien. Maar de enkeling waarmee je alleen kunt praten, in een taxi, een broodjeszaak, of een leeg restaurant tijdens de zoveelste stroomuitval, spreekt opmerkelijk vaak zijn steun uit voor de oppositie.

"Wij roepen om vrijheid, en zij schieten ons dood", zegt een inwoner van Qudsaya, een buitenwijk die nu al drie dagen met mortieren wordt bestookt. "En dan noemen ze ons terroristen. Het is toch echt het regime dat al die mensen in Homs heeft vermoord. En nu schieten ze mijn wijk kapot. Oprotten met dat regime."

Ondertussen nopen de stoutmoedige acties van rebellen activisten in Damascus tot allerlei geheimzinnig gefluister over een naderend Zero Hour, het Uur U. Een aanval, een overname, een grote operatie om het regime te treffen - er hangt iets in de lucht.

"Niemand weet wat het is", zegt Hassan zachtjes. "Maar het kan elk moment gebeuren." Dat soort geruchten lijkt echter meer hoop dan wetenschap. Een spectaculaire militaire overname van de hoofdstad zoals die plaatsvond in de Libische burgeroorlog, is hier onwaarschijnlijk. De Syrische opstandelingen hebben geen hulp van de NAVO en zijn niet massaal bewapend zoals de Libiërs.

Daarbij is de steun voor Assad in Damascus waarschijnlijk nog altijd groter dan die in Tripoli destijds voor Kadhafi. Als interventie uitblijft, is een chaotische strijd van de lange adem waarschijnlijk - ook in Damascus. Het regime is militair nog altijd veel sterker dan de rebellen. Maar zelfs als ze zware wapens inzetten, overleeft de oppositie - dat zien we nu in Homs. "Ik dat we de komende maanden langzaam maar zeker verdere ondermijning van veiligheid en stabiliteit in de hoofdstad zullen zien", zegt een westerse diplomaat in Damascus. "Daardoor worden mensen het regime zat, maar de verdeelde oppositie biedt geen alternatief. Worstcasescenario op de lange termijn? Een burgeroorlog waarbij krijgsheren delen van het land innemen, een situatie zoals in de Libanese burgeroorlog, of in Irak."

Gevechtstenue

In oppositiebolwerken neemt het belaagde regime dan ook geen enkel risico. Waren het een paar maanden geleden nog mannen met knuppels die demonstranten najoegen, nu staan iedere vrijdag eenheden in gevechtstenue de bewoners van opstandige wijken in toom te houden. Op werkelijk iedere toegangsweg tot opstandige wijken zoals Midan, Kafr Soussa of Mezze controleren mannen van het leger, veiligheidsdiensten of de paramilitaire shabiha-milities voorbijgangers. Geweld van beide kanten, maar met het regime voorop, gaat ondertussen door. De afgelopen twee dagen stierven volgens activisten zeker 200 personen, van wie een goed deel in Douma, op acht kilometer van de hoofdstad - het waren mogelijk de bloedigste dagen sinds het begin van de opstanden.

Maar ondanks het intimiderende optreden van de overheid en de hoogst onduidelijke toekomst van de Syrische revolutie hangt er onder Damasceense activisten een enthousiasme dat de hoofdstad al een tijdje niet meer gezien heeft. "Eerst was de hele hoofdstad het bastion van de overheid, nu is het alleen centraal Damascus", zegt Rola, een doorgewinterde activiste met een glimlach, terwijl ze met wijsvinger en duim een krimpende cirkel maakt. "Dit is hun laatste citadel."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden