Maandag 21/06/2021

Arme ontwikkelingslanden grootste verliezers van mislukking WHO

Op de WHO-onderhandelingen werd geen akkoord bereikt over een vermindering van de Amerikaanse subsidies voor de eigen katoenproducten, wat ten koste gaat van de arme katoenboeren in West-Afrika. Beeld UNKNOWN
Op de WHO-onderhandelingen werd geen akkoord bereikt over een vermindering van de Amerikaanse subsidies voor de eigen katoenproducten, wat ten koste gaat van de arme katoenboeren in West-Afrika.Beeld UNKNOWN

Terwijl iedereen de VS de schuld geeft van de mislukte top van de Wereldhandelsorganisatie, blijven de armste ontwikkelingslanden met lege handen achter. Bij de gespreksronde in Genève waren deze landen niet eens aan bod gekomen.

Een akkoord lag heel dichtbij, maar 'een zeer klein geschil bleek heel belangrijk voor enkelen', zei na afloop Europees commissaris Mandelson.

"Het is een nederlaag voor het internationale handelssysteem", zei Europees commissaris voor Handel Peter Mandelson na afloop. "We hebben collectief gefaald, maar de armste ontwikkelingslanden zijn de grootste verliezers van de mislukking. Zij hadden het meest te winnen bij deze ronde."

Een akkoord lag heel dichtbij, maar de VS en India en China konden geen overeenstemming vinden over een 'vage formulering' voor importtarieven voor bepaalde landbouwproducten zoals katoen en rijst.

De drie grootmachten raakten het niet eens over het SSM, het mechanisme dat ontwikkelingslanden toelaat hun invoerheffingen conjunctureel te verhogen om hun landbouw en voedselzekerheid te beschermen. In het oorspronkelijke voorstel van WHO-baas Pascal Lamy zouden de ontwikkelingslanden deze importtarieven op landbouwproducten mogen verhogen wanneer ze geconfronteerd worden met een toename van gemiddeld 40 procent van het importvolume over een periode van drie jaar. Te veel, aldus India en China, die hun tarieven wilden verhogen zodra dit volume steeg met 10 procent in drie jaar tijd.

"Deze landen vrezen dat als zo'n grote, plotselinge toename van de invoer mogelijk is, dit voor enorme prijsschommelingen kan zorgen", verduidelijkt Myriam Gistelinck, internationale handelsexperte van Oxfam. "Het wordt dan veel minder interessant voor ze om in landbouw te investeren."

Cijfers overboord
Uiteindelijk kwam Lamy vrijdag zelf met een compromistekst, waarin alle cijfers overboord waren gegooid. Geen 40 procent, geen 10 procent, maar wel een verhoging van de importtarieven "als het land zelf kan aantonen dat er een gevaar is voor de eigen landbouw en voedselzekerheid". Maar met deze vage formulering gingen de VS niet akkoord, en dus draaide ook dit rondje onderhandelen op niets uit.

De grote uitdaging achter de gesprekken was al jaren duidelijk. De VS en Europa zouden toegevingen doen op hun landbouwsubsidies, maar eisten daartegenover een forse vermindering van de industriële tarieven in opkomende machten als India en China. "Als de VS moeten reduceren in hun exportsubsidies voor katoen, willen ze dit gecompenseerd zien met meer markttoegang voor katoenuitvoer naar India en China, twee belangrijke textielproducenten", aldus Gistelinck.
"Gezien de crisis in de VS is het belang van export en een positieve handelsbalans niet te onderschatten." Geen vermindering in de Amerikaanse subsidies voor de eigen katoenboeren dus, ook al gaat dit ten koste van de arme katoenboeren in West-Afrika.

Maar de problemen tijdens de gesprekken toonden ook iets anders aan. Van een coherente groep ontwikkelingslanden, ook wel de G77 genoemd, is maar weinig sprake meer. Door de sterke economische groei in sommige landen is de grote groep uiteengevallen. Nieuwe opkomende industrielanden als China, agro-exporterende reuzen als Brazilië, groeilanden als India en Zuid-Afrika, verdedigen allemaal hun verschillende, complexe belangen op de internationale handelsmarkt (zie hieronder). De grootste groep blijven echter de arme ontwikkelingslanden, en ook deze keer werden ze vergeten.

Green Room
Sterker zelfs, tijdens de gesprekken waren ze zelfs nog niet eens aan de beurt gekomen. In negen dagen onderhandelingen werden de gesprekken enkel in de zogenaamde 'green room' gevoerd, waar alleen de zeven groten bij waren: de EU, de VS, Brazilië, India, China, Australië en Japan. Pas als hierbinnen een akkoord was bereikt, zouden ook de andere WHO-leden aan bod komen. Maar zover kwam het dus niet.

"Voor de armste landen is het een gemiste kans om de westerse landbouwsubsidies te hervormen", aldus handelscommissaris Mandelson. "Een gemiste kans voor hun eigen ontwikkeling." Nu een algemeen akkoord uitblijft, valt te vrezen dat landen hun heil zullen zoeken in bilaterale akkoorden. Tegenover economische grootmachten staan arme en kleine landen daarin echter zeer zwak. (Gijs Justaert)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234