Zaterdag 16/01/2021

Art Spiegelman breekt met 'The New Yorker' en hekelt media in VS

'De Amerikaanse media zijn onrustwekkend stil. Daarom voel ik me verbannen in mijn eigen land'

Brussel

Van onze medewerker

Geert De Weyer

Art Spiegelman, stripauteur en laureaat van de Pulitzer Prize 1992 voor het holocausttweeluik Maus, is verontwaardigd en teleurgesteld. Zopas liet hij aan de Italiaanse krant Corriere della Sera weten dat hij bij het gerenommeerde blad The New Yorker opstapt wegens onvrede met de huidige gang van zaken. Zijn contract, dat eerstdaags verlengd moest worden, belandt op die manier naar verluidt definitief in het vriesvak. "Op die manier wil ik protesteren tegen het wijdverspreide conformisme van de media in het Bush-tijdperk", klonk het verbeten.

Spiegelman is verontrust over het huidige gebrek aan een kritische geest en aan "alternatieve pers, zoals ten tijde van de Vietnam-oorlog". "De enige kritische publicatie bij ons is The Nation", haalt hij aan, "maar dat blad heeft een oplage van slechts vijftigduizend exemplaren, wat naar Amerikaanse normen niets voorstelt."

Het is niet de eerste keer dat Spiegelman zijn medewerking verbreekt met The New Yorker, waar zijn echtgenote Françoise Mouly op de loonlijst staat als art director. De 55-jarige auteur liet zich in het verleden al vaker negatief uit over de manier waarop vroeger Tina Brown en nu ook huidig hoofdredacteur David Remnick zich van hun taak kweten, maar de stopzetting van de samenwerking zou ditmaal in alle sereniteit hebben plaatsgevonden. "Ik wil de redenen van mijn ongerief niet toespitsen op Remnick noch Brown", gaf hij te kennen aan de New York Observer. "Het zijn de Amerikaanse media in het algemeen die me onthutsen. Ze zijn onrustwekkend stil. Wellicht maakt het deel uit van de huidige tijdgeest, maar het is de reden waarom ik me verbannen voel in mijn eigen land."

Begin jaren negentig liet Spiegelman zich opmerken toen hij voor de New Yorker een cover maakte waarop een orthodoxe joodse man een zwarte vrouw innig op de mond zoende. De natie was 'not amused', want Spiegelman liet de cover publiceren op het moment dat zware rellen tussen orthodoxe joden en zwarten in de stad plaatsvonden. Tien jaar later deed opnieuw een van zijn covers voor het blad stof opwaaien, al hulde het dit keer de natie in stilzwijgen. Een week na 11 september was die cover namelijk nagenoeg zwart. De aandachtige kijker merkte, tegen de achtergrond van een zwarte lucht, het zowaar nog zwartere silhouet van de WTC-torens op. Black-out! Spiegelman zelf zou in die periode teneergeslagen en zelfs depressief zijn geweest, iets wat werd bevestigd door Andrew Silow-Carrel, uitgever van het joodse blad The Forward, die er de wereld op wees dat de auteur sinds de aanslag getraumatiseerd was.

Feit is dat Spiegelman, die in het verleden al vaker liet horen naar Europa te willen emigreren, na 11 september andere taal sprak. "Toen ik achteraf met mijn kinderen mijn eigen, met stof bewolkte straten insloeg, realiseerde ik me pas hoeveel ik van die stad hield", zei hij, om af te sluiten met: "Nu begrijp ik waarom de joden niet uit Berlijn wegtrokken na de Kristallnacht."

Na de publicatie van Maus was het lange tijd stil rond Art Spiegelman. Buiten illustratiewerk voor bladen als The New Yorker, het coördineren van de avant-gardistische stripreeksen 'RAW' en 'Little Litt', het illustreren van het boek The Wild Party (van Joseph Moncure March) en het maken van een kinderboekje, was van enig stripwerk geen sprake meer.

Vorig jaar verschenen dan plots in internationale kranten paginagrote tekenplaten met als titel 'In the Shadow of No Towers'. Spiegelman, die een loft bezit in Manhattan, op zo'n elf blokken van de ingestorte Twin Towers, was naar eigen zeggen begonnen aan een verhaal over de aanslagen van 11 september en het huidige klimaat. Hij omschreef zijn strip als een 'sarcastische catastrofale pop-art comic'. Op een van de eerste platen is te zien hoe een slapende Spiegelman benaderd wordt door twee ongure individuen. Langs links komt Bin Laden aangeslopen, langs rechts dreigt niemand minder dan president Bush hem een pistool tegen de slaap te duwen. Net die tekening heeft er volgens de auteur voor gezorgd dat grote Amerikaanse kranten zijn publicatie weigerden. Enkel het joodse tijdschrift The Forward zou interesse getoond hebben.

In de Europese landen was de vraag echter groter. Het eerste Europese land dat de reeks publiceerde was, tot groot jolijt van Spiegelman, het Duitse Die Zeit. In België publiceert De Standaard de pagina's, in Nederland is dat het NRC Handelsblad. Wie echter die beide kranten uitvlooit op zoek naar Spiegelmans werk, komt van een kale reis terug. Sinds de publicatie van de eerste platen begin november, verschenen er totnogtoe slechts drie afleveringen. De auteur, zo luidt het, werkt onregelmatig aan de platen. Als hij er zin in heeft. Zo zou de stripauteur in een klein jaar tijd slechts zes platen hebben afgewerkt.

Gevraagd naar Spiegelmans project en eventuele toekomstige stripplannen, antwoordde de auteur in grote lijnen steeds hetzelfde. "Ik ben te Europees voor de Amerikanen en bekijk de wereld niet vanuit het standpunt van de gemiddelde Amerikaan. Mijn muze is dan ook niet de mooie, Amerikaanse, door palmbomen, mooie meiden en wijn gedreven muze. Mijn muze is die van het onheil. Er rest me niets anders."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234