Dinsdag 24/11/2020

Armworstelen, lijmdampen en dode katten

Controversieel debuut 'Gummo' van scenarist-regisseur Harmony Korine

Jan Temmerman

Enkele jaren geleden zorgde de jonge Amerikaan Harmony Korine voor het nodige ongeloof en dito opschudding toen bleek dat hij als achttienjarige het scenario had geschreven van Kids, het shockerende filmdebuut van fotograaf Larry Clark, waarin hij een keihard portret schetste van amorele tienerjongeren op drift in de grootstad New York. Inmiddels is de nu 23-jarige Korine zelf als regisseur achter de camera gaan staan. Het resultaat heet Gummo, is op zijn minst even provocerend en wordt door zowel voor- als tegenstanders een typisch voorbeeld van white trash chic genoemd.

Toen Gummo in oktober vorig jaar in roulatie kwam in de Verenigde Staten, werd hij door de New York Times bestempeld als "de slechtste film van het jaar". Met de nodige ironie werd toegegeven dat het jaar weliswaar nog niet helemaal voorbij was maar dat er hoe dan ook geen concurrentie denkbaar was voor de "wrangheid, het cynisme en de pretentie" van Gummo. Een andere Amerikaanse recensent had het over "een van de weerzinwekkendste prenten in de recente geschiedenis". Maar Gummo had ook zijn verdedigers, zoals cultregisseur Gus Van Sant, die de film bewierookte om zijn "gesofistikeerde en verfijnde filmische dialoog van moderne culturele invloeden" en de wens uitsprak zelf ooit zo'n goede film te kunnen maken. Her en der werd de jonge cineast meteen vergeleken met Werner Herzog, John Cassavetes, Derek Jarman en zelfs Godard en Fellini. Nog anderen zagen Korine dan weer als een van de uitvinders van de zogenaamde cinema of abjection, wat nog het best vertaald kan worden als 'cinema van het verachtelijke'. Kortom, Gummo - de titel zou refereren aan de gelijknamige, minder bekende broer van de Marx Brothers - is een film die voor extreem uiteenlopende reacties zorgt.

Regisseur Harmony Korine, die begin dit jaar zijn debuutfilm zelf kwam voorstellen op het Filmfestival van Rotterdam, laat in interviews geen enkele kans voorbijgaan om duidelijk te maken dat hij een hekel heeft aan de conventionele, narratieve film ("Ik haat plots") en dat hij graag met niet-professionele vertolkers werkt ("Ik hou niet erg van acteurs"). Tussendoor wil hij ook wel kwijt dat de filmgeschiedenis volgens hem nog nauwelijks iets treffelijks heeft opgeleverd ("Het interesseert me niet het soort films te maken die deze eeuw zijn gemaakt - ze zijn saai").

Wat hij zich van films herinnert, zijn individuele scènes en personages. En dat is ook de manier waarop hij zijn scenario's schrijft en ze - zoals in het geval van Gummo - ook verfilmt. "Ik denk in beelden die ik wil zien, dat is het beginpunt", vertelde hij begin dit jaar in een interview met de Filmkrant uit Nederland. "Alsof je door een fotoalbum bladert en vanuit zo'n foto een scène bedenkt. Door de opeenvolging van scènes die thematisch verwant zijn, ontstaat er vanzelf een soort narratieve lijn. Dat hoef je helemaal niet vooraf te bedenken." Gummo speelt zich af in het stadje Xenia, in de staat Ohio, maar Korine draaide zijn film in een totaal verloederde buitenwijk van Nashville, waar hij zelf gewoond heeft en waar hij ook een deel van zijn cast vandaan haalde, onder het motto: 'Waarom zou ik acteurs willen als ik weet dat de personages die ik bedacht heb ook in werkelijkheid bestaan?' Xenia is een bijzonder rommelig stadje waar een tijdje geleden een orkaan doorheen is geraasd. Sindsdien is het blijkbaar nooit meer goed gekomen. In het off screen-commentaar bij de chaotische beginbeelden wordt die natuurramp in herinnering gebracht en wordt meteen ook de wrang-komische toon gezet ("Ik zag een meisje door de lucht vliegen en ik keek onder haar rok"). Tegelijk zit her en der toch ook een hint naar de sociale en psychologische context verborgen ("De vaders van vele mensen stierven" of ook nog: "De school werd vernield"). Alle verhoudingen in acht genomen zou je kunnen concluderen dat Harmony Korine met Gummo wil aantonen dat de stuurloze, aan hun lot overgelaten kids uit de gelijknamige film geen monopolie waren van de grootstad New York, maar dat dit soort teenage wasteland evenzeer in Middle America kan worden gevonden.

De protagonisten van Gummo zijn Solomon (rol van Jacob Reynolds) en Tummler (rol van Nick Sutton), twee pubers die op hun fietsen door Xenia crossen en jacht maken op zwerfkatten, die ze dan aan de plaatselijke supermarkt verkopen. Met dat geld kunnen ze zich de diensten van een gelegenheidshoertje veroorloven - een achterlijk meisje, waarvan de echtgenoot als pooier fungeert - en tussendoor snuiven ze zich laveloos aan allerlei lijmdampen.

Via Solomon en Tummler leren we enkele van de meer excentrieke buurtbewoners kennen. Er is het jongetje Bunny Boy, met op z'n hoofd een roze muts met twee grote konijnenoren, die door de straten dwaalt en vanaf de brug op voorbijrazende treinen plast; er zijn de twee blonde zusjes die denken hun borstjes te kunnen verstevigen door tape over hun tepels te plakken; er is de albino vrouw die trots laat weten dat Pamela Anderson en Patrick Swayze haar favoriete filmsterren zijn; er is de zwarte dwerg die liever niet door een dronken jongeman (cameorolletje van Korine zelf) gekust wordt; er zijn de eveneens dronken rednecks die hun overtollige energie spenderen aan armworstelen: eerst met elkaar, daarna met een stoel(!) en ten slotte moet het hele keukeninterieur eraan geloven; en er is ook de moeder van Solomon, die te midden van de onbeschrijflijke rommel in haar garage staat te tapdansen en die in een opwelling van moederlijke irritatie dreigt haar zoon door het hoofd te schieten als hij niet wat vaker glimlacht. Het blijkt een grapje te zijn. Als hij even later in bad zit, brengt ze hem een bord spaghetti waarvan Solomon de inhoud tegelijk met een reep chocolade in zijn mond propt.

Als Solomon en Tummler een kaper op hun cat killing-markt een lesje willen leren, dringen ze zijn huis binnen, waar ze alleen zijn grootmoeder aan de beademingsmachine aantreffen. Omdat de oude vrouw toch geen enkel teken van leven geeft, zetten ze de machine maar af. Reactie van de New York Times-recensente: "Bekijk het positief: de rest van de film blijft haar bespaard."

De geëxplodeerde narratieve structuur van Gummo vindt zijn pendant in een chaotische, steevast wisselende visuele stijl, waarvoor Harmony Korine op de bekende Franse cameraman Jean-Yves Escoffier kon rekenen en waarbij de filmbeelden regelmatig worden vervangen, onderbroken of aangevuld met polaroidfoto's, video- en Super-8-beelden.

Korine beweert nadrukkelijk dat het allerminst zijn bedoeling was de door armoede, apathie en nog een serie onaangename levensomstandigheden geteisterde personages van Gummo te vernederen, belachelijk te maken of op een voyeuristische manier te kijk te stellen. Maar toch oogt zijn film af en toe als een bizarre freak show, waarbij de regisseur zich gedraagt als een (misschien niet helemaal hardvochtige maar in elk geval toch afstandelijke en ietwat geblaseerde) ceremoniemeester.

PS 1: Wie de indruk heeft de moeder van Solomon al eerder gezien te hebben, kan gelijk hebben. De rol wordt vertolkt door Linda Manz, die zich als jong meisje liet opmerken in Days of Heaven van regisseur Terrence Malick uit 1978. Nadien was ze nog te zien in onder meer The Wanderers van Philip Kaufman uit 1979 en Out of the Blue van Dennis Hopper uit 1980. En toen werd het heel stil rond Linda Manz, tot Harmony Korine haar enkele jaren geleden opmerkte in de 'Where are they now?'-rubriek van een tijdschrift.

PS 2: De film werd gemaakt met het erg bescheiden budget van zo'n 1,3 miljoen dollar. De producent was Cary Woods, die ook wel eens duurdere projecten aanpakt. Zoals het recente Godzilla!

PS 3: Het Belgische filiaal van Polygram Filmed Entertainment beschikt over de distributierechten van Gummo, maar heeft duidelijk niet veel zin om de film hier in roulatie te brengen. Momenteel is Studio Skoop in Gent de enige plaats waar Gummo, op uitdrukkelijke vraag van bioscoopuitbater Walter Van der Cruysse, een kans krijgt.

TITEL: Gummo. REGIE en SCENARIO: Harmony Korine. FOTOGRAFIE: Jean-Yves Escoffier. MUZIEK: Randall Poster. PRODUCTIE: Cary Woods. VERTOLKING: Jacob Reynolds, Nick Sutton, Jacob Sewell, Chloe Sevigny, Linda Manz, Darby Dougherty, Max Perlich, e.a. VS, 1997, kleur, 95 min. Gedistribueerd door Polygram.

'Het interesseert me niet het soort films te maken die deze eeuw zijn gemaakt - ze zijn saai'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234