Zondag 25/07/2021

Arcade Fire: het mysterie als marketingtruc

Het unieke geluid was er van meet af. Maar dat Arcade Fire bij het uitbrengen van haar vierde cd misschien wel de invloedrijkste rockgroep van haar generatie zou zijn, had niemand kunnen voorspellen. Niet slecht voor een band waarvan zelfs de grootste fans met moeite de leden kunnen opsommen.

Terwijl de meeste rockbands via sociale media, eigen websites en schijnbaar eindeloze tournees proberen een persoonlijke relatie met de fans op te bouwen, opteert Arcade Fire nadrukkelijk voor het mysterie. Interviews, zeker met frontman en creatieve spilfiguur Win Butler, werden zelfs in de beginperiode al tot een minimum beperkt, en inmiddels zijn ontmoetingen met de pers zo mogelijk nog zeldzamer geworden. Nu de inkomsten van de platenverkoop teruglopen, houden grote internationale bands vaak drie, vier keer per jaar halt in ons land. Maar optredens van Arcade Fire blijven zowel op festivals als in concertzalen tamelijk schaars.

En dan was er natuurlijk de ongebruikelijke manier waarop de Canadese indieband afgelopen zomer de komst van de nieuwe plaat aankondigde. De titel werd begin augustus prijsgegeven via een uitgekiende guerrillacampagne, waarbij het cryptische Reflektor-logo in wereldsteden allerhande op muren werd getagd. Op hun Instagramaccount verschenen foto's van die vreemde symbolen, waarna de band verdere details over de cd prijsgaf als antwoord op een vraag van één enkele fan op Twitter.

Die virale campagne leverde de band helaas ook negatieve publiciteit op, want links en rechts veroorzaakte de gebruikte verf schade aan gebouwen, en ook de lijm die voor de bijbehorende postercampagne werd gebruikt, bleek minder makkelijk te verwijderen dan gedacht.

Geheime shows

Maar eigenlijk was de promotiecampagne al in december begonnen, toen de groep in thuishaven Montréal een geheime show speelde onder de naam Les Identiks. De band vroeg het publiek een maffia-achtige omerta aan te houden, en zelfs op sociale media werd nauwelijks gewag gemaakt van het concert. Het enige wat je na veel internetgepeuter aan de weet kwam, was dat de nieuwe nummers wel 'dansbaar' waren.

Pas tien maanden later volgde een eerste single, die meteen ook de titelsong van de nieuwe plaat zou worden. Alleen bracht Arcade Fire die uit onder de fictieve groepsnaam The Reflektors. Onder die schuilnaam speelde de band voor een prikje ook een geheime show in een piepkleine club in Montréal, waardoor de hypemachine op een nog hoger toerental ging draaien.

Sindsdien worden op gezette tijdstippen fragmentjes en teasers uit nummers gelekt, en vorige vrijdag gaf de groep opnieuw een verrassingsconcert, in een New Yorks pakhuis. Afgelopen week werd ook 'Afterlife' vrijgegeven, de tweede single, die eerder al live in de Amerikaanse televisieshow Saturday Night Live was gepresenteerd. De song - een kruisbestuiving tussen het vertrouwde Arcade Fire-geluid en de meer elektronische punkfunk van LCD Soundsystem - geeft aan dat de groep de bakens op deze vierde cd behoorlijk verlegd heeft.

Een samenwerking tussen coproducer James Murphy (de man achter het DFA-platenlabel en niet toevallig de spilfiguur van LCD Soundsystem) en het Canadese zevenspan lijkt op het eerste gezicht vergezocht. Beide partijen leerden elkaar op tournee kennen, en Arcade Fire verzorgde het achtergrondkoortje op 'North American Scum' tijdens het afscheidsconcert van LCD Soundsystem in Madison Square Garden, nu twee jaar geleden. "We proberen al samen te werken sinds Neon Bible", verduidelijkt Win Butler in het Amerikaanse blad Rolling Stone. "New Order heeft van meet af aan een grote invloed op Arcade Fire gehad, en James is net als ik een grote fan. The B-52's zijn ook gemeenschappelijke helden. Dat is de essentie, eigenlijk: we laten ons inspireren door dezelfde muziek, maar we doen er wel heel andere dingen mee. Ik ben ervan overtuigd dat we in de toekomst vaker zullen samenwerken. Er zit nog veel meer in dan we er tot nog toe uit hebben gehaald."

Een van de verklaringen voor het enorme succes van Arcade Fire is dat de band zich aan alle omstandigheden kan aanpassen. De groepsleden komen stuk voor stuk uit de underground, maar staan net zo goed met David Bowie of The Rolling Stones op het podium. Net als Radiohead switcht het zevenspan met een ontstellend gemak tussen uitverkochte arena's en het arthousecircuit. Terwijl Arcade Fire op de debuutplaat Funeral nog rauwe rock en spirituals met elkaar leek te verzoenen, liet opvolger Neon Bible een groep horen die haar plek zocht tussen Bruce Springsteen en U2. Indie, maar niet vies van een groots, majestueus geluid. Dit is, tenslotte, een band die al jaren met een gigantisch pijporgel op tournee gaat. Op The Suburbs was de combinatie van die twee uitersten drie jaar geleden goed voor een onbetwist meesterwerk.

Hybris

Op Reflektor slaagt Arcade Fire er niet altijd even goed in om datzelfde broze evenwicht te bewaren. In het toonaangevende Britse muziekblad Q werd inmiddels het woord 'hybris' afgestoft om de nieuwe cd te beschrijven. De titelsong danst op een pompende discobeat en gaat vergezeld van een groots, glorieus refrein. Alleen duurt het drie minuten te lang, een euvel waar overigens wel meer nummers op Reflektor last van hebben.

Een ambiteuze plaat is het in elk geval. De band heeft er naar eigen zeggen haast drie jaar aan gewerkt en doet er - dixit Butler - langer over om de songs in de juiste volgorde te zetten dan dat andere bands nodig hebben om een hele plaat op te nemen. Maar toch ligt de nadruk meer op ritmes en loops dan op memorabele melodieën. Al zijn er gelukkig enkele uitzonderingen. 'Joan Of Arc' is exuberante glamrock. En ook 'Awful Sound' mikt meer op de dansvloer dan de preekstoel, zonder dat de leegte lonkt.

Maar hoe dynamisch, verstoord en opzwepend de muziek ook is, inhoudelijk blijft de toon veeleer somber. Butler wijst niet alleen de Deense filosoof en theoloog Søren Kierkegaard als inspiratiebron aan, maar ook zijn reizen naar Haïti en Jamaica. Vooral zijn kennismaking met Haïti omschrijft de zanger zelf als een ervaring die zijn kijk op het leven grondig door elkaar heeft geschud. Uit datzelfde interview in Rolling Stone. "Meestal liggen je belangrijkste muzikale invloeden vast rond je zestiende. Maar in Haïti werd ik blootgesteld aan een cultuur die ik niet kende. Het was een ingrijpende ervaring." Het nummer waar je die nieuwe inzichten het meest in hoort doorschemeren is 'Here Comes the Night Time', dat wordt vooruitgestuwd door een sprankelend rama-ritme, wat erg typerend is voor de volkse straatmuziek zoals die daar tijdens de plaatselijke carnavals wordt opgevoerd.

Het resultaat is een plaat die liefst vijf kwartier duurt, nog iets wat Arcade Fire onderscheidt van de huidige tendens om platen weer wat compacter en gebalder te maken. Precies die neiging om de songs nodeloos uit te rekken, heeft als gevolg dat Reflektor weliswaar een goede plaat is, maar niet de instant classic die ze had kunnen zijn. Daar verandert zelfs het blitzbezoek van special guest David Bowie niets aan.

En nu het mysterie rond Reflektor bijna ontsluierd is, biedt zich alweer een nieuw vraagstuk aan: zal Arcade Fire dit keer op wereldtournee gaan? Win Butler houdt ook hier het antwoord nog even voor zich. Dat er liveconcerten aankomen, staat vast. Waar dat zal gebeuren vooralsnog niet. Een tip: hou Twitter en Instagram in de gaten. En check regelmatig of er geen rare graffiti op je muur is gespoten.

Reflektor van Arcade Fire verschijnt op 29 oktober bij Sonovox en wordt verdeeld door Universal.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234