Dinsdag 21/01/2020

Artistieke reuzen in een minicircus

De twee kunstenaars deelden de passie voor circus en speelgoed. Ze werden boezemvrienden

EXPO l verwantschap tussen miró en calder in BaselHHHH

Ludo Dosogne

Joan Miró en Alexander Calder deelden een passie voor het circus en voor speelgoed. Het maakte dat ze boezemvrienden werden. Hoewel ze verschillende materialen gebruikten, groeiden ze later ook artistiek naar elkaar toe. Tientallen ijzerdraadfiguurtjes en mobielen van de Amerikaanse Calder gaan deze zomer in Basel een dialoog aan met de poëtische schilderijen van de Catalaanse kleurentovenaar. Documentaire films, foto's en nagelaten brieven onderstrepen hun verwantschap in het helverlichte tentoonstellingscomplex van de Beyeler Stichting, dat de Italiaanse architect Renzo Piano zes jaar geleden in Zwitserland neerpootte.

Om een eerste ontmoeting te forceren stuurde Calder toen hij eind 1928 in Parijs verbleef een beleefde brief naar Miró met een aanbeveling van Elisabeth Hawes. Die society-journaliste was een bekende figuur in het avant-gardemilieu. Bij Miró stond ze op een goed blaadje omdat ze in het modeblad Vogue zijn ongewone decorontwerpen voor de Russische Balletten had opgehemeld.

Omdat ze uiterlijk fel verschilden, baarden Calder en Miró bij ieder openbaar optreden als kunstenaarsduo veel opzien. De bonkige Amerikaanse reus stapte wijdbeens naast de verfijnde Catalaan, die zich ondanks zijn temperament met afgemeten pasjes voortbewoog. In de studio die Miró in de Rue Tourlaque had gehuurd, trof Calder tijdens een verkennend bezoek enkel een hobbelpaard, exotisch speelgoed en assemblages van gerecycleerde objecten aan. Schilderijen waren nergens te bespeuren. Kort nadien nodigde Calder zijn toekomstige artistieke bondgenoot in zijn bescheiden appartementje in de Rue Daguerre uit op een voorstelling van zijn miniatuurcircus. De clowns, de acrobaten en de dieren waren uitsluitend vervaardigd uit goedkoop materiaal zoals rubber, hout, textiel en ijzerdraad. Vingervlug en met een perfecte timing liet de rondkruipende Calder de acrobaten, de dansers en de trapezewerkers stunten.

De leeuwenact ondersteunde hij met luid gegrom. Zijn vrouw Louisa James assisteerde hem als dj avant la lettre. De inventieve circusdirecteur gunde de aanwezigen, die in de krappe ruimte bijna op elkaars schoot zaten, weinig comfort. Toen de touwen, waaraan zowel kartonnen en pluchen personages als emmers water waren opgehangen, het begaven, ontstond lichte paniek!

Calder had voordien in Florida wekenlang de clowns, de trapezewerkers en de dierentemmers van het vermaarde Ringling Bros en Barnum & Bailey Circus geobserveerd. Hij wilde vooral de poëzie van hun bewegingen naar zijn huiskamercircus overbrengen.

Anderzijds kwamen professionele circusartiesten zelf in de ban van de huppelende en springende ijzerdraadconstructies. Toen Paul Fratellini het teckeltje Tamara allerlei kunstjes zag uitvoeren, bestelde hij van het hondje, dat met gummislangetjes was bekleed, een groter exemplaar zodat zijn broer het kon opvoeren in een clownesk tafereel.

De Fratellini's en de circusmenagerie inspireerden ook Miró tot dromerige doeken met objecten of tekens, die zweven in de blauwe lucht of worden opgeslokt door de bruine piste. Die circusschilderijen ogen even amusant en spiritueel als zijn sleutelwerk De geboorte van de wereld, dat in het tentoonstellingsluik over universele gewaarwordingen een ereplaats krijgt. Een rode ballon en een zwarte vlieger symboliseren het mannelijke en het vrouwelijke chromosoom.

In legendarische Parijse artiestencafés als de Coupole plooide Calder in het begin van de jaren dertig razendsnel en zonder een schaar te gebruiken ijzerdraad tot karikaturale portretten. Kiki de Montparnasse was zijn lievelingsmodel. Hij beeldde haar uit met een gespleten gezicht en veranderde haar tuitmondje in een roos. Een oor of een mond kon de vorm aannemen van een handtekening. Op de vrouwensculptuur, die de lente voorstelt, fungeert Calders signatuur zelfs als schaamhaar!

Huiveringwekkend zijn daarentegen de Black Beast, de Devil Fish en de Big Bird, die de Amerikaanse kunstenaar bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog uit grote metalen platen sneed. Die weerbarstige stabiles gaan op de expo een verbond aan met spookachtige schilderijen van Miró uit dezelfde bewogen periode, met als uitschieter Woman Haunted By the Passage Of the Bird-Dragonfly Omen Of Bad News. Voor het republikeins Spaans paviljoen op de wereldtentoonstelling in Parijs had hij een jaar voordien al een gelijkaardig muurdoek vervaardigd, dat naar de opstand van de Catalaanse boeren verwees. Calder realiseerde met kwikzilver uit de mijnen van Almaden zijn Mercurius Fontein. Beide werken deelden de ruimte met Picasso's Guernica. Maar geen van deze kunstenaars kon het tij doen keren.

Wat Calder en Miró Waar en wanneer Basel/Riehen, Fondation Beyeler, Baselstrasse 101, nog tot 5 september, dagelijks van 10 tot 18 uur, woensdag tot 20 uur Tijdens de weekends treedt in het park de koorddanser David Dimitri op. Info: 0041-616/45.97.00 en www.beyeler.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234